Uitspraak · Bestuursrecht

College van Beroep voor het bedrijfsleven, 27 augustus 2026

ECLI:NL:CBB:2026:432Zaaknummer 24/796

Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Datum uitspraak
27 augustus 2026
Publicatiedatum
14 september 2026
Zaaknummer
24/796
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Mondelinge uitspraak, Proces-verbaal
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 27 augustus 2026. Beroep ongegrond. De minister heeft de aanvraag terecht afgewezen gezien er niet is voldaan aan de voorwaarde dat de woning bewoond moet zijn geweest voorafgaand aan de investeringen. Ook is er geen sprake van bijzondere omstandigheden die maken dat er van de regeling moest worden afgeweken.

Beslissing

Het College verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. [naam] heeft op 5 maart 2024 een aanvraag ingediend voor een Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) in verband met de installatie van een warmtepomp, vloerisolatie, gevelisolatie en glasisolatie. De minister heeft de aanvraag afgewezen omdat niet wordt voldaan aan de definitie van een woning zoals beschreven in artikel 4.5.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.

2 Het College moet uitgaan van de voorwaarden zoals die in de subsidieregeling zijn opgenomen. In dit geval is niet voldaan aan de voorwaarde van de Regeling dat de woning als zodanig bewoond moet zijn geweest voorafgaand aan de investeringen. Dat betekent dat de minister de aanvraag moest afwijzen. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden die maken dat de minister had kunnen afwijken van de regeling. Het College merkt daarbij nog op dat de minister bij het maken van een subsidieregeling zelf (politieke) keuzes kan maken. Dat [naam] het niet eens is met die keuzes, maakt niet dat de afwijzing van de aanvraag op grond van die subsidieregeling juridisch niet klopt.

3 De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

w.g. D. Brugman w.g. N. Vlug

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Voorzitter: mr. D. Brugman
  2. Partijen
  3. [naam] , te [woonplaats]
  4. Beslissing
  5. Overwegingen

proces-verbaal uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 24/796

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 augustus 2026

Voorzitter: mr. D. Brugman

Griffier: N.J. Vlug

Partijen

[naam] , te [woonplaats]

en

de minister van Klimaat en Groene Groei, vertegenwoordigd door mr. M. Schulte

Beslissing

Het College verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. [naam] heeft op 5 maart 2024 een aanvraag ingediend voor een Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE) in verband met de installatie van een warmtepomp, vloerisolatie, gevelisolatie en glasisolatie. De minister heeft de aanvraag afgewezen omdat niet wordt voldaan aan de definitie van een woning zoals beschreven in artikel 4.5.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.

2 Het College moet uitgaan van de voorwaarden zoals die in de subsidieregeling zijn opgenomen. In dit geval is niet voldaan aan de voorwaarde van de Regeling dat de woning als zodanig bewoond moet zijn geweest voorafgaand aan de investeringen. Dat betekent dat de minister de aanvraag moest afwijzen. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden die maken dat de minister had kunnen afwijken van de regeling. Het College merkt daarbij nog op dat de minister bij het maken van een subsidieregeling zelf (politieke) keuzes kan maken. Dat [naam] het niet eens is met die keuzes, maakt niet dat de afwijzing van de aanvraag op grond van die subsidieregeling juridisch niet klopt.

3 De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

w.g. D. Brugman w.g. N. Vlug

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.