Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep, 25 april 2023
ECLI:NL:CRVB:2023:759Zaaknummer 21 / 3835 PW-V
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Datum uitspraak
- 25 april 2023
- Publicatiedatum
- 26 april 2023
- Zaaknummer
- 21 / 3835 PW-V
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Verzet ongegrond. De Raad is van oordeel dat het hoger beroep in de uitspraak van 5 april 2022 terecht niet-ontvankelijk is verklaard. De argumenten die namens appellant in verzet zijn aangevoerd zijn eerder ook naar voren gebracht en verder zijn er in verzet onvoldoende feiten of omstandigheden aangevoerd waaruit zou blijken dat appellant de hele hoger beroepstermijn buiten staat was om tijdig hoger beroep in te dienen of het te laat indienen van het hoger beroep verschoonbaar is.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door J.C. Boeree, in tegenwoordigheid van K.M. Geerman als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 25 april 2023.
(getekend) J.C. Boeree
(getekend) K.M. Geerman
EBV
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Datum uitspraak: 25 april 2023
21/3835 PW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank
Den Haag van 5 augustus 2021, 20/7728 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag
PROCESVERLOOP
De Raad heeft het hoger beroep van appellant tegen de aangevallen uitspraak op 5 april 2022 niet-ontvankelijk verklaard. Dat betekent dat de Raad het hoger beroep niet inhoudelijk in behandeling kan nemen. De Raad heeft de beslissing genomen op grond van de artikelen
8:54 en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Het verzet is behandeld op de zitting van 24 maart 2024 waar mevrouw [naam] namens appellant via een telefoonverbinding heeft deelgenomen aan de zitting.
OVERWEGINGEN
In de uitspraak van de Raad van 5 april 2022 is het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat het hoger beroep niet tijdig is ingediend.
In het verzetschrift en op de zitting geeft de gemachtigde van appellant aan dat onbehoorlijke postbezorging in haar appartementsgebouw en ziekte (Covid) de reden zijn dat het hoger beroep niet tijdig kon worden ingediend.
De Raad is van oordeel dat het hoger beroep in de uitspraak van 5 april 2022 terecht
niet-ontvankelijk is verklaard. De argumenten die namens appellant in verzet zijn aangevoerd zijn eerder ook naar voren gebracht en verder zijn er in verzet onvoldoende feiten of omstandigheden aangevoerd waaruit zou blijken dat appellant de hele hoger beroepstermijn buiten staat was om tijdig hoger beroep in te dienen of het te laat indienen van het hoger beroep verschoonbaar is.
Dit betekent dat het verzet ongegrond wordt verklaard.
De Raad ziet geen aanleiding om proceskosten aan appellant te vergoeden.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door J.C. Boeree, in tegenwoordigheid van K.M. Geerman als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 25 april 2023.
(getekend) J.C. Boeree
(getekend) K.M. Geerman
EBV
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.