Aanhef
Het College van Waalwijk,
gelet op artikel 12, zevende lid van de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Waalwijk 2012;
BESLUIT:
Vast te stellen de:
Artikel 1 Begripsbepalingen
Deze nadere regels verstaan onder:
a.graf: een zandgraf of keldergraf;
b.asbus: een bus ter berging van de as van een overledene;
c.urn: een voorwerp ter berging van één of meerdere asbussen;
d.particulier graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of
rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
1het doen begraven en begraven houden van lijken;
2het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
e.particulier kindergraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rrechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
1het doen begraven en begraven houden van lijken van levenloos geboren kinderen, alsmede van kinderen tot 12 jaar;
2het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
f.particulier urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen.
g.algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;
Artikel 2 Aantal overledenen en asbussen
1In een particulier graf kan maximaal één lijk worden begraven en kunnen maximaal twee asbussen worden bijgezet.
2In een particulier kindergraf kan maximaal één lijk worden begraven en kunnen maximaal twee asbussen worden bijgezet.
3In een particulier urnengraf kunnen maximaal twee asbussen worden bijgezet.
4In een algemeen graf kan maximaal één lijk worden begraven.
5Het college kan van het bepaalde in het eerste tot en met het vierde lid van dit artikel ontheffing verlenen.
Artikel 3 Slotbepalingen
Deze nadere regels treden in werking op de eerste dag na die van de bekendmaking.
Deze nadere regels kunnen worden aangehaald als: Regels voor de graven en asbezorging.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 24 september 2013
HET COLLEGE VAN WAALWIJK,
De secretaris, de burgemeester,
J.H. Lagendijk drs. A. Kleijngeld