Gemeentelijke regelgeving

Kaders die richting geven aan de uitvoeringsstrategie 2026-2029 voor vergunningen, toezicht en handhaving (VTH)

Gemeente Westland · geldt sinds 9 april 2026

Aanhef

De raad van de gemeente Westland;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 9 september 2025, nummer 25-0120139, met de volgende bijlage(n):

•Uitvoerings-en handhavingsstrategie Kaders

•Oplegger Koersnota VTH deel 1

gelet op het bepaalde in artikel 108 van Gemeentewet;

gehoord het advies van de commissie Bestuur en Economie van 9 oktober 2025 en gehoord de beraadslagingen van onderhavige vergadering;

besluit:

1De kaders die richting geven aan de uitvoeringsstrategie 2026-2029 voor vergunningen, toezicht en handhaving (VTH) vast te stellen.

1. Aanleiding en achtergrond

1.6 Wettelijke en beleidsmatig kader

1.6.1 Wettelijke verplichting

De wettelijke noodzaak voor een strategie op vergunningverlening, toezicht en handhaving op het gebied van Omgevingsrecht komt voort het stelsel van de Omgevingswet.

6Voorheen Wet algemene bepaling omgevingsrecht

Deze verplichting is opgenomen in artikel 13.5 van het Omgevingsbesluit. Uit het Omgevingsbesluit volgt bijvoorbeeld ook dat het bevoegd gezag voor het ruimtelijk domein moet vastleggen hoe toezicht wordt gehouden op naleving van regels, hoe wordt opgetreden bij overtredingen, welke prioriteiten gelden en hoe de samenwerking met samenwerkingspartners wordt ingericht.

Naast de werkzaamheden binnen het ruimtelijk domein richt deze strategie zich ook op taken onder de invloedsfeer van andere wet- en regelgeving. Anders dan bij het Omgevingsrecht is er voor deze wet- en regelgeving geen verplichting om op een soortgelijke manier vast te leggen hoe toezicht en handhaving zijn vormgegeven. Wel vraagt deze wet- en regelgeving om een goed functionerend stelsel van beschikking, voorzieningen, vergunningen, toezicht en waar nodig handhaving. Dit gaat om bijvoorbeeld bijzondere wetten zoals de Alcoholwet, Wet op de Kansspelen of de Opiumwet, maar bijvoorbeeld ook om de Participatiewet (Pw), de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet (Jw), de Wet Kinderopvang of de Wet publieke gezondheid (zie bijlage 7.3).

1.6.2 Beleidsmatige context

Naast een grote hoeveelheid verplichte wet- en regelgeving is er ook veel gemeentelijk beleid waar gemeente Westland met deze strategie op aansluit. De drie belangrijkste beleidstukken staan hieronder genoemd.

Omgevingsvisie Westland

De Omgevingsvisie Westland is een strategisch beleidsdocument dat de lange termijnambities van gemeente Westland beschrijft. Hierin gaat het met name om de fysieke leefomgeving. Denk hierbij aan thema’s zoals wonen, infrastructuur, duurzaamheid, economie en gezondheid. De omgevingsvisie vormt het beleidsmatig kader voor het omgevingsplan, evenals de omgevingsprogramma’s en projecten. De omgevingsvisie beïnvloedt directe beleidskeuzes en (indirect) de uitvoeringsprioriteiten. Gemeente Westland heeft verplicht dat de visie wordt betrokken bij het uitwerken van gerelateerd beleid zoals deze strategie. Zie de Omgevingsvisie 2.0 Westland voor meer informatie over de belangrijkste speerpunten.

Westlands Veiligheidsbeleid

Het Westlands Veiligheidsbeleid (Wvb) is een strategisch beleidsdocument dat zich richt op het bevorderen van een veilige en leefbare gemeente. In dit beleid zijn diverse speerpunten en randvoorwaarden vastgelegd voor de samenwerking tussen gemeente, politie en andere partners op het gebied van openbare orde en veiligheid. Omdat het waarborgen van de openbare orde en veiligheid hand in hand gaat met een goede ruimtelijke ordening, een kwalitatief goed woon- en leefklimaat en het bieden van bestaanszekerheid aan inwoners bestaat de behoefte om het Westlands Veiligheidsbeleid integraal onderdeel uit te laten maken van de voorliggende strategie. De belangrijkste speerpunten uit het beleid zijn terug te vinden in het Westlands Veiligheidsbeleid 2023-2026 (tot de herijking in 2026, waarna een nieuwe versie wordt vastgesteld).

In de Gemeentewet is bepaald dat de burgemeester verantwoordelijk is voor de handhaving van de openbare orde en voor het Westlands Veiligheidsbeleid (Wvb). Dit is de basis voor de wijze waarop de burgemeester als zelfstandig bestuursorgaan toezicht houdt op de openbare orde en veiligheid en handhavend optreedt. Oftewel: de basis waarop de burgemeester wil bouwen aan een veilig en leefbaar Westland.

Strategisch Beleidskader Sociaal Domein

Het Strategisch Beleidskader Sociaal Domein (SBSD) vormt de basis voor het gemeentelijke beleid binnen het sociaal maatschappelijk domein. Hierin staat het versterken van het eigen en collectieve probleemoplossende vermogen centraal, evenals het toegankelijk houden van zorg en het garanderen van bestaanszekerheid. Gemeente Westland faciliteert passende sociale voorzieningen, maar houdt ook toezicht op het gebruik ervan. Waar nodig wordt handhavend opgetreden om misbruik te voorkomen of om, in uiterste gevallen, betrokkenheid bij passende ondersteuning af te dwingen. Dit gaat niet enkel om het verstrekken van financiële voorzieningen zoals uitkeringen, maar ook over voorzieningen in de Jeugdhulp of Wmo. Hierbij betreft het zowel de kwaliteit van zorgaanbieders als om de rechtmatigheid van de zorgvraag. Met deze strategie wordt richting gegeven aan de toezichthoudende en handhavende taken binnen het sociaal maatschappelijk domein. Zie het Strategisch Beleidskader Sociaal Domein gemeente Westland voor meer informatie over de belangrijkste speerpunten.

2. Rechtstatelijke en gemeentelijke beginselen

2.1 Beginselen

2.1.1 Pijler 1: Rechtstatelijke beginselen

Het handelen van gemeente Westland is, naast datgene dat bepaald is in diverse wetten, onlosmakelijk verbonden met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Beginselen die zich richten op de waarborging van een zorgvuldig, eerlijk en transparant bestuur. Deze beginselen zijn ook richtinggevend voor alle onderdelen binnen het verlenen van vergunningen tot het uitvoeren van toezicht en het inzetten van handhavingsmaatregelen. Zo staat gemeente Westland garant voor een zorgvuldige besluitvorming, waarbij op basis van een totaalbeeld feiten en belangen op een evenwichtige wijze worden afgewogen. De afweging wordt te allen tijde helder gemotiveerd en toegelicht. Inwoners en bedrijven moeten er immers op kunnen rekenen dat zij begrijpen hoe en waarom een besluit tot stand is gekomen. Binnen de keten en taakvelden van vergunningverlening, toezicht houden en handhavend optreden is invulling gegeven aan het evenredigheidsbeginsel. Binnen het handhavend optreden geldt daarvoor in ieder geval dat het middel moet passen bij de ernst van de overtreding en de omstandigheden van het geval. Verder staat gemeente Westland voor een gelijke behandeling in gelijke gevallen. Daarnaast hecht gemeente Westland aan het vertrouwensbeginsel, waarin recht wordt gedaan aan de redelijke verwachtingen die inwoners mogen hebben ten aanzien van het handelen van de overheid. Eenieder - van wethouder tot ambtenaar - binnen de gemeentelijke organisatie is zich hiervan bewust en werkt binnen de aan hem of haar toegekende bevoegdheden.

Het dualistisch gemeentelijk stelsel scheidt de rollen van het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad helder. Voor deze strategie betekent dit dat het college van burgemeester en wethouders verantwoordelijk is voor de uitvoering van de strategie Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving, het operationaliseren en de concrete inzet van toezicht en handhaving. De gemeenteraad stelt daarvoor de strategische kaders vast en ziet erop toe dat het college hier op doelmatige en rechtmatige wijze uitvoering aan geeft. De strategie maakt deze rolverdeling expliciet door inzicht te geven in beleidskeuzes, prioriteiten en beoogde effecten, waarmee het college verantwoording kan afleggen aan de raad en aan de samenleving. Deze rolverdeling tussen raad en college draagt bij aan het borgen van rechtmatigheid en rechtsgelijkheid, bewaakt de scheiding tussen kaderstelling en uitvoering, en verkleint het risico op politieke druk. Bovendien voorkomt het situaties in het rechtsbeschermingsproces dat bedoeld is om besluiten op onafhankelijke wijze te toetsen. De verantwoordingsplicht van het college naar de raad en daar op transparante en zorgvuldige wijze invulling aangeven, zorgt voor vertrouwen in het bestuurlijk proces. Hiermee ontstaat ruimte om van incident gedreven bestuur op de uitvoering over te gaan naar beleidsmatige sturing waarbij individuele gevallen kunnen worden gebruikt als signaal voor structurele knelpunten.

Hiermee ontstaat ruimte om van incident gedreven bestuur op de uitvoering over te gaan naar beleidsmatige sturing waarbij individuele gevallen kunnen worden gebruikt als signaal voor structurele knelpunten.

2.1.2 Pijler 2: gemeentelijke beginselen

Naast de geschetste wettelijke kaders werkt gemeente Westland vanuit eigen beleidsmatige beginselen. Deze beleidsmatige kaders geven richting aan een toekomstbestendige en maatschappelijk verankerde aanpak. Hiermee bouwt gemeente Westland aan een keten van vergunningverlening, toezicht en handhaving die niet alleen rechtmatig en doelmatig is, maar ook verbindend, zichtbaar en maatschappelijk relevant. In deze paragraaf licht gemeente Westland de gemeentelijke beleidsbeginselen toe. Deze vormen de basis voor de strategie met betrekking tot de uitvoerende taken en communicatie (uitgewerkt in deel II).

Inwonergericht

Gemeente Westland streeft naar een uitvoeringspraktijk die aansluit op de leefwereld van inwoners en ondernemers. Dit zie je terug in de prioritering van de taakvelden, maar ook bij zaken zoals dienstverlening en handhaving. Inzetten op duidelijkheid, eenduidigheid, toegankelijkheid en rechtmatigheid is voor gemeente Westland daarom belangrijk. Preventie en dialoog met inwoners en ondernemers vormen hierbij het uitgangspunt en waar mogelijk wordt ingezet op gedragsverandering en naleving van rechtsregels door middel van informatie en ondersteuning. Ook wil gemeente Westland kwetsbare inwoners, van jong tot oud, kunnen beschermen tegen aanbieders (van jeugdhulp of Wmo) die ondersteuning van onvoldoende kwaliteit leveren of misbruik maken van deze kwetsbare positie.

Risicogericht

Toenemende maatschappelijke opgaven in relatie tot beperkte middelen en capaciteit maakt dat gemeente Westland keuzes maakt ten aanzien van de prioritering. Dit gebeurt op basis van een risicobenadering, waarbij toezicht en handhaving prioriteit krijgt in situaties waar de impact op gezondheid, veiligheid, leefbaarheid het grootst is. Door risicogericht te werken, zet gemeente Westland de beschikbare middelen en capaciteit doelmatig in en kan snel en doeltreffend opgetreden worden waar dat het meest nodig is. Onderdeel van deze risicobenadering is, in het verlengde van het beginsel ‘inwonergericht’, ook het inzetten van middelen en capaciteit op situaties die inwoners en ondernemers belangrijk vinden.

Helder en duidelijk

Gemeente Westland wil dat inwoners, ondernemers en samenwerkingspartners weten waar zij aan toe zijn. Om die reden hanteert gemeente Westland eenduidig beleid, begrijpelijke communicatie en handelt voorspelbaar. In de uitwerking van regelgeving, beleidsregels en uitvoeringsrichtlijnen wordt ingezet op consistentie en begrijpelijkheid.

Transparant en navolgbaar

Gemeente Westland maakt de prioritering inzichtelijk, hoe besluiten tot stand komen en op welke wijze toezicht en handhaving plaatsvinden. Onderdeel hiervan is de structurele werkwijze volgens een navolgbare werkwijze. Dit actief en zorgvuldig inzichtelijk maken versterkt het vertrouwen van de maatschappij in gemeente Westland als overheidsorgaan.

Integrale benadering (integraliteit)

Toezicht en handhavingsvraagstukken worden daar waar mogelijk domeinoverstijgend opgepakt, zodat er meer zicht op samenhang van belangen in een gebied of casus ontstaat. Hiermee wil gemeente Westland proactief en gebiedsgericht sturen op naleving van maatschappelijke waarde. De strategie overstijgt mede om deze reden de individuele beleidsterreinen.

Binnen de keten van vergunningverlening, toezicht en handhaving bestaat ook samenhang. Ook deze onderdelen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en moeten als één keten functioneren:

•Vergunningverlening schets het kader waarbinnen activiteiten mogen plaatsvinden.

