Uitspraak · Bestuursrecht
College van Beroep voor het bedrijfsleven, 27 oktober 2026
ECLI:NL:CBB:2026:508Zaaknummer 25/343
- Instantie
- College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum uitspraak
- 27 oktober 2026
- Publicatiedatum
- 27 oktober 2026
- Zaaknummer
- 25/343
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Landbouw. Aanvraag voor landbouwsubsidie. Afwijzing van de extra betaling voor de eco-regeling omdat het landbouwbedrijf onvoldoende waarde heeft behaald om daarvoor in aanmerking te komen. Beroep ongegrond.
Beslissing
Het College verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Venekamp, in aanwezigheid van mr. J.M.M. Bancken, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2026.
w.g. A. Venekamp w.g. J.M.M. Bancken
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 25/343
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 oktober 2026 in de zaak tussen
Landbouwbedrijf [naam], te [woonplaats],
(gemachtigde: mr. D.V.C.J. Laumen)
en
de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,
(gemachtigden: mr. I.M.H.G. van Lankveld en mr. S.H.B. van der Zalm)
Procesverloop
Het landbouwbedrijf heeft tegen het besluit van 21 maart 2025 (bestreden besluit) beroep ingesteld.
De minister heeft een verweerschrift ingediend.
De zitting was op 1 september 2026. Aan de zitting hebben deelgenomen: [naam] namens het landbouwbedrijf en diens gemachtigde en de gemachtigden van de minister.
Inleiding
1. Met de Gecombineerde opgave van 10 mei 2023 heeft het landbouwbedrijf zich aangemeld voor deelname aan de basispremie, extra betaling eerste veertig hectare en de eco-regeling voor het jaar 2023.
2 Met de Gecombineerde opgave van 7 november 2023 heeft het landbouwbedrijf voor het jaar 2023 betaling van de basispremie, de extra betaling eerste veertig hectare en de eco-regeling aangevraagd. Daarbij heeft zij onder meer perceel 83 opgegeven voor de eco-regeling.
3 Met het besluit van 11 juni 2024 heeft de minister op grond van de Uitvoeringsregeling GLB 2023 de aanvraag basispremie en extra betaling eerste veertig hectare toegewezen en de aanvraag voor de extra betaling voor de eco-regeling afgewezen. Het landbouwbedrijf heeft onvoldoende waarde behaald om voor de eco-regeling in aanmerking te komen. Bij die beoordeling heeft de minister perceel 83 niet meegenomen, omdat het landbouwbedrijf dit perceel niet tijdig heeft aangemeld.
4 Met het bestreden besluit heeft de minister het besluit van 11 juni 2024 gehandhaafd. De minister heeft hierin uiteengezet dat het landbouwbedrijf tot en met 29 juni 2023 eco-activiteiten kon opgeven. Hij heeft dat pas op 7 november 2023 en dus te laat gedaan.
Beoordeling van het beroep
Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 2023 van de Europese Unie is, voor zover hier van belang, vastgelegd in Verordening (EU) 2021/2115 van het Europees Parlement en de Raad van 2 december 2021. De nationale invulling ervan is neergelegd in de Uitvoeringsregeling GLB 2023.
In de Uitvoeringsregeling GLB 2023 zijn de regels rondom het aanvragen van
GLB-steun ten opzichte van eerdere jaren veranderd. In de jaren 2023 en 2024 moet de landbouwer eerst een aanmelding indienen om in aanmerking te komen voor GLB-steun voordat hij een definitieve aanvraag kan doen. Op grond van artikel 10, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling GLB 2023 – voor zover en ten tijde van belang – doet een landbouwer die aanspraak maakt op betalingen als bedoeld in artikel 2, eerste of tweede lid, hiertoe in de periode van 15 oktober tot en met 30 november voorafgaand aan het aanvraagjaar een aanmelding. Het tweede lid, aanhef en onder d, bepaalt – voor zover en ten tijde van belang – dat de aanmelding de voorgenomen eco-activiteiten bevat. Op grond van het zevende lid doet de landbouwer die in aanvraagjaar 2023 aanspraak wil maken op betalingen hiertoe, in afwijking van het eerste lid, in de periode van 1 maart tot en met 15 juni 2023 een aanmelding. Op 8 juni 2023 heeft de minister voor activiteiten in het kader van de eco-regeling nog een extra termijn voor indiening van de Gecombineerde opgave van twee weken gegeven, dus tot en met 29 juni 2023 (brief van de minister aan de Voorzitter van de Tweede Kamer van 8 juni 2023, DGA/ 27649459).
6 Het College stelt vast dat het landbouwbedrijf perceel 83 niet (tijdig) heeft aangemeld voor de eco-regeling. Hij heeft dit pas in de aanvraag van 7 november 2023 en dus te laat opgegeven (zie ook de uitspraak van het College van 26 maart 2026 (ECLI:NL:CBB:2026:192)). Het is de eigen verantwoordelijkheid van een aanvrager van GLB-steun om zich te informeren over de regels en verplichtingen van het GLB en dus ook om tijdig opgave te doen van percelen die hij wil aanmelden voor de eco-regeling. Het landbouwbedrijf heeft erop gewezen dat hij in de Gecombineerde opgave (aanvraag van 7 november 2023) de melding kreeg “U heeft bij 1 of meer percelen mogelijk een onjuist gewas opgegeven of (een deel van) een perceel niet goed ingetekend. U heeft in het onderdeel Regelingen per perceel hierover een melding (Kl12051) gekregen. Daarna heeft u deze percelen niet (voldoende) aangepast. Het gaat om perceelsnummer: 36, 83.” Hieruit kan niet worden afgeleid dat hij perceel 83 al wel met de Gecombineerde opgave (aanmelding van 10 mei 2023) had aangemeld voor de eco-regeling. In wat het landbouwbedrijf verder heeft aangevoerd, bestaat geen aanknopingspunt voor de conclusie dat het systeem kennelijk niet goed heeft gewerkt waardoor het perceel niet is aangemeld of niet kon worden aangemeld. Aan de weergave in de Gecombineerde opgave (aanmelding van 10 mei 2023) dat het landbouwbedrijf in aanmerking komt voor betaling voor de eco-regeling (op het niveau van tarief brons), kan hij geen gerechtvaardigd vertrouwen ontlenen dat uitbetaling ook daadwerkelijk (op dat tarief) plaatsvindt. De minister merkt in dit verband terecht op dat die weergave is gebaseerd op de door het landbouwbedrijf zelf opgegeven activiteiten en dat de daadwerkelijke waarde wordt bepaald na controle of aan alle voorwaarden daarvoor is voldaan. Dit is ook vermeld in de Gecombineerde opgave. Dat het landbouwbedrijf de uitbetaling van de eco-regeling misloopt, terwijl hij slechts een klein bedrag verwijderd is om in aanmerking te komen voor die regeling en hij met perceel 83 daarvoor wel in aanmerking zou komen, betekent niet dat de minister met voorbijgaan aan de ter zake geldende regels perceel 83 toch bij de beoordeling van de eco-regeling had moeten meenemen.
7 Het College zal het beroep ongegrond verklaren.
8 De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
Het College verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Venekamp, in aanwezigheid van mr. J.M.M. Bancken, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2026.
w.g. A. Venekamp w.g. J.M.M. Bancken
Wetsartikelen in deze uitspraak
Deze uitspraak verwijst naar
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.