Aanhef
De raad van de gemeente Westerveld;
gelezen het voorstel van het Presidium van14oktober 2024 onder nummer2024-024490;
gelet op artikel 16 en 82 van de Gemeentewet;
gezien het advies van het presidium d.d. 14 oktober 2024;
besluit de volgende verordening vast te stellen:
Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Westerveld 2024
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1 De politieke Avond Westerveld
1De Politieke avond Westerveld is een openbare bijeenkomst van de gemeenteraad van Westerveld.
2De Politieke avond Westerveld kan zijn:
a.een raadsvergadering
b.een Politieke Ronde
c.een Dialoogavond
3In de raadsvergadering worden moties en amendementen ingediend, vindt debat plaats en worden besluiten genomen.
4In Politieke Rondes wordt de raadsvergadering voorbereid. De Politieke Ronde is een raadscommissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet.
5Op de Dialoogavond gaan raadsleden in gesprek met de samenleving of met andere gesprekspartners.
Artikel 2. Begripsbepalingen
In dit reglement wordt verstaan onder:
•amendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een ontwerpverordening of ontwerpbeslissing;
•griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger;
•nitiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid voor een verordening of ander besluit;
•motie: verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;
•subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een aanhangig amendement;
•raadsvoorzitter: de voorzitter van de raad of diens vervanger;
•voorzitter: de voorzitter van de Politieke Ronde of Dialoogavond
•burgerlid: een niet-raadslid dat namens een fractie deelneemt aan een Politieke Ronde of Dialoogavond.
•Wet: Gemeentewet;
•website: de gemeentelijke website www.gemeentewesterveld.nl met inbegrip van het Raadsinformatiesysteem waarnaar de website verwijst.
Artikel 3. Het voorzitterschap
1De raadsvoorzitter, plaatsvervangend raadsvoorzitter en de voorzitters van Politieke Ronde en Dialoogavond zijn belast met:
a.het leiden van de vergadering;
b.het handhaven van de orde;
c.het doen naleven van het reglement van orde;
d.hetgeen de Wet of dit reglement hem verder opdraagt.
2De plaatsvervangend raadsvoorzitter en de voorzitters worden door de raad uit zijn midden benoemd.
3Het voorzitterschap van de plaatsvervangend raadsvoorzitter en een voorzitter eindigt:
a.door beëindiging van het lidmaatschap van de raad;
b.door ontslag op eigen verzoek;
c.door ontslag door de raad, wanneer hij naar het oordeel van de raad niet goed kan functioneren
Artikel 4. De griffier
1De griffier is aanwezig in raadsvergaderingen, vergaderingen van de agendacommissie en het presidium.
2Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een door de raad aangewezen plaatsvervanger.
3De griffier of een door de raad aangewezen plaatsvervanger is aanwezig in de Politieke Ronde en de Dialoogavond.
4De griffier kan op uitnodiging van de raadsvoorzitter of voorzitter aan beraadslagingen als bedoeld in dit reglement deelnemen.
Artikel 5. Het presidium
1Er is een presidium dat bestaat uit de fractievoorzitters en de plaatsvervangend raadsvoorzitter van de raad.
2De raadsvoorzitter is voorzitter van het presidium en wordt bij diens afwezigheid vervangen door de plaatsvervangend raadsvoorzitter. De griffier treedt op als secretaris van het presidium.
3Een fractievoorzitter kan zich bij afwezigheid in het presidium laten vervangen door een ander fractielid.
4Het presidium kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn vergaderingen.
5Elk lid heeft één stem in het presidium.
6Het presidium heeft de volgende taken:
a.draagt de zorg voor het goed functioneren van de raad en zijn organen in algemene zin;
b.draagt de zorg voor huishoudelijke aangelegenheden de raad betreffend;
c.voert overleg met de burgemeester over bestuurlijke aangelegenheden;
d.stelt de jaarplanning van de Politieke avond Westerveld vast.
7De vergaderingen en stukken van het presidium zijn niet openbaar.
Artikel 6. De agendacommissie en het vaststellen van vergaderingen
1Er is een agendacommissie die bestaat uit de voorzitters en de plaatsvervangend raadsvoorzitter.
2De plaatsvervangend raadsvoorzitter is voorzitter van de agendacommissie. Bij verhindering of afwezigheid wordt het voorzitterschap waargenomen door één van de andere commissieleden.
