Aanhef
De raad van de gemeente Zoeterwoude,
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 8 augustus 2023,
gelet op de bepallngen in de Gemeentewet,
gelet op Artikel 19.van de Grondwet;
BESLUIT:
Vaststellen van het Mensenhandelbeleid gemeente Zoeterwoude
4. Risico’s op mensenhandel in Zoeterwoude en regionale en lokale cijfers
4.1. RISICO’S
4.1.1. Arbeidsuitbuiting
In Zoeterwoude hebben we arbeidsmigranten wonen en werken. Volgens het onderzoek van PBLQ
9PBLQ (september 2020). EU-arbeidsmigranten in de provincie Zuid-Holland.
, dat voor de provincie Zuid-Holland het aantal arbeidsmigranten in kaart heeft gebracht, waren er in 2018 gemiddeld 21 arbeidsmigranten per maand ingeschreven in het niet-ingezetene register (RNI-register) in de gemeente Zoeterwoude. In de Basisregistratie Personen (BRP) waren dit er minder dan 10.
Daarnaast is er in Zoeterwoude sprake van administratieve leegstand. Deze panden staan volgens de BRP leeg. Wellicht wonen hier wel mensen, maar zijn zij niet in beeld. Hierdoor ontstaat er een gelegenheid voor uitbuiting en slechte leefomstandigheden. Volgens het onderzoek risico’s op arbeidsuitbuiting uit juni 2022 van het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC) Den Haag waren er op het moment van dat onderzoek 180 leegstaande panden op basis van cijfers van het CBS
10Voor deze CBS gegevens geldt dat er sprake is van administratieve leegstand van verblijfsobjecten uit de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) als er geen bewoning is volgens de Basisregistratie Personen (BRP), er geen bedrijvigheid is volgens het Handelsregister (HR) en geen (fiscaal) gebruik is volgens de Registratie Waardering Onroerende Zaken (WOZ).
en 128 op basis van eigen cijfers in Zoeterwoude. De relatieve leegstand is in Zoeterwoude op basis van cijfers van het CBS iets hoger dan in de rest van het district
11Met Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest, Noordwijk, Katwijk, Voorschoten, Hillegom, Lisse en Teylingen vormen wij district Leiden-Bollenstreek.
Leiden – Bollenstreek (4% ten opzichte van 3% in Leiden en 2% in de rest van de gemeenten).
Volgens het bovenstaande onderzoek van het RIEC zijn er in Zoeterwoude 300 bedrijven die vallen onder een risicocategorie
12Risicocategorieën zijn: landbouw, huishoudelijk werk, horeca, beautybranche, industrie, bouw, vervoer en opslag en groot- en detailhandel.
voor arbeidstuitbuiting. De meeste bedrijven vallen onder de bouwbranche. In de gemeente is er één groot bouwproject geweest waar misstanden zijn geconstateerd. Daarnaast staan er tien uitzendbureaus ingeschreven in de Kamer van Koophandel in Zoeterwoude. Uitzendbureaus bieden hun diensten vaak in een totaalpakket aan: zij regelen arbeid, huisvesting, vervoer en zorgverzekering. Dit creëert meervoudige afhankelijkheid, wat concreet betekent dat als het uitzendbureau geen werk meer heeft voor de arbeidsmigrant, deze ook zijn huis kwijt is en op straat komt te staan.
4.1.2. Seksuele- en criminele uitbuiting
Seksuele uitbuiting is nog altijd de meest voorkomende vorm van uitbuiting: dit gaat met name om de minder zichtbare sectoren (dus niet in de raamprostitutie of in vergunde seksinrichtingen zoals bordelen)
13Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen (2020). Slachtoffermonitor mensenhandel 2015-2019. Nationaal Rapporteur.
. Ondanks dat we in Zoeterwoude op dit moment geen vergunde seksinrichting hebben wil dat dus niet zeggen dat seksuele uitbuiting niet ook binnen onze gemeentegrenzen kan plaatsvinden.
