Uitspraak · Socialezekerheidsrecht

Centrale Raad van Beroep, 8 januari 2024

ECLI:NL:CRVB:2024:116Zaaknummer 22/3110 WMO15

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
8 januari 2024
Publicatiedatum
23 januari 2024
Zaaknummer
22/3110 WMO15
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
Procedure
Hoger beroep
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Appellant is overleden. Geen erfgenamen bekend. Geen procesbelang. Hoger beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door D. Hardonk-Prins, in tegenwoordigheid van P.W.J. Hospel als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 januari 2024.

(getekend) D. Hardonk-Prins

(getekend) P.W.J. Hospel

Tegen deze uitspraak kunnen een belanghebbende en het bestuursorgaan binnen zes weken na de verzending van het afschrift van deze uitspraak schriftelijk verzet doen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld te worden gehoord.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 22 3110 WMO15
  2. OVERWEGINGEN
  3. BESLISSING

22 3110 WMO15

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van

17 augustus 2022, 21/1267 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellant], in leven laatstelijk wonend te [woonplaats] (appellant)

het college van burgemeester en wethouders van Peel en Maas (college)

Datum uitspraak: 8 januari 2024

PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. K.E.J. Dohmen, advocaat, hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

Op 30 november 2023 heeft de advocaat van appellant de Raad laten weten dat appellant is overleden. De advocaat van appellant heeft daarbij gemeld dat er geen belanghebbende meer is en heeft de Raad verzocht het hoger beroep vanwege het ontbreken van een procesbelang niet-ontvankelijk te verklaren.

OVERWEGINGEN

1. Appellant is overleden. Niet is gebleken van erfgenamen die appellant als partij in dit geding zijn opgevolgd en het geding zouden willen voortzetten. Dit brengt mee dat er geen procesbelang is bij een beoordeling van het hoger beroep. Het hoger beroep zal om die reden kennelijk niet-ontvankelijk worden verklaard.

2. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door D. Hardonk-Prins, in tegenwoordigheid van P.W.J. Hospel als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 januari 2024.

(getekend) D. Hardonk-Prins

(getekend) P.W.J. Hospel

Tegen deze uitspraak kunnen een belanghebbende en het bestuursorgaan binnen zes weken na de verzending van het afschrift van deze uitspraak schriftelijk verzet doen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld te worden gehoord.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.