Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregel geluid onder de Omgevingswet gemeente Waalre

Gemeente Waalre · geldt sinds 1 januari 2024

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre

Gelet op de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1-1-2024;

Overwegende dat:

•Het wenselijk is om bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet een eenduidige manier van beoordelen van geluid te behouden

Besluit vast te stellen de Beleidsregel geluid onder de Omgevingswet gemeente Waalre

Intitulé

Beleidsregel geluid onder de Omgevingswet gemeente Waalre

Figuur 7.1 Van ruimtelijk plan naar motivatie omgevingsvergunning

Bijlage 1 Overgangssituatie

Voor geluid gelden bij diverse situaties overgangsbepalingen, of bepalingen over eerbiedigende werking. Het overgangsrecht is bepaald in de artikelen 4.3, 4.4 en 4.5 van de Invoeringswet Omgevingswet. Een aantal overgangsbepalingen is gericht op het toelaten van functies of activiteiten op een locatie. Deze gelden bij alle instrumenten waarmee functies of activiteiten worden toegelaten, zoals het omgevingsplan, de omgevingsverordening, de omgevingsvergunning BOPA en het projectbesluit.

Hieronder staan een aantal voorbeelden. Let op: het is een niet limitatieve lijst.

Reguliere procedure

Aanvragen reguliere procedure aanvraag omgevingsvergunning Wabo, ingediend vóór 1 januari 2024, worden op basis van het recht voorafgaand aan de Omgevingswet afgehandeld. Voor lopende procedures geldt dus dat deze worden afgerond op basis van het huidige recht, dus beleid dat gold op de datum van indiening van de aanvraag. Het nieuwe recht gaat in die gevallen met betrekking tot de vergunning en daarvoor lopende procedure pas gelden zodra de vergunning is verleend en, als er beroep mogelijk is, de beroepstermijn ongebruikt verstreken is of, als er geen beroep mogelijk is, zodra het besluit van kracht is geworden. Met andere woorden: het huidig recht blijft dan van toepassing tot het besluit onherroepelijk is.

Uitgebreide procedure

Bij besluiten die worden voorbereid met de uitgebreide procedure zoals een bestemmingsplan of een buitenplanse afwijking Wro, geldt dat het huidig recht van toepassing blijft als het ontwerpbesluit vóór 1 januari 2024 ter inzage is gelegd.

Geluidaandachtsgebieden Omgevingswet

Gemeentelijke wegen

Bij een gemeentelijke weg is het geluidaandachtsgebied tot een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip begrenst door vaste afstanden, zoals omschreven in artikel 17.5 van de Omgevingsregeling). Wordt een gemeentelijke weg gewijzigd binnen de ruimtelijke regels van het tijdelijke deel van het omgevingsplan, dan moet het bevoegd gezag voldoen aan de regels uit afdeling 22.4 Bruidsschat omgevingsplan en aan de beleidsregels Geluid onder de Omgevingswet. De regels uit afdeling 22.4 Bruidsschat omgevingsplan zijn een omzetting van artikel 73, onder a (toepassingsbereik), artikel 79 (aanleg) en artikel 99 (reconstructie) van de Wet geluidhinder.

Provinciale weg (nog zonder GPP)

Bij het toelaten van een geluidgevoelig gebouw in de geluidszone van een provinciale weg waarvoor nog geen geluidproductieplafond (GPP) is vastgesteld, geldt de Wgh (als onderdeel van het tijdelijk deel van het omgevingsplan). Wordt hierbij gebruikgemaakt van een 'dove gevel', dan wordt deze gevel vastgelegd in het omgevingsplan als een ‘niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen’.

De instructieregels uit 'Geluidgevoelige gebouwen in geluidaandachtsgebieden' Bkl zijn niet van toepassing zolang er nog geen geluidaandachtsgebied is. Wordt een provinciale weg (nog zonder GPP) gewijzigd binnen de ruimtelijke regels van het tijdelijke deel omgevingsplan, dan gelden de regels voor reconstructie uit de Wgh (als onderdeel van het tijdelijk deel van het omgevingsplan).

Industrieterreinen

Voor gezoneerde industrieterreinen blijft de Wgh (en de onderliggende regelgeving) van kracht, tot het moment waarop het bevoegd gezag geluidproductieplafonds als omgevingswaarde vaststelt op grond van de Omgevingswet.

Geluidwering van de gevel

Het beleid ten aanzien van de geluidwering van de gevel geldt niet voor hogere waarde procedures die ten tijde van het vaststellen van dit nieuwe beleid in ontwerp zijn vastgesteld, en waar geen voorwaarden zijn gesteld ten aanzien van het binnenniveau bij transformatie.

