Gemeentelijke regelgeving

Aanwijzingsbesluit heffings- en invorderingsambtenaar

Gemeente Zaanstad · geldt sinds 26 juli 2019

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zaanstad,

gelet op artikel 2.1 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling sector gemeenten, artikel 231 tweede lid, onderdeel b en c van de Gemeentewet en artikel 1, tweede lid van de Wet waardering onroerende zaken;

besluit

vast te stellen het volgende besluit:

Artikel 1

Het Afdelingshoofd Belastingen is gemeenteambtenaar belast met de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen, als bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b en c, van de Gemeentewet en artikel 1, tweede lid, Wet waardering onroerende zaken (heffings- en invorderingsambtenaar).

En als diens plaatsvervanger: het Sectorhoofd Externe Dienstverlening.

Artikel 2

Het Aanwijzingsbesluit gemeenteambtenaar van 5 december 2017 wordt ingetrokken.

Artikel 3

De functionarissen die op grond van dit besluit zijn aangewezen als heffings- en invorderingsambtenaar treden in de plaats van de functionaris die als zodanig vóór de inwerkingtreding van dit besluit bevoegd was.

Artikel 4

Dit besluit treedt met terugwerkende kracht in werking op 1 februari 2019.

Artikel 5

Dit besluit wordt aangehaald als ‘Aanwijzingsbesluit heffings- en invorderingsambtenaar’.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van

16juli 2019

drs. J. Hamming, burgemeester

drs.F.H.M. Apeldoorn, gemeentesecretaris

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.