Aanhef
Beheersverordening dierenbegraafplaats Zandvoort 2014
HOOFDSTUK 1: INLEIDENDE BEPALINGEN
Artikel 1. Begripsomschrijvingen:
Deze verordening verstaat onder:
a.dierenbegraafplaats: afgesloten deel op de algemene begraafplaats van de gemeente Zandvoort aan de Tollensstraat 67;
b.college: burgemeester en wethouders van Zandvoort;
c.dierengraf: een graf, waarvoor aan een rechthebbende recht is verleend tot:
· het doen begraven en begraven houden van stoffelijke resten van huisdieren.
· het doen bijzetten en bijgezet houden van een asbus met hierin de stoffelijke resten van een huisdier met of zonder urn;
d.algemeen dierengraf: een graf bij de gemeente in beheer, waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van huisdieren;
e.urn: een voorwerp ter berging van één asbus;
f.asbus: een bus ter berging van as van een huisdier;
g.grafbedekking: gedenkteken en/of grafbeplanting op een dierengraf;
h.beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de dierenbegraafplaats of degene die hem vervangt;
i.rechthebbende: rechthebbende op een dierengraf.
Artikel 2. Uitbreiding begrippen particulier en algemeen dierengraf
1Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang, onder "dierengraf" verstaan: particulier huurgraf voor huisdieren.
2Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang, onder "algemeen graf" verstaan: algemeen graf voor kleinere huisdieren.
HOOFDSTUK 2: OPENSTELLING, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATS
Artikel 3. Openstelling begraafplaats
1De dierenbegraafplaats is voor een ieder dagelijks toegankelijk gedurende door het college nadere regels vast te stellen tijden. Het college maakt deze tijden openbaar bekend.
2Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaats kunnen de toegangen tijdelijk worden gesloten.
3Het is verboden gedurende de tijd dat de begraafplaats niet voor het publiek geopend is, zich daarop te bevinden anders dan voor het bijwonen van een rouwbezoek, begrafenis of de bezorging van as.
Artikel 4. Ordemaatregelen
1Bezoekers en personen die werkzaamheden op de begraafplaats hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder.
2De beheerder kan personen die zich niet aan de in het eerste lid bedoelde aanwijzing houden van de begraafplaats te verwijderen of laten verwijderen.
Artikel 5. Onthullingen en plechtigheden
Onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaats moeten zes dagen van tevoren worden gemeld aan de beheerder onder opgave van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaatsvinden.
Artikel 6. Opgravingen en ruimen
1De overblijfselen van dieren en omhulsel in de graven kunnen na verloop van vijf jaren na de begraving door de gemeente worden geruimd indien:
· de huur niet verlengd wordt,
· de rechthebbende tussentijds afstand van het graf doet.
2Deze overblijfselen worden in een afgesloten gedeelte op de dierenbegraafplaats begraven, tenzij de rechthebbende op een grafruimte die overblijfselen op zijn kosten opnieuw in dezelfde dan wel in een andere dierengraf, zulks ter beoordeling van college wil doen begraven.
3Het opgraven van stoffelijke dierenresten en het ruimen van graven is slechts toegestaan indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met deze werkzaamheden vanuit de gemeente zijn belast.
HOOFDSTUK 3: VOORSCHRIFTEN VOOR BEZORGING STOFFELIJKE RESTEN VAN DIEREN
Artikel 7. Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het graf
1Degene die een dier wil doen begraven of as wil doen bijzetten geeft daarvan uiterlijk op de werkdag waarop de begraving of bijzetting zal plaatsvinden, mondeling of schriftelijk kennis aan de beheerder. De zaterdag en zondag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag.
2Het openen van een dierengraf ter begraving of voor het bezorgen van as, het daarna sluiten van een graf, mag uitsluitend geschieden door het personeel van de begraafplaats.
De rechthebbenden kunnen deze werkzaamheden onder toezicht van de beheerder geheel of gedeeltelijk zelf verrichten indien zij hun wens daartoe mondeling of schriftelijk aan de beheerder hebben kenbaar gemaakt. Zij dienen bij deze werkzaamheden de aanwijzingen van de beheerder op te volgen.
Artikel 8. Tijden van begraven en asbezorging
1Begraven of asbezorging van personen als bedoeld in de Wet op Lijkbezorging gaat te allen tijde voor op die van het begraven van huisdieren.
2De tijd van begraven en het bezorgen van as voor dieren is, gelet op het gestelde in lid 1:
· op werkdagen van 09.00 tot 15.00 uur;
· op zaterdag van 09.00 tot 14.00 uur.
3Op hetzelfde tijdstip mag slechts één dierenbegrafenis of bijzetting plaatsvinden.
HOOFDSTUK 4: INDELING EN UITGIFTE DER GRAVEN
Artikel 9. Indeling graven en asbezorging
Op de algemene dierenbegraafplaats kunnen worden uitgegeven:
1particulieren huurgraven voor huisdieren:
graven, uitgegeven voor de tijd van ten hoogste 5 jaar, bestemd voor het begraven van ten hoogste 2 huisdieren dan wel het plaatsen van 2 asbussen met of zonder urn.
2algemene graven voor huisdieren:
grafruimte waarin gelegenheid wordt gegeven om 1 huisdier te begraven voor de tijd van 1 jaar.
Artikel 10. Volgorde van uitgifte
De huurgraven worden slechts voor directe begraving en in volgorde van ligging
uitgegeven.
Artikel 11. Categorieën
Het college kan bij nader vast te stellen regels de algemene en de huurgraven onderverdelen in categorieën. Zij bepalen voor de verschillende categorieën de situering en de oppervlakte.
