Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zwijndrecht,
gelezen het voorstel van 26 juni 2019, 2019-15578;
gelet op de artikelen 44 en 66 van de Gemeentewet en de artikelen 3.3.2, 3.3.3, tweede lid en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.8 van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers;
besluit vast te stellen de volgende regeling: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Zwijndrecht.
Artikel 1. Definitiebepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
a.college: college van burgemeester en wethouders.
b.burgemeester: voorzitter van het college van burgemeester en wethouders.
c.secretaris: de secretaris bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet.
d.wethouder: lid van het college van burgemeester en wethouders.
Artikel 2 Ter beschikking gestelde auto burgemeester en wethouders
Niet van toepassing
Artikel 3. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing burgemeester en wethouders
1De burgemeester of de wethouder die willen deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers in verband met de vervulling van hun functie dienen daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de secretaris.
2Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.
3De maximale vergoeding van de scholing bedraagt:
a.€ 1.000,00 per jaar voor de wethouder;
b.€ 1.000,00 per jaar voor de burgemeester.
4Het college beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
Artikel 4. Informatie- en communicatievoorzieningen
1De burgemeester of de wethouder tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
2Er is recht op ter beschikkingstelling van één computer.
3Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.
4De burgemeester of de wethouder levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.
Artikel 5. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
1Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
2Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze regeling, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Artikel 6. Betaling en declaratie van onkosten
1Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze regeling voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
a.betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur,
b.betaling vooruit uit eigen middelen
2Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.
3Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen twee maanden na factuurdatum of betaling door de burgemeester of wethouder ingediend bij de daartoe aangewezen functionaris.
4Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan burgemeester of wethouders binnen twee maanden na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Artikel 7. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze regeling wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.
Artikel 8. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Zwijndrecht