De definities van art. 4 AVG hebben in dit beleidsdocument dezelfde betekenis.
Bijlage 1: Addendum Privacybeleid Sociaal Domein
1Inleiding
Dagelijks gebruikt de gemeente Wijk bij Duurstede veel persoonsgegevens om het werk te kunnen doen. Het sociaal domein gebruikt niet alleen veel gegevens, maar ook bijzondere persoonsgegevens over de gezondheid. Dit vraagt veel van die medewerkers om goed en zorgvuldig te handelen. Zeker in het sociaal domein zijn cases waar gegevensdeling en privacy aan de orde zijn niet altijd “zwart-wit”. In dit document proberen wij helderheid te verschaffen over gewenst gedrag bij het verwerken van persoonsgegevens binnen het sociaal domein.
Dit addendum maakt als bijlage deel uit van het regionaal Privacybeleid.
2Wat is gegevensbescherming?
Privacy is een grondrecht en verankerd in verschillende verdragen en verordeningen. Het is een voorwaarde om vrij te zijn in wie je bent en wat je doet en om regie te houden op je gegevens. Bescherming van het recht op privacy is niet alleen een zaak van de persoon zelf, maar ook van organisaties die persoonsgegevens verwerken. De gemeente is daar geen uitzondering op. Inwoners en organisaties ontkomen er vaak niet aan om persoonsgegevens te verstrekken, omdat de gemeente haar (wettelijke) taak moet uitvoeren.
3Wat zijn de algemene uitgangspunten en doelen?
Regels waar de gemeente zich aan wil (en moet) houden en de rechten en plichten van betrokkenen zijn voor een belangrijk deel uitgewerkt in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (de AVG) en in het regionaal privacybeleid.
Met bepaalde privacy-eisen krijgt iedere medewerker in meer of mindere mate te maken.
Je kunt hierbij denken aan:
-De gemeente verwerkt persoonsgegevens rechtmatig, dat wil onder meer zeggen dat er een goede reden (grondslag) is om de gegevens te mogen verwerken. De gemeente gaat behoorlijk om met persoonsgegevens. Dit betekent dat de gemeente technische en organisatorische maatregelen neemt om persoonsgegevens te beschermen. De gemeente is transparant over wat zij doet met persoonsgegevens (privacyverklaring op de gemeentelijke website). Persoonsgegevens mogen alleen voor bepaalde, uitdrukkelijk beschreven en gerechtvaardigde doelen worden verzameld (“doelbinding”). Gegevensverwerkingen moeten minimaal zijn en noodzakelijk (proportionaliteit en subsidiariteit). Betrokkenen hebben rechten om invloed uit te oefenen en grip te houden op hun persoonsgegevens. De betrokkene blijft altijd eigenaar van zijn of haar persoonsgegevens. Met een rechtmatige grondslag mag de gemeente slechts (tijdelijk) inbreuk maken op het recht op privacy van een betrokkene.
4Hoe kijkt de gemeente Wijk bij Duurstede hier tegenaan?
De algemene uitgangspunten en doelen zijn uitgewerkt in het regionaal privacybeleid. Die uitgangspunten zijn ook van toepassing op het Sociaal Domein. In dit beleid staat onder meer dat:
-Betrokkenen het vertrouwen moeten hebben dat hun persoonsgegevens in veilige handen is bij de gemeente en daarom maatregelen moeten worden getroffen. De gemeente transparant is over hoe zij persoonsgegevens beschermen en voldoen aan geldende eisen. Respect voor de persoonlijke levenssfeer van betrokkene(n) voorop staat.
5Het sociaal domein heeft te maken met extra regels en uitgangspunten
De gemeente heeft veel verschillende verantwoordelijkheden en taken uit te voeren. Deze veelheid en veelzijdigheid laat zich ook voelen op het gebied van privacy. Sommige teams verwerken nauwelijks persoonsgegevens terwijl andere teams dagelijks grote hoeveelheden persoonsgegevens verwerken. Voor sommige teams is aanvullend beleid handig om medewerkers goed in staat te stellen het werk zorgvuldig uit te voeren. Wijk bij Duurstede heeft daarom extra handvatten voor privacy in het sociaal domein.
Het “sociaal domein” omvat meerdere sectoren. Ondersteuning bij werk, participatie en zelfredzaamheid in de maatschappij, zorg en jeugd vallen allemaal onder het sociaal domein.
