Gemeentelijke regelgeving

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zoetermeer houdende regels omtrent het niet heffen van leges voor het in behandeling nemen van verzoeken om ontheffing van coronamaatregelen als bedoeld in artikel 58e lid 2 van de Wet publieke gezondheid

Gemeente Zoetermeer · geldt sinds 26 februari 2021

Aanhef

De burgemeester is op grond van de Wet publieke gezondheid bevoegd om – met het oog op bijzondere omstandigheden – ontheffing te verlenen van bepaalde coronamaatregelen. Alvorens de burgemeester een dergelijke beslissing neemt dient hij de gemeentelijke gezondheidsdienst om advies te vragen. Tevens kan een dergelijke ontheffing alleen worden verleend wanneer de bestrijding van de epidemie zich hier niet tegen verzet.

De ontheffing is enkel bedoeld voor uitzonderlijke situaties met betrekking tot groepsvorming, openstelling van publieke plaatsen en evenementen. Er kan geen ontheffing worden verleend van de ander-halve-metermaatregel. Tevens wordt geen algemene ontheffing verleend waarbij geen sprake is van een bijzondere situatie, zoals het voortzetten of hervatten van reguliere bedrijfsactiviteiten.

Hoewel de Legesverordening niet specifiek voorziet in de heffing van leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een ontheffing van coronamaatregelen, lijkt de vangnetbepaling in te houden dat leges in rekening moeten worden gebracht. Het college van burgemeester en wethouders heeft echter besloten om, met gebruikmaking van de hardheidsclausule uit de Algemene wet inzake rijksbelastingen, geen leges te heffen voor het in behandeling nemen van dergelijke verzoeken.

Het college van burgemeester en wethouders besluit:

Tekst

1Geen leges te heffen voor het in behandeling nemen van een verzoek om ontheffing van coronamaatregelen zoals bedoeld in artikel 58e lid 2 van de Wet publieke gezondheid.

2Geen participatie toe te passen op grond van artikel 2 lid 6 sub b van de Samenspraakverordening omdat dit besluit betrekking heeft op de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en gemeentelijke belastingen.

3Dit besluit in werking te laten treden de dag na bekendmaking ervan.

4De gemeenteraad in kennis te stellen door middel van een memo.

Toelichting

Voor belanghebbenden die zich niet kunnen verenigen met dit besluit, bestaat, op grond van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), de mogelijkheid om binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit een gemotiveerd bezwaar in te dienen bij het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer (postbus 15, 2700 AA Zoetermeer). Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van dit besluit niet. Hiertoe kunt u op grond van het bepaalde in artikel 8:81 Awb een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening indienen bij de voorzieningenrechter van de Rechtbank ’s-Gravenhage (sector bestuursrecht, postbus 20302, 2500 EH Den Haag). Volledigheidshalve wijzen wij u er op dat daarvoor vereist is dat u een bezwaarschrift tegen het besluit hebt ingediend en dat u een spoedeisend belang hebt bij het treffen van die voorziening.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.