Artikel 12. Termijnen huurgraven
1Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de dierenbegraafplaats zulks toelaat, dat:
o de huurgraven voor huisdieren worden uitgegeven voor de tijd van ten hoogste vijf jaar;
o de termijn begint te lopen op de datum waarop het huurgraf is uitgegeven.
2Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op verzoek van de rechthebbende verlengd, telkens met een termijn van vijf jaar, mits het verzoek schriftelijk één jaar vóór het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend.
3Het in dit artikel bedoelde recht kan niet langer gelden dan tot het tijdstip waarop het terrein feitelijk aan zijn bestemming als dierenbegraafplaats zal zijn onttrokken.
Artikel 13. Overschrijving van verleende rechten
Het recht op een huurgraf kan op schriftelijk verzoek van de rechthebbende worden overgeschreven.
Artikel 14. Afstand doen van graven
Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen van het recht op het huurgraf ten behoeve van de dierenbegraafplaats en het graf komt hiermee in gemeente beheer. Van de ontvangst van een dergelijke verklaring doet het college een schriftelijk mededeling aan de rechthebbende.
HOOFDSTUK 5: GRAFBEDEKKINGEN
Artikel 15. Voorwaarden grafbedekking
1Voor het hebben van een grafbedekking is geen schriftelijke vergunning nodig van het college.
2Nadere regels omtrent de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen zijn omschreven in de "uitvoeringsvoorschriften grafbedekkingen dierenbegraafplaats Zandvoort 2014";
3Toestemming tot het plaatsen van een grafbedekking wordt gegeven door de beheerder begraafplaats en/of zijn vervanger in naam van het college;
4Indien de plaatsing van de grafbedekking niet overeenkomstig de "uitvoeringsvoorschriften grafbedekking dierenbegraafplaats 2014" geschiedt, kan het college de plaatsing van de grafbedekking weigeren.
Artikel 16. Grafbeplanting
Grafbeplanting en losse memorabilia op een graf die in een verwaarloosde staat verkeren kunnen door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op schadevergoeding.
Artikel 17. Verwijdering grafbedekking na verstrijken van de termijn
1De grafbedekking kan na het verstrijken van de termijn van uitgifte van het graf door het college worden verwijderd.
2Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking maakt het college ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd per brief aan de rechthebbende of, wanneer het een algemeen graf betreft, aan de belanghebbende bekend. Wanneer het adres van de rechthebbende of belanghebbende niet bekend is, maakt het college het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd door middel van een bij het graf te plaatsen bordje en bij de ingang van de begraafplaats bekend.
3Indien de grafbedekking niet binnen dertien weken na de verwijdering is afgehaald, vervalt deze aan de gemeente, zonder dat de gemeente tot enige vergoeding verplicht is.
Artikel 18. Onderhoud door de rechthebbende
1De rechthebbende of de gebruiker is verplicht het graf en de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen.
2Indien de rechthebbende of de gebruiker nalaat het graf en de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. Het verwijderde blijft gedurende dertien weken ter beschikking van de rechthebbende of de gebruiker en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht is.
3Het college is niet aansprakelijk voor de gevolgen van beschadiging, ontvreemding of het wegraken, door welke oorzaak dan ook, van voorwerpen of beplantingen, welke op of bij de graven zijn aangebracht.
Artikel 19. Wegnemen van gedenktekens e.d. van graven
De rechthebbende op een huurgraf of degene aan wie vergunning dan wel toestemming is verleend tot het plaatsen van een gedenkteken, is verplicht te gedogen, dat de daarop bevindende opstal(len) vanwege de werkzaamheden door het personeel van de gemeente, op haar kosten geheel of gedeeltelijk wordt (worden) weggenomen of verplaatst, voor zolang dit in verband met begraven van huisdieren in de nabijheid of om andere redenen noodzakelijk is.
Artikel 20. Onderhoud door de gemeente
Het college heft een onderhoudsbijdrage van algemene aard en voorziet in het één maal per jaar schoonmaken van het gedenkteken de dekplaat of urnen voor de urnennissen en het na verzakking opnieuw stellen van het gedenkteken.
HOOFDSTUK 6: RUIMING VAN GRAVEN en URNEN
Artikel 21. Ruiming, bezorging van overblijfselen en as.
1Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt gedurende ten minste drie maanden voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden op een bij het te ruimen graf te plaatsen bord ter kennis van de rechthebbenden gebracht.
2De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van stoffelijke overschotten worden begraven en de as wordt verstrooid op een van de daartoe bestemde afgesloten gedeelten van de dierenbegraafplaats.
3Rechthebbenden op een huurgraf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn de beheerder schriftelijk verzoeken bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraven elders op de dierenbegraafplaats.
HOOFDSTUK 7: INRICHTING REGISTER
Artikel 22. Voorschriften
Door de beheerder van de dierenbegraafplaats wordt een register bijgehouden waarin is vastgelegd waar de dierlijke stoffelijkeresten begraven zijn.
HOOFDSTUK 8: SLOTBEPALINGEN
Artikel 23. Inwerkingtreding en citeertitel.
1De “Verordening Beheersverordening dierenbegraafplaats van Zandvoort 2007” vastgesteld bij raadsbesluit van 3 oktober 2006 wordt ingetrokken met ingang van de in het tweede lid genoemde datum
2Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2014;
3Deze verordening wordt aangehaald als “Beheersverordening dierenbegraafplaats Zandvoort 2014”.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 29 oktober 2013,
de Griffier, de Voorzitter,