Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waadhoeke;
Heeft overwogen dat:
•onder de Omgevingswet een omgevingsprogramma één van de kerninstrumenten is om specifieke doelen voor de fysieke leefomgeving te bereiken;
•de Omgevingsverordening Fryslân ruimte biedt voor de gemeente eigen afwegingen te maken in de ontwikkeling van logiesaccommodaties;
•in samenhang met het omgevingsprogramma ook beleidsregels zijn uitgewerkt om initiatieven voor nieuw te ontwikkelen logiesaccommodaties of uitbreiding van bestaande logiesaccommodaties te kunnen toetsen.
Gelet op:
het Omgevingsprogramma gemeente Waadhoeke - Logiesaccommodaties en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht (over vaststellen beleidsregels);
Besluit:
vast te stellen de Beleidsregels gemeente Waadhoeke - Logiesaccommodaties.
4. Beleidsregels per accommodatietype
4.1 Bed & Breakfast (B&B)
4.1.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
1De voorziening mag door de bouwkundige opzet, indeling en maatvoering niet functioneren als een zelfstandige (recreatieve) woning/appartement. Dit betekent dat een aparte kookgelegenheid bijvoorbeeld niet is toegestaan.
2Als een B&B gerealiseerd wordt in een bijgebouw, is het bijgebouw ook bouwkundig en esthetisch ondergeschikt aan het hoofdgebouw.
3Het logiesgedeelte in de woning (of bijgebouw) voldoet aan de bouwtechnische eisen die gelden voor de woning. Hierdoor kan het logiesgedeelte na beëindiging als onderdeel van de woning worden gebruikt.
4De omvang van de B&B is passend bij de grootte van de woning en qua oppervlakte ondergeschikt.
5De B&B wordt gerund door de eigenaar of gebruikers van het betreffende pand.
6De voorziening maakt deel uit van het hoofdgebouw of is gevestigd in één van de bestaande bijgebouwen, inclusief bestaande bouwmogelijkheden.
4.1.2 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•In het landelijk gebied biedt een nieuwe B&B maximaal 6 kamers/eenheden en maximaal 12 slaapplaatsen voor volwassenen.
•De woning is bestemd als (bedrijfs-)woning.
•Er is ruimte voor maatwerk (meer kamers, grotere gebruiksoppervlakten of andere functies) bij bijvoorbeeld bijzondere locaties, karakteristieke panden, bedrijven of behoud van erfgoed.
Dorpskernen/Franeker buiten de bolwerken
•In de dorpskernen en Franeker buiten de bolwerken is het vestigen van een B&B in bestaande legale bebouwing toegestaan voor maximaal 3 kamers/eenheden en maximaal 6 slaapplaatsen voor volwassenen.
•De woning is bestemd als (bedrijfs-)woning. (Bedrijfs-)woningen op bedrijventerreinen of terreinen die voornamelijk gebruikt worden als bedrijventerrein, vallen niet onder deze regeling. Op deze terreinen is het vestigen van een B&B uitgesloten.
•Er is ruimte voor maatwerk (meer kamers, grotere gebruiksoppervlakten) voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, gemengde bestemming, karakteristieke panden, bedrijven of behoud van erfgoed.
Franeker binnen de bolwerken
•Het vestigen van een B&B is toegestaan in bestaande legale bebouwing en biedt ruimte voor maximaal 3 kamers/eenheden en maximaal 6 slaapplaatsen voor volwassenen.
•Er is ruimte voor maatwerk (meer kamers, grotere gebruiksoppervlakten) voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bedrijven of behoud van erfgoed.
4.2 Recreatieappartement
4.2.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
1De exploitatie van recreatieappartementen is ondergeschikt aan de hoofdfunctie van de locatie.
2De beheerder/exploitant is woonachtig op of in de directe nabijheid (grenzend aan het perceel) van de appartementen.
3Het aantal slaapkamers per appartement is in verhouding tot het totaal oppervlak van het appartement.
4Er is voldoende leefruimte per appartement voor het maximum aantal personen van 6 volwassenen die er kunnen overnachten.