6Richtlijnen
Medewerkers in het sociaal domein komen in aanraking met veel persoonsgegevens. Naast meer algemene persoonsgegevens worden ook bijzondere persoonsgegevens verwerkt, zoals gezondheidsgegevens, medische gegevens en het Burgerservicenummer (verder: het BSN). De hoeveelheid gegevens en het gevoelige karakter ervan vragen een groter privacybewustzijn van medewerkers in het sociaal domein. Met de onderstaande richtlijnen geven wij medewerkers extra ondersteuning en inzicht in de omgang met persoonsgegevens. Het gaat immers om persoonsgegevens van vaak kwetsbare mensen, waar (extra) zorgvuldig mee om moet worden gegaan.
A. Ken de regelgeving
Wetten in het sociaal domein kennen soms eigen regels over hoe om moet worden gegaan met persoonsgegevens. Deze regels zijn vaak een aanvulling op of verduidelijking van de algemene regels uit de AVG. De Jeugdwet heeft bijvoorbeeld in hoofdstuk 7 veel regels opgenomen over gegevensverwerking, privacy en toestemming.
B. Is er een gerechtvaardigd doel?
Persoonsgegevens mogen alleen verwerkt worden voor een gerechtvaardigd doel. Het doel moet specifiek zijn en vooraf zijn omschreven (in het kader van de Jeugdwet en de Wmo 2015 bijvoorbeeld het behandelen van aanvragen). Gegevens mogen niet ineens worden gebruikt voor een heel ander doel dan waarvoor het is verzameld.
C. Noodzakelijk?
Alleen persoonsgegevens die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de (wettelijke) taak mogen verwerkt worden. Als persoonsgegevens niet noodzakelijk zijn, worden deze niet verwerkt. Als de verwerking vooral “handig, praktisch, fijn, behulpzaam” is, dan is de verwerking meestal niet noodzakelijk.
Een persoonsgegeven is alle informatie over een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon. Het zijn dus alle gegevens waarmee je een uniek persoon kunt herleiden. Denk aan een naam, een identificatienummer, (online) locatiegegevens, fysieke kenmerken van een persoon of een kenteken van een auto.
D. Wat is verwerken?
In het sociaal domein worden al snel persoonsgegevens verwerkt. Bij “verwerken” moet je denken aan het verzamelen, vastleggen, ordenen, structureren, opslaan, bijwerken of wijzigen, opvragen, raadplegen, gebruiken, doorsturen, verspreiden of op andere wijze ter beschikking stellen of combineren, afschermen, wissen of vernietigen van gegevens.
E. Bijzondere persoonsgegevens
Bijzondere persoonsgegevens moeten alleen verwerkt worden als dit in de wet is bepaald. Gevoelige gegevens, bijvoorbeeld over iemands ras, godsdienst of gezondheid worden bijzondere persoonsgegevens genoemd. Deze zijn in de AVG extra beschermd. Binnen het sociaal domein kom je verschillende bijzondere persoonsgegevens tegen, bijvoorbeeld gezondheidsgegevens en strafrechtelijke gegevens. Artikel 7.4.0 van de Jeugdwet geeft bijvoorbeeld aan wanneer strafrechtelijke gegevens mogen worden verwerkt. Bijzondere persoonsgegevens worden alleen verwerkt als deze noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de wettelijke taak.
F. Omgaan met een identiteitsbewijs
Er wordt voorzichtig omgegaan met een identiteitsbewijs. Voor de uitvoering van de wettelijke taak moet vaak de identiteit worden vastgesteld van een aanvrager of verzoeker. Dit betekent echter niet dat wij (altijd) een kopie van het identiteitsbewijs moeten bewaren. Deze moeten niet worden opgeslagen in de computersystemen en kopieën van identiteitsbewijzen worden direct na de identificatie van de persoon vernietigd.
G. Anonimiseer
Als dit mogelijk is wordt informatie anoniem verwerkt.
H. Een leeg bureau
Er wordt gewerkt met een “clean desk”. Papieren dossiers worden opgeborgen in een afgesloten kast en beeldschermen worden vergrendeld bij het verlaten van de werkplek (ook bij thuiswerken).