3De raadsvoorzitter en de griffier zijn als adviseurs bij de vergaderingen van de commissie aanwezig. De griffier of diens vervanger treedt op als secretaris van de commissie.
4De agendacommissie kan anderen bij haar vergaderingen uitnodigen.
5De agendacommissie heeft in ieder geval de volgende taken:
a.het voorbereiden en vaststellen van agenda’s voor de Politieke Ronde en Dialoogavond;
b.het voorbereiden en vaststellen van ontwerp-agenda’s voor de raadsvergadering;
c.het vaststellen van de datum van vergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de wet.
6De agendacommissie beslist bij meerderheid van stemmen. Bij het staken van de stemmen beslist de stem van de voorzitter van de agendacommissie.
7De vergaderingen en stukken van de agendacommissie zijn niet openbaar.
8De besluitenlijsten van de agendacommissie zijn openbaar.
Hoofdstuk 2. Toelating van nieuwe leden; benoeming wethouders; fracties
Artikel 7. Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging raadsleden
1Bij de toelating van nieuwe raadsleden stelt de raad een commissie in bestaande uit drie raadsleden.
2Deze onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuwe benoemde raadsleden en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad. Indien van toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies.
3Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling na de raadsverkiezingen.
4Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de wet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.
5In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.
Artikel 8. Benoeming wethouders
1Bij de benoeming van een wethouder stelt de raad een commissie in bestaande uit drie raadsleden.
2Deze commissie onderzoekt of de benoeming van de kandidaat wethouder voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de wet.
3De commissie brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder.
4De burgemeester kan voor de aanvang van iedere ambtstermijn opdracht geven om de kandidaat-wethouders aan een risicoanalyse integriteit te onderwerpen. De burgemeester brengt over het eindresultaat daarvan verslag uit aan de fractievoorzitters. De risicoanalyse en de eindconclusie zijn niet openbaar.
Artikel 9. Fracties
1Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard worden bij de aanvang van de zittingsperiode als één fractie beschouwd.
2Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad zal voeren.
3De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter.
4Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter.
5Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de criteria uit artikel G 3 lid 4 van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging.
6Met de in het vierde lid beschreven veranderde situatie wordt rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende vergadering van de raad na de mededeling door de voorzitter daarvan.
Artikel 10. Burgerleden
1Burgerleden behoren tot een fractie die in de raad vertegenwoordigd is.
2Een fractie heeft maximaal 2 burgerleden.
3Burgerleden worden door de raad op voordracht van betreffende fractie benoemd.
4De zittingsperiode van een burgerlid eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad.
5De raad kan een burgerlid ontslaan op voorstel van de fractie die het lid voor benoeming heeft voorgedragen. Het ontslag gaat in op de dag na voornoemd ontslagbesluit.
6Een burgerlid kan te allen tijde ontslag nemen en doet daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als het burgerlid zelf wenst.
7Burgerleden moeten zijn geplaatst op de kandidatenlijst van een fractie bij laatstgehouden verkiezingen. Op burgerleden zijn de artikelen 10, 11, 12, 13, 14 en 15 van de wet van overeenkomstige toepassing evenals artikel X8 van de Kieswet.
Hoofdstuk 3. Vergaderingen
Paragraaf 1. Tijdstip van vergadering, voorbereiding, regels en verslaglegging
Artikel 11. Vergaderfrequentie
1De vergaderingen van Politieke avond Westerveld vinden plaats volgens het door het presidium vastgestelde vergaderschema.
2Tenzij de agendacommissie anders beslist:
a.vindt de raadsvergadering eens per vier weken op een dinsdag plaats;
b.vindt een Politieke Ronde ten minste eenmaal per vier weken op een dinsdag plaats;
c.beginnen de vergaderingen van een Politieke Avond Westerveld om 20.00 uur en worden gehouden in het gemeentehuis.
3De vergaderingen duren tot uiterlijk 23.00 uur. Indien de agenda op dat moment niet afgewerkt is, schorst de raadsvoorzitter respectievelijk voorzitter de vergadering tot de volgende avond 20.00 uur. In bijzondere gevallen kan deze hiervan afwijken door middel van een ordevoorstel. De deelnemende raads- of burgerleden beslissen op dit voorstel bij meerderheid van stemmen. Bij stakende stemmen beslist de raadsvoorzitter respectievelijk voorzitter van de vergadering.