Bijlage 2 Begrippenlijst

Bal: Besluit activiteiten leefomgeving

Bbl: Besluit bouwwerken leefomgeving

Binnenwaarde: het geluidniveau binnen in geluidgevoelige gebouwen

Bkl: Besluit kwaliteit leefomgeving

Gecumuleerd geluid: geluid bepaald volgens paragraaf 3.1.5 van de Aanvullingsregeling geluid Omgevingswet

Geluidaandachtsgebied: geluidaandachtsgebied als bedoeld in artikel 3.20 Besluit kwaliteit Leefomgeving:

1Een geluidaandachtsgebied is een locatie langs een weg of spoorweg of rond een industrieterrein waarbinnen het geluid hoger kan zijn dan de standaardwaarde in Lden.

2Het geluidaandachtsgebied wordt bepaald volgens bij ministeriële regeling gestelde regels.

Geluidbelasting Lden: geluidbelasting of andere geluidwaarde op een plaats en door een bron over alle perioden van 07.00 tot 19.00 uur, van 19.00 tot 23.00 uur en van 23.00 tot 07.00 uur van een jaar

Geluidbelasting Lnight: geluidbelasting of andere geluidwaarde op een plaats en door een bron over alle perioden van 23.00 tot 07.00 uur van een jaar

Geluidgevoelig gebouw: geluidgevoelig gebouw als bedoeld in artikel 3.21 Besluit kwaliteit leefomgeving

Geluidgevoelige gevel: gevel met te openen deel of delen die grenst aan een geluidgevoelige ruimte

Geluidgevoelige ruimte: geluidgevoelige ruimte als bedoeld in artikel 3.22 Besluit kwaliteit leefomgeving

Geluidluwe buitenruimte: de buitenruimte, zoals bedoeld in artikel 4.175 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, behorende bij een woning of geluidgevoelig gebouw, zoals een tuin of een balkon, die grenst aan een geluidluwe gevel

Geluidwerende maatregel: fysieke maatregel aan een gebouw die de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie verhoogt

Gemeenteweg: weg in beheer bij een gemeente

Gezamenlijk geluid: geluid bepaald volgens paragraaf 3.1.5 van de Aanvullingsregeling geluid Omgevingswet

GPP: geluidproductieplafond als omgevingswaarde

Maatgevende jaar: in beginsel is het maatgevende jaar 10 jaar na opstellen rapport. Het college kan het wenselijk achten dit uitgangspunt te verlengen met ten hoogste 5 jaar, afhankelijk van de schaalgrootte en/of fasering van de uitvoering van het plan.

________________________________________

1In paragraaf § 5.1.4.2a ‘Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen’ wordt niet meer gesproken over ‘geluidbelasting’, maar over de ‘waarde van het geluid’. In het kader van herkenbaarheid en leesbaarheid is er in dit document voor gekozen toch het begrip ‘geluidbelasting’ te hanteren.

2art. 3.20 Bkl

3art. 3.21 Bkl

4art. 3.12 en 3.13 Bkl

5Bij het toelaten van een tijdelijk geluidgevoelig gebouw moet de gemeente rekening houden met het geluid door de bron en moet het geluid door de bron aanvaardbaar zijn (art. 5.78s, Bkl).

6art. 5.78t en 5.78 u Bkl

7art. 5.78u, lid 1a Bkl

8art. 5.78v Bkl

9art. 5.78w Bkl

10art. 5.78y Bkl

11art. 5.78ab Bkl

12bijlage 1 Bkl

13art. 4.103, eerste lid, aanhef en onder a Bbl

14art. 5.78p en 5.78q Bkl

15artikel 5.78ad Bkl respectievelijk artikel 8.0b jo. artikel 5.78ad Bkl

16artikel 4.103, eerste lid, aanhef en onder a van Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)

17als bedoeld in art. 4.175 Bbl

18art 3.6 Aanvullingswet geluid

19artikelen 48 tot en met 51 en 57 tot en met 61 Wet geluidhinder onder de Omgevingswet

20Conform artikel 12.7 van het Bkl blijven de geluidszones die conform artikel 40 van de Wet geluidhinder zijn vastgesteld gehandhaafd te worden totdat de geluidproductieplafonds en de daarbij horende attentiezones zijn vastgesteld.

21In art. 2.1 lid 3 Bor is vastgelegd welke typen inrichtingen op een gezoneerd industrieterrein ruimtelijk toelaatbaar zijn. Deze hoeven niet gevestigd te zijn.

22Hierin staan de voorkeursgrenswaarden en maximale grenswaarden voor woningen. Voor andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen is de voorkeursgrenswaarde in artikel 2.1 Bgh opgenomen en de maximale grenswaarde in artikel 2.2 Bgh

23Woningen ter vervanging van andere woningen of geluidgevoelige bestemmingen tot 65 dB(A)

24art. 4.131 Bbl

25art 3.6 overgangsrecht Aanvullingswet Hoofdstuk 3

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.