Bijlage 1: Flankerende beleidsprocessen
Er zijn verschillende beleidsontwikkelingen, zowel intern als extern, die nauw samenhangen met integrale veiligheid en handhaving en die niet los gezien kunnen worden van het nieuwe Beleidsplan Veiligheid & Handhaving 2019-2022. Enkele belangrijke van deze ontwikkelingen worden hieronder genoemd:
•Regionaal Beleidsplan 2019-2022 politie eenheid Den Haag;
•Regionaal Beleidsplan 2016-2019 veiligheidsregio Hollands-Midden;
•Regionaal Crisisplan veiligheidsregio Hollands-Midden;
•Mobiliteitsplan Waddinxveen 2013-2020;
•Beleidsnota Externe Veiligheid;
•Algemene Plaatselijke Verordening 2009;
•Regionale Handhavingsbeleid BWT 2015 – 2018 Omgevingsdienst Midden-Holland;
•Beleidsplan Sociaal Domein 2019-2022 (nog te ontwikkelen);
•Omgevingswet (nog in te voeren).
Bij het opstellen van dit beleidsplan is nauw samengewerkt met de opstellers van het beleidsplan Sociaal Domein. Hierdoor wordt actief de verbinding gemaakt tussen enerzijds de preventie taken op het gebied van veiligheid en anderzijds de repressieve taken met betrekking tot straf en justitie.
Bijlage 2: Betrokken partijen
Voor de ontwikkeling van het Beleidsplan Veiligheid & Handhaving 2019-2022 kunnen de volgende partijen worden beschouwd (geen limitatieve opsomming).
Externe partners
•Politie eenheid Den Haag, team Waddinxveen-Zuidplas
•Veiligheidsregio Hollands-Midden (VRHM)
•Woningcorporatie Woonpartners Midden-Holland
•Openbaar Ministerie, Arrondissementsparket ’s-Gravenhage (OM).
•Regionaal Informatie- en expertisecentrum Georganiseerde Criminaliteit (RIEC)
•Stichting Halt
•Stichting Jeugd- en Jongerenwerk Midden-Holland
•Wijkplatforms
•Buurtpreventen
•Participatie Adviesraad (PAR)
•Omgevingsdienst Midden Holland (ODMH)
•Maatschappelijke en culturele instellingen
•Wadwijzer (preventieteam)
•Sportverenigingen
•(basis)Scholen
•Zorginstellingen
•Geloofsgemeenschappen
•Werkgroepen keurmerk Veilig Ondernemen (KVO)
•Ondernemersvereniging Waddinxveen
Interne partners
•Gemeenteraad
•Portefeuillehouders
•Directie- en managementteam
Regisseurs op het gebied van integrale handhaving, openbare ruimte, wijkgericht werken, jeugd en zorg (Sociaal Team). Medewerkers op het gebied van onderwijs, volksgezondheid, economie, recreatie, verkeer, rampenbestrijding, milieu, ruimtelijke ordening, vergunningverlening en communicatie.
Bijlage 3: Risicoanalyse en prioriteiten handhaving
Risicoanalyse
Programmatisch handhaven begint met het analyseren van de problemen die bestaan in relatie tot de verschillende handhavingsthema’s binnen Waddinxveen en het stellen van prioriteiten binnen deze handhavingsthema’s. De gemeente hanteert hierbij een risicogerichte benadering: des te hoger de risico’s van niet-naleving, des te hoger de prioriteit. Om de prioriteiten te bepalen is derhalve een risicoanalyse uitgevoerd. Hierbij is gekeken naar voor Waddinxveen realistische – en wellicht karakteristieke – situaties. Voor het bepalen van de risico’s wordt de kans op niet-naleving en de effecten van niet-naleving ingeschat.
Achtergrond
Het doel van handhaving is het bevorderen van de naleving van wet- en regelgeving. Deze wet- en regelgeving is mede bedoeld om de kans op incidenten te verkleinen en/of de gevolgen van incidenten te beperken. Het direct sturen op de kans van incidenten is veelal niet mogelijk; er zijn incidenten die nauwelijks voorkomen (instorten van een gebouw), of juist heel veel (zwerfafval, hondenpoep). De gevolgen van deze incidenten zijn daarbij juist vaak heel groot of heel klein. Het onderscheidend vermogen (wat is nu belangrijker?) is daarmee ook laag. Het risicomodel gaat uit van de verantwoordelijkheid als bevoegd gezag (het sturen op het naleefgedrag) en daarmee van de kans op niet-naleving van de wet- en regelgeving (en dus niet de kans op incident) en de gevolgen van dit niet-naleven.
Naleefgedrag
Er is nagegaan in hoeverre de kans bestaat dat inwoners of bedrijven de wet- en regelgeving naleven. De tabel hieronder is gebruikt om de kans op niet-naleving in te schatten.
Naleefgedrag
Omschrijving naleefgedrag
Nadere toelichting
Interpretatie
1
zeer goed
zeer kleine kans op overtreding
enkele keer in de 5 jaar
2
goed
kleine kans op overtreding
enkele keer per jaar
3
redelijk
gemiddelde kans op overtreding
elke maand / elke week
4
slecht
grote kans op overtreding
elke week / elke dag
5
zeer slecht
zeer grote kans op overtreding
meerdere keren per dag
Effect van het naleefgedrag
Per handhavingsthema is bekeken welk negatief effect optreedt als de wet- en regelgeving niet nageleefd wordt. Er zijn globaal zes soorten negatief effect te noemen die de overheid met gedragsvoorschriften probeert te voorkomen:
•Fysieke veiligheid: letsel, al dan niet dodelijk.
•Kwaliteit sociale leefomgeving: teruggang van de kwaliteit van het sociaal maatschappelijk leven, in het bijzonder wat betreft het gevoel van veiligheid.
•Financieel-economische schade.
•Natuur- en cultuurhistorische waarde: verlies van of schade aan natuurschoon en cultuurhistorische waarde.
•Volksgezondheid: schade aan de (volks-)gezondheid.
•Imago: schade aan het bestuurlijke imago/stemmenverlies/bestuurlijk belang.
Fysiek
Kwaliteit sociale leefomgeving
Financieel
Natuur- en cultuurhistorische waarde
Volksgezondheid
Imago
1= geen effect of pijn of letsel bij een individu
1= geen of nauwelijks toename onveiligheids-gevoelens
1= € 1-1.000
1= geen of enige verstoring van het aanzien
1=geen of gering gevaar voor de gezondheid
1=geen of nauwelijks bestuurlijk belang / aantasting imago
2= pijn of letsel bij meer individuen
2= enige toename onveiligheids-gevoelens
2= € 1.000 - 10.000
2- aanzienlijke aantasting van het aanzien
2=gevaar voor de volksgezondheid
2= klein bestuurlijk belang / aantasting imago
3= zwaar letsel bij een enkeling of gering letsel bij velen
3= gemiddelde toename onveiligheids-gevoelens
3= € 10.000 - 100.000
3= aantasting Leefomgeving van enige duur
3=groot gevaar voor de volksgezondheid e/o enige ziekte gevallen
3= gemiddeld bestuurlijk belang /aantasting imago
4= dood van een enkeling of ernstig letsel bij velen
4= grote toename onveiligheids-gevoelens
4= € 100.000 - 1.000.000
4= aantasting Leefomgeving van lange duur
4= veel ziekte gevallen e/o een enkel sterfgeval
4= groot bestuurlijk belang / aantasting imago
5= meer doden
5= zeer grote toename onveiligheids-gevoelens
5= € 1.000.000 of meer
5= vernietiging leefomgeving
5= meer sterfgevallen
5= zeer groot bestuurlijk belang / aantasting imago
Het negatieve effect per thema is bepaald als de som van de waarden van de zes effectsoorten. Voorbeeld: de effecten op het gebied van brandveiligheid zijn relatief hoog. De effecten zijn als volgt ingeschat: fysieke veiligheid (4), kwaliteit sociale leefomgeving (3), financieel-economische schade (3), natuur- en cultuurhistorische waarde (1), volksgezondheid (1), imago (3). De waarde voor het aspect effect van niet-naleving is daarmee 4+3+3+1+1+3=15.
Prioriteiten
Is de kans op niet-naleving en het effect van niet-naleving per thema bekend, dan geven de totaalscores het belang van toezicht en handhaving aan. Dit wordt uitgedrukt in prioriteiten. De tabel hieronder is gebruikt om de prioriteiten in te schalen.
Som
6tot 10
11tot 15
16tot 20
21tot 25
26tot 30
Naleefgedrag
5
Hoog
Hoog
Hoog
Hoog
Hoog
4
Gemiddeld
Hoog
Hoog
Hoog
Hoog
3
Gemiddeld
Gemiddeld
Gemiddeld
Hoog
Hoog
2
Laag
Gemiddeld
Gemiddeld
Gemiddeld
Hoog
1
Laag
Laag
Laag
Gemiddeld
Gemiddeld
De samenvatting met de prioriteiten voor 2019-2022 zijn weergegeven in tabel hiernaast. In de tabel wordt alleen de hoogte van de prioriteit aangegeven, thema’s met bijvoorbeeld een hoge prioriteit hebben daarin geen afzonderlijke volgorde ten opzichte van elkaar. Het bestuur kan gemotiveerd afwijken van deze systematiek. In dat kader is er voor dit beleidsplan voor gekozen om de risicoanalyse af te wegen tegen de uitkomsten uit de webapptool. Middels deze webapptool hebben inwoners en professionals in het kader van burgerparticipatie aangegeven waar zij vinden dat de prioriteit moet liggen. De uitkomsten van de webapptool zijn afgewogen tegen de uitkomsten van bovenstaande systematiek.
