Aanhef
Besluit van de raad van de gemeente Zwijndrecht tot vaststelling van de Verordening gemeentelijke rekenkamer Zwijndrecht
De raad van de gemeente Zwijndrecht;
gelet op de artikelen 81k en 149 van de Gemeentewet;
besluit vast te stellen de volgende verordening:
Verordening gemeentelijke rekenkamer Zwijndrecht
Artikel 1. Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
•Raad: gemeenteraad van Zwijndrecht;
•College: college van burgemeester en wethouders;
•Rekenkamer: gemeentelijke rekenkamer als bedoeld in artikel 81a van de Gemeentewet;
•Voorzitter: voorzitter van de rekenkamer;
•Lid: het lid van de rekenkamer van de gemeente Zwijndrecht;
•Klankbordgroep: klankbordgroep voor de rekenkamer;
•Griffier: griffier van de gemeente Zwijndrecht of diens plaatsvervanger.
Artikel 2. Rekenkamer
1Er is een rekenkamer.
2De rekenkamer bestaat uit drie leden, waaronder een voorzitter.
Artikel 3. Selectie van de leden
1De raad benoemt uit haar midden een selectiecommissie die de gesprekken voert met de kandidaten en een voordracht opstelt voor de raad.
2De raad benoemt de voorzitter en de leden van de rekenkamer voor de duur van 6 jaar op voordracht van de selectiecommissie, genoemd onder lid 1.
3De selectiecommissie doet de voordracht vergezeld gaan van een verklaring van elke kandidaat bevattende:
a.De mededeling dat de kandidaat een benoeming als lid zal aanvaarden
b.Een overzicht van de openbare betrekkingen die de kandidaat bekleedt.
4Voorafgaand aan de benoeming van de voorzitter en het lid van de rekenkamer vraagt de selectiecommissie een advies aan (de zittende leden van) de rekenkamer.
5Door de te benoemen personen wordt een verklaring omtrent het gedrag overgelegd.
Artikel 4. Reglement van orde van de rekenkamer
1De rekenkamer stelt een reglement van orde op.
2In dat reglement van orde komen in ieder geval aan bod:
a.De werkwijze van de rekenkamer, inclusief de onderwerpkeuze
b.De taakverdeling binnen de rekenkamer bij afwezigheid van de voorzitter of de leden.
Artikel 5. Klankbordgroep
1Er is een klankbordgroep voor de rekenkamer.
2De klankbordgroep bestaat uit een (plaatsvervangend) lid per fractie. Een (plaatsvervangend) lid is raads(commissie)lid.
3De klankbordgroep bestaat ten minste uit vier leden.
4De (plaatsvervangende) leden van de klankbordgroep worden door de raad benoemd.
5De leden van de klankbordgroep wijzen uit hun midden een voorzitter en plaatsvervangend voorzitter aan. De (plaatsvervangend) voorzitter is raadslid.
6De griffier is secretaris en adviseur van de klankbordgroep.
7De klankbordgroep overlegt minimaal twee keer per jaar met de rekenkamer over de werkzaamheden van de rekenkamer.
8De vergaderingen van de klankbordgroep zijn niet openbaar.
9De vergaderdocumenten van de klankbordgroep zijn beschikbaar voor alle raads(commissie)leden.
10De klankbordgroep brengt één keer per jaar aan de raad een verslag uit van de voortgang van de uitvoering van de door de raad aangenomen aanbevelingen.
Artikel 6. Herbenoeming
De leden van de rekenkamer, waaronder de voorzitter, kunnen maximaal één keer voor een periode van zes jaar worden herbenoemd.
Artikel 7. Ambtelijke ondersteuning
1De rekenkamer heeft een ambtelijk secretaris.
2Een medewerker van de griffie Zwijndrecht vervult de rol van secretaris.
3De griffier wijst de ambtelijk secretaris aan.
4De secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de rekenkamer over de wijze waarop de ondersteunende taken worden verricht.
5De secretaris draagt zorg voor de agendaplanning, de verslaglegging en de vorming van dossiers.
Artikel 8. Budget
De voorzitter van de rekenkamer is bevoegd binnen zijn budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer.
Artikel 9. Vergoeding
1De leden van de rekenkamer ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding.
2De vergoeding bedraagt voor de voorzitter 45 % en voor de leden 35 % van de vergoeding voor raadsleden.