•Toezicht bewaakt naleving van geldende rechtsregels inclusief de voorschriften van een vergunning, beschikking of melding. Hierbij wordt opgemerkt dat het uitvoeren van de toezichthoudende taak specifieke kennis vereist per wetgeving, maar soms ook andere middelen van onderzoek én andere samenwerkingspartners.

•Inzet van handhaving volgt als rechtsregels worden overtreden en dit leidt tot maatschappelijke schade of risico’s. Het is hiermee een uiterst, maar essentieel middel, om naleving van rechtsregels te garanderen.

In alle onderdelen van de keten van vergunningverlening, toezicht en handhaving is integriteit een belangrijk element. De uitoefening van taken binnen het werkveld van vergunningverlening, toezicht en handhaving raakt direct aan de (machts)positie van de overheid en het vertrouwen in de overheid: gemeente Westland heeft de bevoegdheid om activiteiten toe te staan of te beperken, om in te grijpen in het leven van de inwoner, en om handhavend op te treden bij overtredingen met alle mogelijke gevolgen van dien. Daarom blijft gemeente Westland inzetten op het voorkomen van belangenverstrengeling en beïnvloeding, het professioneel en onafhankelijk afwegen van feiten, normen en belangen, het zorgvuldig omgaan met vertrouwelijke informatie en het doelmatig inzetten van bevoegdheden. De gemeentelijke organisatie is zich hierbij bewust dat dit eveneens een cultuurvraagstuk betreft en dat ook binnen de organisatie aandacht is voor tegenspraak, reflectie en lerend vermogen.

3. Ontwikkelingen

3.1 Demografie en samenleving

3.1.1 Groei van de lokale bevolking en bedrijvigheid

Gemeente Westland verwacht de komende jaren een groei van zowel de bevolking als de bedrijvigheid (Westland in Cijfers). Daarnaast is er sprake van vergrijzing en een stijging in diversiteit van de bevolking. Dit zorgt voor een toenemende werklast voor de gemeentelijke organisatie. Een tekort aan ruimte dreigt, waardoor inwoners en bedrijven dichter op elkaar komen te zitten. Dit heeft gevolgen voor ruimtelijke ordening, veiligheid en sociale cohesie. Om de groei op te vangen, moeten ruimtelijke ontwikkelingen hand in hand gaan met voldoende capaciteit voor infrastructuur, zorg en onderwijs. Concreet is dit ook belangrijk met het oog op de komst van Flora Campus Westland en de opgaven rondom de modernisering van de glastuinbouwsector. Zonder tijdige uitbreiding dreigt druk op voorzieningen, verkeersopstoppingen en capaciteitsproblemen bij publieke diensten. Dit vraagt om een plan waarin gemeente Westland verder kijkt dan bijvoorbeeld alleen woningbouw. Hierdoor ligt het voor de hand dat mensen dichter op elkaar komen te wonen, elkaar meer zien en meer last van elkaar ervaren.

Verder is er landelijk sprake van een verhoogde instroom van migranten als gevolg van geopolitieke spanningen, zoals conflicten in Oekraïne en het Midden-Oosten. Op het moment van vaststellen is er nog steeds sprake van een toename in de eerdergenoemde spanningen. Hieruit voortkomende conflicten verhogen de kans op een toename van instroom. Een landelijke toename van instroom draagt eveneens bij aan de groei van de lokale bevolking en bedrijvigheid. Gemeente Westland is zich bewust van een mogelijke verandering in de instroom en de daarbij horende uitdagingen rondom huisvesting en voorzieningen.

3.1.2 Druk op zorg en publieke voorzieningen

De bevolkingsgroei brengt een toename van de druk op publieke voorzieningen met zich mee, met name op het gebied van zorg en welzijn (hulp en ondersteuning). In gemeente Westland is dit al merkbaar door een stijging in zorg-gerelateerde beschikkingen. Dit is merkbaar bij zowel gemeente Westland als haar partners (Sociaal Kernteam Westland (SKT), GGD en Vitis Welzijn). De verwachting is dat deze druk gedurende de beleidsperiode van deze strategie verder toeneemt. Er is daarnaast ook sprake van oneigenlijk gebruik van sociaal maatschappelijke voorzieningen

7Bron van deze ontwikkeling

. Deze trend is landelijk, en binnen gemeente Westland ook merkbaar. Samenwerking tussen het sociaal maatschappelijk domein en het veiligheidsdomein wordt mede hierom steeds belangrijker.

Dat er door maatschappelijke ontwikkelingen de druk op publieke voorziening toeneemt, is ook vanuit samenwerkingspartners zichtbaar. De politie, het OM en bureau Halt kampen met beperkte capaciteit. Vanuit de politie krijgt gemeente Westland via de buitengewoon opsporingsambtenaren (Boa’s) er steeds meer bevoegdheden bij. De Boa wordt daarmee een belangrijke speler ten aanzien van politietaken. Het is van belang dat gemeente Westland hier afspraken over maakt met de politie.

8Bijvoorbeeld in een handhavingsarrangement

3.1.3 Complexere zorgvragen en personen met onbegrepen gedrag

Naast reguliere zorg is er een toename van complexe zorgvragen en incidenten met verwarde personen. Gemeente Westland wordt vaker gevraagd om bij te dragen aan complexe casussen en moet vaker ingrijpen bij incidenten. De politie en medewerkers van team Openbare Orde en Veiligheid, maar ook partners zoals de GGZ en SKT spelen hierin een belangrijke rol. Dit vraagt om versterkte samenwerking binnen bestaande overlegstructuren.

3.1.4 Vertrouwen in de overheid

Sinds de coronapandemie is de maatschappij deels verhard: polarisatie neemt toe en het vertrouwen in instituties daalt. Dit wordt versterkt door het medialandschap en de toenemende invloed van sociale media. Bovendien hebben specifieke incidenten zoals de toeslagenaffaire het vertrouwen in een eerlijke en rechtvaardige overheid verder geschaad. Voor gemeentelijke medewerkers leidt dit soms tot moeilijkheden bij de uitvoering van hun werk.

3.1.5 Veranderend speelveld veiligheid en overlast

Er is een verschuiving gaande als het gaat om overlast en criminaliteit. Een concreet voorbeeld van het veranderende speelveld is de toegenomen inzet op digitale veiligheid en online criminaliteit. Waar criminaliteit voorheen vooral fysiek zichtbaar was, zoals woninginbraken of straatgeweld, verplaatst een deel van de dreiging zich nu naar het digitale domein. Denk hierbij aan online oplichting en de werving van jongeren via sociale media voor criminele activiteiten zoals drugskoeriers of katvangers. Deze vormen van criminaliteit zijn lastiger te signaleren met traditionele handhavingsmiddelen en vragen om andere vormen van samenwerking, bijvoorbeeld met scholen, jeugdhulp, politie en digitale opsporingsteams. Ook ziet gemeente Westland een veranderend beeld van overlast. Zo daalt overlast vanwege de verkoop en het gebruik van lachgas, maar stijgt bijvoorbeeld de overlast door het gevaarlijk gebruik van fatbikes. Tot slot is er ook een groeiende zorg over potentiële radicalisering, ook onder jeugd. Gemeente Westland merkt op dat meer kennis/deskundigheid op dit gebied nodig is.

Het veranderde speelveld binnen veiligheid en overlast vraagt dat gemeente Westland wendbaarder wordt en bij vroegtijdige onderkenning van dergelijke trends het beleid en de uitvoering daarop aanpast.

3.2 Bestuur, beleid en regelgeving

3.2.1 Integraal werken

Veel van de eerdergenoemde ontwikkelingen gaan verschillende domeinen aan. Integraal werken wordt daarmee, naast een bestuurlijke wens, ambtelijk noodzakelijk geacht. In hoofdstuk 1 is de ambitie ten aanzien van integraliteit toegelicht. De ontwikkelingen laten in samenhang zien dat ook de veranderende maatschappij behoefte heeft aan een gemeente die zo integraal mogelijk werkt.

3.2.2 Incidentgedreven bestuur

Westland is een gemeente vol ambitie met een betrokken bestuur. Het bestuur staat dicht op de maatschappij. Inwoners of bedrijven nemen daarom ook regelmatig rechtstreeks contact op met relevante wethouders of volksvertegenwoordigers. Dit is positief; het bestuur staat dicht bij de samenleving, reageert snel op urgente kwesties en toont betrokkenheid. Dit is terug te zien in de vergaderpunten in de periode 2022 – 2025. Zo is in de periode 2022–2025 structureel een aanzienlijk aandeel van de vergaderpunten gericht op individuele gevallen, acute incidenten of korte-termijn interventies. Dit kan worden omschreven als incident gedreven bestuur. Hoewel dit door velen als positief wordt ervaren, brengt het ook uitdagingen met zich mee. Zo kan de manier van werken die hierdoor ontstaat voor de gemeentelijke organisatie ook worden omschreven als het werken in “de waan van de dag”. Hiermee wordt bedoeld dat de uitvoeringsorganisatie zich richt op wat er de dag van vandaag moet gebeuren en hierdoor minder tijd heeft voor vastgestelde beleidsambities. Dit kan betekenen dat er onvoldoende ruimte is om vooruitkijken. Een risico hiervan is dat er willekeur ontstaat terwijl er behoefte is aan maatwerk.

Met voorliggende strategie wil gemeente Westland zich inzetten om een directe lijn te leggen tussen signalen gemeld bij of van volksvertegenwoordigers en de ambtelijke organisatie. Door deze signalen via gestructureerde en georganiseerde kanalen te vertalen naar de uitvoeringspraktijk, ontstaat ruimte om signalen gemeld bij of van volksvertegenwoordigers te verbinden aan breder integraal beleid, prioritering aan te brengen binnen de beschikbare uitvoeringscapaciteit en te voorkomen dat incidentele signalen structurele beleidslijnen ondermijnen. Dit sluit aan bij de beginselen zoals benoemd in hoofdstuk 2 van voorliggende strategie, waar integraliteit, transparantie en maatschappelijke responsiviteit centraal staan.

3.2.3 Nieuw college

De vorming van een nieuw college van burgemeester en wethouders in 2026 brengt veranderingen met zich mee. Een nieuwe gemeenteraad en een nieuw college kunnen andere prioriteiten en beleidsaccenten noodzakelijk vinden, wat invloed heeft op de uitvoering van bestaand beleid, waaronder deze strategie. Voor de uitvoeringsorganisatie betekent dit mogelijk een aanpassing aan nieuwe beleidsrichtingen en werkwijzen (manieren van werken). Het is belangrijk dat gemeente Westland en haar beleid in dit opzicht flexibel is.

3.2.4 Organisatieontwikkeling

Gemeente Westland zit op het moment in het eerste stadium van een ontwikkeling richting een nieuwe organisatiestructuur. Met deze nieuwe structuur wordt gewerkt aan een slagvaardige en betrouwbare gemeentelijke organisatie, die met durf, verbondenheid en vakmanschap werkt aan een samenleving waar inwoners fijn kunnen wonen, werken en leven. De reorganisatie markeert het begin van de verandering waarmee durf, verbondenheid en vakmanschap tot wasdom komt. Dit gebeurt via drie pijlers: leiderschap en sturing, cultuur en basis op orde.

De pijler leiderschap en sturing zet in op het werken met dienend en persoonlijk leiderschap, waar wordt gestuurd op resultaat en men elkaar helpt. De pijler cultuur gaat over het ontwikkelen van een organisatiecultuur, waarin mensen betrouwbaar, betrokken en bekwaam zijn en continu blijven leren. De pijler basis op orde zoomt in op de processen en systemen die het werk faciliteren.

Alle drie de pijlers zijn belangrijk voor deze strategie, maar met name de pijler leiderschap en sturing en de pijler cultuur. Dit gaat immers met name over rolzuiverheid en de manier van werken. Ondanks dat met reorganisatie een positief effect wordt beoogd is niet uit te sluiten dat dit voor een bepaalde periode onzekerheid en onduidelijkheid met zich meebrengt.

3.2.5 Omgevingsvisie

De Omgevingsvisie 2.0 van gemeente Westland is vastgesteld als strategisch kader voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving tot 2030. De visie legt doelen vast voor de lange termijn en dient als basis voor onder andere omgevingsprogramma's, het omgevingsplan en deze strategie. De visie is opgesteld met input van inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden. Voor meer informatie en de belangrijke speerpunten zie de Omgevingsvisie Westland 2.0.

Binnen de BIG-8 beleidscyclus speelt de Omgevingsvisie een centrale rol. De visie dient als vertrekpunt voor het ontwikkelen van andere kerninstrumenten uit het stelsel van de Omgevingswet zoals programma’s, maar legt ook een basis voor uitvoeringsstrategieën. De invulling van deze instrumenten en bijhorende strategieën en werkwijze spelen de komende beleidsperiode een belangrijke rol. \

3.2.6 Transitie naar omgevingsplan

Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is gemeente Westland verplicht om één integraal omgevingsplan op te stellen voor het gehele grondgebied. Dit plan vervangt de bestaande bestemmingsplannen en bevat regels over de fysieke leefomgeving, zoals bouwwerken, infrastructuur, water, bodem, lucht, landschappen, natuur en cultureel erfgoed.

