Gemeentelijke regelgeving

Damoclesbeleid gemeente Wageningen

Gemeente Wageningen · geldt sinds 1 augustus 2025

Aanhef

De burgemeester van de gemeente Wageningen.

Gelet op artikel 13b Opiumwet, de Aanwijzing Opiumwet, artikel 4:81 en 4:84 Algemene wet bestuursrecht en de Algemene plaatselijke verordening (APV) Wageningen 2024.

B e s l u i t

vast te stellen het “Damoclesbeleid gemeente Wageningen” onder gelijktijdige intrekking van het Beleidsregels 13b Opiumwet Wageningen 2022, zoals vastgesteld op 5 september 2022.

DAMOCLESBELEID gemeente Wageningen

Inhoudsopgave

Hoofdstuk 1. Inleiding

Hoofdstuk 2. Algemene uitgangspunten Damoclesbeleid

Hoofdstuk 3. Uitgangspunten woningen en/of daarbij behorende erven

Hoofdstuk 4. Uitgangspunten lokalen (daaronder begrepen niet-bewoonde woningen) en/of daarbij behorende erven

Hoofdstuk 5. Slotbepalingen

Hoofdstuk 2. Algemene uitgangspunten Damoclesbeleid

2.4 Onderscheid woningen en lokalen

2.4.1 Woningen

Het sluiten van een woning op grond van artikel 13b Opiumwet heeft grote impact. Het kan leiden tot verlies van huisvesting, ontbinding van de huur en schending van het recht op privacy (artikel 10 Grondwet en artikel 8 EVRM), zeker als het gaat om gezinnen, minderjarigen of bewoners met een medische of psychische kwetsbaarheid.

Bij een eerste overtreding in een woning geldt het uitgangspunt dat een waarschuwing of last onder dwangsom wordt opgelegd. Alleen bij ernstige gevallen of herhaling volgt direct sluiting. Dit is nader uitgewerkt in paragraaf 4.3 van dit beleid.

2.4.2 Lokalen

Voor lokalen, zoals bedrijfspanden of niet-bewoonde panden, geldt dit uitgangspunt niet. Omdat het recht op privéleven daar niet speelt, zal in de regel sneller worden opgetreden. Ook niet feitelijk bewoonde woningen worden in dit beleid als lokaal beschouwd. Of een pand als woning wordt aangemerkt, hangt af van het daadwerkelijke gebruik en niet alleen van uiterlijke kenmerken of een BRP-inschrijving. Schijnbewoning leidt niet tot bescherming als woning.

2.4.3 Samenhangend geheel

Het kan voorkomen dat drugshandel of voorbereidingshandelingen tegelijkertijd zowel in een woning als in een lokaal op hetzelfde erf worden aangetroffen. Vertonen de woning en het lokaal ruimtelijke en functionele samenhang dan is sprake van een zogenoemd “samenhangend geheel”. Van ruimtelijke samenhang is sprake als de woning en het lokaal bijvoorbeeld op hetzelfde kadastrale perceel staan, dezelfde eigenaar hebben, in elkaars nabijheid staan, etc. Van functionele samenhang is sprake als bijvoorbeeld in het lokaal drugs en in de woning aan drugs gerelateerde attributen worden aangetroffen of vice versa, of als in het lokaal drugs worden aangetroffen en dat het lokaal en de woning gas-, water- en/of elektra-aansluitingen of (andere) voorzieningen delen. Om als samenhangend geheel te kunnen worden aangemerkt is dus niet vereist dat in alle samenhangende delen drugs zijn aangetroffen. Wel zal in ten minste één onderdeel (bijvoorbeeld het lokaal) van het samenhangend geheel een overtreding van de Opiumwet aan de orde moeten zijn.

Worden in een lokaal een handelshoeveelheid drugs aangetroffen of voorbereidingshandelingen geconstateerd en op hetzelfde erf in een woning, drugshandel geconstateerd, drugs aangetroffen, dan wel voorbereidingshandelingen gerelateerde zaken geconstateerd, dan wordt op grond van dit Damoclesbeleid aangenomen dat sprake is van een samenhangend geheel. In dat geval wordt, als uitgangspunt, op het geheel (inclusief de woning) het regime voor lokalen toegepast. Worden, in de omgekeerde situatie, (alleen) in een woning een handelshoeveelheid drugs aangetroffen of voorbereidingshandelingen geconstateerd en in het zich op hetzelfde erf bevindende lokaal, drugs aangetroffen, drugshandel geconstateerd of voorbereidingshandelingen geconstateerd, dan wordt voor het geheel het regime voor woningen toegepast.

2.5 Te treffen herstelmaatregel: uitgangspunten

2.5.1 Last onder bestuursdwang (sluiting)

Het uitgangspunt is dat bij overtredingen standaard een last onder bestuursdwang wordt opgelegd, wat in de praktijk neerkomt op het sluiten van het pand. Alleen bij geringe overschrijding van de gedooghoeveelheid of een eerste overtreding in een woning zonder sprake van een ernstig geval, wordt hiervan afgeweken.

2.5.2 Last onder dwangsom

Een last onder dwangsom wordt alleen overwogen wanneer bestuursdwang in een specifiek geval onevenredig is. De dwangsom richt zich op de overtreder en moet voldoende afschrikwekkend zijn. De maatregel moet effectief zijn ter voorkoming van herhaling. Ingeval van hennep, zijn in bijlage 1 van dit Damoclesbeleid de uitgangspunten voor de hoogte van de op te leggen dwangsom opgenomen.

2.5.3 Waarschuwing

Een schriftelijke waarschuwing wordt alleen gegeven bij lichte overtredingen of in uitzonderlijke omstandigheden waarin zelfs een dwangsom te ingrijpend is. Bij een volgende overtreding volgt in beginsel sluiting van het pand.