Criminele uitbuiting is moeilijk te signaleren. Slachtoffers voelen zichzelf vaak dader en worden veelal ook zo gezien door overheidsinstanties. Zij plegen strafbare feiten en zullen daarom minder snel hulp zoeken. Vooral jongeren zijn kwetsbaar om slachtoffer te worden van criminele uitbuiting. Ook mensen met een kwetsbare economische status of zonder verblijfsstatus hebben een vergrote kans om slachtoffer te worden. Leegstand vormt niet alleen een risico voor arbeidsuitbuiting, maar ook een risico voor seksuele uitbuiting. Daarnaast hebben we in de gemeente jongeren, twee basisscholen en een locatie voor mensen met een verstandelijke beperking. Deze vormen de doelgroep welke kwetsbaar kan zijn voor seksuele- en criminele uitbuiting.
4.2. REGIONALE EN LOKALE CIJFERS
4.2.1. Regionale cijfers
Bij ons in de politie Eenheid Den Haag worden er ook cijfers bijgehouden door Stichting Hulp en Opvang Prostitutie en Mensenhandel (hierna: SHOP). Het aantal nieuw aangemelde slachtoffers van mensenhandel in de afgelopen jaren is voor de regio Hollands Midden
15De regioHollandsMidden omvat de volgende gemeenten: Alphen aan den Rijn, Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Krimpenerwaard, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten, Waddinxveen, Zuidplas, Zoeterwoude.
als volgt (zie tabel op de volgende pagina).
Net zoals bij de landelijke cijfers zien we dat bij ons in de regio het aandeel van de geregistreerde slachtoffers van seksuele uitbuiting het hoogst is.
4.2.2. Lokale cijfers
In het ondermijningsbeeld van Zoeterwoude, opgesteld door het RIEC in 2021, komt mensenhandel naar voren als blinde vlek. Er waren op dat moment geen signalen bekend van mensenhandel bij de collega’s en de politie. Er is vastgesteld dat hier weinig zicht op is.
In 2021 heeft Comensha één slachtoffermelding gehad van arbeidsuitbuiting in Zoeterwoude
16RIEC (juni 2022). Verdiepend onderzoek arbeidsuitbuiting District Leiden-Bollenstreek.
.
Om zicht te blijven houden op het aantal gemelde slachtoffers vragen de aandachtsfunctionarissen jaarlijks deze cijfers op bij Comensha en SHOP.
2018
2019
2020
2021
2022
Arbeidsuitbuiting
0
4
3
0
0
Seksuele uitbuiting
0
1
5
2
6
Criminele uitbuiting
0
1
0
6
1
Criminele/seksuele uitbuiting
0
0
1
2
0
Onbekend
0
1
1
0
0
Totaal
0
7
10
10
7
Tabel 1: cijfers van SHOP over mensenhandel in de regio Hollands Midden
5. Aanpak
5.2. SIGNALEREN
5.2.1. Melden en aanpakken van signalen
Het meldpunt voor collega’s om signalen van ondermijning te melden is de adviseur Openbare Orde & Veiligheid (AOV’er) met taakaccent ondermijning en het e-mail adres: OOV@zoeterwoude.nl. Hetzelfde geldt voor signalen van mensenhandel. Signalen kunnen ook terechtkomen bij de aandachtsfunctionaris vanuit Zorg, Werk en Inkomen. Wanneer het gaat om signalen van (daders van) mensenhandel handelt de aandachtsfunctionaris OOV en volgt deze hierbij de route van het stappenplan ‘Van signaal tot aanpak’. Wanneer het gaat om signalen van slachtoffers en het opvang hiervan handelt de aandachtsfunctionaris Zorg, Werk en Inkomen. Hierbij wordt de signalenroutekaart in bijlage 1 gevolgd, welke in samenspraak met de ketenpartners is vastgesteld. Uiteraard wordt bij het doorgeven van signalen rekening gehouden met de regelgeving rondom de bescherming van persoonsgegevens, zoals beschreven in de Regionale handreiking aanpak mensenhandel
17RSIV, Handreiking aanpak mensenhandel regio Den Haag (2021).
. Zie hierover meer in paragraaf 5.6.2.