3De vergoedingen, genoemd in het tweede lid, zijn inclusief reis-, verblijf- en overige kosten.
Artikel 10. Samenwerking college, ambtelijke organisatie en griffie
1De rekenkamer treedt minimaal één keer per jaar in overleg met het college, de ambtelijke organisatie, de griffier en de auditcommissie. Van deze overleggen worden verslagen gemaakt en gedeeld met de raad.
2Deze gesprekken gaan niet over de keuze van onderwerpen maar de wijze van samenwerken.
Artikel 11. Onderwerpkeuze
1Overeenkomstig de artikelen 182 tot en met 185 van de Gemeentewet voert de rekenkamer haar werkzaamheden uit.
2Conform artikel 182 van de wet bepaalt de rekenkamer zelf naar welke onderwerpen onderzoek wordt verricht.
3De rekenkamer formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast. Bij iedere onderzoeksopzet geeft de rekenkamer de contactmomenten aan met de klankbordgroep. De klankbordgroep brengt advies uit aan de rekenkamer over de onderzoeksopzet.
4De rekenkamer stelt elk jaar een onderzoeksprogrammering voor het komend jaar vast en verzendt het vervolgens ter kennisneming aan de raad.
5De raad kan de rekenkamer een gemotiveerd verzoek doen tot het instellen van een onderzoek. Ingevolge het bepaalde in artikel 182, tweede lid, van de wet, legt de raad dit verzoek vast in een besluit. De griffier draagt zorg voor het doorgeleiden van dit verzoek aan de rekenkamer.
6De rekenkamer bericht de raad binnen een maand na het verzoek van de raad of en op welke wijze aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de rekenkamer niet aan het verzoek van de raad voldoet, motiveert zij haar besluit.
7Alvorens met een onderzoek te starten informeert de rekenkamer bij het college of er recent door het college een onderzoek over het voorgenomen onderwerp is geweest. Het college informeert de rekenkamer binnen een maand over deze vraag.
Artikel 12. Rapportage rekenkamer
1Voordat de rekenkamer tot vaststelling en openbaarmaking van een onderzoeksrapport overgaat, stelt zij de onderzochte partijen schriftelijk op de hoogte van het conceptrapport daarvan.
2De rekenkamer stelt de betrokken partijen in de gelegenheid tot ambtelijk wederhoor. Betrokken partijen kunnen binnen een door de rekenkamer te bepalen termijn schriftelijk reageren op de bevindingen in het onderzoeksrapport of een door de rekenkamer geselecteerd deel daarvan.
3De rekenkamer kan het college binnen een door de rekenkamer te bepalen termijn in de gelegenheid stellen tot bestuurlijk wederhoor.
4Na de in het tweede c.q. derde lid bedoelde termijn sluit de rekenkamer haar onderzoek af en stelt zij een definitief rapport op waarin de bevindingen, conclusies en aanbevelingen, de eventuele bestuurlijke reactie van het college, alsmede het nawoord van de rekenkamer zijn opgenomen.
5Het definitieve rapport wordt vergezeld van een door de rekenkamer opgesteld raadsvoorstel naar de raad gezonden.
6De raad neemt het rapport en bijbehorend raadsvoorstel uiterlijk twee maanden na ontvangst in behandeling.
7De rekenkamer geeft voor de behandeling in de raad een presentatie over het onderzoek. Hierbij wordt de raad in de gelegenheid gesteld technische vragen te stellen. Dit gebeurt in een oriëntatieavond.
8Bij de politieke behandeling van het onderzoek in de raad is de rekenkamer niet betrokken, de rekenkamer is bij de oriëntatieavond aanwezig voor het beantwoorden van technische vragen.
Artikel 13. Periodieke evaluatie
1In opdracht van de raad wordt het functioneren van de rekenkamer minimaal eens per 6 jaar geëvalueerd.
2De kosten van de evaluatie komen niet ten laste van het budget van de rekenkamer.
Artikel 14. Slotbepalingen
1De Verordening op de rekenkamer gemeente Zwijndrecht vastgesteld in de openbare vergadering van 16 maart 2021 wordt ingetrokken.
2Deze verordening treedt in werking de dag na die van publicatie en werkt terug tot en met 3 juli 2024.
3Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeentelijke rekenkamer Zwijndrecht.