Aanhef
De Wormerlandse aanpak voor samenwerking
Voorwoord
In Wormerland vinden we het van groot belang dat de stem van iedere inwoner gehoord wordt bij de ontwikkeling van projecten die invloed hebben op onze leefomgeving. Of het nu gaat om woningbouw, infrastructuur of andere initiatieven, participatie is een essentieel onderdeel van het proces. Het zorgt ervoor dat de belangen en zorgen van onze inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden meegenomen worden in de besluitvorming.
We geloven dat door goede communicatie en samenwerking, we projecten kunnen realiseren die een positieve impact hebben op onze omgeving en we kwalitatief betere besluiten kunnen nemen. Dit beleid biedt zowel richting als ruimte voor initiatieven die aansluiten bij de behoeften van de gemeenschap en de toekomst van onze gemeente.
Ik ben trots op de manier waarop we de participatie in onze gemeente vormgeven en kijk uit naar de gezamenlijke inspanningen van alle betrokkenen.
Rick Ossendorp
7. Procesbegeleiding voor initiatiefnemers: samenwerken binnen de Omgevingswet
7.2. Stappenplan initiatiefnemers
7.2.1. Participatie QuickScan
Deze stap helpt bij het inschatten van de impact van een initiatief of beleidsontwikkeling en het bepalen van de juiste schaal waarop participatie moet plaatsvinden. Dat gebeurt door het uitvoeren van een participatie- QuickScan:
In de participatie-QuickScan van het initiatief of beleidsontwikkeling dienen de volgende factoren te worden geanalyseerd bij het maken van de inschatting:
•Termijn: Is het een initiatief of beleidsontwikkeling die gedurende korte of lange termijn invloed heeft op de omgeving?
•Aard: Is er sprake van een concrete of meer algemene/abstracte verandering in de fysieke leefomgeving?
•Gevolgen voor fysieke- of maatschappelijke leefomgeving: Wat is de schaal, hinder en impact op leefbaarheid van het initiatief of de beleidsontwikkeling?
•Reikwijdte: Wie worden beïnvloed door het project? De buurt/ wijk / gemeente /regionaal?
•Mate van maatschappelijke/politieke aandacht: Is het project maatschappelijk en/of politiek gevoelig? Kan er vergrote aandacht ontstaan bij de uitvoering van het participatietraject of het initiatief en/ of beleidsontwikkeling.
Hieronder geven wij de verdere handvatten voor het uitvoeren en beantwoorden van de vragen in deze Participatie-QuickScan:
Impactbarometer Impact is een veelzijdig begrip. Bij het inschatten van de impact van een initiatief of beleidsontwikkeling worden een vijftal impactfactoren meegewogen. In tabel 1 worden deze impactfactoren in de impactbarometer weergeven:
Impactfactor
Geen (0)
Weinig (1)
Redelijk (2)
Groot (3)
Algemeen Belang
Heeft het invloed op de samenleving als geheel?
Maatschappelijke aandacht
Verwacht je aandacht in politiek, pers of sociale media?
Hinder initiatief
Geeft de beleidsontwikkeling/het initiatief hinder voor de omgeving, na realisatie?
Veiligheid
Heeft het een effect op de veiligheid van de omgeving?
Belang input omgeving
Is de input (van kennis) vanuit de omgeving belangrijk voor de realisatie van het initiatief/de beleidsontwikkeling?
Door de verschillende meters in de impactbarometer in vullen, ontstaat er een algemeen beeld van de aard en omvang van het initiatief of de beleidsontwikkeling. De wijze om tot dit beeld te komen is als volgt:
1Vul voor elke factor een cijfer voor het initiatief/beleidsontwikkeling dat van toepassing is.
2Tel de gegeven cijfers bij elkaar op
3Deel het geheel door 5.
4De uitkomst geeft een indicatie van de impact.
Vaststellen participatieschaal Op basis van de impactbarometer kan een indicatie worden gemaakt in welk impactniveau een initiatief of beleidsontwikkeling valt en wat voor participatie hierbij hoort (zie tabel 2). Hierbij refereert de uiterst linker kolommen de score die voortkomt uit de impactbarometer (zie tabel 1).
Score
Impactniveau
Participatie
2,1 – 3
Niveau 3 – Grote impact op de omgeving
Intensieve participatie
1,1 – 2
Niveau 2 – Gemiddelde impact op de omgeving
Gemiddelde participatie
0,1 – 1
Niveau 1 – Beperkte impact op de omgeving
Beperkte participatie
0
Niveau 0 – Geen impact op de omgeving
Geen participatie
Intensieve participatie Intensieve participatie betekent dat inwoners, belanghebbenden en andere betrokken partijen diepgaand worden betrokken bij het proces van besluitvorming en beleidsontwikkeling. Dit gaat verder dan alleen informeren of raadplegen; het draait om samenwerken en actieve communicatie.
Bij projecten met een grote maatschappelijke impact (zoals de aanleg van een windmolenpark, een herstructurering van een wijk of de ontwikkeling van een groot infrastructureel project) is intensieve participatie vaak noodzakelijk. Dit komt omdat deze projecten invloed hebben op veel mensen en de leefomgeving ingrijpend kunnen veranderen.
Kenmerken van intensieve participatie:
1Vroege betrokkenheid
Inwoners en belanghebbenden worden al in een vroeg stadium bij het proces betrokken, zodat ze echt invloed kunnen uitoefenen op het eindresultaat en worden meegenomen in het gehele proces.
2Interactieve werkwijzen
Denk aan werkgroepen, co-creatiesessies, burgerpanels, ontwerpateliers en dialoogbijeenkomsten waarbij inwoners niet alleen ideeën aandragen, maar ook helpen bij het uitwerken van plannen.