Hoofdstuk 3. Uitgangspunten woningen en/of daarbij behorende erven

3.5 Overige aspecten bij belangenafweging

3.5.1 Minderjarigen

Bij sluiting van een woning ligt de verantwoordelijkheid voor het vinden van vervangende woonruimte in eerste instantie bij de ouders of verzorgers. Als dat niet lukt, wordt bekeken of hulp noodzakelijk is, bijvoorbeeld via Veilig Thuis of jeugdhulp. De gemeente waarborgt dat een minderjarig kind nooit dakloos raakt in Wageningen.

3.5.2 Opvang huisdieren

De zorg voor huisdieren ligt primair bij de bewoner. Als dit niet gebeurt, kan de burgemeester hier maatregelen voor treffen. De kosten van opvang komen voor rekening van de overtreder.

3.5.3 Vervangende woonruimte

De bewoner moet in beginsel zelf zorgen voor vervangend onderdak. Als dat niet lukt, moet onderbouwd worden waarom en welke stappen zijn gezet. De burgemeester moet dan nagaan of betrokkene in staat is vervangend onderdak te vinden en, zo nodig, hierbij ondersteuning bieden (zoals verwijzing naar woningcorporaties of maatschappelijke opvang).

Hoofdstuk 4. Uitgangspunten lokalen (daaronder begrepen niet-bewoonde woningen) en daarbij behorende erven

4.1 Handhavingsmatrix lokalen

In deze paragraaf staan de uitgangspunten die de burgemeester hanteert bij de toepassing van zijn bevoegdheid (voornoemd) ingeval van het aantreffen van:

-een handelshoeveelheid harddrugs of softdrugs;

-voorbereidingshandelingen met betrekking tot harddrugs of softdrugs.

Worden er, voor de goede orde, in een lokaal, niet-bewoonde woning of een daarbij behorend erf zowel handelshoeveelheden softdrugs als een handelshoeveelheid harddrugs aangetroffen dan geldt, als uitgangspunt, het regime voor harddrugs.

In onderstaande matrix wordt weergegeven op welke wijze de burgemeester zijn bevoegdheid op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet, in beginsel toepast bij lokalen (daaronder begrepen niet-bewoonde woningen) en daarbij behorende erven waarin voornoemde overtredingen worden geconstateerd:

1ste constatering

2de constatering

3de constatering

4de constatering

Voorbereidingshandelingen ten aanzien van softdrugs/harddrugs

Sluiting voor drie maanden

Sluiting voor zes maanden

Sluiting voor twaalf maanden

Sluiting voor minimaal twaalf maanden

Handelshoeveelheid softdrugs tot 100 gram/tot 50 hennepplanten

Sluiting voor drie maanden

Sluiting voor zes maanden

Sluiting voor twaalf maanden

Sluiting voor minimaal twaalf maanden

Lachgas boven de 10 ampullen of ballonnen en bij aangewezen eindgebruikers in Bijlage II van het lachgasbesluit boven de 250 ampullen

Sluiting voor drie maanden

Sluiting voor zes maanden

Sluiting voor twaalf maanden

Sluiting voor minimaal twaalf maanden

Handelshoeveelheid softdrugs boven de 100 gram/boven de 50 hennepplanten

Sluiting voor zes maanden

Sluiting voor negen maanden

Sluiting voor twaalf maanden

Sluiting voor minimaal twaalf maanden

Handelshoeveelheid harddrugs tot 3 gram

Sluiting zes weken

Sluiting voor zes maanden

Sluiting voor negen maanden

Sluiting voor twaalf maanden

Handelshoeveelheid harddrugs boven de 3 gram

Sluiting voor zes maanden

Sluiting voor twaalf maanden

Sluiting voor minimaal twaalf maanden

Sluiting voor minimaal achttien maanden

BIJLAGE I Last onder dwangsom (bij hennep)

Deze bijlage bij het Damoclesbeleid bevat de uitgangspunten die worden gehanteerd bij het opleggen van een last onder dwangsom aan de overtreder, ingeval van het aantreffen van een handelshoeveelheid softdrugs, dan wel voorbereidingshandelingen die verband houden met softdrugs. De genoemde bedragen zijn ontleend aan de standaardberekeningen en normen van het Functioneel Parket zoals opgenomen in het rapport “Wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij bij binnenteelt onder kunstlicht” (update 1 juni 2016)

Onderstaande matrix bevat de hoogte van de dwangsom die in beginsel wordt opgelegd, afhankelijk van het aantal daadwerkelijk aangetroffen hennepplanten, dan wel de beoogde hoeveelheid te kweken hennepplanten (bij voorbereidingshandelingen):

Hoeveelheid

Hoogte dwangsom ineens

Van 6 tot 50 planten

€ 12.500 ineens

Van 50 tot 200 planten

€ 25.000 ineens

Van 200 tot 750 planten

€ 50.000 ineens

Vanaf 750 planten

€ 75.000 ineens

Onderstaande matrix bevat de hoogte van de dwangsom die in beginsel wordt opgelegd, afhankelijk van de hoeveelheid aangetroffen softdrugs (uitgedrukt in grammen):

Hoeveelheid

Hoogte dwangsom

5-30 gram

€ 1.275 ineens

30-50 gram

€ 3.500 ineens

50-100 gram

€ 7.000 ineens

100-150 gram

€ 10.500 ineens

150-200 gram

€ 14.000 ineens

200gram – 6 kilogram

€ 25.000 ineens

6kilogram – 22,5 kilogram

€ 50.000 ineens

Vanaf 22,5 kilogram

€ 75.000 ineens

Als sprake is van verzwarende omstandigheden kunnen de genoemde bedrag worden verhoogd.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.