Medewerkers die onder de meldcode vallen (zie volgende pagina), moeten (eventueel samen met de aandachtsfunctionaris mensenhandel) beslissen of ze wel of niet een melding bij Veilig Thuis moeten maken als er een (vermoedelijk) slachtoffer in beeld is.
5.2.2. Trainen collega’s
Om collega’s de benodigde kennis te geven om te signaleren is het belangrijk dat zij in ieder geval een keer per jaar voorlichting krijgen over de problematiek, hoe deze te signaleren en om de interne meldroute onder de aandacht te brengen. De volgende collega’s zijn belangrijk om in ieder geval te trainen gezien zij een vergrote kans hebben om signalen van mensenhandel tegen te komen in hun werkzaamheden:
•Baliemedewerkers;
•Boa;
•Bouwinspecteurs;
•Sociaal Team;
•Leerplichtambtenaren of casemanager leerling zaken;
•Jeugd en gezin teams;
•Welzijn, Jeugd en participatiemedewerkers;
•Wmo-medewerkers;
•Vergunningverleners;
•Wijkfunctionaris GGZ.
Met de e-learning
18Onderdeel van het plan van aanpak ondermijning 2022 – 2023.
van het RIEC Den Haag maken medewerkers laagdrempelig kennis met het onderwerp ondermijning. De e-learning bestaat uit een basismodule en zes verdiepende modules, waarvan één verdiepende module over mensenhandel. Daarnaast is in 2023 de roadshow ondermijning georganiseerd
19Onderdeel van het plan van aanpak ondermijning 2022 – 2023.
. De roadshow richtte zich met name op het creëren van interne bewustwording. Gedurende één dag kon een kijkje worden genomen in een nagebouwde hennepkwekerij, kon men ontsnappen uit een crystal methlab en de geur van XTC ruiken. Ook kon men in gesprek gaan met professionals over het herkennen van signalen van mensenhandel of andere vormen van ondermijning. SHOP is onderdeel geweest van de roadshow en heeft tijdens deze dag een training gegeven over de verschillende vormen van mensenhandel en hoe je deze kunt herkennen.
Om ervoor te zorgen dat de opgedane kennis blijft hangen en om nieuwe medewerkers ook mee te nemen wordt jaarlijks aandacht besteed aan het onderwerp, bijvoorbeeld in de vorm van een training. De e-learning en de roadshow vormen samen het startpunt voor het trainen van de collega’s omtrent mensenhandel. Samen met de teamleiders wordt in 2023 gekeken hoe hier vervolg aan gegeven kan worden. De exacte vorm en inhoud van de training wordt jaarlijks gespecificeerd in het uitvoeringsplan. Ook sluit de aandachtsfunctionaris OOV twee keer per jaar aan bij een teamoverleg om het onderwerp op de agenda te houden en om vragen te beantwoorden
20Onderdeel van het plan van aanpak ondermijning 2022-2023.
.
Tot slot besteden de aandachtsfunctionarissen in ieder geval één keer per jaar aandacht aan mensenhandel door een bericht te plaatsten op intranet
21Onderdeel van het communicatieplan in het plan van aanpak ondermijning 2022-2023
. Dit kan bijvoorbeeld zijn de bekendmaking van de aandachtsfunctionarissen, een signalenlijst, kort filmpje of een nieuwsupdate. Op de website www.kijkopmensenhandel.nl zijn filmpjes en andere materialen te downloaden die ingezet kunnen worden.
5.2.3. Trainen externe professionals
Niet alleen medewerkers van de gemeente hebben veelvuldig contact met inwoners. Dit geldt ook voor andere professionals werkzaam in de gemeente. Ook deze willen we bewust maken van de problematiek en trainen in het signaleren van mensenhandel. Hierbij denken we aan: leraren, medewerkers in de gezondheidszorg, wijkagenten, medewerkers van sportverenigingen, medewerkers van reclassering, jeugdzorgmedewerkers, maatschappelijk werkers, wijkteams, schuldhulpverleners, GGZ etc. Waar mogelijk combineren we trainingen.
De wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling
De wet verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling (hierna: meldcode) is ook op signalen van mensenhandel van toepassing. De meldcode geldt voor professionals die werkzaam zijn in de sectoren: gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang, maatschappelijke ondersteuning, jeugdhulp en justitie. Professionals met vermoedens van huiselijk geweld en/of kindermishandeling (HGKM) kunnen aan de hand van vijf stappen bepalen of ze een melding moeten doen bij Veilig Thuis en of er voldoende hulp kan worden ingezet. Mensenhandel valt ook onder HGKM. Veilig Thuis onderzoekt bij een melding of er daadwerkelijk sprake is van HGKM. Indien nodig zet Veilig Thuis vervolgstappen in gang in de vorm van overdragen naar de zorgcoördinator, vrijwillige hulp, het informeren van de Raad voor de Kinderbescherming en/of melding doen bij de politie.
Professionals die onder de meldcode vallen moeten dus in staat zijn om signalen van mensenhandel te herkennen en zijn verplicht gebruik te maken van de meldcode en deze te hanteren bij signalen van mensenhandel. Aangezien mensenhandel een relatief nieuw/onbekend onderwerp in de meldcode kan zijn, zal er op worden gelet dat dit onderwerp in toekomstige trainingen en bijeenkomsten voldoende wordt meegenomen. Van sommige professionals die onder de meldcode vallen, is de gemeente opdrachtgever en gaat zij contracten aan en verleent zij subsidies. De gemeente heeft bij de maatschappelijke organisaties een toezichthoudende rol op het naleven van de meldcode. Eén van de manieren om dit te doen is door de organisaties te bevragen hierover. In deze gesprekken zullen wij ook mensenhandel als onderdeel van de meldcode bespreken.
5.2.4. Bewustwording onder inwoners
Buurtpreventie is uitgenodigd voor de roadshow. Hierna kijken de aandachtsfunctionarissen per jaar hoe bewustwording van mensenhandel onder de aandacht wordt gebracht bij de inwoners. Inwoners die misstanden signaleren kunnen dit melden bij Meld Misdaad Anoniem en/of rechtstreeks bij SHOP.
5.3. VOORKOMEN
5.3.1. Preventieve aanpak arbeidsuitbuiting
Contact met de doelgroep
We gaan onze bestaande contactmomenten met de doelgroep beter benutten. Op deze manier hopen we de doelgroep zelfredzamer te maken in onze gemeente en maatschappij waardoor zij minder vatbaar zijn voor uitbuiters.
Bestaande contactmomenten:
•Inschrijving BRP
•(Integrale) controle van toezichthouders
•Huisbezoeken
We benutten deze momenten door flyers te verstrekken ontwikkeld door RIEC-LIEC over welke rechten zij hebben als werknemer in Nederland. De flyers bevatten een QR-code naar een animatie. In deze animatie wordt verteld over de hoogte van het minimumloon en de uitbetaling hiervan. Daarnaast worden tips gegeven over het veilig gebruik van de betaalpas en het paspoort. De video en flyer zijn beschikbaar in het Pools, Bulgaars en Roemeens.
Contact met werkgevers
We hebben in de gemeente werkgevers die actief zijn in risicobranches. Het is belangrijk om goede contacten te hebben met de werkgevers in onze gemeente. Zij kunnen helpen bij het contact leggen met de doelgroep, informatie verstrekken en helpen bij het inschrijven van hun werknemers. Zij hebben er ook baat bij dat bedrijven die de regels niet naleven aangesproken worden. We gebruiken contactmomenten met ondernemers om het gesprek aan te gaan over mensenhandel. Het startpunt hiervoor vormt de ondernemersbijeenkomst
22Onderdeel van het plan van aanpak ondermijning 2022-2023.
. Hierna beschrijven we per jaar in het uitvoeringsplan hoe uitvoering wordt gegeven aan dit onderwerp.