De transitie naar één omgevingsplan is een complex proces dat gefaseerd wordt uitgevoerd. Om de overgang te faciliteren heeft gemeente Westland middelen nodig in de transitiefase. Deze middelen zijn bijvoorbeeld nodig voor de uitwerking van beleidsplannen, het maken en implementeren van programma’s en het toepasbaar maken van regels. Dit omvat onder andere het bijwerken van beleidsplannen, het ontwikkelen en monitoren van programma's, opleidingen en borging van nieuw gedachtegoed.

Gedurende deze transitie blijft gemeente Westland operationeel ("de winkel blijft open"). Dit vraagt om het vrijmaken of inhuren van capaciteit en kennis om de noodzakelijke opgaven vorm te geven. Dit heeft impact op een deel van de beleidsterreinen. De integrale aanpak vereist dat medewerkers binnen deze domeinen beter afgestemd samenwerken en zich aanpassen aan nieuwe regels en procedures. Dit betekent ook dat beleid en uitvoering nauwer op elkaar moeten aansluiten om vertragingen en miscommunicatie te voorkomen. Daarnaast heeft de transitie specifiek veel invloed op vergunningverlening, toezicht en handhaving in met name het ruimtelijk en veiligheidsdomein. Nieuwe omgevingsregels vragen om bijstelling van handhavingsstrategieën en een scherpere afstemming tussen beleidsontwikkeling en uitvoering.

3.2.7 Westland Veiligheidsbeleid (WVB) 2023- 2026 (incl. nieuw veiligheidsbeleid)

Het Westlands Veiligheidsbeleid 2023–2026 vormt het strategisch kader voor de aanpak van veiligheid en openbare orde binnen gemeente Westland. Het beleid legt de focus op vier hoofdthema's: leefbaarheid en veiligheid, zorg en veiligheid, jeugd en veiligheid, ondermijning en het veiligheidsfundament. Deze thema's vormen de pijlers van de gemeentelijke aanpak om de veiligheid te waarborgen en incidenten te voorkomen. Voor meer informatie over de belangrijke speerpunten wordt verwezen naar het Westlands Veiligheidsbeleid 2023 – 2026.

.

Het huidige beleid loopt tot eind 2026. Evaluatie, domeinoverstijgend afstemmen en waar nodig bijsturen zijn de komende periode bij het herzien van dit beleidsstuk belangrijk om de integraliteit en verbinding met andere beleidstukken (zoals deze strategie) te borgen.

3.2.8 Strategisch Beleidskader Sociaal Domein

Gemeente Westland heeft in juni 2025 een nieuw strategisch beleidskader voor het sociaal maatschappelijk domein vastgesteld. Dit beleidskader geeft mede vorm aan deze strategie, maar vooral ook de manier van werken. Dit is gericht op het normaliseren en versterken van een ieders vermogen om zelf en samen met anderen oplossingen te vinden, zorg toegankelijk te houden, de sociale basis te versterken en bestaanszekerheid te garanderen. Voor meer informatie over voornoemde punten wordt verwezen naar het Strategisch Beleidskader Sociaal Domein.

Het nieuwe beleidskader legt de nadruk op integraal handelen (ook in het toezichthouden- en eventueel handhaven). Dit betekent in veel opzichte dat problemen die raken aan zowel sociale veiligheid, leefomgeving als welzijn, in te toekomst structureel en in samenhang moeten worden aangepakt.

3.3 Digitalisering en innovatie

3.3.1 Data gestuurd en efficiënt werken

Gemeente Westland zet steeds meer in op data gestuurd werken om beleidskeuzes efficiënter en doelgerichter te maken. Door gebruik te maken van actuele data kunnen signalen vanuit de samenleving sneller worden opgepakt en teruggekoppeld naar beleid. Dit maakt het mogelijk om vroegtijdig te anticiperen op problemen en tijdig bij te sturen. Sturing op meetbare doelen is hierbij belangrijk. Hiervoor is het nodig om met concrete Key Performance Indicators (KPI) te werken. Hiermee kan de voortgang en effectiviteit van beleid gemeten worden en wordt het monitoren en sturen op beleidsdoelstellingen gefaciliteerd. Deze sturingsinformatie maakt het vervolgens mogelijk om snel bij te schakelen waar dat nodig is. Gemeente Westland streeft er voor de komende beleidsperiode naar om daar waar nog geen concrete KPI’s beschikbaar zijn, zoveel mogelijk onderdelen van de dienstverlening meetbaar te maken. Op deze manier is snel duidelijk waar resultaten worden geboekt en waar bijstelling nodig is. Deze aanpak moet de komende periode samen met regelmatig evalueren zorgen voor een betere verbinding tussen beleid en uitvoering (en dus een betere borging van de BIG-8, zie hoofdstuk 1.3).

3.3.2 Kunstmatige Intelligentie (AI)

De inzet van Kunstmatige Intelligentie (AI) neemt toe binnen de overheid, maar ook in de bredere samenleving. Voor Westland biedt AI-kansen om processen te versnellen, patronen in data te ontdekken en beleidsmatige keuzes beter te onderbouwen. Denk hierbij aan de automatische detectie van overtredingen, risicovoorspelling op het gebied van sociale problematiek en het sneller verwerken van vergunningsaanvragen. Tegelijkertijd roept AI-vragen op over ethiek, privacy en de rol van menselijke controle. Een kritische blik en een flexibele houding zijn noodzakelijk om de voordelen te benutten en risico's te beperken. Gemeente Westland houdt de komende beleidsperiode de ontwikkelingen rondom AI goed in de gaten en beoordelen of en in hoeverre AI toegepast kan worden. Bij de eventuele integratie van AI in overheidssystemen is het belangrijk om kritisch te blijven, na te denken over privacy en de daartoe aangewezen personen en gezagen in te horen.

3.3.3 Digitale veiligheid

Digitalisering brengt ook nieuwe risico's met zich mee. Denk aan cybersecurity (of cyber veiligheid). Gemeentelijke diensten en digitale loketten zijn in sommige opzichten kwetsbaar voor aanvallen, wat directe gevolgen kan hebben voor de kwaliteit van dienstverlening, de privacy van inwoners en het vertrouwen van de inwoner in gemeente Westland als overheidsorgaan. Om deze risico's te beperken, moet gemeente Westland de digitale infrastructuur versterken en weerbaar zijn.

2. Risico’s en prioritering

2.2 Risicoanalyse

2.2.1 Risico-indicatoren

Om de risico’s per dossiertype op een uniforme manier te beoordelen, is een analyse uitgevoerd aan de hand van zes risico-indicatoren. Deze indicatoren zijn vastgesteld tijdens ambtelijke werksessies en vormen de basis voor een gestructureerde en herleidbare risico-inschatting. Vijf van de indicatoren zijn domeinoverstijgend. Ze zijn daarmee toepasbaar binnen elk taakveld, al verschilt wel de wijze waarop de indicatoren in de praktijk worden ingevuld. Elke indicator is daarom bewust breed geformuleerd, zodat deze binnen de verschillende domeinen op een passende manier kan worden geïnterpreteerd en toegepast. Het hanteren van domeinoverstijgende indicatoren maakt onderlinge samenhang in de risicoafwegingen mogelijk en bevordert een eenduidige beoordeling.

Daarnaast is per domein één aanvullende indicator toegevoegd die specifiek aansluit op de aard van die taakvelden. Een totaaloverzicht van de taakvelden is terug te vinden in bijlage 7.2.1.1. Hieronder worden de risico-indicatoren nader toegelicht.

Domeinoverstijgende indicatoren

Veiligheid

Deze indicator richt zich op de risico’s die de fysieke en/of sociale veiligheid van personen direct kunnen raken. Dit omvat de brandveiligheid, constructieve risico’s, verkeersveiligheid, risico’s voor kwetsbare groepen en het sociaal netwerk waar mensen op kunnen terugvallen. Verder vallen criminaliteit en ondermijning ook onder deze indicator.

Kwaliteit leefomgeving & Volksgezondheid

Deze indicator beoordeelt in hoeverre een situatie negatieve invloed heeft op de directe woon- en leefomgeving van inwoners. Dit betreft overlast, verloedering, aantasting van de beeldkwaliteit en de algemene ervaren leefbaarheid. De kwaliteit van de leefomgeving staat voor gemeente Westland in directe relatie tot de volksgezondheid: een schone en aangename omgeving draagt bij aan het fysieke en mentale welzijn. Daarom worden ook risico’s voor de volksgezondheid hierin meegenomen, waaronder geur- en geluidsoverlast, onhygiënische situaties of andere omstandigheden die de fysieke of mentale gezondheid van mensen kunnen beïnvloeden.

Gemeentelijk imago

Deze indicator betreft risico’s die het vertrouwen in gemeente Westland als bestuursorgaan kunnen aantasten. Dit omvat situaties waarbij sprake is van willekeur, onvoldoende optreden of het zichtbaar negeren van signalen uit de samenleving. Ook publieke verontwaardiging en negatieve mediabelangstelling vallen hieronder.

Bestuurlijk en/of politiek afbreukrisico

Deze indicator richt zich op situaties waarbij bestuurlijke verantwoordelijkheid rechtstreeks in het geding komt te staan. Het gaat om dossiers die kunnen leiden tot politieke vragen, druk op een bestuurder of het onderlinge vertrouwen tussen college, raad en ambtelijke organisatie aantasten. In tegenstelling tot imagoschade draait dit risico om de bestuurlijke consequenties en legitimiteit.

Financiën

Deze indicator gaat over de financiële risico’s voor gemeente Westland. Het betreft directe gevolgen, zoals mogelijke schadeclaims of herstelkosten, maar ook indirecte effecten. Bijvoorbeeld door precedentwerking of situaties waarin handelen of juist niet handelen tot (grote) financiële consequenties kan leiden. Naast de gemeentelijke begroting wordt ook de bredere Westlandse economie hierin meegenomen, aangezien economische ontwikkelingen vaak direct of indirect van invloed zijn op de financiële positie van gemeente Westland.

Domeinspecifieke indicatoren

Natuur en klimaat (Ruimte)

Deze indicator is specifiek voor het ruimtelijk domein. Het beoordeelt in hoeverre een situatie negatieve impact heeft op natuurwaarden, biodiversiteit, klimaatdoelstellingen of het milieu. Dit omvat bijvoorbeeld illegale kap, verstoring van ecologische zones of handelingen die strijdig zijn met duurzaam ruimtegebruik.

Openbare orde (Veiligheid)

De risico-indicator openbare orde is direct verbonden met de openbare orde bevoegdheden van de burgemeester, zoals vastgelegd in onder andere de Gemeentewet en de Wet openbare manifestaties. Het gaat hierbij specifiek om situaties die de inzet van bestuursrechtelijke maatregelen kunnen vereisen, zoals het tijdelijk sluiten van panden ter voorkoming van wanorde of ernstige overlast.

Oneigenlijk gebruik maatschappelijke voorzieningen (Sociaal maatschappelijk)

Deze indicator is specifiek voor het sociaal maatschappelijk domein. Het richt zich op het onterecht gebruik van gemeentelijke regelingen en/of voorzieningen. Dit omvat situaties waarin (financiële) voorzieningen bewust of onbewust niet volgens de eigenlijke bedoeling worden gebruikt, wat leidt tot oneerlijke toegang, onrechtmatige bevoordeling of uitputting van publieke middelen.

2.2.2 Methodiek

Voor elk taakveld is de risicoanalyse uitgevoerd aan de hand van de eerder beschreven risico-indicatoren. Deze indicatoren vormen de meetlat waarmee per dossiertype systematisch is vastgesteld of en in welke mate sprake is van verhoogde risico’s. De analyse is opgebouwd rondom de volgende formule:

Risico = Effect x Kans

Om deze formule te vertalen naar de praktijk, is gewerkt met twee centrale vragen die per risico-indicator zijn beantwoord. Deze vragen maken inzichtelijk hoe groot de potentiële risico’s zijn. Hierbij geldt voor beide een mogelijke score van 0 - 3.

Effect (impact)

Als de risico-indicator optreedt, hoe groot is de ernst van dit (negatieve) effect gemiddeld genomen?

Mogelijke scores zijn:

•0 = geen

•1 = beperkt

•2 = duidelijk aanwezig

•3 = groot

Voor de effectvraag geldt dat de ernst van het gevolg de score bepaalt. Dit betekent dat wanneer er één onderdeel van de indicator zeer ernstig wordt geraakt, dit voldoende is om een hoge effectscore te rechtvaardigen. Dit voorkomt dat zwaarwegende risico’s worden afgezwakt doordat ze slechts één deelgebied raken. Zo leiden bijvoorbeeld ernstige potentiële risico’s voor de brandveiligheid in een gebouw tot een hoge score op de indicator veiligheid, ook wanneer andere aspecten zoals de constructieve veiligheid en verkeersveiligheid niet geraakt worden. Tegelijkertijd kan een combinatie van meerdere deelaspecten met een gemiddeld risico, zoals matige brandveiligheids-, constructieve veiligheids- en verkeersveiligheidsrisico’s, ook gezamenlijk tot een hoge score leiden.