5Het appartement heeft een eigen toegang, keuken en toilet.
6Een recreatieappartement voldoet aan de bepalingen van het Besluit bouwwerken leefomgeving. Dit houdt onder meer in dat een recreatieappartement slechts mag worden ingericht in een legale en geschikte verblijfsruimte in een woning of bijgebouw die voldoet aan de voorschriften voor bestaande verblijfsruimten in een woning of voldoet aan de verleende omgevingsvergunning (dus niet op een bergzolder of onbenoemde ruimte).
7De recreatieappartementen mogen niet via een nieuwe eigen inrit ontsloten worden.
8Oppervlakte: de gebruiksoppervlakte bedraagt maximaal 35% van de totale gebruiksoppervlakte van de woning en de gebruiksoppervlakte van het logiesgedeelte bedraagt minimaal 25m2 per appartement.
9De woning is bestemd als (bedrijfs-)woning. (Bedrijfs-)woningen op bedrijventerreinen of terreinen die voornamelijk gebruikt worden als bedrijventerrein, vallen niet onder deze regeling. Op deze terreinen is het vestigen van een appartement uitgesloten, tenzij een logiesfunctie passend is bij de aard van het bedrijf.
4.2.2 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•Het realiseren van maximaal 4 appartementen is toegestaan in bestaande legale bebouwing (of bouwmogelijkheden), dan wel vervangende nieuwbouw.
•Op een (voormalig) agrarisch erf zijn maximaal 15 appartementen in bestaande legale bebouwing (of bouwmogelijkheden), dan wel (vervangende) nieuwbouw toegestaan. Dit is exclusief de B&B-voorzieningen in de overige gebouwen die op grond van de bestemming wonen zijn toegestaan.
•Er zijn maatwerksituaties voorstelbaar waarbij van de beleidsregels kan worden afgeweken (meer appartementen, grotere gebruiksoppervlakten) voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bedrijven, horecagelegenheid, maatschappelijke voorziening of andere functies.
Dorpskernen/Franeker buiten de bolwerken
•Het realiseren van maximaal 2 appartementen in het hoofdgebouw, aan- of uitbouw (geen vrijstaande bijgebouwen) is toegestaan in de dorpskernen en in Franeker buiten de bolwerken.
•Er is ruimte voor maatwerk (bijgebouw, bouwmogelijkheden, meer personen, meer appartementen, grotere gebruiksoppervlakten) voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bijzondere bijgebouwen, behoud van erfgoed, andere functies etc.
Franeker binnen de bolwerken
•Maximaal 2 appartementen in het hoofdgebouw, aan- of uitbouw (geen vrijstaande bijgebouwen).
•Er is ruimte voor maatwerk (bijgebouw, meer kamers, grotere gebruiksoppervlakten) voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, gemengde bestemming, bijzondere bijgebouwen, behoud van erfgoed of andere functies.
4.3 Recreatieve woningverhuur door hoofdbewoner
4.3.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
1De verhuurder is ook in het geval van kortdurende recreatieve verhuur verplicht zich te registreren als logiesverstrekker voor de toeristenbelasting, een doorlopend nachtregister bij te houden en toeristenbelasting af te dragen.
2Een voorwaarde is dat de woningverhuur gerund wordt door de eigenaar die zelf hoofdbewoner is van de woning.
3Het verhuren van een woning voor toeristisch-recreatief gebruik levert in de meeste gevallen een strijdig gebruik op. Ook wanneer het verhuur van korte duur betreft (bijvoorbeeld een aantal dagen). De gemeente Waadhoeke kan voor dit strijdig gebruik toestemming verlenen met een omgevingsvergunning. Of een vergunning nodig is en of deze verleend kan worden zal per geval worden bekeken.
4Maximaal aantal nachten recreatieve verhuur is 30 nachten per jaar.
4.3.2 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•Toegestaan voor kortdurend verblijf
Dorpskernen/Franeker buiten de bolwerken
•Toegestaan voor kortdurend verblijf
Franeker binnen de bolwerken
•Toegestaan voor kortdurend verblijf
4.4 Kleinschalige (zelfstandige) recreatieve voorzieningen
4.4.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
•De eenheid heeft geen verdieping en/of kelder.