5.3.2. Preventieve aanpak seksuele- en criminele uitbuiting
Contact met de doelgroep
Omdat we weten welke doelgroepen een hoger risico hebben om slachtoffer te worden van seksuele uitbuiting zien we kansen om in te zetten op voorlichting en weerbaarheidstrainingen aan deze doelgroep. Bijvoorbeeld voorlichting op basisscholen. Voorlichting aan deze doelgroep vindt namelijk het beste plaats vanaf groep 7/8. Ook kan worden gedacht aan jongeren met een LVB. SHOP Jeugd heeft hier een specifiek aanbod voor. We kijken of dit districtelijk of regionaal opgezet kan worden. Daarnaast zetten we in op voorlichting en bewustwording van professionals die met de doelgroep werken, zoals beschreven in paragraaf 5.2.3 Trainen externe professionals.
5.5. HANDHAVEN EN BARRIÈRES OPWERPEN
5.5.1. Signaleringsoverleg
Het signaleringsoverleg vindt één keer per maand plaats. Hier worden signalen besproken, verrijkt en aangepakt. Deelnemers aan het overleg zijn: de AOV’er, de Boa, BWT, de operationeel specialist van de politie, de wijkagent en het RIEC. Wanneer dit voor de casuïstiek nodig is sluiten ook de Omgevingsdienst West-Holland (ODWH) en het Haags Economisch Interventie Team (HEIT) aan.
5.5.2. Algemene Plaatselijke Verordening (APV)
In de APV is een hoofdstuk opgenomen over de regulering seksbranche, prostitutie en aanverwante onderwerpen. Op dit moment zijn er geen vergunde seksinrichtingen binnen de gemeente. Er kan in de gemeente voor één seksinrichting een vergunning worden verleend. In de APV zijn weigeringsgronden en intrekkingsgronden opgenomen. Zo kan de vergunning worden geweigerd als de exploitant of de beheerder onherroepelijk is veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor mensenhandel, of in enig ander opzicht van slecht levensgedrag is of als de openbare orde, de woon- en leefomgeving of de veiligheid en de gezondheid van prostituees of klanten nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de seksinrichting waarvoor de vergunning is aangevraagd. Aanvragers moeten een uitbreid bedrijfsplan overleggen, waarin de rechten van de sekswerkers worden gewaarborgd. De ketenregisseur heeft hiervoor in samenwerking met het HEIT en een aantal regionale gemeenten een template opgesteld die gebruikt kan worden. Ook zijn er verdere verplichtingen voor de exploitant en beheerder opgenomen, waaronder dat er een deugdelijke bedrijfsadministratie wordt gevoerd en dat deze altijd beschikbaar is voor de toezichthouders, dat medewerkers van de GGD of andere instellingen worden toegelaten tot seksinrichtingen als ze voornemens zijn voorlichtings- en preventieactiviteiten uit te voeren of voorlichtingsmateriaal te verspreiden en dat bij de politie ieder signaal van mensenhandel of andere vormen van dwang en uitbuiting wordt gemeld.
5.5.3. Wet Bibob
In februari 2023 is het nieuwe Bibob-beleid binnen de gemeente vastgesteld. De Wet Bibob geeft de gemeente de mogelijkheid de achtergrond van een aanvrager van bijvoorbeeld een vergunning, subsidie of vastgoedtransactie met de gemeente te onderzoeken. Als gevaar dreigt dat zij een vergunning of subsidie misbruiken voor criminele activiteiten of om crimineel vermogen te investeren, kan de gemeente de aanvraag weigeren of de afgegeven vergunning of subsidie intrekken. Wanneer er een bouwvergunning wordt aangevraagd voor een pand waar arbeidsmigranten verblijven wordt er standaard een Bibob-toets gestart. Hetzelfde geld voor een exploitatievergunning voor een seksinrichting.
5.5.4. Integrale controles
Een aantal keer per jaar organiseren we een integrale controle dag in Zoeterwoude
23Onderdeel van het plan van aanpak ondermijning.