4De raadsvoorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en/of aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende situatie, overleg met de agendacommissie.
Artikel 12. Oproep en agenda
1De raadsvoorzitter plaatst op de website ten minste 7 dagen voor de Politieke Avond Westerveld een oproep en de agenda voor Politieke Ronde en Dialoogavond respectievelijk de oproep en voorlopige agenda voor de raadsvergadering. De bij de agenda’s horende stukken worden eveneens op de website geplaatst.
2Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 13, eerste lid, wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 72 uur voor aanvang van de raadsvergadering via de website aan de leden beschikbaar gesteld.
3Op de stukken bedoeld in het eerste en tweede lid is artikel 15 tweede lid van toepassing.
Artikel 13. Aanvullende agenda; vaststellen agenda
1In spoedeisende gevallen kan de raadsvoorzitter na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende voorlopige agenda opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar gemaakt.
2De agenda van de raadsvergadering wordt bij aanvang van de vergadering door de raad vastgesteld. Op voorstel van een lid van de raad of de raadsvoorzitter kan de raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen, onderwerpen van de agenda afvoeren of de volgorde van agendapunten wijzigen.
3Direct na vaststelling van de agenda van de raadsvergadering is er gelegenheid voor het college om een mondelinge mededeling te doen aan de raad ingevolge artikel 169 van de wet.
4De agendastukken voor de raadsvergadering worden op voorstel van de agendacommissie verdeeld in hamerstukken en bespreekstukken.
5Over bespreekstukken wordt eerst beraadslaagd op de in paragraaf 2 aangegeven wijze, waarna wordt overgegaan tot besluitvorming.
6Over hamerstukken wordt direct een besluit genomen, zonder voorafgaande beraadslaging. Leden kunnen wel een stemverklaring als bedoeld in artikel 22 geven.
7Elk lid van de raad heeft op het in lid 3 bedoelde moment het recht een verzoek in te dienen de status van een hamerstuk te wijzigen in bespreekstuk dan wel een bespreekstuk te wijzigen in een hamerstuk.
8De agendacommissie stelt de agenda vast van de Politieke Ronde en Dialoogavond.
Artikel 14. Vaststellen bespreekvoorstel
1De agendacommissie stelt voor elk agendapunt in de Politieke Ronde doel en wijze van behandeling evenals het voorgesteld resultaat vast in een bespreekvoorstel. Het bespreekvoorstel maakt onderdeel uit van de in artikel 12 genoemde, bij de agenda behorende, stukken.
2De agendacommissie kan een bespreekvoorstel vaststellen ten behoeve van de beraadslaging over een bespreekstuk als bedoeld in artikel 13 vijfde lid.
3Spoedeisende gevallen daargelaten, dienen wijzigingsvoorstellen op het bespreekvoorstel schriftelijk via de griffie te worden ingediend bij de agendacommissie, uiterlijk maandagochtend 9.00 uur voorafgaand aan de betreffende Politieke Ronde. De agendacommissie beslist uiterlijk diezelfde dag om 14.00 uur over ingediend verzoek. Een eventuele wijziging wordt uiterlijk 24 uur tevoren op de website gepubliceerd. Indien er geen wijzigingsverzoeken zijn ingediend, wordt het bespreekvoorstel geacht definitief te zijn vastgesteld.
4Voor bespreekvoorstellen als genoemd in het tweede lid zijn de termijnen als genoemd in het derde lid van overeenkomstige toepassing.
Artikel 15. Ter inzage leggen van stukken
1Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden gelijktijdig met de oproep en agenda geplaatst op de website en zijn op aanvraag in te zien bij de griffie.
2Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier.
Artikel 16. Openbare kennisgeving
1De vergaderingen van de Politieke avond Westerveld worden ter openbare kennis gebracht door aankondiging in de huis-aan-huiskrant ‘De Westervelder Wolder Courant’ en publicatie op de website.
2In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving ook uitsluitend door publicatie op de website plaatsvinden.
