Gemeentelijke regelgeving

Verordening op de rekenkamer gemeente Westerwolde 2022

Gemeente Westerwolde · geldt sinds 15 oktober 2022

Aanhef

De raad van de gemeente Westerwolde gelezen het voorstel van de afstemminsgroep financiën d.d. 15 juni 2022 en de agendacommissie d.d. 24 augustus 2022;

gelet op artikel 81a van de Gemeentewet;

b e s l u i t :

vast te stellen de navolgende:

Verordening op de rekenkamer gemeente Westerwolde 2022

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.wet: de Gemeentewet;

b.raad: gemeenteraad van Westerwolde;

c.college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Westerwolde;

d.griffier: griffier van de gemeente Westerwolde;

e.rekenkamer: de rekenkamer van de gemeente Westerwolde;

f.voorzitter: voorzitter van de rekenkamer van de gemeente Westerwolde;

g.leden: leden van de rekenkamer van de gemeente Westerwolde.

Artikel 2 Rekenkamer

1Gelet op artikel 81a van de wet is er een rekenkamer.

2De rekenkamer bestaat uit drie leden, waaronder de voorzitter.

3De rekenkamer heeft tot taak onderzoek te doen als bedoeld in artikel 182, eerste lid, van de wet.

Artikel 3 Benoeming leden

1De raad benoemt uit zijn midden een selectiecommissie die de gesprekken voert met de kandidaten en een voordracht opstelt voor de raad.

2De selectiecommissie doet de voordracht vergezeld gaan van een verklaring van elke kandidaat bevattende:

a.De mededeling dat de kandidaat een benoeming als lid zal aanvaarden, en

b.Een overzicht van de openbare betrekkingen die de kandidaat bekleedt.

3De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van de vergadering van de rekenkamer. Bij afwezigheid van de voorzitter treedt een lid op als voorzitter.

4Voorafgaand aan de benoeming van de voorzitter en de leden van de rekenkamer vraagt de selectiecommissie een advies aan (de zittende leden van) de rekenkamer.

5Door de te benoemen personen wordt een verklaring omtrent het gedrag overgelegd.

6De raad benoemt de voorzitter en de leden van de rekenkamer voor de duur van 6 jaar op voordracht van de selectiecommissie, genoemd onder lid 1.

7De voorzitter en de leden kunnen ten hoogste éénmaal voor een periode van maximaal 3 jaar worden herbenoemd door de raad. De rekenkamer stelt daartoe een rooster van aftreden op. Op basis van dit rooster kunnen de voorzitter leden worden herbenoemd voor een periode korter dan 3 jaar. Het rooster wordt zodanig opgesteld dat de voorzitter en de leden niet gelijktijdig aftreden (na herbenoeming).

Artikel 4 Ontslag en non-activiteit

1De rekenkamer bericht de raad als één van de ontslaggronden zich voordoet, bedoeld in artikel 81c, zesde of zevende lid, van de wet.

2De rekenkamer bericht de raad als één van de gronden voor non-actiefstelling zich voordoet bedoeld in artikel 81d, eerste of tweede lid, van de wet.

3In de gevallen bedoeld in artikel 81c, zevende lid, en in artikel 81d, tweede lid, van de wet adviseert de griffier de raad over de vraag of al dan niet moet worden overgegaan tot ontslag, respectievelijk het op non-actief stellen van het desbetreffende lid.

4De griffier adviseert de raad tevens met betrekking tot een beslissing tot verlenging of beëindiging van een maatregel als bedoeld in artikel 81d, eerste of tweede lid.

5Voorafgaand aan een advies zoals bedoeld in het derde en vierde lid pleegt de griffier overleg met de rekenkamer.

Artikel 5 Secretariaat

1De raadsgriffie is belast met het secretariaat van de rekenkamer. Onder het secretariaat worden gerekend: de agendaplanning, het agenderen en versturen van vergaderstukken, de verslaglegging, de vorming van de dossiers en het beheer van het budget.

2De griffier staat de rekenkamer bij de uitvoering van haar taken bij en legt rechtstreeks verantwoording af aan de rekenkamer over de wijze waarop de ondersteunende taken worden verricht.

Artikel 6 Openbaarheid

1De rekenkamer vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn openbaar.

2De rekenkamer kan openbare vergaderingen beleggen.

Artikel 7 Onderzoeksprotocol

1De rekenkamer stelt een onderzoeksprotocol voor de uitvoering van haar onderzoek vast.

2In het onderzoeksprotocol werkt de rekenkamer uit wat voor een soort onderzoeken zij verricht en welke tijdsduur daarmee is gemoeid.

3Het onderzoeksprotocol wordt na vaststelling door de rekenkamer ter kennisneming aan de raad gezonden.

