Aanhef
2026-001740
De raad van de gemeente Westerveld;
gelezen het voorstel van Presidium van 29 januari 2026;
gelet op artikel 33 van de Gemeentewet;
BESLUIT:
De verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Westerveld 2025 in te trekken
De verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Westerveld 2026 vast te stellen
Paragraaf 2. Verzoeken om informatie of bijstand
Artikel 2 Verzoek om informatie
1Een raadslid kan de griffie verzoeken om feitelijke informatie van geringe omvang of om inzage in of afschrift van bij de raad, burgemeester en wethouders of de burgemeester berustende schriftelijke stukken en ander materiaal dat gegevens bevat.
2De griffier verstrekt zo spoedig mogelijk de verzochte informatie, voor zover deze daarover kan beschikken. Voor zover daarmee niet aan het verzoek voldaan is, verzoekt de griffier de secretaris één of meer ambtenaren aan te wijzen die voor zover mogelijk de resterende informatie zo spoedig mogelijk verstrekken.
Artikel 3 Verzoek om bijstand
1Een raadslid kan de griffier verzoeken om bijstand.
2De verzochte bijstand wordt zo spoedig mogelijk verleend, voor zover dit naar het oordeel van de griffier in redelijkheid kan worden gevergd. Als de griffier de verzochte bijstand niet kan verlenen, verzoekt hij de secretaris om één of meer ambtenaren aan te wijzen die ambtelijke bijstand verlenen.
3De secretaris weigert het verzoek om ambtelijke bijstand als:
a.naar zijn oordeel niet aannemelijk is gemaakt dat de ambtelijke bijstand betrekking heeft op raadswerkzaamheden
b.dit naar zijn oordeel het belang van de gemeente kan schaden
c.het verlenen van de verzochte ambtelijke bijstand naar zijn oordeel in redelijkheid niet kan worden gevergd.
4Als de secretaris het verzoek om ambtelijke bijstand weigert, deelt hij dit met redenen omkleed mee aan de griffier en het raadslid door wie het verzoek is ingediend. De griffier of het raadslid kan de burgemeester verzoeken met de griffier en de secretaris en zo nodig het raadslid in overleg te treden over het alsnog laten verlenen van de ambtelijke bijstand. De burgemeester geeft zo spoedig mogelijk gehoor aan dit verzoek.
Artikel 4. Geschil over verleende ambtelijke bijstand
1Een raadslid dat niet tevreden is over de aan hem verleende ambtelijke bijstand, kan de griffier verzoeken hierover in overleg te treden met de secretaris.
2Als overleg met de secretaris niet leidt tot een ook voor het raadslid bevredigende oplossing, kan deze de burgemeester verzoeken met de griffier en de secretaris en zo nodig het raadslid in overleg te treden over de aan hem verleende ambtelijke bijstand. De burgemeester geeft zo spoedig mogelijk gehoor aan dit verzoek.
Artikel 5. Verstrekking informatie over verzoeken om ambtelijke bijstand
Als het college of een of meer leden van het college informatie wensen over een verzoek om ambtelijke bijstand of over de inhoud van verleende ambtelijke bijstand, wenden zij zich daartoe rechtstreeks tot het betrokken raadslid.
Paragraaf 3. Fractieondersteuning
Artikel 6 Recht op fractiebudget
1De fracties ontvangen voor de duur van de zittingsperiode jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van de fractie, het zogeheten fractiebudget.
2De bijdrage bestaat uit een vast deel van 1700 euro voor elke fractie en wordt verhoogd met een bedrag van 400 euro per tot de groepering behorend raadslid.
Artikel 7 Besteding van fractiebudget
1Fracties besteden hun fractiebudget om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol uit te voeren.
2Het fractiebudget kan eveneens aangewend worden voor activiteiten zoals vermeld in bijlage 1 van deze verordening.
3Het fractiebudget mag niet gebruikt worden ter bekostiging van:
a.betalingen, inclusief die ter voldoening van contributie, aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van diensten of goederen geleverd ten behoeve van de versterking van de ondersteuning van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële declaratie of arbeidsovereenkomst;
b.giften, leningen, beleggingen en voorschotten;
c.uitgaven, die op grond van enige andere wettelijke regeling in aanmerking komen voor vergoeding van overheidswege;
d.uitgaven, die niet ten laste van het fractiebudget gebracht mogen worden conform bijlage 1 van deze verordening.
