Aanhef
De raad van de gemeente Zeewolde,
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 14 november 2023;
gehoord de oordeelsvormende avond d.d. 7 december 2023;
gelet op artikel 17.9 Omgevingswet;
Besluit
vast te stellen de verordening op de gemeentelijke adviescommissie Ruimtelijke kwaliteit gemeente Zeewolde 2023
Artikel 1. Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
a.commissie : gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in artikel 17.9 van de wet, genaamd adviescommissie ruimtelijke kwaliteit Zeewolde 2023;
b.goede omgevingskwaliteit: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.3 van de wet;
c.wet : de Omgevingswet.
Artikel 2. Taak
1De commissie heeft als taak de raad en burgemeester en wethouders te adviseren bij de uitoefening van hun taken en bevoegdheden op grond van de wet met het oog op het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit en al hetgeen daarmee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn.
Artikel 3. Werkzaamheden
1Verplichte advisering
1de commissie adviseert over een aanvraag om of een ontwerpbesluit voor een omgevingsvergunning voor:
1een omgevingsplanactiviteit in geval de commissie in het omgevingsplan als adviseur is aangewezen;
2Een omgevingsplanactiviteit waarvoor in de welstandsnota criteria zijn opgenomen, tenzij deze activiteit voldoet aan loketcriteria uit de welstandsnota.
2Verplichte advisering kan achterwege blijven als de mening van de commissie als bekend kan worden verondersteld.
2Facultatieve advisering
a.de commissie adviseert op verzoek van burgemeester en wethouders over een buitenplanse omgevingsplanactiviteit;
b.de commissie adviseert op verzoek van burgemeester en wethouders over het geven van overige beschikkingen die een eis of afwegingskader bevatten ten aanzien van de omgevingskwaliteit;
c.de commissie adviseert op verzoek van burgemeester en wethouders over het ontwikkelen van beleid inclusief omgevingsvisie, omgevingsplan en maatwerkregels voor de omgevingskwaliteit;
d.de commissie adviseert op verzoek van burgemeester en wethouders over andere ruimtelijke kwaliteitsvraagstukken waar dat naar het oordeel van burgemeester en wethouders wenselijk is;
Artikel 4. Samenstelling
1De commissie bestaat uit minimaal 3 en maximaal 5 leden, de voorzitter daaronder begrepen. Het college kan daarnaast maximaal 2 plaatsvervangers benoemen die hen bij afwezigheid kunnen vervangen.
2De leden en de plaatsvervangers worden benoemd op persoonlijke titel op grond van de professionele deskundigheid die nodig is voor de advisering, alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring.
3De disciplines die de leden in gezamenlijkheid vertegenwoordigen zijn: bouw- en architectuurhistorie, landschap, stedenbouw en architectuur (na het van kracht worden van erfgoedbeleid en een erfgoedverordening tevens de discipline erfgoed)
4De leden en de plaatsvervangers zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur.
Artikel 5. Benoeming
1De leden en de plaatsvervangers worden door het college van burgemeester en wethouders benoemd.
2De leden en de plaatsvervangers kunnen voor een termijn van ten hoogste 3 jaar worden benoemd.
3Herbenoeming van leden kan eenmaal voor ten hoogste 3 jaar plaatsvinden. Dit is niet van toepassing op de plaatsvervangers.
4Afgetreden leden zijn 3 jaar na hun aftreden weer benoembaar.
5De voorzitter wordt in functie benoemd.
6De leden worden op eigen aanvraag ontslagen. Zij kunnen voorts door burgemeester en wethouders worden geschorst en worden ontslagen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden.
Artikel 6. Ondersteuning van de commissie
1De commissie heeft een ambtelijk secretaris.
2De secretaris is voor zijn werkzaamheden voor de commissie uitsluitend verantwoording schuldig aan de commissie.
3De secretaris kan worden ondersteund door andere ambtelijke medewerkers, die voor hun werkzaamheden voor de commissie uitsluitend verantwoording schuldig zijn aan de secretaris.
4De secretaris noch de medewerkers zijn lid van de commissie.
Artikel 7. Adviestermijn
1Burgemeester en wethouders kunnen aangeven binnen welke termijn een advies wordt verwacht.
2In geval burgemeester en wethouders geen termijn hebben gesteld brengt de commissie advies uit binnen een termijn van vier weken.
Artikel 8. Beraadslaging en standpuntbepaling
1De vergaderingen waarin een of meer adviezen over aanvragen om omgevingsvergunning door of namens de commissie worden vastgesteld zijn openbaar. De agenda voor de vergadering van de commissie wordt tijdig op een geschikte wijze bekendgemaakt. Indien burgemeester en wethouders – al dan niet op verzoek van de aanvrager – een verzoek doen tot niet-openbare behandeling, dan dienen burgemeester en wethouders daaraan klemmende redenen ten grondslag te leggen. De openbaarheid geldt zowel voor de beraadslagingen, de beoordeling als de adviezen.