Kans (frequentie)

Hoe vaak komt dit effect bij een overtreding gemiddeld genomen voor?

Mogelijke scores zijn:

•0 = nooit

•1 = soms

•2 = regelmatig

•3 = vaak tot altijd

De kansvraag gaat over de frequentie waarmee het beoogde negatieve effect zich voordoet bij overtredingen binnen het betreffende dossiertype. Anders gezegd, hoe vaak ziet men in de praktijk dat deze risico-indicator daadwerkelijk wordt geraakt? Hiermee wordt er onderscheid gemaakt tussen structurele risico’s en de meer uitzonderlijke, maar potentieel ernstige situaties.

Voorbeelden zijn grote evenementen, waar de kans op een ernstige overtreding met impact op de veiligheid relatief klein is – het overgrote deel verloopt ordelijk of het zijn kleine afwijkingen. Toch is het risico aanwezig dat, als het echt misgaat ondanks alle preventieve maatregelen, de gevolgen aanzienlijk zijn. In zo’n geval scoort de kans alsnog laag. De kansscore zegt dus niets over de ernst, maar alleen over de mate van voorkomen bij overtredingen.

2.3 Prioritering

2.3.1 Uitkomst prioritering

In onderstaande tabel staat een overzicht van de prioriteiten per taakveld op basis van de risicoanalyse. Dit geeft inzicht in de thema’s waar de grootste risico’s liggen. Elk taakveld is opgebouwd uit een aantal verschillende dossiertypen. De volledige overzichtstabellen, met daarin de scores per dossiertype onder elk taakveld, plus de onderliggende scores per risico-indicator is opgenomen in bijlage 7.3.

Onder het onderstaande schema zijn de uitkomsten van het participatietraject, werksessie gemeenteraad en bestuurlijke afstemming toegelicht. Daar waar dit (significant) afwijkt van de uitkomst van de risicoanalyse, wordt onderbouwd hoe dit in de uitvoering landt, evenals de rechtvaardiging daarvan. Het volledige overzicht van deze werkgroepen en enquêtes is opgenomen in bijlage 7.3.1.

Risicoanalyse

Participatietraject

Via een enquête zijn ruim 400 reacties opgehaald over welke thema’s inwoners belangrijk vinden binnen toezicht en handhaving. De vijf meest genoemde thema’s zijn weergegeven in onderstaand overzicht, samen met de weging binnen de ambtelijke risicoanalyse en een korte duiding van eventuele verschillen. De volledige uitkomst van de enquête is te vinden in bijlage 7.3.1.

Thema

Top 5 Enquête

Risico-inschatting ambtelijke analyse

Duiding en vervolgacties

Jeugdcriminaliteit

1

Hoog/ Gemiddeld

Komt grotendeels overeen. Actieve inzet via jeugdkamer en zorg- en veiligheid.

Overlast gevende jongeren

2

Gemiddeld

Planmatige aanpak. Boa’s spelen hier een belangrijke rol in de leefbaarheidsteams.

Verkoop van drugs

3

Hoog

Volledige match. Vaste inzet binnen aanpak ondermijning en Damoclesbeleid.

Afvaldumping

4

Laag

Significant verschil met risicoanalyse. Projectmatige aanpak, o.a. via flexibele inzet Boa’s op hotspots.

Productie van drugs

5

Hoog

Volledige match. Structurele inzet binnen ondermijningsaanpak en integrale controles.

De uitkomst van de enquête geeft waardevolle inzichten in maatschappelijke zorgen en aandachtspunten. Hierboven is de top vijf weergegeven. Het is echter belangrijk te benadrukken dat deze ranglijst geen harde grens vormt. Ook thema’s die net buiten de top vijf vallen – zoals bewust misbruik van financiële middelen of hulp, mensenhandel en mensen met verward gedrag – zijn vaak genoemd en gaan mee in de verdere uitwerking van het jaarlijkse uitvoeringsprogramma.

Via extra projectmatige inzet richt gemeente Westland zich op thema’s die inwoners als belangrijk ervaren. Daarbij volgt jaarlijks een afweging tussen de beschikbare capaciteit en de impact van extra inzet op deze thema’s op het bredere werkpakket.

Werksessie gemeenteraad

Tijdens een werksessie met de gemeenteraad is op interactieve wijze input opgehaald over de prioritering van toezicht- en handhavingsthema’s. Raadsleden konden per thema aangeven hoe belangrijk zij dit vonden. De top vijf belangrijkste thema’s is verwerkt in de onderstaande tabel. Omdat het hier om een kleinere groep deelnemers gaat (14 raadsleden), is op meerdere posities sprake van een gelijk aantal stemmen. Dit leidt ertoe dat er meer thema’s binnen de top vijf vallen.

Thema

Top 5 Enquête

Risico-inschatting ambtelijke analyse

•Afvaldumping

•Bewust misbruik hulp (Wmo etc.)

•Autowrakken

1

•Laag

•Hoog

•Hoog/ Gemiddeld

•Zwerfvuil

•Groepen jongeren die problemen geven

2

•Gemiddeld

•Gemiddeld

•Maken van drugs

•Bewust misbruik van financiële middelen

•Jeugdcriminaliteit

3

•Hoog

•Hoog

•Hoog

•Verkoop van drugs

•Overtreden regels bij kinderopvang

•Overlast door jongeren

4

•Hoog

•Laag

•Gemiddeld

•Veiligheid bij bouwen

•Niet voldoen aan inburgeringsplichten

•Achtergelaten auto’s

•Mensen met verward gedrag

5

•Gemiddeld

•Gemiddeld

•Laag

•Gemiddeld

Opvallend is dat de prioriteiten vanuit de gemeenteraad grotendeels overeenkomen met de uitkomsten van het inwoner participatietraject. Daarmee ontstaat een breed gedragen beeld van wat er in gemeente Westland speelt en waar extra inzet gewenst is. Om ook de maatschappelijke prioriteiten onderdeel te laten zijn van toezicht en handhaving zet de gemeente Westland zich via themagerichte inzet in op thema’s die als belangrijk worden ervaren. Hiervoor wordt de eerder genoemde 20% gebruikt. Daarbij vindt jaarlijks een afweging plaats tussen beschikbare capaciteit en de verwachte impact van extra inzet op het totale werkpakket.

3. Communicatie en rechtsbescherming

3.1 Communicatie

3.1.1 Uitgangspunten van communicatie

Gemeente Westland hanteert in de context van deze strategie een aantal uitgangspunten ten aanzien van communicatie. Deze uitgangspunten dragen bij aan het beeld van een betrouwbare en navolgbare overheid, waarin doelgroepen weten wat zij van gemeente Westland mogen verwachten. Gemeente Westland wil immers een toegankelijke en actieve gemeente zijn die gericht is op verbinding en samenwerking.

13Collegewerkprogramma

De uitgangspunten zijn terug te vinden in het onderstaande schema.

Uitgangspunten

Toelichting

Actief, helder en eerlijk

Gemeente Westland communiceert proactief, tijdig en in begrijpelijke taal. Waar mogelijk wordt ingezet op volledigheid. Als er ruimte is voor verbetering, is de gemeente Westland daar open over.

Toegankelijk en benaderbaar

Gemeente Westland is voor alle doelgroepen toegankelijk en benaderbaar. Informatie en meldingsmogelijkheden zijn gemakkelijk te vinden en gebruiken voor alle doelgroepen.

Doel(groep)gericht

Communicatie is afgestemd op de informatiebehoefte en het kennisniveau van specifieke doelgroepen. Informatie wordt gedeeld op het meest logische moment.

Integraal

Communicatie is domeinoverstijgend en vindt plaats in nauwe samenwerking binnen de organisatie en met samenwerkingspartners.

Consistent

Gemeente Westland hanteert uniforme boodschappen via diverse communicatiekanalen.

3.1.2 Doelgroepen en communicatiedoelen

Binnen deze strategie zijn verschillende doelgroepen te onderscheiden. In een communicatieplan komt per doelgroep het communicatiedoel met bijbehorende communicatieaanpak en middelen. Zie hieronder een verkorte schematische weergave hiervan, waarin ter illustratie de communicatieaanpak en enkele communicatiemiddelen per doelgroep staan genoemd.

Doelgroep

Communicatiedoel

Aanpak

Middelen

Bestuur

Informeren en ondersteunen

Inzicht in beleidskeuzes, risico's en handhavingsresultaten

Strategische beleidsrapportages, periodieke bestuurlijke overleggen

Gemeenteraad

Informeren en ondersteunen

Inzicht in kaders, uitvoering, afwijkingen en handhavingsdruk

Raadsinformatiebrieven, beleidsstukken, kwartaalrapportages

Samenwerkingspartners

Informeren, betrekken en activeren

Duidelijke afstemming over taken, verantwoordelijkheden en samenwerking

Werkafspraken, convenanten, periodiek overleg, gezamenlijke handhavingsacties

Ambtelijke organisatie

Informeren, betrekken en activeren

Eenduidige interne afstemming en uitvoering met aandacht voor taken, rollen, bevoegdheden en verbinding.

Interne werkprocessen, interne communicatiekanalen, vakgroep overleggen

Inwoners

Informeren, verbinden, begrip creëren en activeren

Begrijpelijke uitleg van regels, procedures en rechten

Website, Omgevingsloket Westland, publieksbrochures, sociale media, voorlichtingscampagnes, brieven

Ondernemers

Informeren, verbinden, begrip creëren en activeren

Duidelijkheid over regels, vergunningprocedures en handhaving

Website, Omgevingsloket Westland, nieuwsbrieven, themabijeenkomsten, persoonlijke gesprekken

3.1.3 Formele meldingsroutes

Een goed functionerende keten richt zich op een duidelijke en gestructureerde aanpak van signalen uit de samenleving. Dit kan gaan om meldingen van overtredingen, klachten, handhavingsverzoeken of signalen van samenwerkingspartners. Hierin is het correct registreren, beoordelen en opvolgen van deze informatie essentieel voor een doelmatige en rechtmatige uitvoering. De noodzaak zit in het toetsbaar maken van overheidshandelen, het bijdragen aan het vertrouwen in de overheid en het voorkomen van willekeur in de afhandeling van meldingen of signalen.

Gemeente Westland ontwikkelt daarom in de komende beleidsperiode een gemeentbrede werkwijze van signaalverwerking en opvolging. Dit gaat over het geheel van processen rondom signalering, routing, beoordeling, afhandeling en terugkoppeling. Door te sturen op het gebruik van formele routes draagt gemeente Westland bij aan een rechtvaardige behandeling van signalen, een transparante uitvoeringspraktijk, het meetbaar maken van bepaalde beleidsdoelstellingen en het voorkomen van willekeur.

Ter illustratie wordt in bijlage 7.4 een overzicht van de formele meldpunten per domein gedeeld.

3.1.4 Interne communicatie en samenwerking met partners

Voorliggende strategie heeft een domeinoverstijgend karakter en raakt het ruimtelijk domein, het veiligheidsdomein en het sociaal maatschappelijk domein. Dit vraagt om integrale communicatie binnen de ambtelijke organisatie en met samenwerkingspartners. Om die reden zet gemeente Westland ten aanzien van interne en externe communicatie in op het volgende:

•Nauwe samenwerking tussen de interne afdelingen en de kolommen vergunningverlening, toezicht en handhaving.

•Actieve afstemming met samenwerkingspartners, zoals SKT, de ODH, de politie of in de regio over bijvoorbeeld de contracten van zorgaanbieders.

•Structurele overlegmomenten, bilaterale afstemmingen en gezamenlijke klankbordgroepen, gericht op het afstemmen van boodschap, timing en communicatiemiddelen.

•Eenduidige boodschap vanuit de gemeentelijke contactpunten richting samenwerkingspartners. Bij voorkeur en daar waar mogelijk via de zogenaamde accounthouders binnen de ambtelijke organisatie.

De bovenstaande punten worden verder uitgewerkt als onderdeel van implementatie van de strategie.

3.1.5 Participatie

Participatie is een kernwaarde binnen de communicatieaanpak van gemeente Westland. Daarom zijn bij de totstandkoming van de strategie inwoners en ondernemers betrokken. Door middel van een participatietraject (enquête) zijn inwoners en ondernemers gevraagd naar hun ervaringen, behoeften en verwachtingen ten aanzien van toezicht en handhaving. Deze inzichten vormen een belangrijke basis voor de prioritering (zie hoofdstuk 2) en biedt daarnaast kansen voor de betrokkenheid en communicatiestrategie. Zo maken de enquêteresultaten bijvoorbeeld inzichtelijk dat een overgrote meerderheid van de geënquêteerden op de hoogte wil blijven van de ontwikkelingen ten aanzien van toezicht en handhaving.

Participatie blijft ook na vaststelling van de strategie een belangrijk uitgangspunt. Wanneer gemeente Westland belangrijke koerswijzigingen wil doorvoeren, zal zij op vergelijkbare wijze opnieuw inwoners, ondernemers en partners betrekken.

3.1.6 Communicatieplan

De kaders zoals beschreven in dit hoofdstuk worden verder uitgewerkt in een communicatieplan waarin per doelgroep wordt uitgewerkt:

•Welke concrete boodschappen en thema’s worden gecommuniceerd.

