Uitspraak · Ambtenarenrecht
Centrale Raad van Beroep, 29 september 2011
ECLI:NL:CRVB:2011:BU1421Zaaknummer 10/2778 AW + 10/2779 AW + 10/2780 AW + 10/2781 AW
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Datum uitspraak
- 29 september 2011
- Publicatiedatum
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10/2778 AW + 10/2779 AW + 10/2780 AW + 10/2781 AW
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Ambtenarenrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroepen. Het risico van het niet slagen van het verzenden van een beroepschrift per telefax komt voor rekening van de afzender van dit bericht. De Raad verwijst naar zijn uitspraak van 26 juni 2002, LJN AE5839.
Volledige tekst
P R O C E S - V E R B A A L
van de mondelinge uitspraak op 29 september 2011 van de
CENTRALE RAAD VAN BEROEP,
meervoudige kamer,
Zitting hebben:
H.A.A.G. Vermeulen, als voorzitter, J.Th Wolleswinkel en G.P.A.M. Garvelink-Jonkers als leden
in tegenwoordigheid van griffier S. Werensteijn
10/2778 AW
10/2779 AW
10/2780 AW
10/2781 AW
Beslissing in verband met de onder bovenvermelde nummers bij de Raad geregistreerde gedingen tussen [appellant 1], [appellant 2], [appellant 3] en [appellant 4] (hierna: appellanten), bijgestaan door mr. M.J. Gerrits, en het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Capelle aan den IJssel (hierna: college), vertegenwoordigd door mr. J. Dijkgraaf, P. van Genderen en mr. A.A. Lafranca.
De Raad:
De beslissing luidt: Verklaart de hoger beroepen niet-ontvankelijk.
Deze beslissing is gebaseerd op de volgende overwegingen:
1.1. De aangevallen uitspraak is aan (de gemachtigde van) appellanten toegezonden op 30 maart 2010. De beroepstermijn liep daarom af op 11 mei 2010. Bij zogenoemde verzendbrief met als datum 12 mei 2010 heeft de gemachtigde van appellanten aan de Raad een beroepschrift tegen de aangevallen uitspraak gezonden. Die verzendbrief - en daarmee het beroepschrift - is door de Raad ontvangen op 17 mei 2010. De envelop van de verzendbrief droeg als poststempel 12 mei 2010.
1.2. De gemachtigde van appellanten heeft erop gewezen dat hij tevergeefs twee maal op 11 mei 2010 en tevergeefs twee maal op 12 mei 2010 heeft geprobeerd het beroepschrift per fax aan de Raad te sturen.
1.3. Het college heeft erop gewezen dat de Raad het beroepschrift niet op de laatste dag van de beroepstermijn heeft ontvangen en dat volgens vaste jurisprudentie appellanten in beginsel het risico dragen bij foutieve verzending per telefax op de laatste dag van de beroepstermijn. Het college ziet hier daarom de mogelijkheid van niet-ontvankelijkheid van de hoger beroepen, een aspect van openbare orde.
2. De Raad overweegt naar aanleiding hiervan dat het inderdaad vaste rechtspraak is dat het risico van het niet slagen van het verzenden van een beroepschrift per telefax voor rekening van de afzender van dit bericht komt. De Raad verwijst naar zijn uitspraak van 26 juni 2002, LJN AE5839. Hij ziet geen aanleiding daarover in het geval van appellanten anders te oordelen.
3. De Raad komt daarom tot de slotsom dat de hoger beroepen niet-ontvankelijk verklaard moeten worden.
4. De Raad acht geen termen aanwezig toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht inzake vergoeding van proceskosten.
Waarvan proces-verbaal.
Utrecht, 29 september 2011
De griffier, De voorzitter,
(get.) S.Werensteijn (get.) H.A.A.G. Vermeulen
Voor eensluidend afschrift
De griffier van de
Centrale Raad van Beroep
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.