. Bij de controles sluiten in ieder geval OOV, Boa, BWT, politie, brandweer en de ODWH aan. De controles kunnen zowel plaatsvinden op basis van de signalen uit het signaleringsoverleg als op basis van risico’s. Het onderzoek risico’s op arbeidsuitbuiting district Leiden-Bollenstreek van het RIEC Den Haag geeft hier aanknopingspunten voor. Door meer in te zetten op controles vergroten wij ons zicht en versterken wij onze informatiepositie. Intensivering van toezicht en controle heeft bovendien een preventief effect, omdat criminelen zich bij voorkeur vestigen in een gemeente waar zij zo min mogelijk risico lopen op bemoeienis door de overheid.
De factsheet arbeidsuitbuiting voor toezichthouders geeft een overzicht van de vragen die je kunt stellen bij het aantreffen van arbeidsmigranten tijdens een (integrale) controle. Voor een overzicht van onze mogelijkheden qua bestuurlijke interventies maken we gebruik van het RIEC-onderzoek risico’s op arbeidsuitbuiting en het barrièremodel arbeidsuitbuiting door malafide uitzendbureaus.
Haags Economisch Interventieteam (HEIT)
Wanneer we onderbouwde signalen hebben van illegale prostitutie of malafide bedrijvigheid maken we gebruik van het HEIT.
5.6. SAMENWERKING BEVORDEREN MET ONZE PARTNERS
5.6.1. Partners in de integrale aanpak
De aandachtsfunctionaris, ketenregisseur en zorgcoördinator zijn belangrijke schakels in de integrale aanpak van mensenhandel. De ketenregisseur helpt gemeenten bij de implementatie van het basisniveau bestuurlijke aanpak mensenhandel. De ketenregisseur levert daarnaast een bijdrage aan het verbeteren van de lokale en (sub)regionale ketensamenwerking door samenwerkingspartners zoals gemeenten, politie, OM, RIEC, HEIT, NLA, Zorg- en Veiligheidshuizen en zorgcoördinatoren, bij elkaar te brengen en verschillende netwerken met elkaar te verbinden. De zorgcoördinator coördineert het zorgtraject van slachtoffers, informatie-uitwisseling tussen de betrokken hulpverleners, werkt mee aan het opbouwen en onderhouden van een regionaal en landelijk netwerk van zorgaanbieders om een samenhangend hulp -en ondersteuningsaanbod voor (vermoedelijke) slachtoffers in kaart te brengen en zorgt voor voorlichting en bewustwording.
In bijlage 2
24Waar staat Inspectie SZW wordt bedoeld Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA).
en 3 zijn de belangrijkste partners in de aanpak van arbeids-, seksuele, en criminele uitbuiting weergegeven.
5.6.2. Informatie-uitwisseling
Bij het delen en verwerken van gegevens maken we gebruik van het stappenplan uit de handreiking De aanpak van mensenhandel en het gebruik van persoonsgegevens
25Ministerie van Justitie en Veiligheid, 18 november 2020. De aanpak van mensenhandel en het gebruik van persoonsgegevens.
. Dit stappenplan ziet er schematisch als volgt uit:
In de handreiking zijn voor de volgende categorieën partijen de mogelijkheden beschreven die er zijn om tot verstrekking van persoonsgegevens over te gaan;
•Opsporingsinstanties (waaronder de politie, Koninklijke Marechaussee, NLA en Boa’s)
•(gemeentelijke) Toezichthouders (waaronder de NLA), en de gemeente voor bepaalde andere taken;
•Zorgverleners, aanbieders en hulpverleners met een medisch beroepsgeheim (reguliere zorg en sociaal domein) én zonder een medisch beroepsgeheim (sociaal domein);
•Publieke en private partijen met een meldpunt- of coördinatiefunctie, waaronder Veilig Thuis, de zorgcoördinator en de aandachtsfunctionaris mensenhandel;
•Niet-strafrechtelijke partners binnen de vreemdelingenketen, waaronder de IND, de Koninklijke Marechaussee en het COA.
Met SHOP mogen geen persoonsgegevens gedeeld worden behalve als het slachtoffer niet toerekeningsvatbaar is en wel hulp nodig heeft (vitale belangen van het slachtoffer). In de praktijk blijkt ook dat voor sparren of informatie inwinning geen persoonsgegevens nodig zijn. Als SHOP en het slachtoffer in contact gebracht moeten worden met elkaar, kan het slachtoffer zelf aangespoord worden om contact op te nemen met SHOP of kan er geprobeerd worden een afspraak te maken met SHOP en het slachtoffer.