•Via welke communicatiekanalen en middelen dit gebeurt.

•Op welke momenten en in welke frequentie communicatie (en eventueel participatie) plaatsvindt.

•Wie binnen de organisatie verantwoordelijk is voor de uitvoering van de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving.

•Hoe monitoring en evaluatie van de communicatie wordt ingericht.

Idealiter is eind 2026 het communicatieplan per doelgroep opgesteld. Het communicatieplan krijgt jaarlijks een actualisatie, afgestemd met betrokken interne afdelingen en samenwerkingspartners.

3.2 Rechtsbescherming

3.2.1 Meldingen, klachten en handhavingsverzoeken

Een essentieel onderdeel van rechtsbescherming is het beschikbaar stellen van laagdrempelige en herkenbare routes waarlangs inwoners hun signalen kunnen melden. Gemeente Westland onderscheidt drie hoofdvormen:

Soort contact

Kenmerken en juridische status

Melding

Een signaal over overlast of mogelijke overtreding in de daarvoor bedoelde zaaksystemen. Wordt geregistreerd en – indien relevant – opgepakt. Leidt niet automatisch tot een besluit.

Handhavingsverzoek

Formeel verzoek om bestuursrechtelijk op te treden. Wordt beoordeeld als besluit in de zin van de Awb, met bezwaar- en beroepsmogelijkheden.

Klacht

Signaal van ontevredenheid over de wijze waarop gemeente Westland of haar medewerkers zich gedragen. Wordt afgehandeld conform de gemeentelijke klachtenregeling.

Gemeente Westland stimuleert melders

14Hiermee wordt eenieder die een melding doet bedoeld.

om deze signalen via de formele kanalen in te dienen. Dit draagt bij aan een rechtmatige en navolgbare behandeling en aan heldere verwachtingen bij de melder (paragraaf 3.1.3).

3.2.2 Rechtsmiddelen

Gemeente Westland vermeldt bij elk besluit de rechtsbeschermingsmogelijkheden waarover de belanghebbende beschikt. Het betreft de volgende mogelijkheden.

Rechtsmiddel

Toelichting

Zienswijze/hoorplicht

Door de Awb is er een algemene hoorplicht voordat een bestuursorgaan een beschikking neemt die nadelig is voor de belanghebbende. Dit betekent dat gemeente Westland in beginsel de overtreder in de gelegenheid moet stellen om zijn zienswijze (schriftelijk of mondeling) naar voren te brengen.

Bezwaar

Een belanghebbende, degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken, kan binnen 6 weken een schriftelijk bezwaar indienen tegen een genomen besluit. Dit bezwaar wordt beoordeeld door een onafhankelijke Commissie bezwaarschriften. Zij brengt hierover advies uit aan het bestuursorgaan dat het besluit genomen heeft. Het bestuursorgaan neemt naar aanleiding van het advies een besluit op het bezwaar.

Beroep

Een belanghebbende die het niet eens is met een besluit op bezwaar kan hiertegen op grond van artikel 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht schriftelijk beroep aantekenen bij de Rechtbank Den Haag, Sector Bestuursrecht, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag. Het beroepschrift moet zijn ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit besluit is verzonden

Hoger beroep

Een belanghebbende die het niet eens is met de uitspraak van de rechtbank in de beroepsprocedure, kan binnen 6 weken na die uitspraak in hoger beroep gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Voorlopige voorziening

Bij grote spoed is een voorlopige oplossing soms mogelijk. Dit kan door het aanvragen van een voorlopige voorziening. Dit kan alleen als er al bezwaar of beroep is gemaakt en er ‘onverwijlde spoed’ is. De rechter beslist of er een voorlopige oplossing mogelijk is totdat gemeente Westland een besluit neemt.

4. Beschikking-, voorziening- en vergunningverlening

4.2 Werkwijze binnen het Ruimtelijk domein

4.2.1 Informatieverstrekking, vooroverleg en OTW

Het vergunningentraject begint vaak al vóór de formele aanvraag. Gemeente Westland biedt initiatiefnemers via de klantadviseurs een laagdrempelig eerste aanspreekpunt voor het beantwoorden van vragen, verstrekken van informatie en het uitvoeren van een eerste toets op haalbaarheid. De klantadviseurs zijn gemeentelijke medewerkers die verantwoordelijk zijn voor de begeleiding in het voortraject. Initiatiefnemers met onvolledige aanvragen worden waar mogelijk ook terugverwezen naar de klantadviseurs. Bij het formele vergunningentraject is door de wettelijke termijnen namelijk beperkte ruimte voor bijsturing en extra begeleiding. Een zorgvuldig voortraject voorkomt dus onnodige vertragingen en afwijzingen.

Informatieverstrekking en vooroverleg

In het voortraject ondersteunt gemeente Westland initiatiefnemers bij het passend uitwerken van hun ideeën en plannen. Dit begint met het verstrekken van heldere informatie over het aanvraagproces, de geldende regels en eventuele beleidsmatige aandachtspunten. Een belangrijk instrument in het voortraject is het vooroverleg (met een klantadviseur). Dit biedt initiatiefnemers de kans om plannen in een vroeg stadium te toetsen op haalbaarheid binnen het omgevingsplan en andere relevante kaders. Hierin hebben de klantadviseurs een sturende rol, met als doel om de kans op een succesvolle aanvraag te vergroten.

Omgevingstafel Westland

De Omgevingstafel Westland (OTW) is er voor de complexe initiatieven. Het is een multidisciplinair overleg met diverse experts, waarin gemeente Westland een integrale beoordeling maakt van het initiatief, gefocust op de haalbaarheid en/of wenselijkheid. De OTW helpt bij het vroegtijdig signaleren van knelpunten, het afwegen van belangen en het formuleren van een gezamenlijk advies. Zo draagt dit instrument bij aan zorgvuldige besluitvorming en duidelijkheid voor de initiatiefnemer.

4.2.2 Omgevingsvergunningen

Na ontvangst van de formele aanvraag voor een omgevingsvergunning volgt gemeente Westland een vaste werkwijze, die afhankelijk van het type aanvraag kan variëren. De processtappen zijn vastgelegd in het zaaksysteem, waarin ook het verloop van de afhandeling wordt bijgehouden. Tijdens het vergunningentraject wordt de aanvraag getoetst aan geldende wet- en regelgeving, zoals opgenomen in bijlage 7.5. Afhankelijk van het type aanvraag vindt een beoordeling plaats op de bouwtechnische aspecten, planologische kaders (zoals het omgevingsplan) en de welstandscriteria.

Gemeente Westland hanteert eenduidige toetsingskaders, ongeacht de complexiteit van de aanvraag. Waar nodig wordt advies gevraagd aan interne specialisten of externe partners, zoals op het gebied van milieuzonering, erfgoed of water. De welstandstoets verloopt via de Commissie Omgevingskwaliteit.

De reguliere procedure van een omgevingsvergunning aanvraag duurt 8 weken, met eventueel een eenmalige verlenging van 6 weken. Bij complexe aanvragen of bijzondere situaties geldt de uitgebreide procedure.

4.2.3 Meldingen

Naast omgevingsvergunningen kent het ruimtelijk domein ook diverse meldingen, zoals de bouwmelding, gereedmelding, sloopmelding en gebruiksmelding (voor brandveilig gebruik). Gemeente Westland toetst meldingen alleen op de volledigheid. Wanneer een melding niet volledig is, wordt de melder geïnformeerd over de ontbrekende informatie en kan de melding buiten behandeling worden gesteld. De verantwoordelijkheid voor de afhandeling van de meldingen ligt deels bij de bouwtoezichthouders. Daarnaast is een deel belegd bij de Omgevingsdienst Haaglanden en Veiligheidsregio Haaglanden.

4.3 Werkwijze binnen het Veiligheidsdomein

4.3.1 Informatieverstrekking, vooroverleg en commissies

Vanwege de tijdelijke, publiekgerichte en soms risicovolle aard van activiteiten binnen het veiligheidsdomein is een zorgvuldig voortraject van groot belang. Door initiatiefnemers vroegtijdig te begeleiden, verbetert de kwaliteit van aanvragen en kunnen risico’s en knelpunten vroeg worden gesignaleerd.

Omgevingsloket Westland

Gemeente Westland stimuleert initiatiefnemers om in een vroeg stadium contact op te nemen met het Omgevingsloket. Klantadviseurs zijn hier het eerste aanspreekpunt en bieden laagdrempelige ondersteuning bij veelvoorkomende vergunningen zoals kleine evenementen, terrassen en alcoholverstrekking. De klantadviseurs beantwoorden vragen, geven procesinformatie en helpen bij de aanvraagvereisten, wat de kans op een succesvolle en tijdige behandeling vergroot.

Vooroverleg en commissies

Bij complexe en risicovolle activiteiten, zoals grote evenementen, vindt een vooroverleg plaats waarin het initiatief wordt besproken. Indien van toepassing sluiten externe partners zoals de Veiligheidsregio Haaglanden of politie aan (zie bijlage 7.1 voor een totaaloverzicht) om vroegtijdig de veiligheidsrisico’s, praktische uitvoering en beleidskaders af te stemmen. Het vooroverleg is een belangrijk instrument om knelpunten in het formele vergunningstraject te voorkomen.

Verder bestaan voor specifieke typen aanvragen vaste overlegstructuren, zoals de commissie marktvergunningen. Deze commissies beoordelen aanvragen integraal op de beleidsregels, veiligheidseisen en beschikbare ruimte. Door aanvragen hier vroegtijdig te bespreken, wordt consistentie geborgd en ontstaat er duidelijkheid voor zowel de aanvrager als gemeente Westland.

4.3.2 Vergunningen en ontheffingen

Binnen het veiligheidsdomein behandelt gemeente Westland vergunningen en ontheffingen voornamelijk op basis van de APV en Bijzondere Wetten. Het gaat hierbij onder meer over evenementen, alcoholverstrekking, standplaatsen en kansspelautomaten. De focus ligt op het waarborgen van de veiligheid, leefbaarheid en openbare orde.

Gemeente Westland werkt met vaste toetsingskaders (bijlage 7.5) en beoordeelt aanvragen – afhankelijk van de aard en omvang – op aspecten zoals openbare orde, geluid, verkeer, brandveiligheid, alcoholgebruik en afval. Aanvullend hanteert gemeente Westland een risicogestuurde benadering. Bij aanvragen met een verhoogd risico worden aanvullende onderzoeken uitgevoerd, zoals op grond van e Wet Bibob. Ook vindt er waar nodig overleg plaats met politie en Veiligheidsregio Haaglanden om te bepalen of extra voorwaarden nodig zijn voor een veilige uitvoering.

4.3.3 Meldingen en signalen

Naast vergunningen en ontheffingen worden in het veiligheidsdomein ook diverse meldingen afgehandeld, zoals voor een klein evenement of klein kansspel. Deze meldingen worden alleen getoetst op de volledigheid, net als bij het ruimtelijk domein. Hierbij geldt dat wanneer een melding niet volledig is, de melder worden geïnformeerd over de ontbrekende informatie en de melding buiten behandeling gesteld kan worden.

Daarnaast vervult het veiligheidsdomein een belangrijke signalerende rol, vooral op het gebied van leefbaarheid, jeugd en ondermijning. Signalen van misstanden of criminele beïnvloeding komen via meldpunten of partners binnen. Deze signalen worden beoordeeld en waar nodig doorgezet. De afstemming en opvolging verlopen onder meer via het LSO en WCT.

4.4 Werkwijze binnen het Sociaal Maatschappelijk domein

4.4.1 Persoonlijk contact en voorlichting

Een voortraject met persoonlijk contact is onlosmakelijk verbonden met het bredere proces van de toekenning van voorzieningen of ondersteuning. Anders dan bij de ruimtelijk en veiligheidsdomeinen gaat het hier niet om vergunningen, maar om beschikkingen en voorzieningen op basis van individuele situaties. Dit vraagt om een persoonlijke benadering.

Persoonlijk contact

Het voortraject bestaat grotendeels uit direct contact met inwoners, vaak via intake- of keukentafelgesprekken. Hierbij kijkt gemeente Westland samen met de inwoner naar de hulpvraag, persoonlijke situatie en beschikbare voorzieningen. Deze gesprekken vormen de basis voor een passende beoordeling en ondersteuning. Gemeente Westland hanteert hierin een brede toegang, wat inhoudt dat niet alleen naar de aanvraag wordt gekeken, maar naar de volledige leefomgeving van de inwoner. Dit vraagt om een integrale, domeinoverstijgende aanpak.

Voorlichtingen

Gemeente Westland zet zich ook in op het gebied van voorlichtingen. Via onder meer samenwerkingspartners zoals het SKT en Vitis (zie bijlage 7.1 voor een totaaloverzicht) worden inwoners geïnformeerd over hun mogelijkheden en doorverwezen naar de juiste instanties. Ook woningcorporaties, zorgaanbieders en welzijnsorganisaties spelen een belangrijke rol in het informeren en signaleren. Een goede samenwerking is hierbij cruciaal om inwoners tijdig en effectief te kunnen ondersteunen.

