Uitspraak · Bestuursrecht
College van Beroep voor het bedrijfsleven, 12 februari 2024
ECLI:NL:CBB:2024:125Zaaknummer 22/2311
- Instantie
- College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum uitspraak
- 12 februari 2024
- Publicatiedatum
- 22 februari 2024
- Zaaknummer
- 22/2311
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Mondelinge uitspraak, Proces-verbaal
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Het beroep is ongegrond. De ondernemer doet over zijn volledige omzet aangifte omzetbelasting. de TVL bepaalt dat ondernemingen die dat doen, hun omzet aantonen met die aangifte. De TVL biedt geen ruimte om hiervan af te wijken. Uit de aangiften omzetbelasting voor de subsidieperiode en de referentieperiode volg dat het omzetverlies 27,5% is. Daarmee is niet voldaan aan het vereiste uit de TVL dat het omzetverlies ten minste 30% moet zijn. De minister mocht de subsidie daarom vaststellen op € 0,-.
Beslissing
Het College verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. De ondernemer doet over zijn volledige omzet aangifte omzetbelasting. De Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID19 (TVL) bepaalt dat ondernemingen die over hun hele omzet aangifte omzetbelasting doen, hun omzet aantonen met die aangifte. De TVL biedt geen ruimte om hiervan af te wijken.
2 Uit de aangiften omzetbelasting voor de subsidieperiode (Q2 van 2021) en de referentieperiode (Q3 van 2020) volgt dat het omzetverlies 27,5% is. Daarmee is niet voldaan aan het vereiste uit de TVL dat het omzetverlies ten minste 30% moet zijn. De minister mocht de subsidie daarom vaststellen op € 0,-.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g A.M. Slierendrecht
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 22/2311
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 februari 2024
Rechter: mr. R.W.L. Koopmans
Griffier: mr. A.M. Slierendrecht
Partijen
[naam 1], handelend onder de naam [naam 2], te [plaats], (de ondernemer),
en
de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door mr. P. van Veen en mr. F. Tarrahi
Beslissing
Het College verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. De ondernemer doet over zijn volledige omzet aangifte omzetbelasting. De Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID19 (TVL) bepaalt dat ondernemingen die over hun hele omzet aangifte omzetbelasting doen, hun omzet aantonen met die aangifte. De TVL biedt geen ruimte om hiervan af te wijken.
2 Uit de aangiften omzetbelasting voor de subsidieperiode (Q2 van 2021) en de referentieperiode (Q3 van 2020) volgt dat het omzetverlies 27,5% is. Daarmee is niet voldaan aan het vereiste uit de TVL dat het omzetverlies ten minste 30% moet zijn. De minister mocht de subsidie daarom vaststellen op € 0,-.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g A.M. Slierendrecht
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.