Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zundert;
gelezen het bepaalde in art. 2 van de Verordening tegenprestatie Participatiewet gemeente Zundert
b e s l u i t :
De beleidsregels tegenprestatie Participatiewet 2015 vast te stellen.
HOOFDSTUK 2: UITVOERINGSREGELS
Artikel 1. Vormgeving tegenprestatie
1Het college legt de uitkeringsgerechtigde als genoemd in artikel 7, eerste lid, onder a, sub 1, sub 5, sub 6 van de wet middels een beschikking een tegenprestatie op.
2Aan de beschikking wordt toegevoegd een omschrijving van de uit te voeren activiteiten, waarbij ingegaan wordt op:
a.aard van de activiteiten.
b.de instantie waar, c.q. ten behoeve waarvan, de uit te voeren activiteiten plaats zullen vinden.
c.de contactpersoon binnen de instantie waar, c.q. ten behoeve waarvan, de uit te voeren activiteiten plaats zullen vinden.
d.de duur van de tegenprestatie.
e.de omvang van de tegenprestatie.
f.de aanvullende voorwaarden die aan de tegenprestatie zijn verbonden en de waarschuwing die volgt wanneer de klant in gebreke blijft.
3Indien de instantie waar, c.q. waarvoor, de tegenprestatie wordt uitgevoerd hierover niet beschikt, sluit het college een verzekering af om risico's in verband met arbeidsongeschiktheid of aansprakelijkheid af te dekken.
4Indien dit voor de uitvoering van de tegenprestatie noodzakelijk is, neemt het college de kosten voor een gevraagde Verklaring omtrent gedrag (VOG) voor zijn rekening.
Artikel 2. Voorwaarden
1De uitkeringsgerechtigde moet in staat zijn de activiteiten te verrichten.
2De tegenprestatie wordt gevraagd van uitkeringsgerechtigden waarbij het uitvoeren van een tegenprestatie het accepteren van passende arbeid of van re-integratie-inspanningen niet belemmert.
Artikel 3. Verkrijgen tegenprestatie
1De instantie waar, c.q. waarvoor, de tegenprestatie wordt verricht, wordt in eerste instantie gezocht en benaderd op initiatief van de uitkeringsgerechtigde. Deze vindt binnen 20 werkdagen een participatieplaats. Wanneer de uitkeringsgerechtigde geen plaats kan vinden waar de tegenprestatie verricht kan worden, biedt de gemeente de uitkeringsgerechtigde een geschikte tegenprestatie aan.
2De gemeente werft en beheert via het Werkplein Hart van West-Brabant en in samenspraak met de lokale vrijwilligersorganisaties tegenprestatieplaatsen.
Artikel 4. Naleving tegenprestatie
1Controle van het nakomen van de afgesproken tegenprestatie wordt in overleg met de instantie waar, c.q. waarvoor, de tegenprestatie wordt uitgevoerd vorm gegeven. Gestreefd wordt naar een zo eenvoudig mogelijke invulling gebaseerd op vertrouwen, zoals het aftekenen van een presentielijst.
2Indien de opgedragen tegenprestatie niet of in onvoldoende mate wordt nagekomen, wordt een maatregel opgelegd op grond van artikel 9 en 11 van de Maatregelen- en handhavingsverordening Participatiewet.
HOOFDSTUK 3: SLOTBEPALINGEN
Artikel 5. Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van een uitkeringsgerechtigde afwijken van de bepalingen in deze beleidsregels, indien strikte toepassing ervan tot onbillijkheden van zwaarwegende aard zou leiden.
Artikel 6. Onvoorziene situaties
In gevallen waarin de bepalingen van deze beleidsregels niet voorzien, neemt het college een besluit, waarbij zoveel mogelijk aansluiting wordt gezocht bij vergelijkbare situaties met inachtneming van alle omstandigheden van een uitkeringsgerechtigde.
Artikel 7. Citeertitel
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregels Tegenprestatie Participatiewet 2015.
Artikel 8. Inwerkingtreding
Deze beleidsregel treedt inwerking met ingang van 1 januari 2015.