•Maximale capaciteit: 4 volwassenen.
•Maximale oppervlakte: 50m2.
•Na beëindiging van de logiesfunctie kunnen de logiesaccommodaties verwijderd worden.
•Een trekkershut wordt niet aangemerkt als kampeerplaats.
•Een kampeerplaats kan niet worden ingeruild voor een extra trekkershut.
•Afstand tussen de voorzieningen is minimaal 3 meter i.v.m. brandveiligheid.
•Het initiatief draagt bij aan een compact erf en voorkomt verrommeling van het landschap.
•Er is ruimte voor maatwerk voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bijzondere bijgebouwen, behoud van erfgoed of andere bijzondere functies/locaties.
•Het initiatief is in alle gevallen ondergeschikt of ondersteunend aan de hoofdfunctie. Een uitzondering op bovenstaande regel is dat er ruimte is voor maatwerk bij bijvoorbeeld bijzondere locaties, cultuurhistorische locaties, bijzondere functies of monumentale gebouwen.
4.4.2 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•Op of in aansluiting op het bouwperceel van een agrarisch bedrijf of voormalig agrarisch bedrijf, aansluitend op bestaande legale bebouwing zijn maximaal 10 trekkershutten of vergelijkbare bouwwerken toegestaan.
•In afwijking van bovenstaand lid kunnen maximaal 3 trekkershutten op of in aansluiting op het bouwperceel van een woning, bedrijf, horecagelegenheid of maatschappelijke voorziening worden toegestaan.
•Bij een (voormalig) agrarisch bedrijf is een combinatie van mobiele kampeermiddelen en trekkershutten toegestaan, evenals een combinatie met een B&B of appartementen, mits het totaal van de kampeermiddelen en de trekkershutten niet het maximum overschrijdt van 25 kampeerplaatsen en 10 trekkershutten.
Dorpskernen/Franeker buiten de bolwerken
•Voor de dorpskernen en Franeker buiten de bolwerken gelden dezelfde regels als in Franeker binnen de bolwerken.
Franeker binnen de bolwerken
•Aanvragen moeten individueel worden beoordeeld en worden getoetst aan de beleidsregels en ambities zoals deze genoemd staan in dit omgevingsprogramma. Ook is, zoals bij alle ontwikkelingen, de inpasbaarheid in de omgeving van groot belang. Het is voorstelbaar dat dit zwaar(der) weegt in een beoordeling wanneer deze zich in een bebouwde omgeving bevindt.
4.5 Kleinschalig kampeerterrein
4.5.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
1Er is sprake van een ondergeschikte nevenactiviteit bij een hoofdfunctie. Op het perceel mogen geen recreatiewoningen of groepsaccommodaties aanwezig zijn. Een B&B of een kleinschalige zelfstandige recreatieve voorziening kan wel worden gecombineerd met een kleinschalig kampeerterrein.
2Sanitaire voorzieningen worden bij voorkeur gerealiseerd in bestaande bebouwing. Nieuwe bebouwing is toegestaan mits gemotiveerd middels het landschappelijk inpassingsplan en de duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente Waadhoeke. Daarbij is circulair en duurzaam bouwen van belang.
3Uitsluitend mobiele kampeermiddelen toegestaan.
4Campings worden zoveel mogelijk achter (of in aansluiting op) bestaande bebouwing gepositioneerd, zodat de ruimtelijke kwaliteit niet in het geding komt. Er mag geen ‘open veldsituatie’ ontstaan.
5Een kampeerplaats kan niet worden ingeruild voor een extra kleinschalige zelfstandige recreatieve voorziening.
6Een kampeerplaats kan worden ingeruild voor een camperplaats.
7Er is ruimte voor maatwerk voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bedrijven of behoud van cultureel erfgoed.
