Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregel beschut werk BMWE 2018

Gemeente Winsum · geldt sinds 26 mei 2018

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Winsum;

gelet op artikel 10b van de Participatiewet en

gelet op artikel 9 van de Verordening Re-integratie Participatiewet, IOAW en IOAZ BMWE 2018;

besluit:

vast te stellen de

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

1In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

a.de belanghebbende: de persoon ten behoeve van wie beschut werk ter beschikking wordt gesteld dan wel de werkgever die een arbeidsovereenkomst sluit met de persoon ten behoeve van wie beschut werk ter beschikking wordt gesteld als zijnde de werknemer.

b.beschut werk: het werken in een beschutte werkomgeving binnen de kaders van de Participatiewet, als beschreven in artikel 10b van de Participatiewet.

c.deskundige: een arbeidsdeskundige gebonden aan het medisch beroepsgeheim.

2In deze beleidsregel worden dezelfde begripsbepalingen gebruikt als in de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ), de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Gemeentewet.

Artikel 2 Doelgroep beschut werk

1De voorziening beschut werk kan worden ingezet voor personen:

a.die door een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking een zodanige mate van begeleiding op en aanpassingen van de werkplek nodig heeft dat van een reguliere werkgever redelijkerwijs niet kan worden verwacht dat hij deze persoon in dienst neemt en;

b.met arbeidsvermogen

2Indien het college aan een persoon uit de doelgroep de voorziening beschut werk wil aanbieden, vraagt het college een deskundige om vooraf onderzoek te doen of iemand voldoet aan de in het eerste lid genoemde criteria voor beschut werk.

3Personen die menen in aanmerking te komen voor beschut werk hebben de mogelijkheid om, zonder tussenkomst van het college, zelf een indicatie beschut werk aan te vragen bij het UWV.

4Bij de bepaling door het college of iemand de voorziening beschut werk krijgt aangeboden, wordt rekening gehouden met de totale omvang van de aan te bieden werkplekken.

Artikel 3 Indicatie doelgroep beschut werk

1Als het college aan een persoon uit de doelgroep de voorziening beschut werk wil aanbieden, dan vraagt het college aan het UWV, na de voorselectie én op basis van landelijk vastgestelde criteria, vast te stellen of de indicatie beschut werk voor de persoon wordt afgegeven.

2Op basis van het uitgebrachte advies van het UWV besluit het college of de persoon vermeld in het advies tot de doelgroep beschut werk behoort. Alleen als er sprake is van een onzorgvuldige totstandkoming van het advies van het UWV, kan het college ervan afwijken.

3Van onzorgvuldig als bedoeld onder lid 2 is sprake als het UWV niet de landelijk vastgestelde criteria heeft gevolgd bij de vaststelling.

4De belanghebbende wordt door het college schriftelijk in kennis gesteld van het in het tweede lid genoemde besluit.

5Eens per drie jaar bepaalt het college of de persoon nog tot de doelgroep behoort.

Artikel 4 Plaatsing

1Nadat is vastgesteld dat iemand tot de doelgroep 'beschut werk' behoort, wordt deze door het college bij de werkgever als aangegeven in artikel 5, aangemeld voor een dienstbetrekking onder beschutte omstandigheden.

2Voorafgaand aan het dienstverband kan een proefplaatsing van maximaal twee maanden bij werkgever ingezet worden.

3Indien noodzakelijk worden door de werkgever aanvullende voorzieningen ingezet om de dienstbetrekking mogelijk te maken.

Artikel 5 Werkgeverschap

1De belanghebbende waarvan is vastgesteld dat hij in aanmerking komt voor een beschutte werkplek komt in loondienst bij de GR Participatie Noord Groningen of bij een reguliere werkgever.

2De participatievoorziening beschut werk omvat een dienstbetrekking naar burgerlijk recht, met een beloning ter hoogte van het wettelijk minimumloon inclusief pensioenopbouw bij een voltijdse werkweek. Bij een dienstbetrekking van minder dan een voltijdse werkweek wordt de pensioenopbouw naar rato vastgesteld.

3Een dienstverband beschut werk omvat niet meer dan 36 uur per week en minimaal 8 uur per week.

4Het college verstrekt, bij verminderde loonwaarde, aan de werkgever een loonkostensubsidie op basis van loonwaarde met een maximum van 70% van het wettelijk minimumloon plus werkgeverslasten.

5Bij een dienstbetrekking van minder dan een voltijdse werkweek wordt de beloning naar rato vastgesteld. Als gedurende het dienstverband blijkt dat belanghebbende ontwikkelmogelijkheden heeft wordt hij, indien mogelijk, bemiddeld naar een reguliere werkgever in het kader van de Wet banenafspraak.

6Als gedurende het tijdelijke dienstverband blijkt dat de belanghebbende zich niet kan doorontwikkelen naar regulier werk, kan het dienstverband worden omgezet in een vast dienstverband.

7Als er sprake is van een buitenproportionele begeleidingsbehoefte en een lagere loonwaarde dan 30% wordt het tijdelijk dienstverband beschut werk beëindigd. Belanghebbende wordt van dit besluit in kennis gesteld.

8Wanneer er sprake is van een beëindiging als bedoeld onder lid 8 dient er een andere passende voorziening gezocht te worden welke afgestemd is op de omstandigheden van belanghebbende.

Artikel 6 Omvang aantal dienstbetrekkingen beschut werk

Het maximaal aantal te realiseren dienstbetrekkingen beschut werk per kalenderjaar is gelijk aan het aantal dat het rijk voor de gemeente per ministeriële regeling heeft vastgesteld. De raad kan jaarlijks bij het vaststellen van de programmabegroting besluiten een bepaald aantal extra dienstbetrekkingen beschut werk te realiseren

Artikel 7 Bijzondere omstandigheden

Het college handelt overeenkomstig de beleidsregel, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen.

Artikel 8 inwerkingtreding en overgangsrecht

1Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag waarop de Verordening Re-integratie Participatiewet, IOAW en IOAZ BMWE 2018 in werking treedt.

Artikel 9 Citeertitel

Deze beleidsregel worden aangehaald als: Beleidsregel beschut werk BMWE 2018.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.