I. Rechten van betrokkenen
De AVG kent betrokkenen verschillende rechten toe, zoals het recht op inzage in een dossier. Een verzoek kan mondeling, schriftelijk of digitaal worden gedaan.
In het sociaal domein kan bij een beroep op deze AVG-rechten de leeftijd van een verzoeker of betrokkene belangrijk zijn. Kinderen vanaf twaalf jaar kunnen bijvoorbeeld zelfstandig een verzoek indienen om inzage te krijgen, tenzij het kind niet in staat is tot een ‘redelijke waardering van zijn belangen’. Tot het kind zestien jaar is hebben daarnaast de ouders met gezag recht op inzage in het dossier van hun kind. Pas vanaf zestien jaar oefenen kinderen volledig zelfstandig hun privacyrechten uit.
J. Informatie over derden
Een Wmo- of jeugdhulpdossier kan informatie bevatten over anderen dan de aanvrager zelf, zoals een vader of moeder. Als één van deze betrokkenen verzoekt om inzage, betekent dat niet dat hij of zij ook zomaar inzage krijgt in persoonsgegevens van anderen. De andere persoonsgegevens moeten worden weggelaten tenzij toestemming is verkregen.
K. Als informatie in verkeerde handen komt (datalek)
Ondanks alle zorgvuldigheid en voorzorgsmaatregelen kan het gebeuren dat een datalek ontstaat. Deze moeten meteen worden gemeld bij de in de organisatie aangewezen medewerkers. Het naar een verkeerd adres versturen van een brief of e-mail kan al een datalek betekenen.
L. Bewaren van documenten
Documenten worden alleen opgeslagen op in de daartoe aangewezen systemen. In geen geval mogen dossiers opgeslagen worden in privé-omgevingen of op eigen apparaten.
M. Veilig e-mail versturen
E-mails (en bijlagen) met persoonsgevens worden alleen doordacht gestuurd en indien noodzakelijk. Bij versturen buiten de organisatie wordt gebruik gemaakt van de beveiligde e-mailapplicatie.
7Rollen en verantwoordelijkheden
Binnen het sociaal domein is het college van burgemeester en wethouders eindverantwoordelijk voor de juiste en zorgvuldige naleving van de AVG. Het Managementteam van de gemeente is verantwoordelijk voor de sturing op het naleven van de privacyregels. Dit betekent onder meer het inzichtelijk maken van de risico’s die kleven aan verwerkingen, het daadwerkelijk invoeren van technische en organisatorische maatregelen om het werk juist en veilig te kunnen doen en het monitoren van de nakoming ervan.
Van medewerkers van de gemeente Wijk bij Duurstede wordt verwacht dat zij regels en afspraken op het gebied van privacy naleven in de uitvoering van het werk en gebruik maken van de aangeboden tools.
8Naleving
De gemeente Wijk bij Duurstede toetst of het privacybeleid actueel is en of het wordt nageleefd. De naleving van het privacybeleid gebeurt ten eerste bij “incidenten”. Als een betrokkene een beroep doet op een van de AVG-rechten of bij de melding van een datalek, beoordelen we wat er is gebeurd en of het privacybeleid is nageleefd.
De Functionaris Gegevensbescherming beoordeelt jaarlijks vanuit de toezichthoudende rol of de gemeente zicht houdt aan het privacybeleid en of gewerkt wordt volgens de regels uit de AVG.
Bijlage 2: Addendum Privacybeleid Wet politiegegevens
Inleiding
Vanaf 25 mei 2018 geldt de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). De gemeente heeft in haar privacybeleid en informatiebeveiligingsbeleid vastgelegd hoe zij omgaat met de bescherming van persoonsgegevens.
De verwerking van persoonsgegevens door buitengewoon opsporingsambtenaren (boa's) valt niet alleen onder de AVG maar ook onder de Wet politiegegevens (Wpg). Daarnaast is een aantal andere regelingen van toepassing op de verwerking van politiegegevens. Zoals het Besluit politiegegevens (Bpg), het Besluit politiegegevens buitengewoon opsporingsambtenaren en de Regeling periodieke audit politiegegevens. Deze wetten en regelgevingen kennen op enkele gebieden wat onderlinge verschillen.