4.5.2 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•Op of aansluitend aan het bouwperceel van een (voormalig) agrarisch bedrijf en overige bouwpercelen ((recreatieve) bedrijfspercelen/woonpercelen/maatschappelijke bestemmingen e.d.) geldt een minimum van 4 en een maximum van 25 kampeerplaatsen voor mobiele kampeermiddelen passend bij aard en omvang van de locatie en de omgeving.
•Naast 25 kampeerplaatsen kunnen maximaal 10 trekkershutten worden toegestaan op (voormalig) agrarische percelen.
•Een kleinschalige kampeerterrein mag doorgroeien naar 35 kampeerplaatsen (provinciale beleidsregel) als het voldoet aan de volgende voorwaarden: er is voldoende grond beschikbaar aansluitend aan bestaand erf, het is wenselijk vanuit de toeristische markt, het past in de omgeving, het trekt de gewenste doelgroep aan, het straalt een bepaalde kwaliteit/vitaliteit uit, er is draagvlak in de omgeving en het betreft een bijzondere en aantrekkelijke locatie ook voor inwoners van de omgeving.
•Er is ruimte voor maatwerk voor bijzondere locaties, bijzondere bijgebouwen, behoud van erfgoed of andere functies/locaties.
Dorpskernen/Franeker buiten de bolwerken
•Er is ruimte voor maatwerk voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bijzondere bijgebouwen, behoud van erfgoed of andere bijzondere functies/locaties. Per situatie zal bekeken moeten worden of maatwerk mogelijk is.
Franeker binnen de bolwerken
•Er is ruimte voor maatwerk voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bijzondere bijgebouwen, behoud van erfgoed of andere bijzondere functies/locaties. Per situatie zal bekeken moeten worden of maatwerk mogelijk is.
4.6 Camperplaatsen
4.6.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
1Er is sprake van een ondergeschikte nevenactiviteit bij een hoofdfunctie. Op het perceel mogen geen recreatiewoningen of groepsaccommodaties aanwezig zijn. Een B&B of een kleinschalige zelfstandige recreatieve voorziening kan wel worden gecombineerd met camperplaatsen.
2Een tijdelijke ontheffing voor tijdelijke camperplaatsen voor evenementen is onder voorwaarden mogelijk.
3Kwalitatieve basisvoorzieningen zijn noodzakelijk zoals een afvalbak (gescheiden afval), centrale drinkwatervoorzieningen, mogelijkheid tot lozen afvalwater en loospunt cassette-toilet.
4Camperplaatsen worden voorzien van een vlakke ondergrond met voldoende draagkracht voor de campers, echter wel zo weinig mogelijk verharding. De verharding die wordt aangebracht is zoveel mogelijk waterdoorlatend, zoals bijvoorbeeld grastegels.
5De afstand tussen campers is minimaal 3 meter i.v.m. brandveiligheid.
6Camperplaatsen dienen landschappelijk te worden ingepast.
7Nieuwe bebouwing voor voorzieningen is toegestaan mits gemotiveerd middels plan van landschappelijke inpassing (tekeningen en omschrijving) en het bijdraagt aan de duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente Waadhoeke. Daarbij is circulair en duurzaam bouwen het streven;
8Er is ruimte voor maatwerk voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bedrijven of behoud van cultureel erfgoed.
4.6.2 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•Op (voormalig) agrarische percelen en overige bouwpercelen (recreatieve bedrijfspercelen/ woonpercelen/maatschappelijke bestemmingen e.d.) geldt minimaal 4 camperplaatsen, maximaal 25 camperplaatsen passend bij aard en omvang van de locatie en de omgeving, bij voorkeur op of in aansluiting op het bouwperceel (provinciale beleidsregel).
•Naast 25 camperplaatsen kunnen maximaal 10 trekkershutten worden toegestaan op (voormalig) agrarische percelen.
•Kleinschalige camperplaatsen mogen doorgroeien naar 35 camperplaatsen (provinciale beleidsregel) als het voldoet aan de volgende voorwaarden: er is voldoende grond beschikbaar aansluitend aan bestaand erf, het is wenselijk vanuit de toeristische markt, het past in de omgeving, het trekt de gewenste doelgroep aan, het straalt een bepaalde kwaliteit/vitaliteit uit, er is draagvlak in de omgeving en het betreft een bijzondere en aantrekkelijke locatie ook voor de inwoners van de omgeving.