Handhavingsthema
Prioriteit
Risicogericht werken
Hoog
Informatiegestuurd werken
Hoog
Brandveiligheid
Hoog
Bouw en woningtoezicht
Hoog
Planologisch gebruik
Hoog
Horeca
Hoog
Ondermijning
Hoog
Verkeer
Hoog
Hondenoverlast
Gemiddeld
Afval
Gemiddeld
Monumenten
Gemiddeld
Evenementen
Gemiddeld
Sloop
Gemiddeld
Voertuigwrakken en weesfietsen
Gemiddeld
Winkeltijden en zondagsrust
Gemiddeld
Uitweg
Laag
Kappen van een houtopstand
Laag
Recreatie / Kamperen
Laag
Objecten in de openbare ruimte
Laag
Reclame / Graffiti
Laag
Bijlage 4: Analyse nalevingsgedrag
Voor het in meer detail analyseren van het nalevingsgedrag is het landelijke instrument Tafel van Elf gehanteerd. Met behulp van de Tafel van 11 kan onderzocht worden wat de oorzaken en motieven van (niet-)naleving zijn. Het is niet mogelijk de mate van (niet-)naleving exact te meten; het gaat om een goed onderbouwde schatting. De Tafel van Elf kent twee aspecten: spontane naleving en handhaving. Voor het Integrale Handhavingsbeleid is specifiek gekeken naar spontane naleving. Dit aspect omvat een vijftal dimensies:
•Kennis van regels: de bekendheid met en duidelijkheid van wet- en regelgeving bij de doelgroep.
•Kosten/baten: de (im)materiële voor- en nadelen die uit overtreden of naleven van de regel volgen, uitgedrukt in tijd, geld en moeite.
•Mate van acceptatie: de mate waarin het beleid en de regelgeving acceptabel worden gevonden door de doelgroep.
•Normgetrouwheid doelgroep: de mate van bereidheid van de doelgroep om zich te conformeren aan het gezag van de overheid.
•Niet-overheidscontrole (maatschappelijke controle): de door de doelgroep ingeschatte kans op positieve of negatieve sanctionering van hun gedrag door anderen dan de overheid.
De analyse van het nalevingsgedrag is uitgewerkt in de tabel hiernaast en is vormgegeven binnen de verschillende handhavingsthema’s.
Handhavingsthema
1Kennis van regels
2Kosten / baten
3Mate van acceptatie bij doelgroep
4Gezags-getrouwheid doelgroep
5Informele controle
Brandveiligheid
Ja
Ja
Nee
Ja
Nee
Bouw en woningtoezicht
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Planologisch gebruik
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Horeca
Ja
Ja
Ja
Ja
Nee
Ondermijning
Ja
Ja
Nee
Nee
Ja
Verkeer
Nee
Nee
Ja
Ja
Nee
Hondenoverlast
Nee
Nee
Ja
Ja
Nee
Afval
Nee
Ja
Nee
Ja
Ja
Groen en wegen
Ja
Nee
Ja
Ja
Nee
Monumenten
Ja
Nee
Nee
Ja
Nee
Evenementen
Ja
Nee
Ja
Ja
Nee
Sloop
Ja
Ja
Nee
Ja
Nee
Voertuigwrakken en weesfietsen
Nee
Nee
Nee
Ja
Nee
Winkeltijden en zondagsrust
Nee
Ja
Ja
Nee
Nee
Uitweg
Ja
Nee
Nee
Ja
Nee
Kappen van een houtopstand
Ja
Nee
Nee
Ja
Nee
Recreatie / Kamperen
Nee
Nee
Nee
Ja
Nee
Objecten in de openbare ruimte
Ja
Nee
Nee
Ja
Nee
Reclame / Graffiti
Ja
Nee
Nee
Ja
Nee
Bijlage 5: Overige handhavingsthema’s
Bij onderstaande handhavingsthema’s is er voor gekozen om geen streefwaarde te benoemen. Dit omdat het aantal toezicht momenten, handhavingstrajecten en/of bekeuringen van meerdere externe factoren afhankelijk is. Het is dan ook niet mogelijk een causaal verband op voorhand te benoemen. In de tweejaarlijkse evaluatie voortkomend op dit beleid zullen de indicatoren wel worden benoemd. Oorzaak en gevolg van eventuele af- of toenames van toezicht momenten, handhavingstrajecten en/of bekeuringen kunnen dan worden toegelicht zonder dat zij een doel op zich worden. De streefwaarde wordt daarom aangeduid met een ‘-‘.
Sloop
Inleiding
Na melding van sloopwerkzaamheden kunnen vanuit de gemeente voorwaarden worden verbonden aan de sloop, bijvoorbeeld met betrekking tot afvalscheiding, veiligheid en beperking van hinder. De uitvoering van deze taken heeft de gemeente uitbesteed aan de Omgevingsdienst Midden-Holland. Inwoners en bedrijven zijn niet altijd voldoende bekend met de wet- en regelgeving. Met het verbod op asbesthoudende daken vanaf 2024 wordt de kans op illegaal slopen voor 2024 mogelijk groter. De Omgevingsdienst Midden-Holland heeft in de beleidsplanperiode 2015-2018 reeds een inventarisatie gemaakt van alle in de gemeente aanwezige asbestverdachte daken. Vanwege de gezondheidsrisico’s en omgevingsrisico’s bij het onderwerp asbest krijgt het thema sloop met asbest een hoge prioriteit. Aandachtspunten voor de uitvoering van de taken zijn daarbij onder andere:
•Volledigheid sloopdossiers (sloopmelding, inventarisatierapporten, vrijgaverapporten, ingevulde checklists van inventarisatierapporten, verslagen van bezoeken voor de sloop van slooplocaties, stortbonnen etc.).
•Toezicht door toezichthouders op slooplocaties met asbest;
•Opsporing illegale situaties.
Visie
Sloopactiviteiten dienen plaats te vinden volgens de geldende wet- en regelgeving. Inwoners en bedrijven dragen hiervoor zelf de verantwoordelijkheid. Indien zich gezondheids- of veiligheidsrisico’s voortdoen zal de gemeente consequent handhaven.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Toezicht op sloop van bouwwerken
•Er wordt toezicht uitgevoerd op sloopmeldingen. Omdat er veiligheid- en gezondheidsrisico’s zijn en de activiteiten veelal onomkeerbaar, is het belangrijk om tijdens de sloop te controleren. Daarnaast worden administratieve toezichtstaken uitgevoerd, zoals het controleren van vrijgaverapporten.
•Er wordt toezicht gehouden conform het Asbestprotocol van de Omgevingsdienst Midden-Holland. Bij meldingen wordt onderzocht of de sanering is ingedeeld in risicoklasse 1, 2 of 3, 4. De risicoklasse wordt bepaald door een gecertificeerd asbestinventarisatiebureau. Saneringen in risicoklasse 1 mogen door een niet-gecertificeerd bedrijf worden uitgevoerd. Om die reden worden meldingen die betrekking hebben op een zodanige sanering zelden ontvangen. Risicoklasse 1 wordt daarom buiten beschouwing gelaten. Meldingen die wel worden ontvangen betreffen (bijna) altijd saneringen in risicoklasse 2 en 3. Bij gevallen van asbestverwijdering in risicoklasse 2 wordt tenminste één op de vijf meldingen gecontroleerd. Bij gevallen van sloop in risicoklasse 3 wordt elke melding gecontroleerd.
•De hoeveelheid controlebezoeken per melding wordt afgestemd op de grootte van het sloopproject, de aanwezigheid van asbest, de duur van de asbestsanering en/of andere bijzondere omstandigheden. Als sprake is van asbest wordt gemiddeld 8 uur besteed aan toezicht. Dit kan 1 tot 3 controlebezoeken omvatten. Als geen sprake is van asbest en het gehele gebouw of object wordt gesloopt vindt er één controle plaats.
•Grote sloopprojecten lenen zich niet altijd voor een standaardaanpak. In dergelijke gevallen zal dan naar bevind van zaken worden gehandeld, waarbij als uitgangspunt geldt dat op alle relevante en potentieel risicovolle momenten toezicht wordt uitgeoefend en dat dit ook wordt gedocumenteerd.
•In een aantal gevallen zal de sloopmelding worden gecombineerd met een Sloopveiligheidsplan, namelijk als er risico’s zijn met gevolgen voor het publieke domein.
•Er vindt consequent handhaving plaats bij het constateren van slopen in afwijking van de vergunning of melding en/of overtredingen.
•Er vindt doelgerichte communicatie plaats naar aannemers, saneerders en opdrachtgevers bij aanvang en gedurende de sloop. Zij worden nadrukkelijk gewezen op de risico’s en hun verantwoordelijkheid op het gebied van veiligheid en het voorkomen van hinder.
Informatieverzameling en analyse
De gemeente zal in samenwerking met de Omgevingsdienst Midden-Holland informatie op het gebied van sloop verzamelen en analyseren. Dit leidt tot voorspellende analyses in relatie tot het naleefgedrag van aannemers en saneerders.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Inwoners en bedrijven zijn zich meer bewust van de gezondheids- en veiligheidsrisico’s die voort kunnen komen uit sloop activiteiten. Daarbij dragen zij meer kennis van de geldende wet- en regelgeving en wordt ingezet op het tegengaan van illegale sloop. Sloopactiviteiten worden uitgevoerd volgens de melding.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal toezichtsmomenten
ODMH
54(2017)
Aantal handhavingstrajecten
ODMH
6(2017)
Monumenten
Inleiding
Waddinxveen kent een zestal Rijksmonumenten: de brugkerk, de remonstrantse kerk, het kantoorgebouw en de watertoren met bijbehorende aanbouw van een bouwlaag van de voormalige tabaksfabriek Louis Dobbelman, de geklonken stalen hefbrug met bijbehorend brugwachtershuisje en het voormalige gemeentehuis aan de Zuidkade.
Daarnaast telt Waddinxveen per 1 mei 2018 23 gemeentelijk monumenten. Deze panden zijn zeldzaam binnen de gemeente of regio, vervullen of hebben een bijzondere functie vervuld of hebben een hoge architectonische waarde. Eigenaren van gemeentelijke of rijksmonumenten kunnen ten opzichte van panden zonder deze monumentenstatus minder eenvoudig aanpassingen aan het pand doen. Het is belangrijk dat inwoners en bedrijven bekend zijn met de (on)mogelijkheden in relatie tot monumenten.
Voor het veranderen van of onderhoud aan een monument is daarom in veel gevallen een omgevingsvergunning nodig. Dit betreft de volgende activiteiten:
•gehele of gedeeltelijke sloop;
•verstoring (vooral aan de orde bij archeologische waarden in de ondergrond);
•verplaatsing;
•wijziging (zoals restauratie waarbij materiaal vervangen wordt en reconstructie);
•het monument in gevaar brengend of ontsierend herstel of gebruik van een gebouwd gemeentelijk of rijksmonument.