Zo kent de Wpg bijvoorbeeld specifieke bewaartermijnen voor de opslag van politiegegevens, terwijl de AVG geen concrete bewaartermijnen voorschrijft. Ook stelt de Wpg andere eisen bij het delen van politiegegevens tussen verschillende partijen, is er een verplichting tot logging en zijn er in de Wpg aanvullende beperkingen en uitzonderingen op de in de AVG geldende privacyrechten van betrokkenen. Andere verplichtingen zijn vergelijkbaar maar kennen verschillen in de concrete uitwerking, zoals de verplichting voor de verwerkingsverantwoordelijke om passende technische en organisatorische maatregelen te treffen ter bescherming en beveiliging van de gegevens. In het kader van de Wpg is bijvoorbeeld ook eens per 4 jaar een externe audit verplicht en moeten elk jaar interne audits worden gehouden.
De gemeente Wijk bij Duurstede heeft een regionaal Privacybeleid. Dit addendum maakt als bijlage deel uit van dat regionaal Privacybeleid.
Doelstellingen van het privacybeleid
Het privacybeleid van de gemeente Wijk bij Duurstede beschrijft hoe we verantwoordelijk en binnen wettelijke kaders met persoonsgegevens omgaan. Voor de reikwijdte van dit addendum bestaat het wettelijk kader voor bescherming van persoonsgegevens uit de Wpg en de genoemde regelingen. De gemeente wil met dit addendum op het privacybeleid onder andere bereiken dat de boa's:
•Zich ten volle bewust zijn van de noodzaak om zorgvuldig en op rechtmatige wijze om te gaan met politiegegevens;
•De rechten van betrokkenen respecteren en werken volgens de vastgestelde procedures;
•Het vertrouwen van betrokkenen in de overheid niet beschamen.
•Gedrag vertonen dat past bij goed werknemerschap.
•De kans op financiële en imagoschade minimaliseren.
Wpg kader
Het normenkader van de Wpg is grotendeels gelijkluidend aan dat van de AVG. Op hoofdlijnen geldt aanvullend nog het volgende:
•De boa's van de gemeente kunnen naast hun opsporingstaken ook bestuursrechtelijke toezichts- en handhavingstaken hebben. Zij krijgen dan bij het verwerken van persoonsgegevens te maken met zowel de AVG als met de Wpg;
•In de verwerking van gegevens moet duidelijk zijn welke gegevens er worden verwerkt onder de AVG en welke onder de Wpg. De Wpg stelt andere eisen aan de verwerking van persoonsgegevens dan de AVG. Zo geldt onder andere de plicht tot delen met ieder andere opsporingsambtenaar die deze gegevens nodig heeft voor zijn werk.
De hierna genoemde verplichtingen uit de Wpg zijn veelal geborgd binnen onze applicaties:
•Er moet een scheiding worden aangebracht tussen gegevens die op feiten zijn gebaseerd en feiten die op een persoonlijk oordeel zijn gebaseerd;
•Er moet onderscheid worden gemaakt tussen betrokkenen, zoals verdachten, slachtoffers, derden en veroordeelden;
•Documentatie is vereist van de doelen van onderzoeken, verstrekking of doorgifte, afwijzing van verzoeken om inzage, inbreuk op de beveiliging, doorgifte buiten de EU met datum en tijd, ontvanger, redenen en doorgegeven gegevens en melding van gemeenschappelijke verwerkingen aan de Autoriteit Persoonsgegevens (AP).
•Er vindt logging plaats in geautomatiseerde systemen van de invoer van gegevens in systemen en op termijn ook van het verzamelen, wijzigen, raadplegen, verstrekken (o.a. in de vorm van doorgifte), combineren of vernietigen van politiegegevens.
•Er worden specifieke eisen gesteld aan de informatiebeveiliging uit het Bpg.
Er geldt met ingang van 2021 een verplichting tot het uitvoeren van een externe privacyaudits. De rapportage die hieruit voortvloeit moet worden verstrekt aan de AP. Als er tekortkomingen zijn geconstateerd moet 3 maanden na het uitvoeren van de audit een verbeterrapport worden opgesteld, waarop binnen een jaar een hercontrole plaatsvindt. De hercontrole geldt alleen voor die onderdelen van de wet waar de tekortkomingen geconstateerd worden. De resultaten van de hercontrole worden vastgelegd in een rapportage en eveneens verstrekt aan de AP, uiterlijk 1 jaar na het uitvoeren van de externe audit.