Artikel 8 Overleg met de raad

1De rekenkamer overlegt minstens twee maal per jaar met een afvaardiging van de raad over de werkzaamheden van de rekenkamer.

2In dit overleg komen onder andere aan de orde de contacten tussen rekenkamer en raad, het gemeentelijk onderzoeksprogramma, de onderwerpselectie en de voortgang van de onderzoeken en de afstemming tussen rekenkamer, college en de ambtelijke organisatie.

3Op verzoek van de raad dan wel de rekenkamer kan in bijzondere gevallen vaker overleg plaatsvinden.

Artikel 9 Werkwijze

1De rekenkamer stelt elk jaar vóór 1 april een onderzoeksplan vast en brengt het vervolgens ter kennis van de raad.

2De rekenkamer bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt, formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast. Bij iedere onderzoeksopzet geeft de rekenkamer de contactmomenten aan met (een afvaardiging van) de raad.

3De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de rekenkamer ter kennisneming aan de raad gestuurd.

4De raad legt zijn verzoek aan de rekenkamer ingevolge het bepaalde in artikel 182, tweede lid, van de wet vast in een besluit. De griffier draagt zorg voor het doorgeleiden van dit verzoek aan de rekenkamer.

5Over een verzoek als bedoeld in het vierde lid vindt overleg plaats met (een afvaardiging van) de raad. De rekenkamer bericht vervolgens de raad zo snel mogelijk of en op welke wijze aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de rekenkamer niet aan het verzoek van de raad voldoet, motiveert zij haar besluit.

Artikel 10 Rapportage rekenkamer

1Voordat de rekenkamer tot vaststelling en openbaarmaking van een onderzoeksrapport overgaat, stelt zij de onderzochte partijen schriftelijk op de hoogte van het conceptrapport daarvan.

2De rekenkamer stelt de betrokken partijen in de gelegenheid tot ambtelijk wederhoor. Betrokken partijen kunnen binnen een door de rekenkamer te bepalen termijn schriftelijk reageren op de bevindingen in het onderzoeksrapport of een door de rekenkamer geselecteerd deel daarvan.

3De rekenkamer kan het college binnen een door de rekenkamer te bepalen termijn in de gelegenheid stellen tot bestuurlijk wederhoor.

4Na de in het tweede c.q. derde lid bedoelde termijn sluit de rekenkamer haar onderzoek af en stelt zij een definitief rapport op waarin de bevindingen, conclusies en aanbevelingen, de eventuele bestuurlijke reactie van het college, alsmede het nawoord van de rekenkamer zijn opgenomen.

5Het definitieve rapport wordt vergezeld van een door de rekenkamer opgesteld raadsvoorstel naar de raad gezonden.

6De raad neemt het rapport en bijbehorend raadsvoorstel uiterlijk twee maanden na ontvangst in behandeling.

7De rekenkamer geeft voor de behandeling in de raad een presentatie over het onderzoek. Hierbij wordt de raad in de gelegenheid gesteld technische vragen te stellen.

8Bij de politieke behandeling van het onderzoek in de raad is de rekenkamer niet betrokken, de rekenkamer is hierbij aanwezig voor het beantwoorden van technische vragen.

Artikel 11 Vergoeding werkzaamheden

1De leden ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding. Daarnaast worden reiskosten vergoed.

2De vergoeding per maand bedraagt voor de voorzitter € 200, - en voor het lid € 150,-.

3De maandelijkse vergoeding wordt met ingang van 1 januari 2023 jaarlijks geïndexeerd met dezelfde indexering die geldt voor de vergoeding aan raadsleden. De vergoeding van de reiskosten volgt de interne regeling van de gemeente Westerwolde.

Artikel 12 Budget

1De rekenkamer is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting beschikbaar gesteld budget, uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken.

2Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de kosten gebracht van:

a.De vergoedingen aan de leden;

b.De ambtelijk medewerkers;

c.Externe deskundigen die door de rekenkamer worden ingeschakeld;

d.Bureaukosten;

e.Eventuele andere uitgaven die de rekenkamer nodig acht voor de uitoefening van haar taak.

3De rekenkamer verantwoordt de baten en lasten van het vorig begrotingsjaar in het jaarverslag aan de raad, als bedoeld in artikel 185, derde lid, van de wet.

Artikel 13 Periodieke evaluatie

1In opdracht van de raad wordt het functioneren van de rekenkamer gedurende de zittingsperiode minimaal 1 x geëvalueerd.

2De kosten van de evaluatie komen niet ten laste van het budget van de rekenkamer, maar van de raad.

Artikel 14 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag nadat zij is vastgesteld.

Artikel 15 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening op de rekenkamer Westerwolde 2022’.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.