Bepaalde activiteiten zijn vergunningvrij. De gemeente houdt toezicht op de naleving van de voorwaarden van de vergunning en het zonder vergunning uitvoeren van de hierboven genoemde activiteiten. De uitvoering van deze taken is uitbesteed aan de Omgevingsdienst Midden-Holland.
Visie
Gemeentelijke en rijksmonumenten vormen een belangrijk deel van het erfgoed. Toezicht vormt een belangrijk deel van de beschermende maatregelen die worden genomen om de panden te beschermen.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Voorlichting over monumenten
Er vindt gerichte communicatie plaats over monumenten.
Toezicht vergunningen
Er vindt toezicht plaats op omgevingsvergunningen voor het veranderen van of onderhoud aan een monument. De betreffende vergunning wordt, met de inwerkingtreding van de Wabo, meestal gecombineerd met de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen en incidenteel ook met een sloopmelding. Monumenten lenen zich niet altijd voor een standaardaanpak. Er wordt maatwerk verricht, waarbij als uitgangspunt geldt dat op alle relevante momenten toezicht wordt uitgeoefend. Hierbij vindt controle plaats op hoofdlijnen en -afhankelijk van het risico - van kenmerkende details.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Eigenaren van monumenten zijn zich bewust van de geldende regels. Er vinden geen illegale veranderingen of onderhoudswerkzaamheden aan monumenten plaats.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal toezichtsmomenten
ODMH
2(2017)
Aantal handhavingstrajecten
ODMH
0(2017)
Hondenoverlast
Inleiding
Overlast veroorzaakt door honden wordt door veel inwoners gezien als één van de grootste ergernissen. Gedacht wordt dan vooral aan niet opgeruimde hondenpoep en loslopende honden op plekken waar dat niet mag. De gemeente heeft de afgelopen jaren geïnvesteerd in het faciliteren van losloopveldjes en opruimbakken voor hondenpoep. De BOA houdt toezicht en handhaaft overtredingen op het gebied van het hondenbeleid. Dit omvat onder andere het laten loslopen van honden, het niet opruimen van hondenpoep en het niet bij zich hebben van een geschikt opruimmiddel. Waar nodig werkt de BOA hiervoor samen met het cluster ontplooiing en Onderhoud voor het bijstellen van het beleid en mogelijke aanpassing van de buitenruimte.
Visie
Voor hondenbezitters geldt dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor het gedrag van hun hond. Daarbij moeten zij rekening houden met de omgeving en de geldende regels.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Regulier toezicht en handhaving
De BOA houdt tijdens zijn toezichtsronde tevens toezicht op het naleven van de regels uit het hondenbeleid.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
In de periode 2018-2021 moet een duidelijke verbetering zijn te zien in het naleefgedrag op het gebied van het hondenbeleid.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal handhavingsverzoeken en meldingen
Gemeentelijke handhaving
50(2017)
-
Aantal bekeuringen
Gemeentelijke handhaving
0(2017)
-
Evenementen
Inleiding
Binnen de gemeente Waddinxveen worden er regelmatig (kleine) evenementen georganiseerd. Organisatoren van evenementen dienen zich te houden aan diverse wettelijke bepalingen en de voorschriften voortkomend uit de vergunning. Toezicht wordt gehouden door de BOA’s van de gemeente en de politie, brandweer en ODMH. Zij hanteren daarbij de vergunning en bijbehorende plannen als uitgangspunt en werken hierbij nauw samen met de betrokken partijen en toezichthouders van andere partners. Uitgangspunt is dat de toezichthouders risicogericht werken. Voor de handhaving van evenementen wordt de handhavingsstrategie als beschreven in dit beleidsdocument aangehouden. Deze handhavingsstrategie prevaleert boven de bestaande strategie in het evenementenbeleid Waddinxveen 2017.
Visie
Evenementen leveren een bijdrage aan het lokale karakter van Waddinxveen en een leefbare samenleving. Organisatoren dienen zich bewust te zijn van de geldende regelgeving en deze ook naleven.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Risicogericht toezicht houden
De gemeente maakt bij iedere vergunningaanvraag een risico inschatting, oftewel een (veiligheids-)scan van het te organiseren evenement. Hiermee bepaalt de gemeente ook de behandelaanpak voor het evenement. Onderwerpen bij deze inschatting zijn onder meer het activiteiten-, locatie- en bezoekersprofiel. De gemeente hanteert daarbij 4 risicoclassificaties: Melding klein evenement, regulier evenement(A), Aandacht evenement(B) en risicovol evenement(C). Per classificatie geldt een andere benadering rond toezicht en handhaving.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Organisatoren van evenementen zijn zich meer bewust van de geldende regelgeving rond evenementen.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal toezichtsmomenten
ODMH en BHM
2(2017)
-
Aantal handhavingstrajecten
ODMH en BHM
0(2017)
-
Afval
Inleiding
Het verkeerd aanbieden van afval en het achterlaten van afval in de openbare ruimte wordt door veel inwoners gezien als een grote bron van ergernis. Verkeerd aangeboden afval zorgt voor vervuiling en stankoverlast en brengt daarnaast hygiëne- en gezondheidsrisico’s met zich mee. Het gaat hierbij naast huishoudelijk afval ook om zwerfvuil, grofvuil en bedrijfsafval. Voorlichting en overige preventieve maatregelen zijn leidend en worden uitgevoerd door de beleidsmedewerker Afval. De gemeentelijke BOA houdt toezicht op en handhaaft waar mogelijk geconstateerde overtredingen. De BOA werkt daarbij nauw samen met het cluster onderhoud van de gemeente. Afval wordt daarbij waar mogelijk doorzocht om persoonsgegevens van de overtreder te achterhalen.
Visie
Door het vergroten van het naleefgedrag op het gebied van afval worden gezondheids- en veiligheidsrisico’s teruggebracht en overlast voorkomen.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Actualiseren van probleemlocaties en -tijden
De BOA inventariseert op basis van beschikbare informatie en eigen waarnemingen op welke plaatsen en tijdstippen de meeste overtredingen plaatsvinden.
Regulier toezicht en handhaving
Er wordt toezicht gehouden op het verkeerd aanbieden van huishoudelijk en bedrijfsafval. De inzet richt zich op de probleemlocaties en -tijden. Deze aanpak is erop gericht om de zichtbaarheid van handhaving te vergroten en het signaal af te geven dat de gemeente handhaaft op fout aangeboden vuil. Het toezicht is met name gericht op preventie. In overleg met de handhavingsregisseur en beleidsadviseur Afval wordt afgestemd welke preventieve maatregelen door de BOA genomen kunnen worden. Er vindt waar mogelijk consequent handhaving plaats van overtredingen.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Inwoners en bedrijven zijn zich bewust van de geldende regelgeving omtrent afval.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal meldingen en handhavingsverzoeken
Gemeentelijke handhaving
319(2017)
-
Aantal bekeuringen
Gemeentelijke handhaving
5(2017)
-
Winkeltijden en zondagsrust
Inleiding
Ondernemers krijgen van de gemeente de vrijheid om binnen de voorgeschreven tijden, opgenomen in de Verordening winkeltijden Waddinxveen, zelf te bepalen op zondagen hun winkel open te stellen. In de verordening wordt rekening gehouden met een aantal christelijke feestdagen, waarop geen winkelopenstelling is toegestaan. De BOA’s en politie houden toezicht op het naleven van de winkel en sluitingstijden en het naleven van de geldende regels rond de zondagsrust. Hierbij wordt informatiegestuurd gewerkt.
Visie
Ondernemers zijn zelf verantwoordelijk voor het naleven van de winkel en sluitingstijden. Zij dienen op de hoogte te zijn van de geldende regelgeving. Handhaving richt zich op het tegengaan van overlast door het niet naleven van regelgeving.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Regulier toezicht en handhaving
De gemeentelijke BOA en politie houden tijdens de reguliere toezicht ronde tevens toezicht op het naleven van de winkel en sluitingstijden. Geconstateerde overtredingen worden volgens de geldende handhavingsmatrix afgehandeld. Toezicht vindt informatie gestuurd plaats.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Ondernemers zijn zich meer bewust van de geldende regelgeving en leven deze ook na.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal meldingen en handhavingsverzoeken
Gemeentelijke handhaving
2(2017)
-
Aantal handhavingstrajecten
Gemeentelijke handhaving
4(2017)
-
Voertuigwrakken en weesfietsen
Inleiding
Auto- en fietswrakken vormen een belemmering voor voetgangers en andere weggebruikers en dragen bij aan een verloederd straatbeeld. Daarnaast nemen fietswrakken ruimte in, zodat andere fietsen daar niet gestald kunnen worden. Fietswrakken worden voorzien van een sticker en van de openbare ruimte verwijderd. Voertuigwrakken inclusief aanhangers worden ook voorzien van een sticker en uiteindelijk door middel van bestuursdwang van de openbare weg verwijderd. Daarnaast wordt ingezet op het tegengaan van weesfietsen. Weesfietsen zijn fietsen die buiten de aangewezen stallingen, of langer dan 28 dagen op een plek in de openbare ruimte zijn geparkeerd.
Visie
Voertuigwrakken nemen ruimte in en geven een verloederd straatbeeld. Hierdoor verwijdert de gemeente de wrakken.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Regulier toezicht en handhaving
In de regulier toezichtrondes van de BOA wordt het toezicht op wrakken en weesfietsen standaard meegenomen. Aangetroffen voertuigwrakken en weesfietsen worden conform de procedure voorzien van een sticker of middels bestuursdwang van de openbare weg verwijderd. Bij voertuigwrakken kan gebruik gemaakt worden van de wegsleepverordening voor de gemeente Waddinxveen 2013. Voor het wegslepen wordt gewerkt op basis van het de ‘Uitvoeringsregeling wegslepen, bewaren en teruggave van voertuigen’.
Fietsenkijkmiddag
Een aantal keer per jaar wordt er een fietsenkijkdag georganiseerd, waarbij door de gemeente uit de openbare ruimte gehaalde fietsen aan de rechtmatige eigenaar teruggeven worden. Overgebleven fietsen en fietswrakken worden verkocht.
Communicatie
Indien blijkt dat er op bepaalde plaatsen excessief veel voertuigwrakken worden aangetroffen (zoals stations) wordt door het cluster verkeer, in overleg met de handhavingsregisseur en de afdeling communicatie een gerichte campagne uitgevoerd.
