hoofdstuk
Artikel 1
Voorwerp van belasting; belastbaar feit
Onder de naam precariobelasting wordt terzake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, een recht geheven overeenkomstig de volgende bepalingen.
Artikel 2
Belastingplicht
De belasting wordt geheven van degene, die één of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft.
Artikel 3
Heffingsgrondslag en tarief
De belasting wordt geheven naar het aantal eenheden, bepaald en berekend aan de hand van de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 3 en 5 en van de in de tabel gegeven aanwijzingen.
Belastingaanslagen van minder dan € 9,-- worden niet opgelegd. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal op een aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één aanslag.
Artikel 4
Bepaling oppervlakte
Bij het hebben van voorwerpen op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt de oppervlakte bepaald op die welke door de voorwerpen wordt overdekt.
Artikel 5
Begripsomschrijving
Artikel 6
Heffingstijdvak
Artikel 7
Vrijstellingen
De belasting wordt niet geheven ter zake van:
a het hebben van voorwerpen, waarvan de aanwezigheid door de gemeente op grond van een overeenkomst of anderszins moet worden gedoogd;
b voor voorwerpen of werken welke door of vanwege het rijk, de provincie, de gemeente of door het waterschap noodzakelijk voor de uitoefening van hun publiekrechtelijke taak, zijn aangebracht of geplaatst;
c voor het gebruik of genot van de openbare gemeentegrond ten behoeve van bouwwerken, welke voor rekening van de gemeente worden gebouwd, verbouwd of hersteld en door haar worden of zullen worden gebruikt;
d voorwerpen uitsluitend ten behoeve van kerkelijke en charitatieve instellingen;
e het hebben van voorwerpen op gemeentegrond in relatie tot eenmalige activiteiten, met publiek karakter die niet langer dan één dag zoals jaarmarkten, braderieën, rommelmarkten, tentoonstellingen en evenementen naar aanleiding van nationale feestdagen zoals
Koninginnedag, bevrijdingsdag e.d.;
f het hebben van voorwerpen op gemeentegrond in relatie tot promotionele activiteiten ten behoeve van de gemeente Wijk bij Duurstede;
g het hebben van voorwerpen op gemeentegrond waarvoor privaatrechtelijk een overeenkomst is aangegaan;
h het hebben van voorwerpen op gemeentegrond tot 1 meter uit de gevel van een winkelpand en voor zover deze voorwerpen winkeluitstallingen betreffen.
Artikel 8
Ontheffing
Artikel 9
Wijze van heffingen tijdstip verschuldigdheid
1De belasting wordt geheven bij wege van aanslag, gedagtekende nota of ander schriftuur.
2De belasting wordt verschuldigd bij de aanvang van het heffingstijdvak of, zo dit later is, op het tijdstip waarop het hebben van voorwerpen een aanvang neemt.
Artikel 10
Betalingstermijnen
De belasting is invorderbaar in één termijn, welke vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet, de nota of een andere gedagtekende kennisgeving.
Artikel 11
Kwijtschelding
Bij de invordering van de precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 12
Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels stellen met betrekking tot de heffing en invordering van de precariobelasting
Artikel 13
Inwerkingtreding en citeerartikel
1De “Verordening precariobelasting 2016” van 8 december 2015 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
2Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van bekendmaking.
3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2017.
4Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening precariobelasting 2017”.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering
van 13 december 2016
De raad voornoemd,
De griffier, De voorzitter,
TARIEVENTABEL
BEHORENDE BIJ DE VERORDENING PRECARIOBELASTING 2017
Nr.
Omschrijving
bedrag
1.
Bouwmaterialen
Voor het hebben van bouwmaterialen, grond, keten, loodsen, bouwwerktuigen, stutten, palen, stellingen en al wat verder bij de bouwwerken, nodig is:
per m², per week
afzetcontainers, per maand
€ 1,45
€ 17,55
2.
Terrassen
Voor het hebben van banken, tafeltjes, stoelen, tochtschermen e.d. voor de periode 1 april tot 1 oktober, per m²
€ 17,55
3.
Wedstrijden, tentoonstellingen, circussen enz.
Voor het houden van een tentoonstelling, een wedstrijd -met uitzondering van een motor- of rijwielwedstrijd-, het geven van een sportfeest, het hebben van een circus en dergelijke, niet op het evenemententerrein, per dag, per m²
Gebruik evenemententerrein nabij Vesting, zoals aangegeven op bijlage I, per dag
€ 0,25
€ 140,--
4.
Uitstallen van goederen
Voor het uitstallen van goederen per jaar, per m²
€ 34,90
5.
Standplaatsen
Voor het hebben van een kraam of een verkoopwagen, anders dan ten behoeve van de wekelijkse markt, per kraam of verkoopwagen,
per dag
per maand, voor 1 dag per week
per maand voor meer dan 1 dag per week
per jaar, voor 1 dag per week
per jaar, voor meer dan 1 dag per week
€ 15,90
€ 52,90
€ 106,00
€ 529,00
€ 1.053,00
6.
Reclamevoorwerpen
Voor het hebben van een uithangbord of ander tot reclame dienend voorwerp,
verlicht, per jaar
onverlicht, per jaar
een reclamebord of voorwerp ter aankondiging van evenementen, manifestaties, voorstellingen e.d., per bord of voorwerp,
per week
per maand
voor een spandoek,
per week
vlaggenmast, per jaar
€ 52,65
€ 34,90
€ 3,55
€ 10,55
€ 13,75
€ 34,90
7.
Installaties voor de levering van brandstoffen e.d.
Voor het hebben van:
een aftappunt voor levering van benzine, olie of persgas, al dan niet omgeven door een mantel, met inbegrip van de daarbij behorende leidingen, per jaar
een luifel
een reclamebord of blikvanger
een luchtpomp op perron
€ 34,90
€ 245,00
€ 52,65
€ 34,90
8.
Diverse voorwerpen
Voorwerpen waarvoor niet elders in deze tabel een tarief is opgenomen, per m²
per dag
per week
per maand
per jaar
€ 0,25
€ 0,60
€ 1,70
€ 17,75
Behorende bij raadsbesluit nummer 9827
van 13 december 2016.
De griffier,