Register van verwerkingen
Net als de AVG verplicht de Wpg tot het bijhouden van een register van verwerkingen. Wel zijn er enkele verschillen die hierna met een (*) zijn aangeduid. Het register van verwerkingen in het kader van de Wpg moet het volgende bevatten:
•De naam en de contactgegevens van de verwerkingsverantwoordelijke, de gezamenlijk verwerkingsverantwoordelijken en de functionaris voor gegevensbescherming;
•De doelen van de verwerking;
•De categorieën van ontvangers aan wie politiegegevens zijn of zullen worden verstrekt, met inbegrip van ontvangers in derde landen of internationale organisaties;
•Een beschrijving van de categorieën van betrokkenen en van de categorieën van persoonsgegevens;
•In voorkomend geval: het gebruik van profilering. (*)
•In voorkomend geval: de categorieën van doorgiften van politiegegevens aan een derde land of een internationale organisatie.
•Een aanwijzing van de rechtsgrondslag van de verwerking, met inbegrip van doorgiften, waarvoor de politiegegevens bedoeld zijn. (*)
•Zo mogelijk: de beoogde termijnen waarbinnen de verschillende categorieën van gegevens worden verwijderd of vernietigd.
•Zo mogelijk: een algemene beschrijving van de technische en organisatorische maatregelen ter beveiliging.
•De toekenning van de autorisaties. (*)
Informatiebeveiligingsbeleid
Het informatiebeveiligingsbeleid is een richtinggevend en kaderstellend beleidsdocument. De gemeente vult het aan met beleid voor informatiebeveiliging op tactisch en operationeel niveau met specifieke (beleids-) documenten.
Het informatiebeveiligingsbeleid geldt voor alle activiteiten van de gemeente. Ook voor de activiteiten die vallen onder de Wpg geldt dat passende technische en organisatorische maatregelen moeten zijn genomen en geïmplementeerd, op basis van een risicoanalyse waaruit het risiconiveau blijkt met betrekking tot ongeoorloofde of onrechtmatige verwerking en tegen opzettelijk verlies, vernietiging of beschadiging. Deze maatregelen moeten bovendien periodiek worden geëvalueerd en zo nodig geactualiseerd.
FG en bevoegd functionaris
De Functionaris Gegevensbescherming (FG)
Net als de AVG verplicht artikel 36 van de Wpg tot het aanstellen van de FG. Het is mogelijk dat meerdere organisaties samen één FG aanwijzen. De FG wordt door de verwerkingsverantwoordelijke tijdig en naar behoren betrokken bij alle aangelegenheden die verband houden met de bescherming van politiegegevens. De FG stelt jaarlijks een verslag op van zijn bevindingen en stelt het ter beschikking aan de verwerkingsverantwoordelijke.
De bevoegd functionaris
De regisseur Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de taak bevoegd functionaris. Dit is de ‘hoeder’ van de gegevens die onder artikel 9 Wpg worden verwerkt. Deze functionaris is beschreven in artikel 2:10, eerste lid, van het Besluit politiegegevens (Bpg). Het moet een persoon zijn met voldoende kennis en vaardigheden over dit type gegevens. Deze functionaris beslist bijvoorbeeld wie er toegang mag hebben tot deze gegevens en of ze verstrekt kunnen worden aan een samenwerkingspartner. Iedere artikel 9-verwerking dient een bevoegd functionaris (BF) te hebben. De bevoegd functionaris heeft onder andere de volgende taken:
•het doel van de artikel 9-verwerking omschrijven en vastleggen;
•het autoriseren van personen voor de betreffende verwerking;
•bepalen of gegevens voor andere doeleinden mogen worden gebruikt;
•zorgen dat voor alle gegevens de herkomst en wijze van verkrijgen wordt vastgelegd;
•bewaken dat gegevensrechtmatig worden verkregen en verwerkt.
Rechten van betrokkenen
De rechten van betrokkenen onder de AVG staan uitgebreid beschreven in het privacybeleid van de gemeente. Op hoofdlijnen zijn deze rechten op grond van de Wpg gelijkluidend. Specifiek voor de Wpg is er een addendum opgesteld.