Artikel 17. Verslag en besluitenlijst
1De griffier of zijn plaatsvervanger draagt zorg voor het maken van een besluitenlijst plus een woordelijk verslag in de vorm van een digitale opname van de raadsvergadering en de Politieke Ronde. De digitale opname wordt toegankelijk gemaakt via de website.
2De concept-besluitenlijst van de voorgaande raadsvergadering en Politieke Ronde wordt, gelijktijdig met de schriftelijke oproep en voorlopige agenda van de volgende raadsvergadering op de website gepubliceerd.
3De raadsleden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en diegenen die het woord hebben gevoerd, hebben het recht, een voorstel tot verandering te doen, indien de concept-besluitenlijst onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen besloten is. Een voorstel tot verandering kan tot de aanvang van de raadsvergadering waarin de besluitenlijsten zullen worden vastgesteld bij de griffier worden ingediend. Tijdens de raadsvergadering meldt de voorzitter welke verzoeken tot wijziging van de besluitenlijst zijn binnengekomen.
4De besluitenlijst bevat:
a.in het geval van een raadsvergadering
-de namen van de raadsvoorzitter, de griffier, de wethouders en de raadsleden, allen voor zover aanwezig, alsmede de overige personen die het woord gevoerd hebben;
-aantekening van welke raadsleden afwezig waren;
b.in het geval van een Politieke Ronde
-per agendapunt de namen van de raadsvoorzitter, de griffier, de wethouder en de deelnemende raads- en burgerleden, alsmede de overige personen die het woord gevoerd hebben;
c.een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest;
d.in het geval van een raadsvergadering de uitkomst van de stemming, met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de leden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de leden die zich overeenkomstig de wet van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist;
e.in het geval van een raadsvergadering de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstel, voorstellen van orde, moties, amendementen en subamendementen;
f.de besluiten en de door het college gedane toezeggingen en door de raad gemaakte overige afspraken.
5De besluitenlijsten van raadsvergaderingen en Politieke Rondes worden door de gemeenteraad vastgesteld en door de raadsvoorzitter en de griffier ondertekend.
6Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt via de website.
7Bij tegenstrijdigheden tussen een vastgestelde besluitenlijst en de digitale opname is de vastgestelde besluitenlijst leidend.
Paragraaf 2. Orde van de raadsvergadering
Artikel 18. Presentielijst
1De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van raadsvergaderingen.
2Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst. Aan het einde van elke raadsvergadering wordt die lijst door de raadsvoorzitter en de griffier door ondertekening vastgesteld.
Artikel 19. Spreken
1Leden van de raad en het college spreken vanaf hun plaats en richten zich tot de raadsvoorzitter.
2Het is aan de raadsvoorzitter van de vergadering en de agendacommissie om te bepalen wanneer van het spreekgestoelte gebruik wordt gemaakt.
3De raadsvoorzitter kan bepalen dat er gebruik wordt gemaakt van de interruptiemicrofoon.
4De leden van de raad en van het college voeren het woord na het aan de raadsvoorzitter gevraagd en van hem verkregen te hebben.
5Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.
6De spreektijd is in beginsel 3 minuten per fractie per termijn, interrupties op de termijn worden hierin niet meegerekend.
7De agendacommissie kan voor een onderwerp een afwijkende spreektijd vaststellen, hetgeen in de agenda wordt vermeld.
8Spreektermijnen worden door de raadsvoorzitter afgesloten.
9Raadsleden voeren in een termijn niet meer dan éénmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel.
10Het negende lid is niet van toepassing op een raadslid dat een amendement, een subamendement, een motie of een initiatiefvoorstel heeft ingediend, ten aanzien van de beraadslaging daarover.
11Bij de bepaling hoeveel keer een raadslid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
Artikel 20. Deelname aan de beraadslaging door anderen
Onverminderd het bepaalde in artikel 21, eerste en tweede lid, van de wet kan de raad besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.
Artikel 21. Voorstellen van orde
Raadsleden kunnen tijdens een raadsvergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raad beslist hier terstond over.
Artikel 22. Stemverklaring
Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag kort toelichten.
Artikel 23. Beslissing
1De raadsvoorzitter sluit de beraadslaging als hij vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht.
2Voordat de stemming over het voorstel plaatsvindt, formuleert de raadsvoorzitter het voorstel voor de te nemen beslissing.
