Aanhef
De raad van de gemeente Woensdrecht, in vergadering bijeen op 12 februari 2026
gelezen het voorstel van het presidium van 13 januari 2026
b e s l u i t de verordening op de opineraden vast te stellen.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
a.lid: raads- en burgerleden van de opinieraden;
b.voorzitter: voorzitter van een opinieraad of diens plaatsvervanger;
c.griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger;
d.opinieraad: een commissie zoals bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet;
e.besluitraad: een raadsvergadering (bijeenkomst) waarbij aansluitend aan de laatste opinieraad van een raadscyclus besluitvorming plaatsvindt zonder beraadslaging, over de als A-voorstel aangemerkte voorstellen en de voorstellen van de opinieraad over de afhandeling van ingekomen stukken;
f.fractiedeelnemers: raadsleden en burgerleden die namens een raadsfractie deelnemen;
g.agendacommissie: de commissie ingesteld op basis van artikel 4 van het Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad die de vergaderingen van de opinieraden en themaraden voorbereidt en de voorlopige agenda vaststelt;
h.startnotitie: een notitie, opgesteld door het college, waarin een verkenning is neergelegd van nieuwe, in een vroeg stadium te bediscussiëren onderwerpen die de gemeente, het gemeentebestuur en de burgers aangaan. De startnotitie bevat in ieder geval een beknopte probleemverkenning, mogelijke alternatieven met betrekking tot de oplossingsrichting en de vermelding van het belang voor de gemeente, het gemeentebestuur en de burgers;
i.ingekomen stukken: ingekomen stukken als bedoeld in artikel 23 van het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad;
j.A- voorstel: een voorstel dat door alle deelnemende fracties wordt aangemerkt zijnde een voorstel waar ze in de raad niet meer over wensen te debatteren en der halve in de besluitraad wordt vastgesteld.
k.B- voorstel: een voorstel dat door de opinieraad wordt geagendeerd voor de raadsvergadering.
l.wet: Gemeentewet.
Artikel 2 Instelling Opinieraden en doelstelling van de verschillende vergaderingen
1Er is een Opinieraad Ruimte, een Opinieraad Samenleving en een Opinieraad Bestuur. Bij het begin van een bestuursperiode bepaalt het presidium de bevoegdheden/onderwerpen van de verschillende opinieraden.
2Naast de opinieraden kunnen themabijeenkomsten worden georganiseerd.
Artikel 3 Taken opinieraad
De opinieraad:
a.behandelt en bespreekt de ingekomen stukken van de raad en brengt advies uit aan de raad over de afdoening ervan;
b.brengt advies uit aan de raad over die onderwerpen waarop haar werkzaamheden betrekking hebben;
c.kan advies uitbrengen aan de raad over andere onderwerpen dan bedoeld onder a en b;
d.voert overleg met het college of de burgemeester over in ieder geval de door hen verstrekte inlichtingen en het gevoerde bestuur.
Artikel 3a Doelstelling en werkwijze opinieraad
1In een opinieraad vindt door fractiedeelnemers beraadslaging plaats over voorstellen, ter voorbereiding op de behandeling in de raadsvergadering.
2Na de beraadslaging geven de fracties aan of het voorstel wat hen betreft een A-voorstel of een B-voorstel wordt.
3Bij wisseling van een agendapunt kunnen de fractiedeelnemers eenmaal wisselen.
4Voorstellen met betrekking tot de behandeling van de perspectievennota, programmabegroting, bestuursrapportage en jaarrekening worden slechts informatief behandeld. Deze voorstellen worden niet geagendeerd voor de besluitraad.
Artikel 3b Vragen opinieraden
1Technische en informatieve vragen dienen voorafgaand aan de vergadering te worden gesteld. Aanvullende vragen kunnen tijdens de vergadering worden gesteld.
2Technische, informatieve en andere vragen die op de woensdag voorafgaand aan de eerste opinieraad van een cyclus, voor 9 uur schriftelijk zijn ingediend, worden voor aanvang van de opinieraad digitaal verspreid.
3Vragen over ingekomen stukken dienen op de woensdag voorafgaand aan de eerste opinieraad van een cyclus, voor 9 uur schriftelijk te zijn ingediend. De beantwoording van deze vragen wordt voor aanvang van de opinieraad digitaal verspreid. Leden van de opinieraad kunnen tijdens de vergadering aanvullende vragen stellen op basis van de verkregen antwoorden.