Het bewaren van politiegegevens
Politiegegevens worden niet langer bewaard dan de minimale tijd die nodig is, zoals vereist door de toepasselijke wet- en regelgeving, of voor de doeleinden waarvoor deze zijn verwerkt. Politiegegevens dienen na verwijdering nog maximaal vijf jaar worden bewaard. Daarna, of binnen deze periode van vijf jaar (afhankelijk van welke bewaartermijn geldt) dient definitieve vernietiging plaats te vinden. Indien van cultureel of historisch belang kan worden afgezien van vernietiging van de gegevens. Er wordt dan aan de bewaareisen als genoemd in de Archiefwet voldaan.
Alle politiegegevens worden gelabeld in artikel 8, 9 en 13 informatie. Voor elk label is de bewaartermijn conform de wettelijke bepaling geconfigureerd, zodat geborgd wordt dat deze politiegegevens niet langer worden bewaard dan de minimale tijd die nodig is, zoals vereist door de toepasselijke wet- en regelgeving, of voor de doeleinden waarvoor deze zijn verwerkt.
Het ter beschikking stellen en verstrekken van politiegegevens
De Wpg maakt een onderscheid tussen het ter beschikking stellen van politiegegevens en het verstrekken ervan. Het ter beschikking stellen van politiegegevens houdt in dat deze in principe worden gedeeld met eenieder die de gegevens nodig heeft voor de uitoefening van zijn taak. Bij dit ‘need to know’-principe dient altijd een noodzakelijkheids-, proportionaliteits- en subsidiariteitsafweging te worden gemaakt. Het ter beschikking stellen voltrekt zich dus binnen het Wpg-domein.
Bij het verstrekken van politiegegevens gaat het om het delen van gegevens buiten het Wpg-domein. In dat geval moet zijn geborgd dat politiegegevens alleen worden verstrekt aan personen of instanties buiten het politiedomein, voor zover dit noodzakelijk is voor de doeleinden zoals deze in de Wpg en het Bpg zijn genoemd. Geborgd moet ook zijn dat wanneer gegevens verstrekt worden, er wordt voldaan aan de documentatieplicht en dat de verstrekking alleen plaatsvindt in overeenstemming met het bevoegd gezag indien dit vereist is in de wet. Het gaat dan bijvoorbeeld om verstrekkingen aan de burgemeester, een toezichthouder, een advocaat of een functionaris in het kader van de Wet bibob.
Het melden van datalekken
De datalek procedure onder de AVG staan uitgebreid beschreven in het privacybeleid van de gemeente. Op hoofdlijnen zijn deze rechten op grond van de Wpg gelijkluidend. Specifiek voor de Wpg geldt nog het volgende:
Op deze mededelingsplicht zijn enkele uitzonderingen van toepassing, onder andere als de mededeling achterwege moet blijven ter vermijding van belemmering van de gerechtelijke onderzoeken of procedures en ter vermijding van nadelige gevolgen voor de voorkoming, de opsporing, het onderzoek en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen.
Bewustwording
Het zorgvuldig omgaan met persoonsgegevens is enerzijds een kwestie van het organiseren van een goede informatieveiligheid en het zorgvuldig inrichten van werkprocessen, anderzijds is het een zaak van bewustwording bij de boa's. Het bewustzijn wordt voortdurend aangescherpt, zodat kennis van risico’s wordt verhoogd en veilig en verantwoord gedrag wordt aangemoedigd.
Elke nieuwe medewerker moet daarom verplicht een Wpg training doorlopen. Daarvan wordt een notitie vastgelegd in het personeelsdossier. Boa's die al in dienst zijn en deze training nog niet hebben doorlopen, doorlopen deze training alsnog. Daarnaast is er in ieder geval jaarlijks aanvullend aandacht voor bewustwording rondom de omgang met politiegegevens. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een aanvullende training, een bijeenkomst over een specifiek Wpg-onderwerp of in de vorm van een toets. Ook van deelname aan deze initiatieven wordt een notitie in het personeelsdossier gemaakt.
Open communicatie
Betrokkenen moeten erop kunnen vertrouwen dat hun persoonsgegevens zorgvuldig worden verwerkt. De gemeente creëert dat vertrouwen door inzichtelijk te maken, door middel van verschillende communicatiekanalen, op welke wijze zij persoonsgegevens verwerkt en beheert. Dit staat in de privacyverklaring die op de website is te vinden.