Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep, 17 augustus 2022
ECLI:NL:CRVB:2022:2333Zaaknummer 21 / 4420 WLZ
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Datum uitspraak
- 17 augustus 2022
- Publicatiedatum
- 3 november 2022
- Zaaknummer
- 21 / 4420 WLZ
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Verzet ongegrond. Gronden ontvangen buiten de gestelde termijn.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108, eerste lid, van de Awb van 7 juli 2022 heeft de Raad het hoger beroep van CIZ tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden van het hoger beroep niet binnen de gestelde termijn zijn ingediend.
De Raad stelt vast dat de gronden van het hoger beroep eerst op 28 februari 2022 zijn ontvangen. Dit is buiten de gestelde termijn, die eindigde op 18 februari 2022. CIZ heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat CIZ niet in verzuim is geweest.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend) G.F. Telci (getekend) H.J. de Mooij
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
21 4420 WLZ-V-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 22 november 2021, 20/2311 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
CIZ
[betrokkene] te [woonplaats] (betrokkene)
Datum uitspraak: 17 augustus 2022
Zitting heeft: H.J. de Mooij
Griffier: G.F. Telci
CIZ heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. L.M.R. Kater en mr. I.C.J.G. van MarisKindt. Namens betrokkene is mr. E.A. van Wieren, advocaat, verschenen.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108, eerste lid, van de Awb van 7 juli 2022 heeft de Raad het hoger beroep van CIZ tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden van het hoger beroep niet binnen de gestelde termijn zijn ingediend.
De Raad stelt vast dat de gronden van het hoger beroep eerst op 28 februari 2022 zijn ontvangen. Dit is buiten de gestelde termijn, die eindigde op 18 februari 2022. CIZ heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat CIZ niet in verzuim is geweest.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend) G.F. Telci (getekend) H.J. de Mooij
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.