4Vragen voor de vragenrondes in de Opinieraden dienen op de maandag voorafgaand aan de eerste opinieraad van een cyclus, voor 9 uur schriftelijk te zijn ingediend. De vraagsteller kan tijdens de vergadering aanvullende vragen stellen op basis van de verkregen antwoorden.
Artikel 3c Themabijeenkomsten
1Een themabijeenkomst is een openbare bijeenkomst met als doel verdieping aan te brengen op één of meerdere thema’s.
2Een ieder kan een verzoek doen aan de agendacommissie om een themabijeenkomst te organiseren. In het verzoek wordt in ieder geval ingegaan op:
a.de onderwerpen die aan bod komen;
b.het doel van de bijeenkomst;
c.die informatie die voorafgaand aan de bijeenkomst beschikbaar wordt gesteld;
d.de werkvorm voor de themabijeenkomst;
e.de rold van de raads- en burgerleden, het college en andere deelnemers.
3De agendacommissie kan het verzoek afwijzen.
4De agendacommissie kan besluiten dat een themabijeenkomst in beslotenheid plaatsvindt.
5De voorzitter van een themabijeenkomst is de voorzitter van de opinieraad waarbij de onderwerpen die worden behandeld overwegend functioneel thuis horen.
Artikel 4 Benoeming burgerleden en voorzitter
1Een opinieraad bestaat uit alle fracties uit de raad welke maximaal 3 leden uit hun fractie mogen afvaardigen, waarvan minimaal 1 raadslid.
2Iedere fractie mag beschikken over maximaal drie burgerleden, welke op voordracht van de fractie door de raad worden benoemd.
3De artikelen 10, 12, 11 en 13 van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op burgerleden.
4Alle leden van de raad en alle burgerleden worden benoemd als lid van iedere opinieraad.
5Alvorens aan hun werkzaamheden te beginnen leggen de burgerleden in handen van de voorzitter van de raad of van één van de opinieraden de eed of verklaring en belofte af (wet)
6De raad benoemt de voorzitters, voorzitters kunnen elkaar onderling vervangen. De raad kan een algemeen plaatsvervangend voorzitter benoemen.
7De voorzitter is geen deelnemer.
8De voorzitter is belast met:
a.het leiden van de bijeenkomst;
b.het uitnodigen van aanwezigen deel te nemen aan de beraadslaging;
c.het verlenen va het woord aan zij die deelnemen aan de beraadslaging;
d.het formuleren van nog openstaande vragen;
e.het vaststellen dat een toezegging is gedaan;
f.het formuleren van voorstellen aan de opinieraad over de afhandeling van een onderwerp of voorstel;
g.het handhaven van de orde. De voorzitter bewaakt de orde van de vergadering, maar ook de deelnemers dragen hun verantwoordelijkheid;
h.het doen naleven van deze regeling; in gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist de voorzitter.
Artikel 5 Zittingsperiode en ontslag burgerleden en voorzitters
1De zittingsperiode van een burgerlid of voorzitter eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad.
2Een burgerlid houdt op lid te zijn als niet meer voldaan wordt aan de in artikel 4, derde lid, gestelde eisen.
3Een voorzitter houdt op voorzitter te zijn indien deze geen lid van de raad meer is.
4De raad kan een burgerlid ontslaan op voorstel van de fractie die het lid voor benoeming heeft voorgedragen. De raad kan daarnaast besluiten een burgerlid te ontslaan wegens handelen in strijd met de gedragscode die is opgenomen in het integriteitsbeleid van de gemeente Woensdrecht.
5De raad kan een voorzitter van een opinieraad ontslaan.
6Een burgerlid en de voorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat in één maand na de schriftelijke mededeling of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.
7Als door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan.
8Het lidmaatschap van burgerleden, benoemd op voordracht van een fractie die niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt van rechtswege.
Artikel 6 De griffier
1De griffier van de raad ondersteunt iedere opinieraad.
2De griffier is aanwezig in vergaderingen.
3Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een op de griffie werkzame ambtenaar of, in samenspraak met de secretaris, een niet op de griffie werkzame ambtenaar.
4De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen in vergaderingen deelnemen.