Artikel 24. Stemming; procedure hoofdelijke stemming
1De raadsvoorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de raadsvoorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen.
2Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen, kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of zich overeenkomstig artikel 28 van de wet van deelname aan de stemming hebben onthouden.
3Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de raadsvoorzitter daarvan mededeling aan de raad.
4Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid. Vervolgens geschiedt de oproeping naar de volgorde van de presentielijst.
5Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezige raadsleden, die zich niet ingevolge artikel 28 van de wet van deelneming aan de stemming moeten onthouden, hun stem uit door zich ‘voor’ of ‘tegen’ te verklaren, zonder enige toevoeging.
6Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen tot het volgende raadslid heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de raadsvoorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming.
7De raadsvoorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee en doet daarbij mededeling van het genomen besluit.
Artikel 25. Volgorde stemming over amendementen en moties
1Als op een aanhangig voorstel amendementen zijn ingediend, wordt eerst over die amendementen gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel.
2Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft.
3Als meerdere amendementen of subamendementen op eenzelfde gedeelte van een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd.
4Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over de motie gestemd en vervolgens over het voorstel.
5Als over een aanhangig voorstel zowel moties als amendementen zijn ingediend wordt eerst gestemd over de amendementen daarna over de moties.
Artikel 26. Stemming over personen
1Bij stemming over personen voor benoemingen of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de raadsvoorzitter drie raadsleden tot stembureau.
2Aanwezige raadsleden die zich niet ingevolge artikel 28 van de wet van deelneming van de stemming moeten onthouden zijn verplicht een door het stembureau verstrekt stembriefje in te leveren.
3Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje.
4In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad op voorstel van het stembureau.
5Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe stemming gehouden.
6Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.
Paragraaf 3. Orde van de Politieke Ronde en Dialoogavond
Artikel 27. Doel en organisatie Politieke Ronde en Dialoogavond
1De Politieke Ronde is gericht op het vergaren en uitwisselen van informatie, debat en dialoog. De Politieke Ronde bereidt de besluitvorming van de raad voor.
2De Politieke Ronde bestaat uit een agenda van losse achter elkaar geplaatste agendapunten die elk als een afzonderlijke vergadersessie zijn aan te merken met een eigen opening, conclusie en afsluiting en een vooraf vastgestelde duur van de vergadersessie. Per vergadersessie kunnen de deelnemers verschillen.
3De Dialoogavond is gericht op gesprek met de samenleving of andere gesprekspartners. Agenderingsverzoeken voor een Dialoogavond kunnen bij de agendacommissie worden ingediend door:
a.raadsleden, een onderwerp wordt geagendeerd als deze de steun heeft van tenminste 2 fracties;
b inwoners, maatschappelijke partners en andere belanghebbenden;
c het college.
4De agendacommissie kan voor iedere afzonderlijke Dialoogavond een nadere werkwijze vaststellen.
Artikel 28. Openbaarheid
Op voorstel van de voorzitter kunnen de deelnemers van een Politieke Ronde besluiten dat een vergadering wordt voortgezet achter gesloten deuren; iedere deelnemer heeft daarbij één stem.
Artikel 29. Voorzitter Politieke Ronde
1De Politieke Ronde wordt voorgezeten door de voorzitter als bedoeld in artikel 3.
2De voorzitter draagt zorg voor behandeling van een agendapunt conform het bespreekvoorstel.
3Aan het eind van de door hem voorgezeten Politieke Ronde vat de voorzitter de uitkomst van de behandeling samen en formuleert een conclusie ten behoeve van de besluitenlijst.
Artikel 30. Deelnemers Politieke Ronde
11.Van een fractie kunnen per agendapunt maximaal 2 raads- of burgerleden deelnemen waarvan behoudens interrupties maximaal één het woord voert.
2In het bespreekvoorstel kan opgenomen worden dat naast raadsleden, burgerleden en collegeleden derden deelnemen aan een vergadersessie van de Politieke Ronde.
Artikel 31. Uitkomst van een Politieke Ronde
1Ieder agendapunt van de Politieke Ronde leidt tot een concrete uitkomst, waarbij tevens over de verdere behandeling wordt geadviseerd aan de agendacommissie.
