Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep, 22 november 2013
ECLI:NL:CRVB:2013:2601Zaaknummer 13-2268 AOW-V
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Datum uitspraak
- 22 november 2013
- Publicatiedatum
- 29 november 2013
- Zaaknummer
- 13-2268 AOW-V
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Verzet niet-ontvankelijk. De Raad stelt vast dat appellant, indien hij de uitspraak inderdaad op 1 augustus 2013 heeft ontvangen, een termijn van vier weken heeft gehad om tijdig een verzetschrift in te dienen. De Raad is daarom van oordeel dat appellant geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet niet-ontvankelijk.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Vaststaat dat het verzetschrift niet tijdig is ingediend. Appellant heeft zijn stelling dat hij de uitspraak van de Raad eerst op 1 augustus 2013 heeft ontvangen niet met stukken onderbouwd.
De Raad stelt vast dat appellant, indien hij de uitspraak inderdaad op 1 augustus 2013 heeft ontvangen, een termijn van vier weken heeft gehad om tijdig een verzetschrift in te dienen. De Raad is daarom van oordeel dat appellant geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven (getekend) T.G.M. Simons
IvR
Volledige tekst
Datum uitspraak: 22 november 2013
13/2268 AOW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 5 maart 2013, 12/4110
Partijen:
[Appellant] te [woonplaats], Marokko (appellant)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank
Zitting heeft: T.G.M. Simons
Griffier: D.W.M. Kaldenhoven
Ter zitting is niemand verschenen.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet niet-ontvankelijk.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Vaststaat dat het verzetschrift niet tijdig is ingediend. Appellant heeft zijn stelling dat hij de uitspraak van de Raad eerst op 1 augustus 2013 heeft ontvangen niet met stukken onderbouwd.
De Raad stelt vast dat appellant, indien hij de uitspraak inderdaad op 1 augustus 2013 heeft ontvangen, een termijn van vier weken heeft gehad om tijdig een verzetschrift in te dienen. De Raad is daarom van oordeel dat appellant geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven (getekend) T.G.M. Simons
IvR
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.