Uitspraak · Socialezekerheidsrecht

Centrale Raad van Beroep, 11 maart 2025

ECLI:NL:CRVB:2025:422Zaaknummer 23/1170 PW

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
11 maart 2025
Publicatiedatum
20 maart 2025
Zaaknummer
23/1170 PW
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
Procedure
Hoger beroep
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep veroordeelt het college in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 453,50.

Deze uitspraak is gedaan door M. Wolfrat, in tegenwoordigheid van A. Giesen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 11 maart 2025.

(getekend) M. Wolfrat

(getekend) A. Giesen

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. PROCESVERLOOP
  2. OVERWEGINGEN
  3. BESLISSING

Datum uitspraak: 11 maart 2025

23/1170 PW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak als bedoeld in artikel 8:118 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het incidenteel hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van 23 januari 2023, 21/2323

Partijen:

het college van burgemeester en wethouders van Heerlen (college)

[betrokkene] te [woonplaats] (betrokkene)

PROCESVERLOOP

Namens betrokkene heeft mr. N. Talhaoui, advocaat, hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank.

Het college heeft (voorwaardelijk) incidenteel hoger beroep ingesteld.

Namens betrokkene heeft mr. Talhaoui een zienswijze ingediend.

Bij digitaal bericht van 4 juli 2024 heeft het college het incidenteel hoger beroep ingetrokken.

Namens betrokkene heeft mr. Talhaoui verzocht het college te veroordelen in de proceskosten.

Het college heeft geen verweerschrift ingediend.

Onder toepassing van artikel 8:57 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het onderzoek ter zitting achterwege gelaten. Vervolgens is het onderzoek gesloten.

OVERWEGINGEN

Artikel 8:118, eerste lid, van de Awb bepaalt dat in geval van intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van een partij bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing van artikel 8:75 van de Awb kan worden veroordeeld in de proceskosten.

Gelet hierop wordt het college veroordeeld in de kosten die betrokkene in verband met de behandeling van het incidenteel hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De kosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 453,50 (1 punt voor het indienen van de schriftelijke zienswijze na incidenteel hoger beroep met een wegingsfactor van 0,5). De Raad past een wegingsfactor licht toe omdat het incidenteel hoger beroep alleen betrekking had op vergoeding van proceskosten.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep veroordeelt het college in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 453,50.

Deze uitspraak is gedaan door M. Wolfrat, in tegenwoordigheid van A. Giesen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 11 maart 2025.

(getekend) M. Wolfrat

(getekend) A. Giesen

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.