4.4.2 Beschikkingen en voorzieningen

Na de aanmelding en een onderzoek wordt eerst bekeken of de hulpvraag kan worden opgelost met vrij toegankelijke voorzieningen (Jeugdhulp), algemene voorzieningen (Wmo) of een doorverwijzing naar de Wet langdurige zorg (Wlz). Deze zogeheten voorliggende voorzieningen zijn het eerste hulpaanbod. Wanneer wordt beoordeeld dat deze voorliggende voorzieningen niet passend zijn, volgt een formele aanvraag. Hierbij wordt getoetst of de inwoner voldoet aan de wettelijke voorwaarden (zie bijlage 7.5).

De beoordeling wordt gebaseerd op het integrale beeld dat tijdens het voortraject is opgebouwd. Dit integrale beeld bestaat onder andere uit de sociale context, zelfredzaamheid, behoefte voor ondersteuning en mogelijkheden binnen het eigen netwerk. Indien nodig wordt aanvullende informatie opgevraagd of advies ingewonnen bij interne of externe partners.

Na de beoordeling wordt een beschikking opgesteld waarin de aard, duur en omvang van de ondersteuning worden vastgelegd. Gemeente Westland houdt hierbij rekening met de menselijke maat en specifieke context van de inwoner.

4.4.3 Signalen

Binnen het sociaal maatschappelijk domein spelen signalen een belangrijke rol in het tijdig herkennen van hulpvragen of kwetsbare situaties. Deze signalen kunnen afkomstig zijn van inwoners zelf en interne collega’s, maar ook van samenwerkingspartners zoals zorgaanbieders, woningcorporaties, scholen of wijkteams. Gemeente Westland beoordeelt de binnengekomen signalen en zet deze door naar de juiste interne collega’s of externe partners. Afhankelijk van de aard van het signaal kan dit leiden tot een proactief contactmoment met de inwoner of een verwijzing naar passende ondersteuning.

5. Toezicht

5.2 Werkwijze binnen het Ruimtelijk domein

5.2.1 Toezicht op vergunningen en meldingen

Het toezicht op vergunningen en meldingen vormt een groot deel van de dagelijkse werkzaamheden binnen het ruimtelijk domein. Nadat een vergunning is verleend of melding is binnengekomen, houdt gemeente Westland toezicht op de naleving van de voorschriften. Het gaat hierbij niet alleen om meldingen uit het DSO, maar ook andere (gemeentelijke) portalen en meldroutes zoals BinnenBeter en BuitenBeter (zie bijlage 7.4 voor een volledig overzicht). Dit toezicht wordt zorgvuldig voorbereid, waarbij de beschikbare informatie uit het dossier wordt bestudeerd. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de risico-inschattingen uit hoofdstuk 2. Op basis van deze risico-inschatting en de toezichtmatrix Bbl (zie bijlage 7.6) wordt de intensiteit van het uit te voeren toezicht bepaald.

Toezicht op de verleende vergunning vindt doorgaans op meerdere momenten tijdens het bouwproces plaats. Dit kan zowel aangekondigd als onaangekondigd plaatsvinden, afhankelijk van het risico en de aard van het project. Tijdens de controles worden geconstateerde afwijkingen structureel vastgelegd. Bij acuut gevaar, met betrekking tot bijvoorbeeld de brandveiligheid of constructieve veiligheid, wordt direct ingegrepen. De bevindingen, acties en contactmomenten worden feitelijk en navolgbaar geregistreerd in het zaaksysteem (RxMission of OpPad).

Binnen deze werkwijze blijft ruimte voor maatwerk. Toezichthouders maken op basis van hun kennis en ervaring een inschatting over de ernst van de afwijking. In specifieke gevallen kan dus gemotiveerd worden afgeweken van de standaardaanpak, bijvoorbeeld extra controles uit te voeren. Indien nodig kan dit ook leiden tot het opstellen van een voornemen tot handhaving.

5.2.2 Projectmatig toezicht

Projectmatig toezicht richt zich met name op clusters van vergelijkbare signalen, specifieke situaties of actualiteiten, bijvoorbeeld als gevolg van politieke of maatschappelijke aandacht. Denk aan toezicht op strandtenten, recreatieparken, bedrijventerreinen nieuwbouwwijken, of prioriteiten vanuit de rijksoverheid.

Voorafgaand aan projectmatig toezicht wordt op basis van signalen, meldingen en de risicoanalyse uit hoofdstuk 2 een afgebakende selectie gemaakt van objecten of locaties. Vervolgens worden in een projectopzet de doelen, betrokken partijen, toezichtvormen en registratieafspraken vastgelegd. Samenwerking met partners zoals de politie of omgevingsdienst Haaglanden is hierbij gebruikelijk.

Tijdens de uitvoering van projectmatig toezicht worden inspecties systematisch uitgevoerd. Resultaten worden gebundeld vastgelegd, terwijl bij overtredingen wordt waar nodig direct handhavend wordt opgetreden. De projecten worden jaarlijks opgenomen in het uitvoeringsprogramma (of iets vergelijkbaars).

5.2.3 Surveillance en constatering

Naast en tijdens het toezicht op informatie vanuit het DSO (vergunningen en meldingen), overige systemen en projecten wordt ook structureel toezicht gehouden op basis van algemene regels, zoals het omgevingsplan. Dit richt zich bijvoorbeeld op het gebruik van gronden en gebouwen, zoals illegale bijgebouwen of strijdig gebruik van bedrijfspanden. Het toezicht is deels signaalgestuurd (via BinnenBeter en BuitenBeter), maar kent ook een preventief karakter. Aanwezigheid en zichtbaarheid van de toezichthouders bevordert de naleving van regels en het vroegtijdig signaleren van ongewenste ontwikkelingen.

Toezichthouders constateren tijdens de reguliere werkzaamheden of specifieke surveillance rondes of de regels worden nageleefd. Deze vorm van toezicht vindt zowel gepland (bijvoorbeeld in risicogebieden) als spontaan plaats, of op basis van meldingen van collega’s of partners. Vaak betreft dit overtredingen die niet vaak voorkomen, een lage prioriteit hebben of overtredingen met effect op de fysieke leefomgeving die niet direct onder één product vallen, zoals bootwrakken of weesboten.

Vervolgacties zijn afhankelijk van de aard en ernst van de overtreding. In eerste instantie wordt geprobeerd om in gesprek te komen en naleving te stimuleren. Als dit niet het gewenste effect heeft, dan kan een formeel handhavingstraject volgen. Alle constateringen en eventuele vervolgstappen worden verwerkt in het zaaksysteem (RxMission of OpPad).

5.3 Werkwijze binnen het Veiligheidsdomein

5.3.1 Toezicht op vergunningen, ontheffingen en meldingen

Het toezicht op vergunningen, ontheffingen en meldingen vindt in het veiligheidsdomein plaats bij de producten op basis van de APV en bijzondere wetten. De aanleiding voor de controle is hierbij dus een verleende vergunning of ontheffing, of een binnengekomen melding. Daarnaast kunnen signalen over niet-naleving of eventuele risico’s op thema’s zoals ondermijning ook de reden zijn om een controle uit te voeren.

Voorafgaand aan het toezicht wordt beoordeeld welke potentiële risico’s er bestaan met betrekking tot openbare ordeverstoringen, overlast of onveilige situaties. De toezichthouder bestudeert de beschikbare informatie, stemt intern af en betrekt waar nodig samenwerkingspartners zoals de politie of Veiligheidsregio Haaglanden (zie bijlage 7.1 voor een totaaloverzicht).

Het toezicht wordt doorgaans uitgevoerd door de Boa’s en kan zowel voorafgaand aan, als tijdens of na afloop van de activiteit plaatsvinden. Overtredingen worden waar mogelijk ter plaatse besproken en opgelost, echter vragen overtredingen met risico’s voor de openbare orde of veiligheid (zoals brandgevaar of geweld) om direct handhavend optreden. In dergelijke gevallen is er minder ruimte voor overleg.

De toezichtacties worden geregistreerd in het gemeentelijk zaaksysteem of via een coördinator Boa in het zaaksysteem dat in beheer is bij de politie (Citrix). Bij meldingen wordt de melder geïnformeerd over de afhandeling. Het bestuur en de burgemeester worden op de hoogte gehouden van de belangrijke dossiers. Ook ontvangen zij jaarlijks een rapportage met de resultaten en uitgevoerde werkzaamheden.

5.3.2 Projectmatig en signaalgestuurd toezicht

Toezicht binnen het veiligheidsdomein vindt ook plaats op basis van klachten en signalen uit de samenleving, via portalen (BinnenBeter en BuitenBeter), e-mail, telefoon of gesprekken met inwoners. Deze worden beoordeeld op prioriteit (zie hoofdstuk 2) en context. De Boa’s en/of toezichthouders treden vervolgens zelfstandig of in kleine teams op, vaak in een (dorps)kern of bij een specifieke locatie. Dit type toezicht is reactief en varieert van eenmalige controles tot herhaalde bezoeken bij aanhoudende overlast.

Daarnaast is er een categorie signalen die een zwaarder karakter heeft. Informatie uit leefbaarheidskringen en overlegstructuren zoals het LSO wijst vaak op ernstige problematiek. Het gaat om thema’s zoals ondermijning, problemen met- of bij jeugd en verstoringen van de openbare orde en/of veiligheid. Deze signalen leiden vrijwel altijd tot directe inzet en kunnen gezien worden als projectmatig toezicht. Dit zijn toezichtacties die breder zijn van opzet, intensiever worden voorbereid en vaak integraal worden uitgevoerd. Voorafgaand worden de risico’s samen in kaart gebracht. Zo vindt er afstemming plaats met interne specialisten die verantwoordelijk zijn voor bijkomende problemen, zoals een toezichthouder bouw of BRP. Daarnaast worden de relevante samenwerkingspartners betrokken, denk aan de politie of bureau HALT. Tijdens de uitvoering werken de toezichthouders vanuit verschillende disciplines samen, ieder vanuit de eigen rol en bevoegdheden. Dit zorgt voor een volledig beeld en vergroot de effectiviteit.

Alle projectmatige en signaalgestuurde toezichtacties worden vastgelegd in de daarvoor geldende systemen. Wanneer nodig volgt een aanvullende rapportage ter ondersteuning van de juridische handhaving. De projecten worden jaarlijks opgenomen in het uitvoeringsprogramma (of iets vergelijkbaars).

5.3.3 Surveillance (verboden, geboden en constateringen)

Surveillance vormt het grootste deel van de dagelijkse werkzaamheden van de Boa’s. Zij zijn zichtbaar aanwezig in de openbare ruimte en houden toezicht op uiteenlopende thema’s zoals verkeer, dierenoverlast, afval en het gebruik van de openbare ruimte.

De inzet van de Boa’s tijdens surveillance is deels thematisch, met een specialist of senior per thema. Voor een aantal thema’s, zoals verkeer, jeugd en hondenoverlast wordt op jaarbasis een vaste hoeveelheid inzet bepaald, afgestemd op de prioriteiten (hoofdstuk 2). Daarnaast kunnen signalen van inwoners, wijkteams of gemeentelijke analyses aanleiding zijn tot extra aanwezigheid.

De aard van surveillance werkzaamheden vraagt vaak om direct handelen. Hierbij worden de meeste overtredingen, zoals verkeersovertredingen, direct beboet. Bij het surveilleren richten de Boa’s zich ook op het signaleren van structurele problemen. Dit wordt geregistreerd, intern gedeeld door de coördinatoren en kan leiden tot projectmatige inzet of beleidsmatige opvolging.

5.4 Werkwijze binnen het Sociaal Maatschappelijk domein

5.4.1 Toezicht op beschikkingen, maatschappelijke voorzieningen en wettelijke plichten

Na een formele aanvraag voor ondersteuning of een voorziening houdt gemeente Westland toezicht op de naleving van de voorwaarden uit de beschikking en het waarborgen van de rechten en plichten. In bijlage 7.5 is een totaaloverzicht te vinden van alle wettelijke kaders waarop toezicht wordt gehouden. De nadruk ligt op rechtmatigheid, waarbij vragen worden gesteld als:

•Wordt de ondersteuning correct gebruikt en is er geen sprake van misbruik van de publieke middelen?

•Worden de plichten nageleefd en de rechten gewaarborgd?

Toezicht wordt voorbereid door met een dossieranalyse, waarbij de toezichthouder relevante stukken doorneemt en signalen analyseert die kunnen wijzen op afwijkend gebruik. Indien nodig vindt overleg plaats met consulenten of beleidsadviseurs over proportionaliteit, inzet en mogelijk maatregelen. Het ‘toezicht’ is dus zoals eerder aangegeven vooral administratief van aard, bijvoorbeeld door het controleren van declaraties, verantwoordingen en patronen. Echter vinden in het verlengde hiervan ook fysiek toezicht plaats, zoals een huisbezoek of keukentafelgesprek. Dit gebeurt aangekondigd of onaangekondigd, afhankelijk van het signaal en de context.