•Er is ruimte voor maatwerk voor bijvoorbeeld bijzondere locaties, bijzondere bijgebouwen, behoud van erfgoed of andere bijzondere functies/locaties.
Dorpskern/Franeker buiten de bolwerken
•Maatwerk is mogelijk voor minimaal 2 camperplaatsen, maximaal 15 plaatsen op of in aansluiting op het bouwperceel van een woning, bedrijf, horecagelegenheid, maatschappelijke voorziening bijzondere locaties, behoud van erfgoed of andere bijzondere functies/locaties.
Franeker binnen de bolwerken
•Er is ruimte voor maatwerk voor bijzondere locaties of (bij)gebouwen, behoud van erfgoed of andere bijzondere functies/locaties.
4.7 Groepsaccommodatie
4.7.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
1Het initiatief heeft een onderscheidende meerwaarde voor de toeristisch-recreatieve sector en trekt een doelgroep aan die passend is bij de gemeente.
2Het aantal slaapplaatsen verhoudt zich tot de omvang van het pand, zodat er voldoende leefruimte is.
4.7.2 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•Op het bouwperceel van een (voormalig) agrarisch bedrijf, in of aansluitend op bestaande bebouwing of ter vervanging van bestaande bebouwing kan een groepsaccommodatie worden toegestaan evenals bij een horeca-inrichting, een maatschappelijke voorziening of een bedrijf met een recreatieve functie.
•Alleen bij (voormalig) agrarische bedrijven mogen nieuwe groepsaccommodaties worden gebouwd in aansluiting op bestaande bebouwing. Bij andere functies mag een nieuwe groepsaccommodatie alleen in bestaande bebouwing op een bouwperceel (of in vervangende nieuwbouw) worden gerealiseerd.
•In sommige gevallen is maatwerk mogelijk, bijvoorbeeld op ruime percelen, herbestemming erfgoed of unieke locaties/functies.
Dorpskern/Franeker buiten de bolwerken
•In beginsel zijn wij terughoudend met groepsaccommodaties binnen de bebouwde kom omdat de leefbaarheid niet onder druk mag komen. In sommige gevallen is maatwerk mogelijk, bijvoorbeeld op ruime percelen, herbestemming erfgoed of unieke locaties. Mogelijke geluidsoverlast of parkeerdruk zijn zwaarwegende factoren.
Franeker binnen de bolwerken
•Maatwerk is mogelijk binnen bestaande bebouwing, bijvoorbeeld herbestemming erfgoed, rijksmonumenten of unieke locaties. Mogelijke geluidsoverlast of parkeerdruk zijn zwaarwegende factoren.
4.8 Recreatiewoningen (buiten vakantieparken)
4.8.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
1Een vergunning voor een recreatiewoning is altijd tijdelijk.
2In een recreatiewoning mag geen permanente bewoning plaatsvinden, het verblijf is recreatief.
3Er wordt een positieve bijdrage geleverd aan de ambities en opgaven van de gemeente, bijvoorbeeld door het bevorderen van een prettige en gezonde woon- en leefomgeving, het behoud en de ontwikkeling van natuur en cultuurerfgoed, of het toevoegen van gewenst en vernieuwend toeristisch-recreatief aanbod (zie ambities in het omgevingsprogramma logiesaccommodaties).
4.8.2 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•Woningen met woonbestemming mogen niet onttrokken worden aan de woningmarkt. Om die reden is er geen ruimte om bestaande woningen om te zetten naar vakantieverblijven of tweede woningen, tenzij het bijzondere woningen zijn op een bijzondere locatie en/of cultuurhistorische gebouwen of andere bijzondere redenen. Dit betreft maatwerk.
•Aanvullende bebouwing is voorstelbaar en is altijd maatwerk. Voorwaarde hierbij is, dat het ondergeschikte nieuwbouw betreft.
