Uitspraak · Bestuursrecht
College van Beroep voor het bedrijfsleven, 7 september 2023
ECLI:NL:CBB:2023:521Zaaknummer 22/1544
- Instantie
- College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum uitspraak
- 7 september 2023
- Publicatiedatum
- 21 september 2023
- Zaaknummer
- 22/1544
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Mondelinge uitspraak, Proces-verbaal
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
De minister is op basis van de juiste gegevens terecht tot de conclusie gekomen dat de forfaitaire vaste lasten van de onderneming onder de 1500 euro-grens blijven, waardoor de onderneming niet voldoet aan de voorwaarden om voor een TVL-subsidie in aanmerking te komen.
Beslissing
Het College verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. In deze zaak staat de berekening van de forfaitaire vaste lasten centraal zoals deze is opgenomen in de TVL-regeling. De minister heeft deze berekening gemaakt aan de hand van de omzetgegevens van de onderneming zoals bekend bij de Belastingdienst en de SBI-code zoals door de onderneming geregistreerd in het handelsregister. Door de onderneming wordt niet betwist dat dat de minister daarmee is uitgegaan van de juiste gegevens.
2. De minister is op basis van deze gegevens terecht tot de conclusie gekomen dat de forfaitaire vaste lasten van de onderneming onder de 1500 euro-grens blijven, waardoor de onderneming niet voldoet aan de voorwaarden om voor een TVL-subsidie in aanmerking te komen.
w.g. B. Bastein w.g. A. Verhoeven
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 22/1544
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
7 september 2023
Rechter: mr. B. Bastein
Griffier: mr. A. Verhoeven
Partijen
[naam 1], te [woonplaats], de onderneming,
waarvoor aanwezig zijn [naam 2] en [naam 3]
en
de minister van Economische Zaken en Klimaat, waarvoor aanwezig zijn mr. O. Andich en
mr. M.J.H. van der Burgt.
Beslissing
Het College verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
1. In deze zaak staat de berekening van de forfaitaire vaste lasten centraal zoals deze is opgenomen in de TVL-regeling. De minister heeft deze berekening gemaakt aan de hand van de omzetgegevens van de onderneming zoals bekend bij de Belastingdienst en de SBI-code zoals door de onderneming geregistreerd in het handelsregister. Door de onderneming wordt niet betwist dat dat de minister daarmee is uitgegaan van de juiste gegevens.
2. De minister is op basis van deze gegevens terecht tot de conclusie gekomen dat de forfaitaire vaste lasten van de onderneming onder de 1500 euro-grens blijven, waardoor de onderneming niet voldoet aan de voorwaarden om voor een TVL-subsidie in aanmerking te komen.
w.g. B. Bastein w.g. A. Verhoeven
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.