Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep, 22 maart 2013
ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5259Zaaknummer 11-1717 WAO
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Datum uitspraak
- 22 maart 2013
- Publicatiedatum
- 8 april 2013
- Zaaknummer
- 11-1717 WAO
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Afwijzing verzoek om terug te komen van een eerder genomen besluit. De rechtbank heeft terecht en met een juiste motivering geoordeeld dat het bestreden besluit in stand kan blijven en het beroep van appellant ongegrond verklaard. De Raad verenigt zich met dat oordeel en met de motivering die daaraan ten grondslag ligt.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door M.C. Bruning als voorzitter, in tegenwoordigheid van I.J. Penning als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 maart 2013.
(getekend) M.C. Bruning
(getekend) I.J. Penning
QH
Volledige tekst
11/1717 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 10 februari 2011, 10/2528 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[Appellant] te Marokko (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 22 maart 2013
PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Appellant heeft nadere stukken toegezonden.
De zaak is ter behandeling aan de orde gesteld op de zitting van 8 februari 2013. Appellant is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door A. Anandbahadoer.
OVERWEGINGEN
1.1. Voor een overzicht van de feiten wordt verwezen naar de aangevallen uitspraak. Volstaan wordt met het volgende.
1.2. Bij besluit van 6 mei 2010 (bestreden besluit) heeft het Uwv ongegrond verklaard het bezwaar van appellant tegen een besluit van 22 februari 2010, waarin het verzoek van appellant is afgewezen om terug te komen van de weigering appellant een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering toe te kennen, zoals neergelegd in een besluit van 5 december 2007.
2. De rechtbank heeft bij de aangevallen uitspraak het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard.
3. De Raad komt tot de volgende beoordeling.
3.1. Appellant heeft in hoger beroep herhaald wat hij ook al in bezwaar en beroep heeft aangevoerd. De in hoger beroep toegezonden stukken, zijn stukken die al eerder bij het Uwv zijn ingediend.
3.2. De rechtbank heeft terecht en met een juiste motivering geoordeeld dat het bestreden besluit in stand kan blijven en het beroep van appellant ongegrond verklaard. De Raad verenigt zich met dat oordeel en met de motivering die daaraan ten grondslag ligt. Het hoger beroep van appellant slaagt niet.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door M.C. Bruning als voorzitter, in tegenwoordigheid van I.J. Penning als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 maart 2013.
(getekend) M.C. Bruning
(getekend) I.J. Penning
QH
Aangehaald in
- ECLI:NL:CRVB:2014:409 Centrale Raad van Beroep, 12 februari 2014 (socialezekerheidsrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.