5.6.3. Regionale overleggen
Themaoverleg ondermijning burgemeester en politie
Vier keer per jaar vindt er een themaoverleg ondermijning plaats tussen OOV en de burgemeester. De teamchef van de politie is hier ook bij aanwezig. Hierbij is ook aandacht voor mensenhandel.
Ondermijningstafel District Leiden-Bollenstreek
Op de districtelijke ondermijningstafel worden ontwikkelingen in de aanpak, fenomenen en districtelijke signalen en casuïstiek besproken. Ook het thema mensenhandel komt hier geregeld aan bod. Uit de ondermijningstafel is ook de werkgroep Uitvoeringsagenda/APV ontstaan. In deze werkgroep kijken we wat we als district minimaal oppakken uit de uitvoeringsagenda. Ook kijken we naar de uniformering van de APV’s. Een van de prioriteiten in 2023 is mensenhandel.
Districtscollege
In het districtscollege wordt er sturing gegeven aan de veiligheidsaanpak, waaronder de districtelijke ondermijningstafel. Ook mensenhandel daar een thema.
Regionale mensenhandeltafel(s)
Naar aanbeveling van de Landelijke Taskforce Mensenhandel
26De Landelijke Taskforce bestaat uit: Comensha, het OM, ministeries van Justitie en Veiligheid, Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Buitenlandse Zaken, de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen, de Nationale Politie, het Landelijk Informatie en Expertisecentrum (LIEC), de Inspectie SZW, de IND, de
heeft elk van de politie Eenheden een bestuurlijk portefeuillehouder mensenhandel en een regionale mensenhandeltafel. In onze Eenheid is de burgemeester van Nieuwkoop de portefeuillehouder mensenhandel en daarbij voorzitter van de bestuurlijke mensenhandeltafel in de Eenheid Den Haag. De burgemeester van de gemeente Noordwijk is voor district Leiden-Bollenstreek aangesloten bij de bestuurlijke mensenhandeltafel. De bestuurlijke mensenhandeltafel komt tweemaal per jaar op thematisch niveau bij elkaar en koppelt terug via de districtscolleges.
Naast de bestuurlijke mensenhandeltafel is er ook een ambtelijke mensenhandeltafel opgericht om de regionale aanpak te bespreken en samen op te trekken. Deze mensenhandeltafel is opgesplitst in seksuele en criminele uitbuiting en arbeidsuitbuiting omdat de opsporingspartijen AVIM en de NLA verschillen en gemeenten zelf kunnen kiezen welke aanpak voor hen het meest relevant is. Deelnemers van de mensenhandeltafel zijn onder andere de NLA, HEIT, RIEC, Politie (AVIM), Zorg en Veiligheidshuizen, SHOP, de ketenregisseur mensenhandel en verschillende gemeenten. Als gemeente zijn we agendalid van dit overleg en sluiten de aandachtsfunctionarissen aan waar mogelijk. Zij kunnen elkaar hierbij afwisselen.
Ook is er in district Leiden-Bollenstreek een ambtelijke werkgroep opgericht om concrete acties uit het onderzoek risico’s op arbeidsuitbuiting van het RIEC Den Haag op te pakken. De aandachtsfunctionarissen sluiten aan bij deze werkgroep.
Landelijk overleg Comensha
CoMensha organiseert tweejaarlijks een landelijk overleg voor aandachtsfunctionarissen mensenhandel bij Veilig Thuis. Het overleg is gericht op het uitwisselen van kennis, ervaringen en knelpunten. Daarnaast staat er tijdens het overleg ook een thema centraal met gastpresentatie. Bijvoorbeeld een specifieke vorm van uitbuiting. Als gemeente zijn we agendalid van dit overleg en sluiten de aandachtsfunctionarissen waar mogelijk aan. Zij kunnen elkaar hierbij afwisselen.