2Mogelijke uitkomsten van een agendapunt van de Politieke Ronde zijn:
a.een voorstel is besluitrijp als hamerstuk in de raadsvergadering;
b.een voorstel is besluitrijp als bespreekstuk in de raadsvergadering, waarbij aangegeven dient te worden over welke punten dit debat zal gaan;
c .een voorstel gaat voor verdere informatie of aanpassing terug naar het college;
d.anderszins.
3Er wordt één besluitenlijst als bedoeld in artikel 17 van de gezamenlijke vergadersessies binnen een Politieke Ronde gemaakt.
Artikel 32. Spreken en orde
Op de orde van de Politieke Ronde zijn de artikelen 19, 20 en 21 van dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zo ver het bepreekvoorstel hiervoor geen andere regel geeft.
Hoofdstuk 3. Ingekomen stukken, meespreken en inspreken
Paragraaf 1. Ingekomen stukken
Artikel 33. Ingekomen stukken en mededelingen
1Bij de raad ingekomen stukken, waaronder schriftelijke mededelingen van het college aan de raad, worden door de griffier binnen 3 werkdagen via het besloten deel van het raadsinformatiesysteem beschikbaar gesteld aan de raad onder vermelding van een voorstel van afdoening.
2Binnen tien dagen na het beschikbaar stellen van het ingekomen stuk kan een raadslid via de griffier aan de agendacommissie gemotiveerd een andere wijze van afdoening van een stuk voorstellen. De agendacommissie beslist over dit voorstel en maakt, indien besloten wordt tot een andere wijze van afdoening, dit kenbaar aan de raadsleden.
3Maandelijks wordt van de tot dan toe ontvangen ingekomen stukken waarvan de in het tweede lid genoemde wijzigingstermijn is verlopen, een lijst samengesteld, waarna de agendacommissie de wijze van afdoening definitief vaststelt.
4De door de agendacommissie vastgestelde lijst ingekomen stukken wordt op de website gepubliceerd.
Paragraaf 2. Inspreken
Artikel 34. Meespreken en inspreken
1De agendacommissie regelt via het vaststellen van de vergaderagenda’s en de in artikel 27 bedoelde bespreekvoorstellen de momenten en wijze van inspreken.
2De agendacommissie maakt het mogelijk in te spreken op onderwerpen tijdens de raadsvergadering:
a.indien het voorstel dat voor besluitvorming op de agenda van de raadsvergadering staat naar het oordeel van de agendacommissie fundamenteel afwijkt van het voorstel zoals dat in de Politieke Ronde is besproken;
b.indien er geen voorbereidende Politieke Ronde heeft plaatsgevonden over het voorstel;
c.als aan de agendacommissie spreekrecht in de raadsvergadering geadviseerd wordt als conclusie van de voorbereidende Politieke Ronde over het voorstel.
3Het inspreken tijdens een Politieke Ronde kan de vorm hebben van inspreken of mee-spreken hetgeen vermeld wordt in het in artikel 27 bedoelde bespreekvoorstel.
4Inspreken vindt in de raadsvergadering en de Politieke Ronde plaats direct voorafgaand aan de behandeling van het betreffende agendapunt.
5De spreektijd is maximaal 5 minuten per inspreker. Bij meer dan 3 insprekers bepaalt in het geval van een Politieke Ronde de voorzitter of in het geval van een raadsvergadering de raadsvoorzitter, in afstemming met de agendacommissie, een ander moment van inspreken of de verkorting van de inspreektijd.
6Insprekers richten het woord tot de voorzitter; hierna worden, in de Politieke Ronde raads- en burgerleden en in de raadsvergadering de raadsleden in de gelegenheid gesteld vragen ter verduidelijking te stellen.
7Degene die van het spreekrecht in de vorm van inspreken of meespreken gebruik wil maken moet dit vóór 16.00 uur voorafgaand aan de dag van de vergadering melden aan de griffier.
8Mee-spreken is het geven van een kort statement van maximaal 2 minuten bij aanvang van de behandeling van het onderwerp waarna mee-spreker mee kan doen in het aansluitende gesprek of debat van raads- en burgerleden. .
9De agendacommissie kan actief mee-sprekers uitnodigen voor een agendapunt en kan in het bespreekvoorstel nadere regels opnemen over de wijze van gesprek.