Actualiseren wet en regelgeving
Voor de aanpak van weesfietsen dient de APV te worden aangepast en dienen diverse aanwijzingsbesluiten te worden genomen. Deze aanpassing wordt vormgegeven door het cluster verkeer en de afdeling juridische zaken in overleg met de handhavingsregisseur.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Voertuigwrakken worden zo snel mogelijk verwijderd om een schoon, heel en veilig straatbeeld te borgen. Er hangt geen kwalitatieve doelstelling aan het aantal verwijderde wrakken.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal verwijderde voertuigen
Gemeentelijke handhaving
3(2017)
-
Aantal handhavingstrajecten
Interne informatie
0(2017)
-
Uitweg
Inleiding
Het maken of veranderen van een uitweg (ook wel inrit of uitrit genoemd) is door middel een meldingstelsel geregeld in de Algemene Plaatselijke Verordening Waddinxveen. Indien een inwoner of bedrijf van plan is een uitweg aan te leggen of een bestaande uitweg te veranderen, dan dient daarvan melding te worden gedaan. De gemeente toetst de aanvraag aan diverse criteria. Naar aanleiding van de toets kan de gemeente de aanleg van de nieuwe uitweg of het veranderen van een bestaande uitweg toestaan of weigeren. De uitvoering van het toezicht is uitbesteed aan de Omgevingsdienst Midden-Holland.
Visie
Inwoners en bedrijven dienen zich bewust te zijn van deze risico’s en geldende regelgeving. Toezicht is een belangrijk instrument om de naleving te borgen.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Signalen, handhavingsverzoeken en -meldingen
Op dit onderwerp wordt toezicht en handhaving reactief ingezet. Er wordt gehandeld op basis van signalen, meldingen en handhavingsverzoeken.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Eigenaars en gebruikers zijn zich meer bewust van de geldende regelgeving rond uitwegen.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal illegaal aangelegde uitwegen
ODMH
0(2017)
-
Aantal handhavingstrajecten
ODMH
0(2017)
-
Er is voor gekozen om in dit geval geen streefwaarde te benoemen. Dit omdat het aantal toezicht momenten en handhavingstrajecten van meerdere externe factoren afhankelijk is. Het is dan ook niet mogelijk een causaal verband op voorhand te benoemen. In de tweejaarlijkse evaluatie voortkomend op dit beleid zullen de indicatoren wel worden benoemd. Oorzaak en gevolg van eventuele af- of toenames van toezicht momenten en handhavingstrajecten kunnen dan worden toegelicht zonder dat zij een doel op zich worden.
Reclame / graffiti
Inleiding
Dit thema bevat zowel ondernemers die op een lucratieve manier reclame willen maken als baldadigheid/vernieling (graffiti). Onder reclame wordt onder andere verstaan: het parkeren van reclamevoertuigen ten behoeve van handelsreclame, hinderlijke of gevaarlijke reclame en het plaatsen van driehoeksborden zonder vergunning. Toezicht en handhaving op het gebied van reclame en graffiti wordt hoofdzakelijk door de BOA gedaan. Bij het aantreffen van reclame wordt de eigenaar of afzender gesommeerd deze te verwijderen. Voor de bestuursrechtelijke handhaving wordt samengewerkt met het cluster Juridische zaken. Bij het aantreffen van graffiti wordt samengewerkt met het cluster onderhoud. Graffiti op gemeentelijke eigendommen die racistisch of discriminerend zijn worden binnen één dag verwijderd. De overige gevallen van graffiti op gemeentelijke eigendommen worden verzameld en worden twee tot drie keer per jaar verwijderd.
Visie
Toezicht en handhaving dragen bij aan het tegengaan van storende reclame en graffiti. Deze verstoren het straatbeeld en geven een verloederd aanzien.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Signalen, handhavingsverzoeken en -meldingen
Op dit onderwerp wordt toezicht en handhaving reactief ingezet. Er wordt gehandeld op basis van signalen, meldingen en handhavingsverzoeken.
Regulier toezicht en handhaving
De BOA houdt tijdens zijn toezichtsronde tevens toezicht op het naleven van de regels rond reclame-uitingen.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Ondernemers en inwoners zijn zich bewust van de regels rond reclame uitingen. Graffiti wordt zo snel mogelijk verwijderd en indien mogelijk wordt handhavend opgetreden.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal handhavingsverzoeken
en meldingen
ODMH en Gemeentelijke handhaving
0(2017)
-
Aantal handhavingstrajecten
ODMH en Gemeentelijke handhaving
2(2017)
-
Kappen van houtopstand
Inleiding
Voor het kappen van houtopstand moet in bepaalde gevallen een omgevingsvergunning aangevraagd worden. Er wordt geen vergunning verstrekt als bepaalde belangen geschaad worden. Waddinxveen kent in dit kader een lijst genaamd “Waardevolle bomenlijst Waddinxveen (gemeente bomen en particuliere bomen) januari 2016”. De gemeente houdt toezicht op de naleving van de vergunning en op illegale kap. De uitvoering van het toezicht is uitbesteed aan de ODMH. De afgelopen jaren zijn er weinig tot geen meldingen of constateringen geweest rond illegale kap.
Visie
Groen is bepalend voor het aanzien en karakter van Waddinxveen. Het kappen van houtopstand kan bepaalde belangen schaden. Handhaving vormt een deel van de genomen maatregelen om houtopstand te beschermen.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Signalen, handhavingsverzoeken en -meldingen
Op dit onderwerp wordt toezicht en handhaving reactief ingezet. Er wordt gehandeld op basis van signalen, meldingen en handhavingsverzoeken.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Eigenaars en gebruikers zijn zich bewust van de geldende regelgeving rond het kappen van houtopstand.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal handhavingstrajecten
ODMH en gemeentelijke handhaving
0(2017)
-
Objecten in de openbare ruimte
Inleiding
Onder objecten in de openbare ruimte verstaan we hier alle niet vergunde objecten in de openbare ruimte. Door de openbare ruimte anders te benutten, vergroten en/of verbeteren inwoners en ondernemers hun leef of werkomgeving. Het betreft veelal zaken als fietsenrekken, bankjes, stoelen, speeltoestellen en plantenbakken. Deze objecten kunnen voor hinder, overlast of zelfs gevaar en schade zorgen. In de openbare ruimte is het onderscheid tussen eigen grond, gemeente eigendom en openbare ruimte niet altijd duidelijk zichtbaar. Hierdoor zijn niet alle overtreders zich ervan bewust dat zij een overtreding begaan. Taken binnen dit thema worden uitgevoerd door onder andere de BOA, buitendienst, handhavingsregisseur, medewerker vergunningverlening en het cluster juridische zaken. In sommige gevallen valt de toezichts- en handhavingstaak ook onder het mandaat van de ODMH.
Visie
Inwoners en bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor de objecten die zij in de openbare ruimte plaatsen. Indien de objecten voor hinder, overlast of gevaar zorgen zal de gemeente indien nodig handhavend optreden.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Regulier toezicht en handhaving
De BOA, buitendienst en ODMH houden tijdens hun algemene werkzaamheden tevens toezicht op het plaatsen van objecten in de openbare ruimte. Eigenaars worden in eerste instantie aangesproken, Indien nodig wordt de situatie doorgezet naar de handhavingsregisseur voor verdere afhandeling.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Inwoners en bedrijven zijn zich meer bewust van de geldende regelgeving.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal handhavingstrajecten
Gemeentelijke handhaving
0(2017)
-
Recreatie / kamperen
Inleiding
In Nederland is het veelal niet toegestaan om buiten een kampeergelegenheid te kamperen. Kamperen buiten een kampeergelegenheid kan voor overlast, aantasting van het groen en vervuiling zorgen. Waddinxveen beschikt over één recreatiepark en daarnaast zijn er bossen en natuurgebieden voor recreatie opengesteld waaronder het Gouwebos en ’t Weegje. Daarnaast zijn er in de toekomst mogelijkheden voor recreatie in het Bentwoud. Staatsbosbeheer houdt toezicht en handhaaft de regels in het Gouwebos en in ’t Weegje. De BOA houdt toezicht op het kamperen buiten een kampeergelegenheid. Permanente bewoning van recreatiewoningen valt onder het onderwerp Planologisch gebruik.
Visie
Kamperen buiten een kampeergelegenheid kan leiden tot overlastsituaties waardoor dit niet is toegestaan. Er zijn voldoende mogelijkheden in de omgeving waar men via de reguliere weg kan kamperen.
Wat zijn de hoofdlijnen van de aanpak van het thema in de planperiode 2019-2022?
Signalen, handhavingsverzoeken en -meldingen
Op dit onderwerp wordt toezicht en handhaving reactief ingezet. Er wordt gehandeld op basis van signalen, meldingen en handhavingsverzoeken.
Wat is de kwalitatieve doelstelling/ambitie van de aanpak?
Wanneer geconstateerd wordt illegaal kamperen tegen gegaan. Indien nodig wordt daadwerkelijk gehandhaafd om overlast te voorkomen.
