Uitspraak · Socialezekerheidsrecht

Centrale Raad van Beroep, 7 november 2006

ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2968Zaaknummer 05/3860 NABW

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
7 november 2006
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
05/3860 NABW
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
Procedure
Hoger beroep
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Niet verschoonbare termijnoverschrijding indienen bezwaarschrift.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten.

Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M. Pijper als griffier, uitgesproken in het openbaar op 7 november 2006.

(get.) T.G.M. Simons.

(get.) M. Pijper.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. I. PROCESVERLOOP
  2. II. OVERWEGINGEN
  3. III. BESLISSING

05/3860 NABW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[appellante] (hierna: appellante),

tegen de uitspraak van de rechtbank Breda van 31 mei 2005, 04/2570 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellante

en

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Rucphen (hierna: College)

Datum uitspraak: 7 november 2006

I. PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft mr. P.F.M. Gulickx, advocaat te Breda, hoger beroep ingesteld.

Het College heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 15 augustus 2006, waar partijen niet zijn verschenen.

II. OVERWEGINGEN

Bij besluit van 13 juli 2004 heeft het College het recht op bijstand van appellante met ingang van 1 april 2004 opgeschort.

Appellante heeft bij brief van 27 oktober 2004, door het College ontvangen op 28 oktober 2004, bezwaar gemaakt tegen het besluit van 13 juli 2004.

Bij besluit van 25 november 2004 heeft het College het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens, niet verschoonbare, termijnoverschrijding.

Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank, voor zover hier van belang, het beroep van appellante tegen het besluit van 25 november 2004 ongegrond verklaard.

Appellante heeft zich in hoger beroep gemotiveerd tegen de aangevallen uitspraak gekeerd en daarbij de in beroep aangevoerde gronden herhaald.

De Raad komt tot de volgende beoordeling.

Tussen partijen is niet in geschil en ook voor de Raad staat vast dat het bezwaarschrift tegen het besluit van 13 juli 2004 niet tijdig is ingediend.

Ingevolge artikel 6:11 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) blijft ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediend bezwaarschrift niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege, indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.

De Raad verenigt zich met het oordeel van de rechtbank, en de daaraan ten grondslag gelegde - uitvoerige - overwegingen, dat het College zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat geen sprake is van verschoonbare termijnoverschrijding als bedoeld in artikel 6:11 van de Awb. De Raad voegt daaraan toe, dat hij aan het gegeven dat de dochter van appellante gedurende de gehele bezwaartermijn op vakantie is geweest en appellante derhalve niet de mogelijkheid had haar om hulp te vragen (zoals zij ook eerder had gedaan bij het maken van bezwaar), niet de door appellante gewenste betekenis toekent. Appellante had zich immers kunnen wenden tot een rechtshulpverlener. Niet is gebleken van beletselen daarvoor.

Het hoger beroep slaagt derhalve niet. De aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten, komt voor bevestiging in aanmerking.

De Raad ziet ten slotte geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten.

Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in tegenwoordigheid van M. Pijper als griffier, uitgesproken in het openbaar op 7 november 2006.

(get.) T.G.M. Simons.

(get.) M. Pijper.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.