Aanhef
De raad van de gemeente Z a l t b o m m e l ;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2025;
gelet op artikel 229, lid 1a, van de Gemeentewet;
b e s l u i t :
vast te stellen de volgende verordening:
VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN MARKTGELDEN 2026
Artikel 1 Aard van de heffing
1In de gemeente wordt onder de naam van "Marktgeld" een recht geheven voor het gebruik van openbare grond op het marktterrein, gedurende de tijd, voor de markt bestemd.
2Onder marktterrein wordt voor de toepassing van deze verordening verstaan: alle openbare plaatsen, welke door burgemeester en wethouders tot marktplaats of tot het opslaan van kramen e.d. worden aangewezen.
Artikel 2 Belastingplicht
Belastingplichtig is degene, die van de openbare grond van de gemeente, bedoeld in artikel 1, gebruik maakt.
Artikel 3 Grondslagen en tarieven
Het marktgeld, bedoeld in artikel 1, bedraagt per marktdag voor het plaatsen van tenten, kramen en andere soortgelijke inrichtingen en voor los op de grond uitgestalde goederen e.d.
a.voor de zaterdagmarkt: € 2,85 per strekkende meter plaatsruimte of gedeelte daarvan, met een minimum van € 11,40.
b.voor de markt op overige dagen: € 2,05 per strekkende meter plaatsruimte of gedeelte daarvan, met een minimum van € 8,20.
Artikel 4 Wijze van heffing
Het marktgeld wordt geheven door middel van een gedagtekende nota of andere schriftuur, waarop het verschuldigde bedrag wordt vermeld. Burgemeester en wethouders stellen het model van de nota of andere schriftuur vast.
Artikel 5 Tijdstip van betaling
Het marktgeld dient binnen zes weken na dagtekening van de nota of andere schriftuur te worden betaald.
Artikel 6 Kwijtschelding
Bij de invordering van de rechten wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 7 Overgangsbepaling
De ‘Verordening marktgelden 2025’, vastgesteld bij raadsbesluit van 12 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 8, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Artikel 8 Inwerkingtreding
1Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
2De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
Artikel 9 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening marktgelden 2026’.