Wat is de doelstelling die we kunnen meten?
indicator
bron
nulmeting (jaar)
streefwaarde 2022
Aantal handhavingsverzoeken en meldingen
Gemeentelijke handhaving
1(2017)
-
Bijlage 6: Handhavingsthema’s en -taken
Thema
Taken
Uitgevoerd door
Bouw en woningtoezicht
Toezicht en handhaving omgevingsvergunning voor activiteit bouw, aspecten constructieve en brandveiligheid
ODMH en BHM
Toezicht en handhaving omgevingsvergunning voor activiteit bouw, overige aspecten
ODMH
Toezicht en handhaving tijdelijke bouw/gebruik
ODMH
Toezicht en handhaving omgevingsvergunning voor reclame (constructie)
ODMH
Toezicht en handhaving illegaal bouwen, redelijke eisen welstand, reclame
ODMH
Toezicht en handhaving in het kader van achterstallig onderhoud, verloedering en verval
ODMH
Toezicht en handhaving in het kader van staat en gebruik van open erven en terreinen
ODMH
Toezicht en handhaving aanlegvergunning
ODMH
Planologisch gebruik
Toezicht en handhaving illegaal planologisch gebruik (bestemmingsplan)
ODMH
Brandveiligheid
Toezicht en handhaving meldingen en vergunningen brandveiligheid
ODMH en BHM
Toezicht en handhaving evenementen (brandveiligheid)
ODMH en BHM
Toezicht en handhaving illegale situaties brandveiligheid
ODMH en BHM
Sloop
Toezicht en handhaving (legale) sloopmeldingen met asbest
ODMH
Toezicht en handhaving (legale) sloopmeldingen zonder asbest
ODMH
Toezicht en handhaving illegaal sloop, asbest
ODMH
Monumenten
Toezicht en handhaving omgevingsvergunning voor wijziging monument
ODMH
Kappen van een houtopstand
Toezicht en handhaving omgevingsvergunning voor kappen houtopstand
ODMH
Toezicht en handhaving illegaal kappen houtopstand
ODMH
Uitweg
Toezicht en handhaving uitwegvergunning
ODMH
Afval
Toezicht en handhaving afvalinzameling
Gemeente
Toezicht en handhaving illegale stort klein afval (zwerfvuil)
Gemeente
Toezicht en handhaving illegale stort / verkeerd aanbieden bedrijfsafval
Gemeente
Groen en wegen
Toezicht en handhaving betreden van plantsoenen
Gemeente
Toezicht en handhaving openbreken straat
Gemeente
Toezicht en handhaving bruikbaarheid van de weg
Gemeente
Toezicht en handhaving hinderlijk en gevaarlijk geplaatste voertuigen (fietsen, auto's, aanhangers, etc.)
Gemeente
Winkeltijden en Zondagsrust
Toezicht en handhaving Zondagswet
Gemeente
Toezicht en handhaving winkeltijdenwet
Gemeente
Evenementen
Toezicht en handhaving evenementen
Gemeente
Toezicht en handhaving vertoningen e.d. op de weg
Gemeente
Toezicht en handhaving betogingen
Gemeente
Toezicht en handhaving snuffelmarkt
Gemeente
Toezicht en handhaving evenementen (constructie)
ODMH
Toezicht en handhaving weekmarkt
Gemeente
Toezicht en handhaving geluidsnormen bij evenementen
ODMH
Objecten in de openbare ruimte
Toezicht en handhaving hinderlijke of illegale objecten
Gemeente
Toezicht en handhaving verwijzingsborden, driehoeksborden, etc.
Gemeente
Hondenoverlast
Toezicht en handhaving aanlijning honden
Gemeente
Toezicht en handhaving gevaarlijke honden
Gemeente
Toezicht en handhaving hondenpoep
Gemeente
Toezicht en handhaving blaffende honden
Politie
Horeca
Toezicht en handhaving tijdelijke ontheffing DHW
Gemeente
Toezicht en handhaving DHW vergunning
Gemeente
Toezicht en handhaving exploiteren publiek toegankelijke inrichtingen
Gemeente
Toezicht en handhaving exploiteren kansspelautomaten
Gemeente
Toezicht en handhaving wet op de kansspelen
Gemeente
Toezicht en handhaving exploiteren terrassen en uitstallingen
Gemeente
Toezicht en handhaving handel in horeca-inrichtingen
Gemeente
Toezicht en handhaving illegale horeca
Gemeente
Toezicht en handhaving sluitingstijden horeca en paracommerciële rechtspersonen
Gemeente
Recreatie / kamperen
Toezicht en handhaving exploiteren recreatie-inrichting
Gemeente
Toezicht en handhaving illegaal kamperen
Gemeente
Verkeer
Toezicht en handhaving gevaarlijk en hinderlijk gebruik van de weg
Gemeente
Toezicht en handhaving stankverspreidende voertuigen
Gemeente
Toezicht en handhaving uitvoering tijdelijke maatregelen
Gemeente
Toezicht en handhaving voertuigen met ingeschakelde koelmotoren
Gemeente
Toezicht en handhaving van het bij vorst storten of laten vloeien van water op de weg
Gemeente
Toezicht en handhaving parkeeroverlast
Gemeente
Toezicht en handhaving invalidenparkeerkaart
Gemeente
Toezicht en handhaving parkeervergunningen en -ontheffingen
Gemeente
Toezicht en handhaving parkeren grote of uitzicht belemmerende voertuigen langs de openbare weg
Gemeente
Toezicht en handhaving parkeren kampeervoertuigen e.a. langs de openbare weg langer dan toegestane tijd
Gemeente
Reclame / graffiti
Toezicht en handhaving beplakken en bekladden, graffiti
Gemeente
Toezicht en handhaving reclame
Gemeente
Toezicht en handhaving verspreiden reclamemateriaal
Gemeente
Toezicht en handhaving plaatsen spandoek e.d.
Gemeente
Toezicht en handhaving reclamevoertuigen
Gemeente
Voertuigwrakken
Toezicht en handhaving hinderlijk en gevaarlijk geplaatste voertuigen (fietsen, auto's, aanhangers, etc.)
Gemeente
Calamiteiten
Inzet bij incidentbestrijding (volksgezondheid)
ODMH (deels)
Advisering
Advisering waaronder evenementen, inrichtingseisen horeca en BAG
ODMH en BHM (deels)
Handhavingsverzoeken en -meldingen
Opvolgen van handhavingsverzoeken en -meldingen
ODMH, BHM en gemeente (deels)
Handhaving naar aanleiding van handhavingsverzoeken en -meldingen
ODMH en gemeente (deels)
Bijlage 7: Handhavingsinstrumenten
De verschillende handhavingsinstrumenten die de gemeente tot haar beschikking heeft, zijn:
•Minnelijk overleg / waarschuwen
De inspecteur tracht in minnelijk overleg of door het geven van een waarschuwing de overtreder te bewegen om de overtreding op te heffen of niet meer te begaan, zonder dat juridische procedures hoeven worden ingezet. Bij minnelijk overleg staat geen bezwaar- en beroepsmogelijkheid open.
•Bestuurlijk gesprek
Als blijkt dat na herhaald waarschuwen de overtreding niet is verholpen, kan er een bestuurlijk gesprek plaatsvinden tussen de portefeuillehouder veiligheid en medewerker handhaving en de overtreder. Het bestuurlijk gesprek is vaak een effectieve manier om tot oplossingen te komen en zo verdere bestuurlijke sancties te voorkomen. Bij een bestuurlijk gesprek staat geen bezwaar- en beroepsmogelijkheid open.
•Bestuurlijke waarschuwing
Het geven van een bestuurlijke waarschuwing betekent dat bij een overtreding in principe een waarschuwing wordt gegeven, en pas bij een volgende constatering binnen een jaar na de eerste overtreding een strafmaatregel wordt opgelegd. Bij de bestuurlijke waarschuwing staat geen bezwaar- en beroepsmogelijkheid open.
•Het opleggen van een last onder dwangsom
De last onder dwangsom is een financiële prikkel (de dwangsom) die wordt ingezet als dwangmiddel om het opheffen van overtreding dan wel het herstellen van een situatie in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving af te dwingen. Ook kan de last onder dwangsom wordt gebruikt om af te dwingen dat een overtreding niet meer zal optreden (preventief). Wanneer de dwangsom niet leidt tot het gewenste naleefgedrag kan vervolgens een last onder bestuursdwang of een nieuwe last onder dwangsom met hogere dwangsombedragen worden opgelegd.
•Het opleggen van een last onder bestuursdwang
De gemeente kan naast het opleggen van een last onder dwangsom ook door middel van feitelijke maatregelen een illegale situatie opheffen. Deze last wordt opgelegd wanneer er sprake is van een ernstige en spoedeisende overtreding en/of de overtreder zelf niet in staat of bereid is de overtreding zelf te beëindigen of ongedaan te maken. Hieronder valt ook het sluiten en verzegelen van gebouwen en terreinen. Deze sanctie wordt in voorkomende gevallen gecombineerd met het intrekken van een vergunning (exploitatie, gebruik of uitvoering van activiteiten).
•Het opleggen van een bestuurlijke boete
De bestuurlijke boete is een bestuursrechtelijk instrument. De bestuurlijke boete kan zonder tussenkomst van het Openbaar Ministerie of een rechter worden opgelegd door de gemeente. De bestuurlijke boete heeft een straffend (punitief) karakter. Dit betekent dat een aantal waarborgen, zoals de plicht tot het geven van cautie (horen), gelden wanneer een bestuursorgaan voornemens is een bestuurlijke boete op te leggen. De bestuurlijke boete wordt ingezet om een zogenaamd lik-op-stuk beleid te kunnen voeren. Dit instrument kan worden toegepast bij bepaalde overtredingen op het gebied van de DHW. Per 1 januari 2015 kan het College van B&W ook een bestuurlijke boete opleggen bij een herhaalde overtreding van artikel 1b Woningwet. Dit instrument kan bijvoorbeeld toegepast worden bij recidive door (malafide) gebouweigenaren.
•Strafrechtelijk handhaven bij milieufeiten
Naast de bestuurlijke boete bestaat ook de bestuurlijke strafbeschikking (ex 257ba Wetboek van Strafvordering). Het grote verschil met de bestuurlijke boete is dat de bestuurlijke strafbeschikking wordt ingezet als er sprake is van een strafrechtelijke overtreding. De BOA milieu die de milieuovertreding constateert maakt een proces-verbaal op voor de geconstateerde overtreding. Dit gebeurt op grond van de Wet OM-afdoening (bestuurlijke strafbeschikking milieu- en keurfeiten, BsBm) en de Richtlijn bestuurlijke strafbeschikkingsbevoegdheid milieu- en keurfeiten. De BsBm wordt opgelegd met als doel om de overtreder te bestraffen, uiteraard naast het doel om ervoor te zorgen dat de overtreder de situatie gaat herstellen. De BsBm wordt binnen de scope van dit Handhavingsbeleid voornamelijk toegepast bij overtredingen met asbest. De te handhaven feiten en boetebedragen staan in het ‘Feitenboekje Bestuurlijke strafbeschikking milieu- en keurfeiten’. Dit feitenboekje wordt ieder jaar opnieuw uitgegeven door het OM. Indien de overtreding in aanmerking komt voor afhandeling door middel van een BsBm, dan heeft de politie niet langer de bevoegdheid op te treden (bijvoorbeeld in de vorm van het opmaken van een proces-verbaal). Als de BsBm niet wordt ingezet, wordt de overtreding dus niet bestraft.
