Gemeentelijke regelgeving

Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Wierden

Gemeente Wierden · geldt sinds 16 oktober 2014

Aanhef

Burgemestser en wethouders van Wierden maken (ter uitveoring van het besluit van de raad van 9 september 2014) de tekst bekend van de Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Wierden, zoals deze luidt op de datum van deze bekendmaking.

HOOFDSTUK I Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen;

b.commissie: commissie bezwaarschriften gemeente Wierden;

c.wet: Algemene wet bestuursrecht;

d.College: het college van burgemeester en wethouders.

HOOFDSTUK II Behandeling van de bezwaarschriften

Paragraaf 1 De commissie

Artikel 2 Inleidende bepalingen

1Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op gemaakte bezwaren tegen besluiten van de raad, college en de burgemeester.

2De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften:

a.op grond van de regelingen betreffende de rechtspositie van ambtenaren;

b.op grond van de belastingwetgeving;

c.op grond van de Wet waardering onroerende zaken.

Artikel 3 Samenstelling van de commissie

1De commissie bestaat uit twee voorzitters en ten minste vier leden, verdeeld over kamer I en kamer II, die worden benoemd, geschorst en ontslagen door het college van burgemeester en wethouders.

2Het college benoemt overeenkomstig het eerste lid een genoegzaam aantal plaatsvervangende leden.

3De voorzitters en de leden mogen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan en wonen in deze gemeente.

4De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.

Artikel 4 Instelling van kamers

1De commissie bestaat uit twee kamers, te weten kamer I en kamer II, die belast worden met de behandeling van bezwaarschriften.

2In kamer I worden bezwaarschriften behandeld betrekking hebbende op de gebieden RO, bouwzaken, milieu, verkeer, subsidies en algemeen juridische zaken.

In kamer II worden bezwaarschriften behandeld betrekking hebbende op de gebieden sociale zaken, WVG, onderwijs en subsidies.

3Elke kamer bestaat uit ten minste vier leden, te weten:

a.een voorzitter;

b.ten minste twee leden;

c.een plaatsvervangend lid.

4Bij afwezigheid van de voorzitter wordt de vervanging per kamer geregeld.

5Bij afwezigheid van een lid wordt in vervanging voorzien door het plaatsvervangend lid of anders door een lid uit de andere kamer.

6Met betrekking tot de werkwijze van de Kamers is het bepaalde in deze verordening zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 5 Secretaris

1De secretaris van de commissie en haar kamers is een door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaar.

2Burgemeester en wethouders kunnen een plaatsvervangend secretaris van de commissie en haar kamers aanwijzen.

3Bevoegdheden van de voorzitter kunnen namens de voorzitter door de secretaris worden uitgeoefend.

Artikel 6 Zittingsduur

1De voorzitters en de leden van de commissie treden vier jaar na benoeming af en kunnen dan voor een nieuwe periode van maximaal vier jaar worden herbenoemd.

2De voorzitters en de leden van de commissie kunnen op ieder moment ontslag nemen.

3De voorzitters en/of de leden van de commissie kunnen door het college worden ontslagen wanneer zij naar het oordeel van het college niet meer geschikt zijn voor de uitoefening van hun functie.

4De aftredende voorzitters en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.

Paragraaf II Procedure

Artikel 7 Ingediend bezwaarschrift

1Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend.

2Het bezwaarschrift wordt met de relevante stukken en een door de betreffende afdeling geproduceerd verweerschrift binnen twee weken na datum van ontvangst van het bezwaarschrift in handen van de commissie gesteld.

3Bij het bericht van ontvangst, als bedoeld in het eerste lid, wordt vermeld dat een commissie over het bezwaar zal adviseren.

4Indien de afhandeling van een onjuist geadresseerd bezwaarschrift geschiedt door een gemeentelijk bestuursorgaan, wordt de datum van ontvangst bij een onbevoegd gemeentelijk bestuursorgaan beschouwd als de datum van ontvangst bij het bevoegde orgaan.

