Aanhef
De raad van de gemeente Waalwijk heeft het voorstel over de belastingverordeningen 2026 van het college van burgemeester en wethouders van 23 september 2025 gelezen en stelt, gelet op artikel 224 van de Gemeentewet, de volgende verordening vast:
”Verordening op de heffing en invordering van verblijfsbelasting 2026”
Artikel 1 Waar is de belasting voor? Belastbaar feit
1De 'verblijfsbelasting' is een directe belasting die de gemeente heft voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als inwoner van de gemeente met een adres in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.
2Onder het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, wordt mede begrepen het houden van verblijf door personen die gedurende hun verblijf beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden verrichten voor of in opdracht van anderen, zonder vergoeding in welke vorm dan ook voor het verblijf.
Artikel 2 Wie betaalt de belasting? Belastingplicht
1Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot het houden van verblijf als bedoeld in artikel 1.
2De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.
3Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.
Artikel 3 Wie betaalt de belasting niet? Vrijstellingen
De belasting wordt niet geheven ter zake voor het verblijf:
1Van degene die verblijf houdt in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 4 van de Wet toetreding zorgaanbieders;
2Van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk verblijf forensenbelasting is verschuldigd;
3Van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.
Artikel 4 Hoe belasten we? Maatstaf van heffing
De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten dat zij verblijf houden.
Artikel 5 Wat kost het? Belastingtarief
1Het tarief bedraagt per overnachting € 2,39 (2025 € 2,13).
2In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief per overnachting € 1,64 (2025 € 1,46), wanneer de verblijfhouder gedurende het verblijf beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden verricht voor of in opdracht van anderen.
Artikel 6 Belastingjaar
Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.
Artikel 7 Hoe brengen we de belasting in rekening? Wijze van heffing
De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.
Artikel 8 Voorlopige aanslag
1Na aanvang van het belastingjaar, maar niet vóór 1 april van het belastingjaar, kan aan de belastingplichtige één of meerdere voorlopige aanslagen worden opgelegd tot in totaal ten hoogste het bedrag, waarop de aanslag over dat jaar vermoedelijk zal worden vastgesteld.
2De voorlopige aanslagen worden met de aanslag verrekend.
Artikel 9 Aanslaggrens
Belastingaanslagen van minder dan € 5,00 worden niet opgelegd.
Artikel 10 Termijnen van betaling
1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen, waaronder ook begrepen worden voorlopige aanslagen, worden betaald in één termijn die vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.
2De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.
Artikel 11 Kwijtschelding
De gemeente verleent geen kwijtschelding voor deze belasting. Er moet dus altijd betaald worden.
Artikel 12 Aanmeldingsplicht
De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid moet voordat hij voor de eerste keer na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, dit schriftelijk melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231 tweede lid, onderdelen b en d, van de Gemeentewet.
Artikel 13 Registratieplicht
1Degene die gelegenheid tot verblijf met overnachting biedt in de zin van de verordening moet een nachtverblijfregister aanhouden, zodat gecontroleerd kan worden of de gedane aangifte verblijfsbelasting juist is.
2De vorm van het nachtverblijfregister is vrij, maar bevat met betrekking tot een ieder aan wie gelegenheid tot overnachten wordt verschaft, tenminste de volgende gegevens:
a.naam en woonplaats van de (hoofd)persoon die overnacht;
b.aantal personen;
c.datum van aankomst en datum van vertrek;
d.het aantal overnachtingen ter zake waarvan belasting verschuldigd is.
3Belastingplichtige dient in het nachtregister vast te leggen of sprake is van verblijf als genoemd in artikel 5, tweede lid.
4Indien niet is voldaan aan de verplichting uit het voorgaande lid, geldt voor alle overnachtingen het tarief zoals genoemd in artikel 5, eerste lid.
Artikel 14 Meer bepalingen Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de verblijfsbelasting. Dit zijn dan besluiten van het college waarin deze verordening verder wordt uitgewerkt. Wanneer deze besluiten zijn genomen zijn ze terug te vinden op de websites lokaleregelgeving.overheid.nl en www.waalwijk.nl
Artikel 15 Vanaf wanneer geldt deze verordening en hoe noemen we deze? Inwerkingtreding en citeertitel
1De 'Verordening verblijfsbelasting 2025’ van 7 november 2024, wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2026, maar blijft van toepassing op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan;
2Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.
3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.
4Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening verblijfsbelasting 2026'.