Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid artikel 213a
Artikel 1 Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
Doeltreffendheid
Artikel 2 Selectie en frequentie onderzoeken
1Het college onderzoekt jaarlijks de doelmatigheid van:
a.(onderdelen van) organisatie-onderdelen;
b.de uitvoering van gemeentelijke taken.
alsmede naar de doeltreffendheid van (delen van) de in de begroting opgenomen programma’s en paragrafen.
2Jaarlijks worden de uit te voeren onderzoeken geselecteerd op basis van positieve en negatieve selectiecriteria. De raad, of namens deze de auditwerkgroep, wordt daarbij gehoord.
Artikel 3 Onderzoeksplan
1Het college zendt ieder jaar uiterlijk voor 31 december een onderzoeksplan ter kennisgeving aan de raad en naar de Rekenkamercommissie voor de in het erop volgende jaar te verrichten onderzoeken naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid.
2In het onderzoeksplan wordt per onderzoek globaal aangegeven:
a het object van onderzoek
b de onderbouwing van de keuze van het onderzoek op basis van de positieve en negatieve selectiecriteria
c de reikwijdte van het onderzoek
d de onderzoeksmethode
e de planning en doorlooptijd van het onderzoek
f de wijze van uitvoering
3.In het onderzoeksplan wordt aangegeven welke budgetten in de begroting zijn opgenomen voor de uitvoering van de onderzoeken.
Artikel 4 Voortgang en resultaten onderzoeken
Het college rapporteert in de tussenberichten en jaarstukken over de voortgang en (tussentijdse) resultaten van alle lopende en dat jaar afgeronde onderzoeken naar de doelmatigheid en doeltreffendheid.
Artikel 5 Rapportage en gevolgtrekking
1De uitkomsten van een onderzoek worden vastgelegd in een schriftelijke rapportage.
2Elke rapportage bevat tenminste een analyse van de onderzoeksresultaten en indien nodig aanbevelingen voor verbeteringen.
3Direct na het uitkomen van de rapportage maakt het college hier binnen een week melding van aan de raad en de rekenkamercommissie. Binnen een termijn van maximaal twee maanden stuurt het college de rapportage naar de raad en de rekenkamercommissie en geeft daarbij aan op welke wijze het college met de conclusies van de rapportage wil omgaan.
4Op basis van de resultaten van ieder onderzoek stelt het college, indien nodig, een plan van verbetering op.
5De rapportage, het plan van verbetering en het advies van het college worden ter kennisgeving aan de raad en de rekenkamercommissie aangeboden.
6Het college neemt op basis van het plan van verbetering organisatorische maatregelen en informeert de raad hierover.
Artikel 6 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 november 2003.
Artikel 7 Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als: “Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid art 213a”.