Uitspraak · Socialezekerheidsrecht

Centrale Raad van Beroep, 5 december 2017

ECLI:NL:CRVB:2017:4177Zaaknummer 16/6900 WAO-V

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
5 december 2017
Publicatiedatum
6 december 2017
Zaaknummer
16/6900 WAO-V
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
Procedure
Proces-verbaal, Verzet
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Niet verschoonbare termijnoverschrijding indienen verzetschrift.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep

- verklaart het verzet niet-ontvankelijk;

- bepaalt dat het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 124,- door de griffier van de

Raad aan appellant wordt terugbetaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht van 1 februari 2017 heeft de Raad zich onbevoegd verklaard kennis te nemen van het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak.

Vaststaat dat het verzetschrift niet tijdig is ingediend. Appellant heeft als reden van de termijnoverschrijding aangevoerd dat hij post laat ontvangt en dat hij ziek is. Ook heeft hij moeite met de Nederlandse taal, het kost appellant moeite en tijd om iemand te vinden die hem daarbij kan helpen. De Raad is van oordeel dat appellant geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.

Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.

Het betaalde griffierecht van € 124,- zal door de griffier van de Raad aan appellant worden terugbetaald.

Waarvan proces-verbaal.

De griffier De voorzitter

(getekend) N.L. Kuipers (getekend) H.C.P. Venema

HD

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. BESLISSING
  2. GRONDEN VAN DE BESLISSING
  3. HD

Datum uitspraak: 5 december 2017

16/6900 WAO-V

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 8 juni 2016, 15/551 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellant] te [woonplaats], Marokko (appellant)

de Raad van bestuur van het uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

Zitting heeft: H.C.P. Venema

Griffier: N.L. Kuipers

Ter zitting is niemand verschenen

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep

- verklaart het verzet niet-ontvankelijk;

- bepaalt dat het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 124,- door de griffier van de

Raad aan appellant wordt terugbetaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht van 1 februari 2017 heeft de Raad zich onbevoegd verklaard kennis te nemen van het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak.

Vaststaat dat het verzetschrift niet tijdig is ingediend. Appellant heeft als reden van de termijnoverschrijding aangevoerd dat hij post laat ontvangt en dat hij ziek is. Ook heeft hij moeite met de Nederlandse taal, het kost appellant moeite en tijd om iemand te vinden die hem daarbij kan helpen. De Raad is van oordeel dat appellant geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.

Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.

Het betaalde griffierecht van € 124,- zal door de griffier van de Raad aan appellant worden terugbetaald.

Waarvan proces-verbaal.

De griffier De voorzitter

(getekend) N.L. Kuipers (getekend) H.C.P. Venema

HD

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.