•Administratiefrechtelijk of strafrechtelijk handhaven in de openbare ruimte
De BOA openbare ruimte die een overtreding in de openbare ruimte constateert maakt een proces-verbaal op voor de geconstateerde overtreding. Dit gebeurt op grond van de DHW, de Wet OM-afdoening (bestuurlijke strafbeschikking overlast) of op grond van de Wet Mulder. De te handhaven feiten en boetebedragen staan in het ‘Feitenboekje parkeren en overlast’. Dit feitenboekje wordt ieder jaar opnieuw uitgegeven door het OM. Overtredingen worden geverbaliseerd door de BOA of politie. Doorverwijzing door de BOA naar Bureau Halt is onder voorwaarden en in overleg met OM en politie mogelijk. Dit kan op dit moment echter alleen in de vorm van een pilot; landelijk wordt dit nader uitgewerkt.
•Gedogen
In een aantal gevallen kan besloten worden om niet op te treden en de overtreding voor een bepaalde periode te gedogen. De situaties waarin gedogen kan worden overwogen, worden aan het einde van dit hoofdstuk beschreven.
Intrekken van vergunning of ontheffing
Intrekking vindt slechts in uitzonderlijke gevallen plaats, bijvoorbeeld wanneer opzettelijk en herhaaldelijk ernstige overtredingen plaatsvinden en indien andere instrumenten geen effect sorteren of hebben gesorteerd. Bij bepaalde overtredingen moet de burgemeester conform DHW en de APV overgaan tot intrekking van de vergunning, daarin zit geen beleidsvrijheid. Bij overtredingen waar gekozen is voor direct intrekken van de vergunning maar dit geen vereiste is vanuit regelgeving, is beoordeeld dat het in stand blijven van de vergunning een direct gevaar kan opleveren voor de openbare orde, veiligheid en/of de volksgezondheid.
•Schorsen van vergunning of ontheffing
Bij overtredingen van de DHW of de APV kan de vergunning of ontheffing voor een aantal weken (DHW max. 12 weken) worden geschorst. De schorsing wordt ingezet als een directe intrekking van de vergunning of ontheffing buiten proportioneel is ten opzichte van de overtreding die wordt geconstateerd. Het aantal weken van de schorsing wordt verhoogd wanneer dezelfde overtreding nogmaals wordt begaan. Wanneer de overtreder dezelfde overtreding blijft begaan, wordt de betreffende vergunning of ontheffing uiteindelijk ingetrokken.
•Tijdelijk stilleggen alcoholverkoop (Three Strikes Out)
Dit betreft een sanctie die alleen bij overtreding van artikel 20 lid 1 van de DHW (alcoholverkoop aan personen jonger dan 18 jaar) kan worden opgelegd aan detailhandel die alcoholhoudende dranken voor gebruik elders dan ter plaatse verkoopt. Deze sanctie houdt in dat de verkoop van alcohol kan worden verboden (max. 12 weken) wanneer voor de derde maal in één jaar wordt geconstateerd dat zwak- alcoholhoudende dranken worden verstrekt aan personen die niet onmiskenbaar de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt.
•Ontzegging
In de DHW heeft de burgemeester de bevoegdheid om personen de toegang tot ruimte te ontzeggen waar in strijd met de wet alcoholhoudende drank wordt verstrekt. Dit middel wordt ingezet bij inrichtingen die zonder geldige drank- en horecavergunning alcoholhoudende dranken verstrekken.
•Tijdelijke sluiting of tijdelijk andere sluitingstijden
De burgemeester kan op grond van artikel 174 van de Gemeentewet bevelen geven een inrichting voor bepaalde tijd te sluiten om zodoende de openbare orde en veiligheid in en rond de inrichting te laten herstellen. Op grond van artikel 2.30 van de APV kan de burgemeester in het belang van de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid, of in geval van andere bijzondere omstandigheden, tijdelijke sluiting bevelen of tijdelijk andere sluitingstijden vaststellen.
•Sluiting pand op basis van de Opiumwet
Artikel 13b Opiumwet, ook wel aangehaald als de Wet Damocles, biedt de burgemeester de mogelijkheid drugspanden te sluiten. De burgemeester kan op basis van de wet bestuursdwang toepassen en woningen of voor het publiek toegankelijke inrichtingen te sluiten als daar sprake is van drugshandel. Bijzonder aan deze bepaling is dat niet hoeft te worden aangetoond dat de openbare orde in het geding is. Louter de aanwezigheid van drugs boven de normen voor eigen gebruik in de woningen vormt al voldoende rechtvaardiging om de woning of het lokaal te sluiten. Het gaat hier om een sluiting voor bepaalde tijd, waarbij de burgemeester betrokkene eerst moet waarschuwen en op de hoogte moet stellen van de geconstateerde overlast, alvorens hij kan besluiten tot sluiting.
Bijlage 8: Dwangsommen en gedogen
Dwangsommen
In deze bijlage worden richtlijnen gegeven voor de hoogte van de dwangsom en de begunstigingstermijn bij het opleggen van een last onder dwangsom voor Wabo-gerelateerde overtredingen alsmede de APV en bijzondere wetten. Deze richtlijnen vormen de basis van de sanctietabellen Wabo en DHW en exploitatie horeca.
In beginsel is de hoogte van de dwangsom afhankelijk van de aard van de overtreding. Het college van B&W heeft bij het bepalen van de hoogte van de dwangsom en het maximum van het verbeuren bedrag een ruimte mate van beleidsvrijheid. De dwangsomhoogte moet op de ernst van de overtreding worden afgestemd (evenredigheid), en tot doel hebben de overtreding tegen te gaan of te voorkomen (effectiviteit). De hoogte van de dwangsom is afhankelijk van verschillende factoren, zoals:
•de dwangsom moet voldoende pressie voor de overtreder opleveren om de overtreding op te heffen of te beëindigen;
•de dwangsom moet in verhouding staan tot (geschatte) kosten die de overtreder moet maken om de overtreding op te heffen;
•de dwangsom moet hoger zijn dan het door de overtreding behaalde (geschatte) financiële voordeel;
•de dwangsom moet zich richten op het wegnemen van ongerechtvaardigd voordeel dat de overtreder kan behalen met de overtreding;
•de dwangsom dient te leiden tot het voorkomen van een herhaling, tot de beperking van schade en tot herstel in de oorspronkelijke toestand;
•de dwangsom dient als bevestiging van de normen die gesteld zijn in het belang van onder andere de bouwregelgeving en ruimtelijke ordening.
Soorten dwangsommen
Op grond van artikel 5:32b Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) zijn er drie soorten dwangsommen:
•Een bedrag ineens
Deze vorm wordt voornamelijk toegepast in situaties waarin een overtreder door het verrichten van een handeling de overtreding voor een bepaalde datum kan beëindigen.
•Een bedrag per tijdseenheid waarin de last niet is uitgevoerd
Deze vorm wordt voornamelijk toegepast bij gedragingen waarbij sprake is van een continue c.q. langdurige niet afzonderlijk te constateren overtreding.
•Een bedrag per overtreding van de last
Indien regelmatig overtredingen plaatsvinden, die geen continu karakter hebben en tot individuele opzichzelfstaande gedragingen zijn terug te leiden, dan kan, bijvoorbeeld ter voorkoming van herhaling van die gedragingen, er voor gekozen worden een dwangsom per individueel geconstateerde overtreding op te leggen.
Preventieve dwangsom
Het is niet altijd noodzakelijk dat er sprake is van een feitelijke overtreding voordat een last onder dwangsom kan worden opgelegd. Ook in situaties waar sprake is van een klaarblijkelijk gevaar van een overtreding in de toekomst (bijvoorbeeld voorgenomen sloopwerkzaamheden zonder noodzakelijke asbestinventarisatie), kan al een last onder dwangsom (of last onder bestuursdwang) worden opgelegd.
Begunstigingstermijn
Een last onder dwangsom omvat naast de te nemen herstelmaatregelen ook een termijn, waarbinnen de overtreder de door het bestuursorgaan opgelegde lastgeving kan uitvoeren zonder dat deze het dwangsombedrag verbeurt (artikel 5:32a, lid 2 Awb). Dit is de begunstigingstermijn. Volgens vaste rechtspraak geldt bij het bepalen van de lengte van de begunstigingstermijn het uitgangspunt dat deze termijn niet wezenlijk langer mag worden gesteld dan noodzakelijk is om de overtreding op te heffen.
De begunstigingstermijn kan op basis van feiten en omstandigheden worden aangepast (zowel korter als langer).
Invorderen dwangsommen
Er is door de Raad van State een beginselplicht tot invorderen geformuleerd. Behalve in bijzondere gevallen behoort een verbeurde dwangsom ingevorderd te worden.
Drie-stappen-procedure ter voorbereiding op handhavingsacties
In de voorbereiding op handhavingsacties wordt in beginsel gekozen voor het drie-stappen-model. Dat houdt in dat, voorafgaand aan de eventuele formele vooraanschrijving, eerst een constateringsbrief wordt gestuurd. Een belangrijk aandachtspunt bij het opstellen van een constateringsbrief is dat deze brief niet mag leiden tot een impliciete gedoogsituatie.
Mocht de constateringsbrief niet leiden tot opheffing van de overtreding, dan stuurt de gemeente een vooraanschrijving waarin de overtreder op de hoogte gesteld wordt van het voorgenomen handhavingsbesluit.
De overtreder en eventuele andere belanghebbenden worden vervolgens in de gelegenheid gesteld hun zienswijze over het voorgenomen handhavingsbesluit naar voren te brengen. De overtreder (of een eventuele andere belanghebbende) moet zijn visie kunnen geven op de vraag of daadwerkelijk sprake is van een overtreding, dan wel of er redenen zijn om de handhaving (tijdelijk) achterwege te laten. De door de overtreder of belanghebbenden naar voren gebrachte zienswijzen moeten door de gemeente worden afgewogen tegen de maatschappelijke belangen, zoals veiligheid, ruimtelijke kwaliteit, de wens tot consequente en eenduidige handhaving, precedentwerking of belangen van derden. De zienswijzen kunnen eventueel leiden tot een heroverweging van het voorgenomen handhavingsbesluit.