Bevindingen worden vastgelegd in het cliëntvolgsysteem (Suite). Bij vermoedens van misbruik of het niet nakomen van plichten volgt nader onderzoek. Waar nodig kan de beschikking worden herzien of ingetrokken, waarbij terugvordering of juridische handhaving kan volgen. Resultaten worden jaarlijks intern gerapporteerd, en soms (zoals bij PGB) ook landelijk verantwoord.

5.4.2 Signaalgestuurd toezicht

Naast het reguliere toezicht op beschikkingen en voorzieningen voert gemeente Westland ook signaalgestuurd toezicht uit. Aanleidingen zijn signalen van inwoners, consulenten, zorgaanbieders, woningcorporaties, onderwijsinstellingen, overige samenwerkingspartners of eigen medewerkers. Deze signalen kunnen wijzen op mogelijk misbruik, stapeling van voorzieningen, onrechtmatige declaraties, niet-geleverde zorg, verzuim of het niet deelnemen aan trajecten zoals inburgering of schuldhulpverlening.

Voorafgaand aan het toezicht worden de signalen gewogen, waar nodig in overleg met een consulent. Hierbij wordt beoordeeld of de inzet van toezicht proportioneel en haalbaar is. Bij signalen die wijzen op structureel of ernstig misbruik, wordt een juridisch adviseur ingeschakeld voor overleg over eventuele sancties. De uitvoering van signaalgestuurd toezicht varieert van een administratieve controle tot huisbezoek, afhankelijk van aard en ernst van het signaal. Hierbij staat het herstellen van rechtmatigheid centraal, met aandacht voor de menselijke maat.

Alle bevindingen worden verwerkt in Suite (en/of de systemen van partners). In sommige gevallen wordt het signaal besproken in een integraal overleg (zoals het Overleg Rechtmatigheid), waarna wordt besloten over eventuele vervolgstappen, zoals terugvordering of een melding doen bij een externe toezichthouder of opsporingsinstantie.

5.4.3 Signaleren, samenwerking en toezicht op instanties

In verschillende gevallen ligt het mandaat om daadwerkelijk op te treden niet bij de gemeentelijke toezichthouder zelf, maar bij een andere instantie of een regionaal samenwerkingsverband. Zo ligt het toezicht op de kwaliteit van zorg (Wmo) bij de GGD Haaglanden, en het toezicht op jeugdzorgkwaliteit en calamiteiten bij de Inspectie Gezondheidszorg & Jeugd (IG&J).

Toezicht in het sociaal maatschappelijk domein richt zich daarom ook op het herkennen en doorgeven van signalen. Deze kunnen voortkomen uit gesprekken, dossieranalyses, huisbezoeken, contact met aanbieders of meldingen van partners zoals scholen, woningcorporaties of wijkverpleegkundigen. Signalen die wijzen op mogelijk misbruik, niet-geleverde zorg of onveilige situaties worden waar nodig doorgegeven aan de juiste samenwerkingspartner (zie bijlage 7.1 voor een totaaloverzicht).

Toezichthouders uit dit domein nemen ook deel aan projectmatig toezicht, zoals integrale WCT-acties, waarbij bijvoorbeeld BRP-controles worden ingezet bij vermoedens van overbewoning of andere gecombineerde toezichtacties met een sociaal of zorgcomponent.

6. Handhaven

6.2 Sanctiestrategie

6.2.1 Handhavingsmiddelen en interventies

Gemeente Westland beschikt over diverse handhavingsinstrumenten. Deze worden ingezet op basis van wettelijke bevoegdheden, beleidskaders en de specifieke omstandigheden. Het doel is altijd om de overtreding te beëindigen, de rechtmatige situatie te herstellen én herhaling te voorkomen.

Zoals gezegd is handhaving een uiterst middel, waarbij gemeente Westland dit instrument inzet om tot een duurzame oplossing te komen. Dit betekent dat waar mogelijk eerst wordt ingezet op alternatieve interventies om naleving te bevorderen, zonder direct formeel te sanctioneren. Denk hierbij aan een zogenaamd STOP-gesprek, het bespreekbaar maken van de strijdigheid of het aanbieden van herstelmogelijkheden. Dergelijke interventies hebben geen formele wettelijke basis, maar kunnen in de praktijk effectief zijn om gedrag bij te sturen en escalatie te voorkomen.

Welke interventie of sanctie wordt ingezet, wordt bepaald aan de hand van het totaalbeeld van de feiten en omstandigheden. Deze keuze wordt zorgvuldig gemotiveerd op basis van objectieve criteria, zoals de ernst, opzet, kans op herhaling en context.

Hieronder volgt een overzicht van de formele handhavingsinstrumenten en alternatieve interventies. Een verdere toelichting van elk handhavingsinstrument is terug te vinden in bijlage 7.7.

Formele handhavingsinstrumenten

Alternatieve interventies

Last onder dwangsom

Waarschuwen

Last onder bestuursdwang

Mediation

Intrekken van vergunning/ontheffing

STOP-gesprek

Intrekken van sociale voorziening

Keukentafelgesprek

Sluiting van een inrichting/pand

Preventieve maatregelen (informeel contact, voorlichting)

Spoedeisende bestuursdwang

Preventieve last onder dwangsom / bestuursdwang

Bestuurlijke boete

Proces-verbaal en strafrechtelijke afhandeling

Gebiedsverbod of gebiedsgebod

Waarschuwingsbrief

Beëindigen van een contract van dienstverlening (Wmo of Jeugdwet)

Terugvorderen van reeds verstrekte gelden

Uitsluiten van aanbieders (Wmo, Jeugdwet, inburgeringsonderwijs) voor toekomstige inkoopprocedures

6.2.1.1 Afwegingscriteria

Gemeente Westland handelt bij het handhavend optreden zorgvuldig, evenredig en proportioneel. Om te bepalen welk handhavingsinstrument passend is, wordt een afweging gemaakt aan de hand van objectieve, inhoudelijke en contextuele criteria. Deze zorgen ervoor dat gemeente Westland rechtmatig, doelgericht en effectief optreedt.

Ernst en aard van de overtreding

De zwaarte van de overtreding is bepalend voor de keuze van het handhavingsinstrument. Hierbij wordt onder meer gekeken naar het soort regel dat is overtreden, de opzettelijkheid, de duur van de overtreding en of er sprake is van acute risico’s voor de veiligheid, gezondheid of leefbaarheid. Ernstige overtredingen, zoals brandgevaar of de lozing van gevaarlijke stoffen, vragen bijvoorbeeld om direct en krachtig in te grijpen.

Kans op herhaling

Indien aannemelijk is dat de overtreder de overtreding zal herhalen, of wanneer eerdere afspraken niet zijn nageleefd kan een zwaarder handhavingsinstrument worden ingezet. Zo vraagt structureel of hardnekkig gedrag om maatregelen die zowel corrigerend als preventief werken tegen herhaling.

Impact op de omgeving

De gevolgen van de overtreding op de directe leefomgeving worden meegewogen. Zo kan eenzelfde type overtreding i het centrum van een dorpskern een andere aanpak vergen dan in het buitengebied. Zo wordt bij overtredingen met veel maatschappelijke impact eerder gekozen voor een krachtige aanpak.

Houding van de overtreder

Het gedrag en de houding van de overtreder telt mee. Bij overtreders die aanspreekbaar zijn, bereid zijn tot herstel en bewust zijn van hun gedrag kan een lichte(re) maatregel volstaan. Daarentegen kan onwil of ontwijkend gedrag aanleiding zijn tot een zwaardere maatregel. Zo krijgt een meewerkende overtreder vaak eerst een waarschuwing, terwijl een volhardende overtreder direct een dwangsom riskeert.

Specifieke beleidsdoelen

Handhaving kan strategisch worden ingezet om de bredere beleidsdoelen te ondersteunen, zoals het tegengaan van ondermijning of het beschermen van kwetsbare wijken. Dit versterkt de legitimiteit en doelgerichtheid van het optreden. Ter illustratie kan de burgemeester in een kwetsbare wijk waar mogelijk drugshandel plaatsvindt een pand sluiten niet alleen vanwege een druggerelateerde overtreding zelf, maar ook op basis van andere overtredingen ter bescherming van de leefbaarheid en ter bestrijding van ondermijning.

Belangen van kwetsbare doelgroepen

De aanwezigheid van kwetsbare personen – zoals kinderen, ouderen of zorgbehoevenden – vraagt om extra zorgvuldigheid in de afwegingen. Handhaving moet in dergelijke gevallen niet leiden tot verdere schade of escalatie. Tegelijkertijd vraagt de situatie juist om krachtig optreden om misbruik door derden te voorkomen en de kwetsbare groepen te beschermen. Maatwerk en morele afweging zijn hierbij cruciaal. Zo treedt gemeente Westland bij signalen van uitbuiting in een zorgwoning op tegen de exploitant, met oog voor de bescherming van kwetsbare bewoners.

6.2.1.2 Handhavingsmatrix

Gemeente Westland maakt gebruik van een handhavingsmatrix. Hierin is per type overtreding aangegeven welk instrument wordt ingezet. Dit is afhankelijk van ernst, risico en context (zie paragraaf 6.2.1.1). De matrix is een hulpmiddel voor de uitvoering en een toetsingskader voor bestuurlijke afwegingen. Na vaststelling van voorliggende strategie wordt verder gewerkt aan een actualisatie van de handhavingsmatrix. Tot de vaststelling van een geactualiseerde handhavingsmatrix blijft de huidige matrix (tabel Dwangsom hoogte en lengte begunstigingstermijnen uit BIJLAGE E: Handhaving Sanctiestrategie Westland 2021 en bijhorend Protocol overtredingen van de Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2022–2025 Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH)) van kracht.

LHSO voor representatieve taken

In aansluiting op landelijke ontwikkelingen heeft gemeente Westland de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) vastgesteld voor de zogenoemde representatieve taken in de handhaving. Concreet betekent dit dat voor de handhavingstaken op het gebied van omgevingsrecht (ook namens partners) de LHSO als leidraad geldt.

6.2.1.3 Gedoogstrategie

In uitzonderlijke gevallen kan gemeente Westland besluiten (tijdelijk) niet handhavend op te treden, oftewel te gedogen. Gedoogbesluiten worden enkel genomen indien:

•er sprake is van overgangsrecht of beleidsontwikkeling in transitie;

•handhavend optreden leidt tot onevenredige schade;

•er geen onmiddellijk gevaar voor de fysieke of sociale leefomgeving bestaat;

•afstemming met betrokken instanties plaatsvindt (onder andere bij milieu, veiligheid of strafrechtelijke componenten).

Om tot een gedoogbesluit te komen zijn er een aantal randvoorwaarden:

•gedoogbeleid is nadrukkelijk geen standaardmiddel en vereist zorgvuldige motivering;

•gedoogbesluiten worden schriftelijk vastgelegd en waar nodig gecommuniceerd naar betrokken partijen;

•gedoogbesluiten zijn geen besluiten in de zin van artikel 1:3 Awb

15Jurisprudentie

met als gevolg dat gemeente Westland te allen tijde kan beslissen de gedoogsituatie te beëindigen

7. Bijlagen

7.2 Doelstellingen gekoppeld aan gemeente Westland als organisatie

7.2.1 Taakvelden en organogram gemeente Westland als organisatie

In deze bijlage zijn de verschillende taakvelden verder toegelicht en is de schematische weergave van de organisatie te zien. Hiermee wordt visueel welke plek elk team heeft binnen de organisatie.

7.2.1.1 Taakvelden

Ruimtelijk domein

Taakveld

Toelichting

Omgevingswet

De Omgevingswet vormt het integrale kader voor ruimtelijke initiatieven in de fysieke leefomgeving, zoals bouwen, verbouwen, milieu, water en natuur. Aanvragen worden beoordeeld op basis van onder andere het omgevingsplan, het Bbl, de gemeentelijke regels en eventuele participatievereisten. Gemeente Westland zet in op een goede balans tussen het faciliteren van initiatieven en het bewaken van de omgevingskwaliteit. Toezicht en handhaving in het kader van de Omgevingswet richten zich op de naleving van vergunningsvoorwaarden, voorkomen van illegale bouw en herstel bij overtredingen.

Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb)

De Wkb is een specifiek onderdeel van de Omgevingswet en wijzigt de manier waarop bouwtoezicht wordt uitgevoerd. Bij bouwwerken in gevolgklasse 1 nieuwbouw is de private kwaliteitsborger verantwoordelijk voor het technische toezicht tijdens de bouw, terwijl gemeente Westland toezicht houdt op de omgevingsplanactiviteit. Gemeente Westland blijft wel bevoegd gezag voor de handhaving. Zo kan opgetreden worden bij structurele tekortkomingen of risico’s voor de leefomgeving.

Omgevingstafel Westland (OTW)

De OTW is een instrument binnen de Omgevingswet dat wordt ingezet bij complexe initiatieven die meerdere belangen en disciplines raken. Hier worden initiatiefnemers, de gemeentelijk experts en andere betrokken partijen vroegtijdig samengebracht om haalbaarheid, wenselijkheid, ruimtelijke inpassing en participatie te bespreken. Hoewel dit buiten het formele vergunningentraject valt, is het een belangrijk middel om de kwaliteit van plannen te verbeteren en procedures te versnellen. Gemeente Westland monitort of de uitkomsten van de omgevingstafel goed worden door vertaald in de uiteindelijke aanvraag.