Hoofdstuk 4. Besloten vergaderingen, toehoorders en pers
Paragraaf 1. Besloten vergaderingen
Artikel 35 Toepassing reglement op besloten vergaderingen
Op besloten raadsvergaderingen en besloten vergadersessies van een Politieke Ronde is dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering.
Artikel 36 Verslag besloten vergadering
1Er wordt geen digitale opname als verslag gemaakt van een besloten vergadering. De griffier of diens plaatsvervanger maakt een beknopt schriftelijk verslag van de besloten vergadering die ook als besluitenlijst wordt aangemerkt.
2Conceptverslagen eveneens zijnde besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen en besloten Politieke Rondes worden niet verspreid, maar uitsluitend voor de raads- en burgerleden ter inzage gelegd bij de griffier.
3Deze verslagen eveneens zijnde besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet openbaar maken van het vastgestelde verslag.
4De vastgestelde verslagen eveneens zijnde besluitenlijsten worden door de voorzitter en de griffier ondertekend.
Artikel 37 Opheffing geheimhouding
Als de raad op grond van artikel 89 vierde lid van de wet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd.
Paragraaf 2. Toehoorders en pers
Artikel 38. Toehoorders en pers
1Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare raadsvergaderingen en Politieke Rondes uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.
2Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.
Artikel 39. Geluids- en beeldregistraties
1Degenen die van een openbare raadsvergadering of Politieke Ronde geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan voor aanvang van de vergadering mededeling aan de raadsvoorzitter of voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.
2Het presidium kan nadere richtlijnen vaststellen waarbinnen geluid- en beeldregistraties kunnen worden gemaakt.
Hoofdstuk 5. Bevoegdheden, instrumenten raadsleden
Artikel 41. Moties
1Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de raadsvoorzitter. Tenzij de raadsvoorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat.
2De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking heeft.
3De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen zijn behandeld.
4Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de beraadslaging daarover door de raad is afgerond.
Artikel 42. Initiatiefvoorstel
11.Een initiatiefvoorstel wordt schriftelijk ingediend bij de raadsvoorzitter. Deze brengt een ingediend voorstel zo spoedig mogelijk ter kennisname van het college.
22.Het college kan binnen vier weken nadat het ter kennis is gesteld van een voorstel schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis brengen van de raad.
3De agendacommissie stelt met inachtneming van de in het tweede lid genoemde termijn vast wanneer het voorstel op de agenda van de Politieke avond Westerveld wordt geplaatst en op welke wijze het wordt behandeld.
Artikel 43. Raadsvoorstel
1Een collegevoorstel aan de raad dat vermeld staat op de voorlopige agenda van de raadsvergadering, wordt niet ingetrokken zonder toestemming van de raad.
2Als de raad van oordeel is dat het nodig is een voorstel als bedoeld in het eerste lid voor advies terug te zenden aan het college, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw geagendeerd wordt.
Artikel 44. Interpellatie
1Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de raadsvoorzitter. Het verzoek bevat een duidelijke omschrijving van het onderwerp en in ieder geval de te stellen vragen.
2De raadsvoorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college. Het verzoek wordt eveneens geplaatst op de website.
3Als het verzoek vóór 12.00 uur op de laatste vrijdag voorafgaand aan de raadsvergadering is ingediend of naar het oordeel van de raadsvoorzitter spoedeisend is, wordt over het verzoek tijdens de eerstvolgende raadsvergadering gestemd. In andere gevallen vindt stemming plaats tijdens de daaropvolgende raadsvergadering.
4Bij de vaststelling van de agenda van de in het derde lid aangewezen raadsvergadering wordt het verzoek in stemming gebracht. Bij toestemming van de raad wordt de interpellatie onmiddellijk na de stemming gehouden.
5De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker van eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.
Artikel 45. Schriftelijke vragen
1Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk maar in ieder geval binnen 3 werkdagen ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. De vragen worden op de gemeentelijke website geplaatst.
2Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen dertig dagen nadat de vragen zijn ingediend. Indien beantwoording niet binnen deze termijn kan plaatsvinden, stelt het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.
3Voor beantwoording van schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 48 tiende lid geldt een beantwoordingstermijn van één week. Het college kan met redenen omkleed in overleg met de indiener een langere termijn van beantwoording afspreken.
4Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de vragensteller en de overige raadsleden toegezonden en op de gemeentelijke website geplaatst.