Artikel 8 Overdracht bevoegdheden

De bevoegdheden ingevolge de artikelen

-2:1, tweede lid,

-6:6, voor wat betreft het de indiener stellen van een termijn waarbinnen het verzuim in de zin van het niet voldoen aan de vereisten als gesteld in artikel 6:5 van de wet, kan worden hersteld,

-6:17, voor zover het betreft de verzending van stukken tijdens de behandeling door de commissie,

-7:4, tweede lid,

-7:6, vierde lid,

van de wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie.

Artikel 9 Vooronderzoek

1De voorzitter van de commissie is in verband met de voorbereiding van de behandeling van het bezwaarschrift bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen.

2De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en dezen zo nodig uitnodigen daartoe ter zitting te verschijnen.

Artikel 10 Hoorzitting

1De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te doen horen.

2De voorzitter beslist over de toepassing van de artikelen 7:3 en 7:17 van de wet.

3Indien de voorzitter op grond van de in het tweede lid genoemde artikelen besluit van het horen af te zien doet hij daarvan mededeling aan:

a.de belanghebbenden;

b.het verwerend orgaan;

Artikel 11 Uitnodiging zitting

1De voorzitter deelt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste 2 weken voor de zitting schriftelijk mee, dat zij in de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen tijdens de zitting.

2Binnen drie dagen na dagtekening van de in het eerste lid bedoelde mededeling kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan, onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen of de behandeling van de zaak een maand uit te stellen.

3De beslissing van de voorzitter op een verzoek als bedoeld in het tweede lid wordt zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval een week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden, het verwerend orgaan meegedeeld.

4De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen als genoemd in het eerste, tweede en derde lid.

Artikel 12 Quorum

1Voor het houden van een zitting en voor het uitbrengen van een advies is vereist, dat de voorzitter dan wel zijn plaatsvervanger en minimaal twee leden aanwezig zijn.

2Het bepaalde in het eerste lid laat onverlet dat het horen kan geschieden door de voorzitter of een lid dat geen deel uitmaakt van en niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het verwerende orgaan.

Artikel 13 Niet deelneming aan de behandeling

De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift, indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn.

Artikel 14 Openbaarheid zitting

1De zitting van de commissie is openbaar.

2De deuren worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet.

3Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren.

Artikel 15 Schriftelijke verslaglegging

1Het verslag als bedoeld in de artikelen 7:7 van de wet, vermeldt de namen van de aanwezigen, met daarbij een vermelding van hun hoedanigheid.

2Het verslag houdt een korte vermelding in van hetgeen over en weer is gezegd en overigens ter zitting is voorgevallen.

3Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding.

4Het verslag verwijst naar de op de zitting overlegde bescheiden, die aan het verslag worden gehecht.

5Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie.

Artikel 16 Nader onderzoek

1Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de commissie dit onderzoek houden.

2De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden.

3De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de in het eerste lid bedoelde nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist omtrent een dergelijk verzoek.

4Op een nieuwe hoorzitting, als bedoeld in het derde lid, zijn de bepalingen in deze verordening, die betrekking hebben op de hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 17 Raadkamer en advies

1De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies.

2a. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.

b.Indien bij een stemming de stemmen staken dan beslist de stem van de voorzitter.

c.Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt, indien die

minderheid dat verlangt.

3Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.

4Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.

Artikel 18 Uitbrengen advies en verdaging

1Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in artikel 14, en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.

2Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van tien weken, als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid, van de wet, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies door de commissie en het nemen van een beslissing door het betreffende bestuursorgaan verzoekt hij het in het eerste lid bedoelde bestuursorgaan tijdig de beslissing te verdagen.

3Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de belanghebbenden een afschrift.

HOOFDSTUK III Slotbepalingen

Artikel 19 Onvoorziene gevallen

In gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslissen burgemeester en wethouders en, als de zaak tijdens een vergadering geen uitstel toelaat, beslist de voorzitter.

Artikel 20 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na het verstrijken van een termijn van vier weken na de datum van haar bekendmaking.

Artikel 21 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Wierden.

Gemeente Wierden, 2009

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.