Strijdig gebruik

(Omgevingsplan)

Strijdig gebruik betreft situaties waarin gronden of gebouwen worden gebruikt in strijd met het omgevingsplan. Denk aan illegale bewoning, kamerverhuur of bedrijfsactiviteiten. Gemeente Westland ontvangt signalen via meldingen, controles of data-analyse. Na beoordeling wordt, indien nodig, handhavend opgetreden. De focus ligt op de naleving van het planologisch kader, het herstellen van de rechtmatige situatie en het voorkomen van precedentwerking.

Slopen

Sloopactiviteiten vallen onder de Omgevingswet, maar worden hier als afzonderlijk taakveld benoemd vanwege de specifieke risico’s voor de veiligheid, gezondheid en het milieu (bijvoorbeeld bij asbestverwijdering). Gemeente Westland beoordeelt meldingen en aanvragen, en ziet toe op een veilige en zorgvuldige uitvoering. Toezicht en handhaving richten zich op naleving van de sloopmeldingsplicht, inzet van gecertificeerde bedrijven en het voorkomen van risico’s voor de omgeving.

Erfgoed/ Monumenten

Ook monumentale panden en beschermde stads- of dorpsgezichten vallen onder de Omgevingswet. Vergunningverlening vindt plaats op basis van een toetsing aan de erfgoedwaarden en gemeentelijk beleid. Gemeente Westland bewaakt de balans tussen ontwikkeling en behoud. Toezicht en handhaving richten zich op het voorkomen van schade aan erfgoed en het optreden bij illegale wijzigingen of sloop.

Veiligheidsdomein

Taakveld

Toelichting

Leefbaarheid

Leefbaarheid gaat over de kwaliteit van de woon- en leefomgeving. Binnen dit taakveld wordt ingezet op het voorkomen en bestrijden van overlast, verloedering en spanningen in buurten. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met bewoners, woningcorporaties en zorg- en veiligheidspartners. Meldingen van bewoners zijn vaak de aanleiding voor gerichte acties of een structurele aanpak. Toezicht en handhaving worden ingezet als middel om (sociale) veiligheid en kwaliteit van de leefomgeving te bevorderen.

Algemene Plaatselijke Verordening (APV)

De APV bevat lokale regels die bijdragen aan de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid binnen gemeente Westland. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om regels rond sluitingstijden van horeca, het gebruik van de openbare ruimte of het verbod op hinderlijk gedrag. Toezicht en handhaving zijn gericht op het voorkomen van overlast en het waarborgen van een veilige, leefbare omgeving. Bij overtredingen kan worden opgetreden met waarschuwingen, bestuurlijke maatregelen of sancties.

Bijzondere Wetten

Onder de bijzondere wetten vallen onder andere de Alcoholwet, de Opiumwet en de Wet op de Kansspelen. Deze wetgeving richt zich op toezicht op risicovolle activiteiten of branches met verhoogde maatschappelijke impact. Gemeente Westland houdt toezicht op vergunningplichtige activiteiten zoals alcoholverkoop, evenementen en seksinrichtingen, en treedt handhavend op bij overtredingen. De inzet is gericht op naleving, preventie van risico’s en het beschermen van kwetsbare groepen.

Ondermijning

Ondermijning verwijst naar georganiseerde criminaliteit dat gebruikmaakt van legale structuren – zoals bedrijven, vastgoed of vergunningen – om illegale activiteiten mogelijk te maken of te verhullen. Denk aan drugscriminaliteit, witwassen of vastgoedfraude. Gemeente Westland werkt in een integrale aanpak samen met de politie, het RIEC, de belastingdienst en andere partners om signalen van ondermijning vroegtijdig op te sporen en te duiden. Daarbij worden bestuurlijke instrumenten ingezet, zoals de Wet Bibob, het weigeren of intrekken van vergunningen en het sluiten van panden. Toezicht en handhaving richten zich op het verstoren van criminele processen, het vergroten van weerbaarheid en het herstel van het gevoel van veiligheid in de wijk.

Zorg en veiligheid

De veiligheidskamer richt zich op inwoners bij wie sprake is van complexe en meervoudige problematiek op het snijvlak van zorg en veiligheid. Denk aan verward gedrag, overlast gevend gedrag of personen met een veiligheidsrisico. In een integrale aanpak worden signalen gebundeld en wordt afgestemd tussen gemeente Westland, de politie, zorgaanbieders en andere betrokkenen. Handhaving kan hier een rol spelen in het afdwingen van zorg of het beperken van risico’s voor de omgeving.

Jeugdkamer

De jeugdkamer richt zich op jeugdigen die in aanraking komen met politie of die opvallen door zorgwekkend of grensoverschrijdend gedrag. In een vroeg stadium worden signalen gedeeld tussen gemeente Westland en partners zoals de politie, jeugdgezondheidszorg en leerplicht. Doel is om met een gezamenlijke aanpak escalatie te voorkomen en passende zorg of ondersteuning te organiseren. Waar nodig kan handhaving worden ingezet om veiligheid of schoolgang af te dwingen.

Toezicht en Handhaving Openbare Ruimte (THOR)

De THOR, ook wel Boa’s genoemd, houden toezicht op de naleving van gemeentelijke regels in de openbare ruimte, zoals foutparkeren, afvalovertredingen en overlast. Ze zijn zichtbaar aanwezig op straat en dragen bij aan het vergroten van de veiligheidsbeleving en het verbeteren van de leefbaarheid. Boa’s werken nauw samen met de politie, wijkregisseurs en andere partners en fungeren als belangrijke schakel tussen bewoners en de overheid.

Sociaal Maatschappelijk domein

Taakveld

Toelichting

Wet Basisregistratie Personen (BRP)

De Wet BRP stelt duidelijke eisen aan de juistheid, actualiteit en volledigheid van persoonsgegevens in de basisregistratie. De basisregistratie personen wordt door gemeente Westland gebruikt voor diverse administratieve taken, het controleren of burgers zich correct hebben ingeschreven en dat hun adres correct is. Bij onjuistheid of onvolledigheid kan gemeente Westland maatregelen treffen. In het kader van deze strategie wordt specifiek ingezoomd op de adresonderzoeken. Overige categorieën worden buiten beschouwing gelaten, omdat dit binnen de reguliere werkzaamheden valt die altijd uitgevoerd moeten worden. Denk hierbij aan het vaststellen van echtheid van persoonsgegevens en paspoorten.

Inkomen

Het bieden van financiële ondersteuning aan inwoners die niet genoeg eigen middelen hebben om rond te komen. Dit gebeurt onder andere door bijstandsuitkeringen en speciale regelingen voor jongeren, ouderen en zelfstandigen. Naast structurele uitkeringen is er ook extra hulp voor eenmalige noodzakelijke kosten via individuele inkomenstoeslagen en bijzondere bijdragen. Er wordt gezorgd voor duidelijke procedures en begeleiding met aandacht voor naleving van verplichtingen en het voorkomen van misbruik.

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

De Wmo helpt inwoners die ondersteuning nodig hebben om zelfstandig te blijven wonen en mee te doen in de samenleving. Dit gebeurt onder andere via huishoudelijke hulp, begeleiding, hulpmiddelen, vervoer en woningaanpassingen. Voor veel Wmo-voorzieningen geldt een eigen bijdrage, afhankelijk van het inkomen. Ingezet wordt op het voorkomen van misbruik of oneigenlijk gebruik van voorzieningen en om de kwaliteit van zorg en ondersteuning te waarborgen. Dit gebeurt bijvoorbeeld via rechtmatigheidsonderzoeken, controles bij aanbieders en signalering van zorgfraude. Gemeente Westland werkt hierbij samen met onder andere het Sociaal Kernteam en Vitis Welzijn.

Wonen

Gemeente Westland werkt vanuit de Woonvisie 2020–2030 aan voldoende, betaalbare en diverse woonruimte voor haar inwoners. Er wordt ingezet op de bouw van nieuwe woningen en ondersteuning geboden aan woningzoekenden, bijvoorbeeld via Woonnet Haaglanden of bij het aanvragen van urgentie. Er wordt ingezet op het bewaken van de kwaliteit en rechtmatigheid van woningbouw en bewoning. Dit betreft onder meer controle op vergunningen en huisvestingsverordeningen, zodat illegale bewoning en de verdeling van de woonruimtevoorraad wordt bewaakt.

Onderwijs en werk

Het bieden van een goede ontwikkeling van kinderen en jongeren met aandacht voor participatie, onderwijsdeelname en gelijke kansen. Jongeren die moeite hebben met het vinden van werk of een opleiding, kunnen ondersteuning krijgen via diverse trajecten. Ook vindt inzet plaats op onder andere de naleving van de Leerplichtwet. Leerplichtambtenaren en jongerenconsulenten houden toezicht op schoolverzuim en grijpen in wanneer jongeren zonder geldige reden niet naar school gaan. Hiermee draagt het toezicht bij aan de ontwikkeling van jeugd en het voorkomen van uitval.

Jeugdhulp

Dit gaat over ondersteuning en zorg voor kinderen, jongeren en hun ouders wanneer er problemen zijn in de ontwikkeling, opvoeding of het functioneren van het gezin. Het gaat bijvoorbeeld om hulp bij gedragsproblemen, psychische klachten, opvoedingsvragen, gezinsproblemen of een moeilijke thuissituatie. Jeugdhulp kan licht of intensief zijn en bestaat uit diverse vormen, zoals ambulante begeleiding, gezinstherapie, dagbehandeling, verblijf in een instelling of pleegzorg.

Gemeente Westland is verantwoordelijk voor het organiseren en financieren van jeugdhulp, wat gebeurt via het Sociaal Kernteam (SKT), dat samen met gezinnen kijkt welke hulp nodig is en welke ondersteuning passend is. Jeugdhulp is meestal vrijwillig, maar kan in sommige situaties ook via de rechter worden opgelegd (bijvoorbeeld bij ondertoezichtstelling). Toezicht en handhaving spelen een rol bij het bewaken van de kwaliteit van hulpverlening, het voorkomen van wachtlijsten, het bestrijden van fraude en het naleven van jeugdbeschermingsmaatregelen. Zo draagt jeugdhulp bij aan een veilige, gezonde en kansrijke ontwikkeling van jeugdigen.

Kinderopvang

Het waarborgen van de kwaliteit van kinderopvang. Dit gebeurt onder andere door een registratie in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK). Deze registratie is alleen mogelijk als voldaan wordt aan wettelijke kwaliteitseisen op het gebied van veiligheid, pedagogiek en personele inzet. Jaarlijks laat gemeente Westland inspecties uitvoeren door de GGD, die toetst op onder andere groepsgrootte, opleiding van medewerkers, pedagogisch beleid en veiligheid. Op basis van deze inspecties beoordeelt gemeente Westland of de opvang aan de voorwaarden blijft voldoen en kan handhavend opgetreden worden bij tekortkomingen.

Inburgering

Ondersteuning van nieuwkomers bij het inburgeren en meedoen in de Nederlandse samenleving. Inburgeraars worden begeleid via warme intakegesprekken, persoonlijke inburgeringsplannen (PIP's) en monitoring van de voortgang. Hiervoor werken consulenten, participatiecoaches en maatschappelijke begeleiders nauw samen. Onderdeel hiervan is het inburgeringsaanbod bij taalbureaus en instanties zoals Patijnenburg (B1‑ en Z‑route), VluchtelingenWerk en de Bibliotheek Westland. Ook maatschappelijke organisaties zoals Vitis Welzijn bieden sociale deelname en ontmoeting. Daarnaast is er toezicht op de naleving van wettelijke verplichtingen. Gemeente Westland kan boetes of maatregelen opleggen bij nalatigheid, bewaakt kwaliteitseisen, voert evaluaties uit en zorgt voor administratieve afdoening van eigen bijdragen, ontheffingen en verlengingen.

Schuldhulp

Ondersteuning van inwoners met (dreigende) schulden via een stapsgewijze schuldhulpverlening. Ook nazorg en financiële educatie maken deel uit van die ondersteuning. Via vroegsignalering ontvangt gemeente Westland meldingen van betalingsachterstanden (bijv. huur of energie) om snel hulp aan te bieden. Vrijwilligersorganisaties zoals SchuldHulpMaatje en Vitis Welzijn bieden laagdrempelige ondersteuning bij administratie en geldzaken. Bij complexe situaties kan het Sociaal Kernteam (SKT) betrokken worden. Toezicht en handhaving zijn gericht op het voorkomen van misbruik van voorzieningen en het bewaken van de kwaliteit van de schuldhulpverlening. Zo wordt gewerkt aan financiële stabiliteit en duurzame participatie.

7.2.1.2 Hoofdstructuur

7.2.1.3 Gemeentesecretaris

7.2.1.4 Leefomgeving

7.2.1.5 Maatschappij

7.2.1.6 Mens en middelen

7.3 Risicomatrices per domein inclusief alle dossiertypen

7.3.1 Uitkomst participatietraject

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.