3Gedeelde verantwoordelijkheid
De gemeente of projectontwikkelaar werkt actief samen met belanghebbenden en neemt hun input serieus mee in de besluitvorming.
4Doorlopende communicatie
Er is regelmatig overleg en er wordt transparant gecommuniceerd over de voortgang van het project. Feedback wordt niet alleen verzameld, maar ook teruggekoppeld.
5Vertrouwen creëren
Doordat mensen écht invloed hebben, merken dat hun inbreng wordt meegenomen en er goed verwachtingsmanagement is, ontstaat er meer begrip voor de uiteindelijke besluiten.
Wanneer is intensieve participatie nodig?
•Als een project grote impact heeft op de leefomgeving.
•Als er veel verschillende belanghebbenden zijn.
•Als samenwerking cruciaal is voor succes.
•Als er controverses of tegenstrijdige belangen spelen.
Gemiddelde participatie Gemiddelde participatie bevindt zich tussen intensieve participatie en lichte participatie in. Dit betekent dat belanghebbenden en inwoners wel worden betrokken, maar niet in dezelfde mate als bij intensieve participatie. Hun invloed op het eindresultaat is beperkt, maar ze krijgen wel de kans om hun mening te geven en feedback te leveren.
Kenmerken van gemiddelde participatie
1Inwoners worden geraadpleegd
De gemeente of organisatie vraagt actief om de mening van inwoners en belanghebbenden, bijvoorbeeld via enquêtes, bewonersavonden of consultaties.
2Beperkte invloed op besluitvorming
De input wordt meegenomen, maar de uiteindelijke beslissingen liggen nog grotendeels bij de overheid, het college of projectontwikkelaars.
3Enkele interactieve elementen
Er kunnen interactieve momenten zijn, zoals een inspraakavond of een klankbordgroep, maar er is geen diepgaande samenwerking of co-creatie.
4Duidelijke afbakening van de participatie
Het proces wordt vaak strak geregisseerd: er is een duidelijke vraag (bijvoorbeeld een keuze uit enkele opties) en de invloed van deelnemers is afgebakend tot bepaalde onderdelen.
5Terugkoppeling en uitleg
De gemeente of organisatie legt uit welke keuzes zijn gemaakt en hoe de input van inwoners daarin is meegenomen. Dit vergroot begrip en eigenaarschap.
Wanneer is gemiddelde participatie geschikt?
•Als een project wel impact heeft, maar de ruimte voor verandering beperkt is.
•Als inwoners mee mogen denken, maar niet per se mee hoeven beslissen.
•Als er behoefte is aan inspraak, zonder dat volledige co-creatie nodig is.
Beperkte participatie Beperkte participatie betekent dat inwoners en belanghebbenden slechts in beperkte mate worden betrokken bij een besluitvormingsproces. Dit niveau van participatie is vaak meer informerend dan interactief: inwoners worden op de hoogte gebracht van plannen, maar hebben weinig tot geen invloed op de uiteindelijke beslissingen.
Kenmerken van beperkte participatie
1Informatievoorziening staat centraal
De gemeente of organisatie deelt informatie over een project of besluit, bijvoorbeeld via een website, nieuwsbrief of informatieavond.
2Beperkte inspraakmogelijkheden
Inwoners kunnen soms hun mening geven, maar dit heeft vaak weinig invloed op de kern van het besluit. Inspraakmomenten zijn meestal formeel en vinden pas plaats in een later stadium.
3Geen of minimale invloed op besluitvorming
De belangrijkste keuzes zijn vaak al gemaakt voordat het publiek betrokken wordt. Inbreng van inwoners kan hooguit details beïnvloeden.
4Eenrichtingscommunicatie
De gemeente of organisatie communiceert naar inwoners, maar er is weinig ruimte voor dialoog of aanpassing van plannen.
5Snelle besluitvorming
Omdat er minder participatie is, kan het besluitvormingsproces sneller verlopen. Dit is soms nodig bij urgente of technische projecten.
Wanneer is beperkte participatie geschikt?
•Bij technische of wettelijke projecten waar weinig ruimte is voor alternatieven.
•Als snelheid en efficiëntie belangrijker zijn dan uitgebreide inspraak.
•Bij besluiten met weinig directe impact op inwoners.
Geen participatie Geen participatie betekent dat inwoners en belanghebbenden helemaal niet worden betrokken bij het besluitvormingsproces. De gemeente, overheid of een andere instantie neemt zelfstandig beslissingen zonder inspraak, overleg of communicatie met het publiek vooraf.
Kenmerken van geen participatie
1Beslissingen worden intern genomen
De overheid, het college of een organisatie bepaalt de plannen zonder inwoners of belanghebbenden te raadplegen.
2Geen inspraak of overleg
Er is geen mogelijkheid voor inwoners om hun mening te geven of invloed uit te oefenen op het besluit.
3Beperkte of geen communicatie vooraf
In sommige gevallen worden inwoners pas geïnformeerd nadat de beslissing al definitief is genomen, bijvoorbeeld via een persbericht of een officieel besluit in de gemeenteraad.
4Snelheid en efficiëntie boven inspraak
Omdat er geen participatie is, kan de besluitvorming sneller gaan. Dit wordt vaak gedaan bij technische, spoedeisende of interne beslissingen.
Wanneer is geen participatie geschikt?
•Bij wettelijke of technische besluiten waar geen ruimte is voor alternatieven.
•Bij interne organisatorische beslissingen zonder directe impact op inwoners.
•Bij noodsituaties waarin snelheid cruciaal is.