2Belanghebbenden hebben in toelichtende zin spreekrecht in door de commissie gehouden openbare vergaderingen. Tijdens de beraadslagingen is er geen spreekrecht.
3Over de uit te brengen adviezen wordt niet besloten dan in aanwezigheid van ten minste 2 leden.
4Leden die als opdrachtgever, ontwerper of anderszins betrokken zijn bij de uitvoering van een activiteit waarvoor een aanvraag is gedaan waarover de commissie adviseert, onthouden zich van medewerking aan het desbetreffende advies en zijn tijdens de behandeling van en de besluitvorming over het advies niet in de vergadering aanwezig.
5De geheimhoudingsplicht als bedoeld in artikel 2:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de commissie en de daarvoor werkzame personen.
Artikel 9. Afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissie
De commissie kan onverminderd het bepaalde in artikel 17.9, eerste lid, van de wet de advisering over een aanvraag om een omgevingsvergunning overlaten aan een of meer daartoe aangewezen leden.
Artikel 10. Adviseurs
1De commissie kan zich voor het inwinnen van inlichtingen wenden tot daartoe door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.
2De commissie kan zich doen bijstaan door andere personen, voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is.
3De in het eerste en tweede lid bedoelde personen kunnen op uitnodiging van de commissie als adviseur deelnemen aan de beraadslagingen.
Artikel 11. Verwerking van het advies
1In geval burgemeester en wethouders een beschikking geven in afwijking van het door de commissie uitgebrachte advies verzenden zij een afschrift van die beschikking aan de commissie.
Artikel 12. Reglement van orde
1De commissie stelt haar werkwijze binnen de kaders van deze verordening nader vast in een reglement van orde;
2In het reglement van orde komt ten minste aan de orde;
a.de wijze waarop de agenda openbaar wordt gemaakt en belanghebbenden worden uitgenodigd;
b.het vereiste quorum voor een besluitvormende vergadering, de vergaderorde en orde van de beraadslaging, waarbij er een onderscheid wordt aangebracht tussen de toelichtende fase waarin het spreekrecht wordt uitgeoefend en de beraadslagingen;
c.de notulering en dossiervorming;
d.de wijze waarop de adviezen openbaar worden gemaakt;
e.de werkwijze bij afdoening onder verantwoordelijkheid van de commissie als bedoeld in artikel 9;
f.de selectie en voordracht van kandidaat-leden.
3Burgemeester en wethouders dragen zorg voor bekendmaking van het door de commissie vastgestelde reglement van orde in het gemeenteblad.
Artikel 13. Relatie met andere adviseurs
Bij het aanstellen van een supervisor, een kwaliteitsteam of een andere adviseur op het gebied van de omgevingskwaliteit, niet zijnde een lid of een adviseur van de commissie dragen burgemeester en wethouders zorg voor een goede afstemming tussen de werkzaamheden van deze adviseur en de commissie.
Artikel 14. Vergoeding
De leden ontvangen een uurvergoeding van een jaarlijks door het college van burgemeester en wethouders vast te stellen uurtarief.
Artikel 15. Jaarverslag
1De commissie brengt jaarlijks voor 1 april verslag als bedoeld in artikel 17.9, zesde lid, van de wet uit van haar werkzaamheden in het voorafgaande kalenderjaar.
2In het jaarverslag komt ten minste aan de orde:
a.de wijze waarop toepassing is gegeven aan de kaders als bedoeld in artikel 17.9, derde lid, van de wet;
b.de wijze waarop uitwerking is gegeven aan de openbaarheid van vergaderen.
Artikel 16. Overgangsrecht
1Als voor de inwerkingtreding van de wet een aanvraag om een besluit is ingediend, blijft het oude recht, met betrekking tot de commissies op het gebied van welstand en monumentenzorg van kracht, met dien verstande dat de commissie ruimtelijke kwaliteit Zeewolde 2023 wordt geacht de in artikel 8 van de Woningwet bedoelde commissie te zijn.
Artikel 17. Vervallen [en intrekking] oude regeling
1De regels met betrekking tot de commissie in de artikelen 9.1 t/m 9.9 en bijlage 9 van de Bouwverordening 2018 vervallen.
Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel
1Deze verordening treedt tegelijk met de Wet van 23 maart 2016, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingswet) in werking.
2Deze verordening wordt aangehaald als Verordening op de gemeentelijke adviescommissie ruimtelijke kwaliteit Zeewolde 2023