Gemeentelijke regelgeving

Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2026

Gemeente Zeist · geldt sinds 25 december 2025

Aanhef

De raad van de gemeente Zeist;

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 11 november 2025;

gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer;

besluit:

vast te stellen de:

Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2026

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt onder ‘gebruik maken’ verstaan: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer.

Artikel 2 Aard van de belasting en belastbaar feit

1Onder de naam 'afvalstoffenheffing' wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer;

2De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.

Artikel 3. Voorwerp van de belasting

1Voorwerp van de belasting is een perceel.

2Als perceel wordt aangemerkt:

a.de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, onder a, c, d en f, van de Wet waardering onroerende zaken;

b.de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is;

c.een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;

d.een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren.

e.het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenstel.

Artikel 4 Belastingplicht

De belasting wordt geheven van degene die al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel.

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief

1De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel;

2Voor de bepaling van het aantal personen dat gebruik maakt van een perceel wordt uitgegaan van de situatie op het tijdstip van het ontstaan van de belastingschuld.

3Onverminderd het bepaalde onder 1. en 2. bedraagt de belasting voor het op aanvraag inzamelen van grof huishoudelijke afvalstoffen per aanvraag € 20,00.

Artikel 6 Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 7 Wijze van heffing

De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

1De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht;

2Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven;

3Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven;

4Indien het aantal personen dat gebruik maakt van een perceel in de loop van het jaar wijziging ondergaat, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar na de wijziging nog volle kalendermaanden overblijven en bestaat uit het verschil, in het tarief over die periode, tussen de eerder vastgestelde belastingschuld en de belastingschuld na wijziging;

5Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in gebruik neemt;

6Belastingbedragen van minder dan € 10,00 worden niet geheven. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen afvalstoffenheffing of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag.

Artikel 9 Termijnen van betaling

1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later.

2In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in maximaal tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

3De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het 1e en 2e lid gestelde termijnen.

Artikel 10 Overgangsrecht

De ‘Verordening afvalstoffenheffing 2025’ vastgesteld bij raadsbesluit van 12 november 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 11, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 11 Inwerkingtreding

1Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

2De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

Artikel 12 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening afvalstoffenheffing 2026’.

Gemeente Zeist Tarieventabel behorende bij de verordening afvalstoffenheffing 2026

Maatstaven en tarieven afvalstoffenheffing

1.

De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar:

€

1.1.

Bij gebruik daarvan door 1 persoon

336,00

1.2.

Bij gebruik daarvan door 2 personen

389,40

1.3.

Bij gebruik daarvan door meer dan 2 personen,

maar niet meer dan 10 personen

492,60

1.4.

Bij gebruik daarvan door meer dan 10 personen,

maar niet meer dan 25 personen

1.515,00

1.5.

Bij gebruik daarvan door meer dan 25 personen,

maar niet meer dan 50 personen

3.799,80

1.6.

Bij gebruik daarvan door meer dan 50 personen

15.450,60

2.

De belasting als bedoeld in onderdeel 1 wordt vermeerderd voor het op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht later aanvangt, bij aanvang van de belastingplicht, in bruikleen hebben van meer minicontainers dan de twee van gemeentewege aan het perceel verstrekte minicontainers:

2.1.

voor elke tweede en volgende grijze minicontainer

103,80

3

omwisselen van een containerpakket door nieuwe bewoners: eenmalig gratis binnen maximaal één jaar na verhuizing

3.1

omwisselen van een container voor gft, papier of pmd van 140 naar 240 liter: eenmalig gratis, daarna

35,00

3.2

omwisselen van een container voor restafval van 240 naar 140 liter: eenmalig gratis, daarna

35,00

3.3

omwisselen van container bij schade veroorzaakt door RMN:

0,00

3.3.a

alle andere containerwisselingen: per container

35,00

3.4

leveren extra container (indien toegestaan): per container

35,00

4

Aanvragen milieupas

4.1.

Aanvragen van nieuwe pas voor containers, per aanvraag

12,50

Behoort bij raadsbesluit van 16 december 2025

de griffier,

drs. E.M.H. Lemaier

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.