5De vragensteller of een ander lid van de raad kan binnen 2 weken na schriftelijke beantwoording door het college bij de agendacommissie een met redenen omkleed verzoek indienen om de beantwoording te agenderen voor een Politieke Ronde.
Artikel 46. Inlichtingen
1Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de wet schriftelijk in bij de griffier.
2De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. Het verzoek wordt op de gemeentelijke website geplaatst.
3De verlangde inlichtingen worden binnen vier weken schriftelijk gegeven of voor mondelinge beantwoording als agendapunt voor een Politieke Ronde geagendeerd.
4Indien een verzoek om inlichtingen schriftelijk wordt beantwoord worden de antwoorden door tussenkomst van de griffier aan de vragensteller en de overige raadsleden toegezonden en op de gemeentelijke website geplaatst.
5De vragensteller of een ander lid van de raad kan binnen 2 weken na schriftelijke beantwoording door het college bij de agendacommissie een met redenen omkleed verzoek indienen om de beantwoording te agenderen voor een Politieke Ronde.
Artikel 47. Raadsonderzoek
1Indien één of meer leden de raad willen voorstellen nader onderzoek in te stellen naar het door het college of de burgemeester gevoerde bestuur, wordt daarvoor een schriftelijk voorstel ingediend bij de voorzitter onder opgave van een omschrijving van het onderwerp van onderzoek met een toelichting.
2De voorbereiding en uitvoering van een enquêteonderzoek geschiedt met inachtneming van de artikelen 155a t/m 155f van de Gemeentewet.
Artikel 48. Vragenkwartier en vragenuur
1De raadsvergadering wordt afgesloten met een vragenuur, één Politieke Ronde per vier weken wordt afgesloten met een vragenkwartier. In de Politieke Ronde kan een vraag gesteld worden door zowel een raads- als burgerlid.
2Tijdens het vragenuur en het vragenkwartier worden maximaal 3 aangevraagde onderwerpen toegestaan. Bij overschrijding van dit aantal selecteert de raadsvoorzitter respectievelijk voorzitter op basis van actualiteit en spoedeisendheid.
3Onderwerpen voor vragenuur en vragenkwartier worden uiterlijk om 12.00 uur op de dag vóór de vergadering wordt gehouden ingediend bij de griffier. Naast het onderwerp worden daarbij de beknopt geformuleerde vragen ingediend.
4De aangemelde onderwerpen worden zo spoedig mogelijk vermeld bij de agenda op de website en ter beschikking gesteld van het college.
5In het vragenkwartier voeren alleen de indiener van de vraag en de portefeuillehouder het woord. De indiener beperkt zich tot het stellen van maximaal 3 beknopt geformuleerde vragen over het onderwerp.
6In het vragenkwartier is er alleen voor de indieners van de vragen na beantwoording gelegenheid om in tweede termijn nog een verhelderende vraag te stellen. Er is geen gelegenheid voor interrupties of ordevoorstellen.
7In het vragenuur beperkt de indiener zich tot het stellen van maximaal 3 beknopt geformuleerde vragen over het onderwerp.
8In het vragenuur is er na beantwoording van de vragen gelegenheid voor in eerste instantie de indienende fractie en vervolgens voor andere fracties om aanvullende vragen te stellen.
9De raadsvoorzitter beslist in het geval van het vragenuur, de voorzitter beslist in het geval van het vragenkwartier over de volgorde waarin aangemelde onderwerpen aan de orde worden gesteld.
10Vragen die door overschrijding van het maximum aantal vragen niet worden toegelaten, worden wel op de agenda van de vergadering vermeld en voor het overige afgedaan als schriftelijke vragen conform artikel 45 van dit reglement.
Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
Artikel 49. Uitleg reglement
In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van het reglement,
-beslist in geval van een raadsvergadering de raad bij handopsteken op voorstel van de raadsvoorzitter;
-beslissen de raads- en burgerleden die deelnemen aan een vergadersessie binnen de Politieke Ronde bij handopsteken op voorstel van de voorzitter.
Artikel 50. Intrekking oude reglement
Het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Westerveld 2021, vastgesteld bij raadsbesluit van 26 april 2021 wordt ingetrokken.
Artikel 51. Inwerkingtreding en citeertitel
1Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2025.
2Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad Westerveld 2024.