Hoofdstuk 2 Vergaderingen
Paragraaf 1 Voorbereiding
Artikel 7 Oproep en agenda
1De voorzitter zendt ten minste twaalf dagen voor een opinieraadsvergadering aan de deelnemers een oproep per e-mail of een schriftelijke oproep.
2Een raadslid kan op verzoek een punt aan de agenda van een opinieraad toe te voegen indien;
a.het toe te voegen onderwerp naar de mening van de agendacommissie voldoende is onderbouwd;
b.het verzoek twee dagen voor de vergadering van de agendacommissie bij de griffier is ingediend.
3In spoedeisende gevallen kan de voorzitter in overleg met de agendacommissie na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering, wordt deze met de daarbij behorende stukken aan de leden gezonden.
4Op de stukken, bedoeld in het eerste en derde lid, is artikel 8, derde lid, van toepassing.
5De agenda wordt bij aanvang van een vergadering door de opinieraad vastgesteld.
Artikel 8 Ter inzage leggen van stukken
1Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis ter inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de opinieraden en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving.
2Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst.
3Informatie van de opinieraden of aan de opinieraden verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier
Artikel 9 Openbare kennisgeving
Vergaderingen van de opinieraden worden ter openbare kennis gebracht door aankondiging in de Bode.
In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving uitsluitend langs elektronische weg plaatsvinden.
Paragraaf 2 Vergadering
Artikel 10 Presentielijst
1De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van vergaderingen.
2Bij binnenkomst in de vergaderzaal maakt de griffier aantekening van de leden die deelnemen aan de vergadering op de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de griffier door ondertekening vastgesteld.
Artikel 11 Opening vergadering en quorum
1Een vergadering wordt niet geopend voordat blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende fracties tegenwoordig is.
2Als ingevolge het eerste lid de vergadering niet kan worden geopend, belegt de voorzitter opnieuw een vergadering tegen een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de oproeping is gelegen.
3Op een vergadering als bedoeld in het tweede lid is het eerste lid niet van toepassing. Een opinieraad kan echter over andere aangelegenheden dan die waarvoor de ingevolge het eerste lid niet geopende vergadering was belegd alleen beraadslagen of besluiten, als blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende fracties tegenwoordig is.
Artikel 12 Audio/video verslag en besluitenlijst
1De griffier draagt zorg voor verslagen van vergaderingen.
2Van elke vergadering van een opinieraad wordt een audio/video verslag en een besluitenlijst gemaakt.
3De besluitenlijst bevat:
a.de namen van de voorzitter, de griffier, de burgemeester, de wethouders en de leden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben;
b.een aantekening van welke fracties afwezig waren;
c.een overzicht van genomen besluiten;
d.een samenvatting van het advies aan de raad onder vermelding van de namen van de commissieleden die mededeling hebben gedaan van hun goed- of afkeuring, of zij die zich hebben onthouden van stemming of beraadslaging en de reden daarvoor;
e.bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 18 door de opinieraad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen.
4Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending aan de commissieleden verzonden aan de overige personen die het woord hebben gevoerd in de vergadering waarop het betrekking heeft.
5Besluitenlijsten van opinieraden worden in de eerstvolgende vergadering van die opinieraad vastgesteld.
6Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de commissievoorzitter en commissiegriffier.
7Het presidium kan nadere regels stellen over de wijze waarop audio/video verslaglegging plaatsvindt, deze worden verwerkt en beschikbaar gesteld.
8Elektronisch beschikbare verslagen worden op de website van de gemeente geplaatst.
Artikel 13 Advies; geen stemmingen
1Als een opinieraad een advies aan de raad uitbrengt, beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de inhoud van het advies.
2In het advies worden opgenomen de standpunten van alle fracties.
3In een vergadering vinden geen stemmingen plaats, met uitzondering van stemmingen over geheimhouding en met betrekking tot de orde van de vergadering.
Artikel 14 Aantal spreektermijnen
1Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de opinieraad anders beslist.
2Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.
3Fracties mogen in een termijn niet meer dan éénmaal het woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel. In principe heeft iedere fractie één woordvoerder per onderwerp of voorstel.
4Bij de bepaling hoeveel malen een fractie over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
Artikel 15 Deelname aan de beraadslaging door anderen
Een Opinieraad kan op enig moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.