Als derde stap wordt vervolgens het handhavingsbesluit (de aanschrijving of lastgeving) opgesteld en verstuurd aan de overtreder.
Twee-stappen-procedure ter voorbereiding op handhavingsacties
In een beperkt aantal situaties wordt gekozen voor het twee-stappen-model. Indien op voorhand duidelijk is dat een constateringsbrief niet zal leiden tot het opheffen van een overtreding, zal direct gekozen worden voor het versturen van een vooraanschrijving, gevolgd door de zienswijzemogelijkheid en, waar nodig, het handhavingsbesluit.
Spoedeisende gevallen
In spoedeisende gevallen kan worden afgezien van het versturen van een vooraanschrijving. Dit moet altijd worden gemotiveerd. Indien mogelijk zal telefonisch of mondeling getracht worden om in ieder geval aan de hoorplicht te voldoen. Van dat gesprek wordt altijd een verslag gemaakt, dat aan het handhavingsdossier wordt toegevoegd.
Gedogen
Wanneer er niet opgetreden wordt tegen een geconstateerde overtreding, wordt de overtreding feitelijk gedoogd. Dit gedogen kan actief gebeuren, door middel van een gedoogbesluit, of passief / impliciet. Uitgangspunt is dat overtredingen ongedaan worden gemaakt. Dat betekent dat in principe geen ruimte is voor passieve en/of permanente gedoogsituaties.
Actief gedogen
Er is sprake van actief gedogen als het college van B&W expliciet te kennen geeft geen bestuursdwang of dwangsom toe te zullen passen.
De gemeente handelt conform het landelijk beleidskader gedogen. In principe komen alleen de volgende situaties voor het afzien van bestuursrechtelijk handhavend optreden in aanmerking:
•Overmachtssituaties.
Van overmachtssituaties is bijvoorbeeld sprake bij vergunningen die uitsluitend op formele gronden zijn vernietigd, maar ook bij werkzaamheden die direct voortvloeien uit calamiteiten. Vooruitlopend op legalisatie kan tijdelijk worden gedoogd.
•Situaties waarin nader onderzoek nodig is.
Er kan eveneens gedoogd worden als nader onderzoek nodig is naar de oplossing van geconstateerde overtredingen, en de gemeente in afwachting is van de uitkomsten van dat onderzoek.
•Situaties waarin handhavend optreden onevenredig is.
Hierbij gaat om situaties die strikt genomen in strijd zijn met de wet- en regelgeving, maar die in de praktijk geen inbreuk maken op enig publiek belang.
•Situaties waarin sprake is van concreet zicht op legalisatie.
Dit doet zich voor als de overtreding op het moment van constateren weliswaar in strijd is met de regelgeving, maar er concreet zicht is op mogelijke legalisering als gevolg van regelgeving in voorbereiding of beleidsontwikkeling waarmee de strijdigheid wordt opgeheven.
Als gedogen aanvaardbaar wordt geacht, dient dat schriftelijk te worden bevestigd. Belanghebbenden hebben dan immers in ieder geval de mogelijkheid om het gedoogbesluit te laten toetsen door een rechter.
Wraking
Een tweede (schriftelijke) mogelijkheid van actief gedogen is wraking. Dit is een vorm van uitgestelde handhaving. Door middel van een wrakingsbrief geeft de gemeente de overtreder te kennen dat het college van B&W zich het recht voorbehoudt om op een nader te bepalen tijdstip handhavend op te
Passief gedogen
Van passief gedogen is sprake als het college van B&W wel op de hoogte is van de overtreding, maar geen actie onderneemt tegen de overtreding en evenmin expliciet te kennen geeft af te zien van handhavend optreden. Zodra overtredingen vastgelegd worden, bijvoorbeeld door het invullen van een controlerapport of het bijhouden van een lijst, maar ook bij het maken van foto’s van de overtreding door een toezichthouder, is duidelijk dat de gemeente op de hoogte is de illegale situatie.
Als de illegale situatie meerdere jaren heeft bestaan zonder dat daartegen is opgetreden, kan de overtreder overigens hier geen rechten aan ontleden. Dit ligt anders als aangetoond kan worden dat het college van B&W al geruime tijd op de hoogte was van de overtreding, aangezien dan sprake is van passief gedogen. Wanneer het college van B&W in zo een situatie alsnog wil optreden, zal dit nadrukkelijk moeten worden gemotiveerd.
Bijlage 9: Interventiematrix en sanctietabellen
De interventiematrix voor de taken op grond van de Wabo (met uitzondering van milieu)
De interventiematrix voor taken op grond van de APV en bijzondere wetten (met uitzondering van de taken op het gebied van de Drank en Horecawet)
Sanctietabel Wabo
Overtreding
Dwangsom
Modaliteit
Maximum
Begunstigings-termijn
Aanleggen en dempen van werken zonder vergunning:
aanleg verharding per 25 m²
€ 1.100,- (bestrating)
ineens
6weken
€ 3.000,- (asfalt)
aanleg in/uitrit per 30 m²
€ 1.500,- (bestrating)
ineens
6weken
€ 2.500,- (asfalt)
aanleg of dempen van een watergang tot 20 m
€ 2.500,-
ineens
6weken
aanleg of dempen van een watergang vanaf 20 m
€ 5.000,-
ineens
6weken
ophogen of afgraven grond per 25 m2
€ 800,-
ineens
6weken
Gebruik in strijd met bestemmingsplan:
permanente bewoning van een recreatieverblijf
€ 20.000,-
ineens
12weken
overige onrechtmatige bewoning perceel en/of bouwwerk
€ 20.000,-
ineens
12weken
strijdig gebruik perceel en/of bouwwerk
€ 7.500,- (minder ingrijpende overtredingen)
ineens
6weken
€ 25.000,- (ingrijpende overtredingen)
ineens
6weken
Handelen in strijd met:
het Bouwbesluit
€ 5.000,- (minder ingrijpende overtredingen)
ineens
6weken
€ 50.000,- (ingrijpende overtredingen)
de Bouwverordening
€ 3.000,- (minder ingrijpende overtredingen)
ineens
6weken
€ 15.000,- (ingrijpende overtredingen)
voorwaarden van de vergunning
€ 3.000,- (minder ingrijpende overtredingen)
ineens
6weken
€ 30.000,- (ingrijpende overtredingen)
Slopen en/of bouwen zonder of in afwijking van de vergunning:
licht max. 50 m3
€ 10.000,-
ineens
6weken
matig max. 150 m3
€ 15.000,-
ineens
6weken
ernstig 150 - 600 m3
€ 25.000,-
ineens
6weken
buitencategorie > 600 m3
€ 50.000,-
ineens
6weken
indien bij een monument wordt de dwangsom verhoogd met
€ 5.000,- (minder ingrijpende overtredingen)
€ 50.000,- (ingrijpende overtredingen)
Negeren stilleggingsbevel bouwen:
licht max. 50 m3
€ 5.000,-
per constatering
€ 30.000,-
matig max. 150 m3
€ 10.000,-
per constatering
€ 60.000,-
ernstig 150 - 600 m3
€ 20.000,-
per constatering
€ 120.000,-
buitencategorie > 600 m3
€ 30.000,-
per constatering
€ 180.000,-
indien cultuurhistorische waarde aanwezig is wordt de dwangsom verhoogd met
€ 5.000,- (minder ingrijpende overtredingen)
€ 50.000,- (ingrijpende overtredingen)
Negeren stilleggingsbevel slopen:
tot 500 m3
€ 15.000,-
per constatering
€ 30.000,-
vanaf 500 m3
€ 30.000,-
per constatering
€ 60.000,-
indien er een asbestbesmetting is of er gesloopt wordt zonder vereist asbestinventarisatie-rapport wordt de dwangsom verhoogd met
€ 5.000,- (minder ingrijpende overtredingen)
€ 50.000,- (ingrijpende overtredingen)
indien cultuurhistorische waarde aanwezig is wordt de dwangsom verhoogd met
€ 5.000,- (minder ingrijpende overtredingen)
€ 50.000,- (ingrijpende overtredingen)
Toelichting:
•Het uitgangspunt voor de in de sanctietabel Wabo-gerelateerde overtredingen genoemde dwangsommen is dat de dwangsom hoger is dan de (geschatte) kosten die een overtreder moet maken, danwel boven de (geschatte) winst die de overtreder behaalt als de overtreding voortduurt. De dwangsom mag evenwel geen punitief karakter krijgen. De geconstateerde feiten/omstandigheden zijn bepalend voor de individuele vaststelling van de hoogte en het maximaal te verbeuren bedrag. Afwijkingen naar boven/beneden van de richtlijnen moeten steeds goed zijn onderbouwd en in de beschikking worden gemotiveerd.
•Bij sommige overtredingen is het ondoenlijk om één dwangsom te bepalen vanwege de diversiteit in omvang, volumes en hoogtes. Om deze reden is er voor gekozen om de hoogte van de dwangsom te bepalen aan de hand van onder meer oppervlakte- en inhoudsmaten, de ruimtelijke impact en veiligheids- en gezondheidsrisico’s.
•Daarnaast zijn bij een aantal overtredingen bandbreedtes opgenomen. Is bij deze soort overtredingen de ruimtelijke impact groot, dan wel is er (tevens) sprake van een groter veiligheidsrisico en of gezondheidsrisico (ingrijpende overtredingen) dan wordt er een hogere dwangsom opgelegd dan bij overtredingen waarbij de impact en de risico’s minder zijn (minder ingrijpende overtredingen).
•Deze sanctietabel mag niet leiden tot calculerend gedrag van (mogelijk) overtreders (bedrijven of personen): aan deze tabel kunnen geen rechten worden ontleend in die zin dat het college van B&W in een concreet geval niet rechtens gehouden kunnen zijn om, in afwijking van de bedragen in de tabel, een lagere of een hogere dwangsom op te leggen.
•Opgemerkt wordt dat Bestuursrecht en strafrecht kunnen naast elkaar worden toegepast. Het Openbaar Ministerie (OM) kan besluiten om degene die de overtreding heeft begaan te vervolgen. De burgemeester kan daarnaast een bestuursrechtelijke maatregel nemen. Deze maatregel kan dan dus zowel parallel of als sluitstuk worden ingezet.