4in geval van twijfel of onduidelijkheid kan het presidium om advies worden gevraagd.
Artikel 8 Voorschot fractiebudget
1Het fractiebudget wordt uiterlijk op 31 maart van een kalenderjaar als voorschot op dat kalenderjaar verstrekt.
2In het eerste kwartaal van een kalenderjaar kan een voorschot worden verstrekt tot een maximum van een kwart van het totale voorschot voor dat jaar.
3In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden, wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuwe gekozen gemeenteraad plaatsvindt, wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden van dat jaar.
Artikel 9 Verkiezingen, splitsing, fusies en einde bestaan fractie(s)
1Indien het aantal zetels van een fractie ten gevolge van verkiezingen verandert, wijzigt het budget op de eerste dag van de maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt.
2Indien het zeteltal van een fractie ten gevolge van splitsing of samenvoeging van fracties gedurende de raadsperiode wijzigt, dan wijzigt het budget op de eerste dag van de maand na de maand waarin de voorzitter van de raad melding heeft gemaakt van de samenvoeging of splitsing.
3Bij aanvang van een nieuwe raadsperiode wordt een eventueel restant op de fractierekening volledig verrekend met het nieuwe bedrag waar een fractie recht op heeft.
4Als het in lid 3 genoemde restant niet of niet volledig verrekend kan worden, wordt het resterende bedrag teruggevorderd.
5Bij een fusie van fracties na verkiezingen wordt bij in lid 3 genoemde verrekening uitgegaan van het totaal restant van de fractierekeningen.
6Bij een fusie van fracties tijdens een raadsperiode wordt in het eerstvolgende boekjaar uitgegaan van een reserve van maximaal 30% op basis van het budget waar de fracties in het voorgaande boekjaar gezamenlijk recht op hadden.
7In geval een fractie na de verkiezingen niet terugkeert in de raad wordt de fractieverantwoording uitgevoerd door de persoon die op de dag voorafgaand aan het periodiek aftreden als bedoeld in artikel 18 Gemeentewet de functie van fractievoorzitter vervulde.
Artikel 10 Overheveling deel fractiebudget
1Fracties mogen éénmaal in de raadsperiode een deel van hun budget overhevelen naar een volgend jaar.
2Er mag niet worden overgeheveld naar het jaar waarin gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden.
3De overheveling betreft maximaal 30% van het fractiebudget van het voorgaande jaar.
Artikel 11 Administratieve verplichtingen
1Elke fractie legt schriftelijk (conform het door de griffie aangeleverde format) verantwoording af over de besteding van het fractiebudget van het jaar daarvoor. Dit gebeurt uiterlijk op 31 januari in het navolgende kalenderjaar.
2De schriftelijke verantwoording bestaat uit:
a.een overzicht met vermelding van in ieder geval beginsaldo, uitgaven, inkomsten en eindsaldo;
b.de bankafschriften van het betreffende loopjaar;
c.facturen en eventuele andere bewijsstukken van de gedane uitgaven in het betreffende jaar inclusief een toelichting om te kunnen vaststellen of de uitgaven zijn gedaan in overeenstemming met artikel 7.
3Indien een fractie een bedrag wenst over te hevelen naar een volgend jaar dient zij dit te melden binnen de termijn genoemd in artikel 11.1.
4Indien fracties samengevoegd worden, dienen de fracties die ophouden te bestaan binnen twee maanden nadat de voorzitter van de raad van de samenvoeging melding heeft gemaakt schriftelijk (conform het door de griffie aangeleverde format en op grond van de vereisten zoals gemeld in artikelen 11.2.a t/m c) verantwoording af te leggen over de besteding van het fractiebudget.
5Voor de verwerking van inkomsten en uitgaven houdt elke fractie een aparte bankrekening bij.
Artikel 12 Controle en vaststelling verantwoordingen en fractiebudgetten
1Het presidium controleert de schriftelijke verantwoordingen en stelt het volgende vast:
a.de uitgaven van een fractie die uit de bijdrage bekostigd zijn
b.de eventuele overheveling(en) op grond van artikel 10
c.de budgetten voor het kalenderjaar
2Het besluit van het presidium wordt ter bekrachtiging voorgelegd aan de gemeenteraad.
Paragraaf 4. Slotbepalingen
Artikel 13 Intrekken oude en inwerkingtreding nieuwe verordening
1De verordening op de ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2025 wordt ingetrokken.
2Deze verordening treedt in werking op 1 maart 2026.