Artikel 16 Spreekrecht burgers
1Burgers kunnen in een vergadering het woord voeren (spreekrecht) over onderwerpen die geagendeerd zijn voorafgaande aan de behandeling van het betreffende agendapunt. Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit binnen 24 uur voor de aanvang van de vergadering aan de griffier. Daarbij wordt melding gemaakt van de naam van de inspreker en het onderwerp waarover het woord gevoerd wenst te worden.
2Burgers kunnen het woord voeren over onderwerpen die niet geagendeerd zijn. Dit gebeurt tijdens het agendapunt ‘inspreker bij ingekomen stukken. Degene die van dit spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten minste 24 uur voor aanvang van de vergadering aan de griffier. Daarbij wordt melding gemaakt van de naam van de inspreker, het onderwerp waarover het woord gevoerd wenst te worden, een korte toelichting en vragen die gesteld wensen te worden.
3Over een aantal onderwerpen kan geen gebruik gemaakt worden van het spreekrecht. Dit zijn: ▪ Besluiten van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep openstaat of heeft gestaan; ▪ Benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; ▪ Een klacht in de zin van de klachtenregeling.
4Tijdens themaraden kan in principe niet worden ingesproken tenzij de agendacommissie daar anders over beslist.
5Voor alle insprekers geldt een maximale inspreektijd van 5 minuten.
6De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, als dit in het belang is van de orde van de vergadering. De voorzitter kan de deelnemers aan de vergadering toestaan aan insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering.
7De opinieraad adviseert de gemeenteraad over de wijze waarop inspraak zoals bedoeld in het tweede lid wordt behandeld. Mondelinge inspraakreacties worden behandeld als een ingekomen stuk zoals bedoeld in artikel 1, onder i.
Artikel 17 Handhaving orde en schorsing
1De voorzitter zorgt voor de handhaving van de orde in de vergadering.
2Hij kan de opinieraad voorstellen aan een lid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.
3Hij kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en, als na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord, de vergadering sluiten.
4Hij roept sprekers tot de orde als deze zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaten, afwijken van het in behandeling zijnde onderwerp, andere sprekers herhaaldelijk interrumperen, dan wel anderszins de orde verstoren. Sprekers die hieraan geen gevolg geven, kunnen door hem het woord ontnomen worden over het aanhangige onderwerp.
Artikel 18 Voorstellen van orde
Leden kunnen tijdens een vergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De opinieraad beslist hier terstond over.
Paragraaf 3 Besloten vergaderingen
Artikel 19 Toepassing verordening op besloten vergaderingen
Op besloten vergaderingen is deze verordening van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering.
Artikel 20 Verslag besloten vergadering
1In afwijking van artikel 15 wordt van een besloten vergadering enkel een schriftelijk verslag gemaakt. Dit verslag bevat ook een zakelijke samenvatting van het gesprokene onder vermelding van de namen van de sprekers.
2Conceptverslagen van besloten vergaderingen worden niet verspreid, maar uitsluitend voor de leden ter inzage gelegd bij de griffier.
3Deze verslagen worden zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de opinieraad een besluit over het al dan niet opheffen van de geheimhouding op het verslag.
4De vastgestelde verslagen worden door de commissievoorzitter en de commissiegriffier ondertekend.
Artikel 21 Opheffing geheimhouding
Als de raad op grond van artikel 89 vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als de opinieraad die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten vergadering met de opinieraad overleg gevoerd.
Paragraaf 4 Toehoorders en pers
Artikel 22 Toehoorders en pers
1Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare vergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.
2Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.
3De voorzitter zorgt voor de handhaving van de orde in de vergadering en is bevoegd, wanneer die orde op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen vertrekken.
4De voorzitter is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering verstoren voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering te ontzeggen.
Artikel 23 Geluid- en beeldregistraties
Degenen die van een openbare vergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.
Hoofdstuk 3 Slotbepalingen
Artikel 24 Intrekken oude verordening
De Verordening op de Opinieraden, vastgesteld op 23 maart 2023, wordt ingetrokken.
Artikel 25 Inwerkingtreding en citeertitel
1Deze verordening treedt in werking op de dag na ie waarop hij bekend is gemaakt.
2Deze verordening wordt aangehaald als Verordening de Opinieraden.