Sanctietabel DHW en exploitatie horeca
Openbare orde / APV
Overtreding
Eventuele toelichting
Actie 1e overtreding
Actie 2e overtreding
Actie 3e overtreding
Actie 4e overtreding
Actie 5e overtreding
Exploiteren van een horecabedrijf (openbare inrichting) zonder (rechtsgeldige) exploitatie-vergunning (2.28 APV)
Het exploiteren zonder exploitati-evergunning, of wanneer vergunning-houder niet degene is voor wiens rekening en risico de onderneming gedreven wordt
Toesturen aanvraag-formulier en bestuurlijke waarschuwing
(indien de activiteiten in strijd zijn met het bestemmings-plan vindt handhaving conform de strategie Planologisch gebruik plaats)
Opleggen last onder dwangsom / spoedeisende bestuursdwang
Verbeuren dwangsom (daadwerkelijk innen)
Opleggen last onder bestuursdwang (sluiting)
Toepassen bestuursdwang (sluiting)
In strijd handelen met voorschriften of beperkingen uit de exploitatie-vergunning (2.28 APV)
Overtreding van één of meerdere voorschriften van de exploitatie-vergunning
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder dwangsom
Verbeuren dwangsom (daadwerkelijk innen)
Opleggen last onder bestuursdwang (sluiting)
Toepassen bestuursdwang (sluiting)
Overtreding van de sluitingstijd zoals bepaald in de APV (2.29 APV)
Als houder van een horecabedrijf, dit voor bezoekers geopend hebben of aldaar bezoekers toelaten of laten verblijven, buiten de vastgestelde openingstijden
Bestuurlijke strafbe-schikking (feitge-codeerde overtreding)
Bestuurlijke strafbe-schikking (feitge-codeerde overtreding)
Bestuurlijke strafbe-schikking (feitge-codeerde overtreding)
Schorsen of intrekken van de vergunning
Opleggen last onder dwangsom en indien noodzakelijk toepassen bestuursdwang
Op de weg (binnen een door het College aanwezen gebied) alcoholhoudende drank nuttigen (2.48 APV)
-
Bestuurlijke strafbe-schikking (feitge-codeerde overtreding)
Bij jongeren onder 18 jaar: versturen brief aan ouders met het verzoek herhaling te voorkomen.
-
-
-
-
Op de weg (binnen een door het College aangewezen gebied) aangebroken flessen, blikjes e.d. met alcoholhoudende drank bij zich hebben (2.48 APV)
-
Zich in kennelijke staat van dronkenschap op de openbare weg bevinden (artikel 453 Wetboek van Strafrecht)
-
Verstrekken van alcoholhoudende drank, met het vermoeden van verstoring openbare orde, veiligheid of zedelijkheid (Art. 21 DHW)
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder bestuursdwang (sluiting)
Toepassen bestuursdwang (sluiting)
-
-
Toelichting:
•De burgemeester is bevoegd handhavend op te treden indien de regels van de Drank- en Horecawet niet worden nageleefd. Middels de sanctietabel wordt duidelijk gemaakt met welke handhavingsmiddel de burgemeester in beginsel reageert indien overtredingen worden geconstateerd. Indien blijkt dat er meerdere overtredingen tegelijk worden geconstateerd of dat tijdens een handhavingstraject nieuwe overtredingen worden geconstateerd kan de burgemeester besluiten om enkele stappen uit de sanctietabel over te slaan.
•Wanneer blijkt, bijvoorbeeld bij recidivisten, dat bovenstaande richtlijnen niet afdoende werking hebben, wordt voor dat bijzondere geval een handhavingsarrangement op maat toegesneden. Dit kan onder meer inhouden dat meerdere instrumenten (gelijktijdig) worden ingezet, dat de standaard richtlijnbedragen worden verhoogd of dat overgegaan wordt tot schorsing dan wel intrekking van een verleende vergunning.
•De genoemde bedragen die behoren bij een bestuurlijke boete zijn door de centrale overheid vastgesteld in het Besluit bestuurlijke boete Drank- en Horecawet.
•Opgemerkt wordt dat Bestuursrecht en strafrecht kunnen naast elkaar worden toegepast. Het Openbaar Ministerie (OM) kan besluiten om degene die de overtreding heeft begaan te vervolgen. De burgemeester kan daarnaast een bestuursrechtelijke maatregel nemen. Deze maatregel kan dan dus zowel parallel of als sluitstuk worden ingezet.
Wet op de kansspelen (WOK)
Overtreding
Actie 1e overtreding
Actie 2e overtreding
Actie 3e overtreding
Actie 4e overtreding
Actie 5e overtreding
Aanwezig hebben van kansspel-automaten zonder vergunning in horecagelegenheid
(art. 30b, lid1 WOK)
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder dwangsom
Verbeuren dwangsom (daadwerkelijk innen)
Opleggen last onder bestuursdwang
Toepassen bestuursdwang
Onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt bij aanvraag van de vergunning voor horecagelegenheden (art. 30f, lid1 WOK)
Intrekken aanwezigheids-vergunning
-
-
-
-
Niet (meer) voldoen aan de eisen van zedelijk gedrag van de vergunning aanvrager, bedrijfsleiders en beheerder van de horecagelegenheid (art. 30f lid 1 WOK)
Intrekken aanwezigheids-vergunning
-
-
-
-
Minderjarige (onder 18 jaar) kansspelautomaat laten bespelen in horecagelegenheid (Art. 30g WOK)
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder dwangsom
Verbeuren dwangsom (daadwerkelijk innen)
Opleggen last onder bestuursdwang
Toepassen bestuursdwang
Toelichting:
•De burgemeester is bevoegd handhavend op te treden indien de regels van Wet op de Kansspelen niet worden nageleefd. Middels de sanctietabel wordt duidelijk gemaakt met welke handhavingsmiddel de burgemeester in beginsel reageert indien overtredingen worden geconstateerd. Indien blijkt dat er meerdere overtredingen tegelijk worden geconstateerd of dat tijdens een handhavingstraject nieuwe overtredingen worden geconstateerd kan de burgemeester besluiten om enkele stappen uit de sanctietabel over te slaan.
•Wanneer blijkt, bijvoorbeeld bij recidivisten, dat bovenstaande richtlijnen niet afdoende werking hebben, wordt voor dat bijzondere geval een handhavingsarrangement op maat toegesneden. Dit kan onder meer inhouden dat meerdere instrumenten (gelijktijdig) worden ingezet, dat de standaard richtlijnbedragen worden verhoogd of dat overgegaan wordt tot schorsing dan wel intrekking van een verleende vergunning.
•Opgemerkt wordt dat Bestuursrecht en strafrecht kunnen naast elkaar worden toegepast. Het Openbaar Ministerie (OM) kan besluiten om degene die de overtreding heeft begaan te vervolgen. De burgemeester kan daarnaast een bestuursrechtelijke maatregel nemen. Deze maatregel kan dan dus zowel parallel of als sluitstuk worden ingezet.
Digitaal Opkopers Register(DOR)
Overtreding
Actie 1e overtreding
Actie 2e overtreding
Actie 3e overtreding
Actie 4e overtreding
Actie 5e overtreding
Niet voldoen aan artikel 2.67 of 2.68 APV
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder dwangsom
Verbeuren dwangsom (daadwerkelijk innen)
Verbeuren dwangsom en waarschuwing sluiting (bestuursdwang)
Toepassen bestuursdwang (sluiting 4 weken)
Niet correct bijhouden in en/of verkoopregister (waaronder identificatieplicht)
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder dwangsom
Verbeuren dwangsom (daadwerkelijk innen)
Verbeuren dwangsom en waarschuwing sluiting (bestuursdwang)
Toepassen bestuursdwang (sluiting 4 weken)
Nalaten melding te doen als redelijkerwijs kan worden vermoed dat het goed van diefstal afkomstig is.
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder dwangsom
Verbeuren dwangsom (daadwerkelijk innen)
Verbeuren dwangsom en waarschuwing sluiting (bestuursdwang)
Toepassen bestuursdwang (sluiting 4 weken)
Ingekocht goed korter dan drie dagen onder zich houden
Opleggen last onder dwangsom
Verbeuren dwangsom (daadwerkelijk innen)
Verbeuren dwangsom en waarschuwing sluiting (bestuursdwang)
Toepassen bestuursdwang (sluiting 4 weken)
-
Nalaten medewerking te verlenen aan de toezichthouder bij de controle van het in- en/of verkoopregister
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder bestuursdwang (sluiting 2 weken)
Toepassen bestuursdwang (sluiting 2 weken)
-
Heling
Bestuurlijke waarschuwing
Opleggen last onder bestuursdwang (sluiting 2 weken)
Toepassen bestuursdwang (sluiting 2 weken)
-
Toelichting:
•De burgemeester is op basis van artikel 174 Gemeentewet, artikel 437 Wetboek van Strafrecht(WvSr), artikel 1 van het uitvoeringsbesluit artikel 437 WvSr en de artikelen 2.67 en 2.68 van de Algemeen Plaatselijke Verordening bevoegd handhavend op te treden indien de regels rond het Digitaal Opkopers Register niet worden nageleefd. Middels de sanctietabel wordt duidelijk gemaakt met welke handhavingsmiddel de burgemeester in beginsel reageert indien overtredingen worden geconstateerd. Indien blijkt dat er meerdere overtredingen tegelijk worden geconstateerd of dat tijdens een handhavingstraject nieuwe overtredingen worden geconstateerd kan de burgemeester besluiten om enkele stappen uit de sanctietabel over te slaan.
•Wanneer blijkt, bijvoorbeeld bij recidivisten, dat bovenstaande richtlijnen niet afdoende werking hebben, wordt voor dat bijzondere geval een handhavingsarrangement op maat toegesneden. Dit kan onder meer inhouden dat meerdere instrumenten (gelijktijdig) worden ingezet, dat de standaard richtlijnbedragen worden verhoogd of dat overgegaan wordt tot schorsing dan wel intrekking van een verleende vergunning.
•Opgemerkt wordt dat Bestuursrecht en strafrecht kunnen naast elkaar worden toegepast. Het Openbaar Ministerie (OM) kan besluiten om degene die de overtreding heeft begaan te vervolgen. De burgemeester kan daarnaast een bestuursrechtelijke maatregel nemen. Deze maatregel kan dan dus zowel parallel of als sluitstuk worden ingezet.