Dorpskernen/Franeker buiten de bolwerken
•Het is voorstelbaar dat bijzondere objecten in aanmerking komen voor de aanduiding “recreatiewoning”. Bijvoorbeeld omdat een woning te klein is om te bewonen of een pand een bepaalde cultuurhistorische waarde heeft. Dit betreft maatwerk.
Franeker binnen de bolwerken
•Het is voorstelbaar dat objecten in aanmerking komen voor de aanduiding “recreatiewoning”. In het kernwinkelgebied zijn geen recreatiewoningen op de begane grond toegestaan, tenzij het gaat om een bijzonder object of een pand met een bepaalde cultuurhistorische waarde. Dit betreft maatwerk.
4.9 Vakantieparken/Verblijfsrecreatieterreinen
4.9.1 Gebiedsonafhankelijke beleidsregels
1Het is niet toegestaan om permanent in een recreatiewoning op een vakantiepark te wonen. Met de wettelijke verplichte nachtregistratie (artikel 428 Wetboek van Strafrecht) kan een verhuurder aantonen of de recreatiewoning wel of niet permanent bewoond wordt.
2De inpassing van vakantiewoningen in de omgeving gebeurt op basis van maatwerk. Aandachtspunten hierbij zijn: (markt)potenties, aansluiten bij bestaande recreatieve voorzieningen en accommodaties (concentratievoordelen), draagvlak in de omgeving, versterking van cultuur- en natuurerfgoed en van leefbaarheid in de woon- en leefomgeving. Daarbij is het belangrijk dat de ontwikkeling wat betreft aard en schaal passend is bij de recreatiekern of de recreatieve voorziening.
3Uitponden van vakantieparken is niet wenselijk. Onder uitponden wordt verstaan het opdelen van een recreatieterrein in kavels, waarbij de opgedeelde kavels afzonderlijk worden verkocht en verhuurd. Zo ontstaat steeds meer een woon- en huisvestingspark. Om dit te voorkomen kan er een anterieure overeenkomst opgesteld worden waarin afspraken worden gemaakt tussen de ondernemer en de gemeente.
4.9.2 Beleidsregels uitbreiding bestaande bedrijven
Er is behoefte aan modernisering en kwaliteitsverbetering van de bestaande vakantieparken in gemeente Waadhoeke. Belangrijk voor een vakantiepark is een vitaal toekomstperspectief. De nadruk ligt niet op meer van hetzelfde aanbod, maar aanvullingen die het aanbod complementeren en verbinden. Onder meer door hergebruik van karakteristieke bebouwing, passend in de omgeving waarbij duurzaamheid een belangrijke rol speelt. Vernieuwing, kwaliteit en meer jaarrond capaciteit is hierbij nodig. Dit geldt niet alleen voor de logiesaccommodaties maar ook voor de faciliteiten op een recreatiepark zoals een zwembad, speeltuin en slechtweervoorzieningen. De gemeente wil ruimte bieden voor meer faciliteiten op een vakantiepark zodat een park aantrekkelijker wordt voor gezinnen maar ook voor de omgeving en dat een vakantiepark een breed publiek aantrekt wat bijdraagt aan een gezond vakantiepark.
Waar nog ruimte is, kan een bestaand vakantiepark worden uitgebreid. Als een bestaand vakantiepark wil uitbreiden en er geen ruimte meer is in het omgevingsplan voor uitbreiding, onderzoeken we of medewerking kan worden verleend. Bij de bestaande vakantieparken wordt gezocht naar kwaliteitsverbetering door maatwerk. Hierbij wordt met name gekeken naar de behoefte vanuit de markt, ruimtelijke inpassing, bedrijfsmatige exploitatie, onderscheidend vermogen, een goede verkeerssituatie (inclusief parkeren, passend binnen provinciale kaders, woon- en leefklimaat van direct omwonenden), meerwaarde voor de omgeving, duurzaam ondernemen, in de omgeving passende maatvoering en vormgeving van de bedrijfsgebouwen.
De beoordeling van ontwikkelplannen van bestaande reguliere recreatieve logiesbedrijven is altijd maatwerk. Uitbreiding kan alleen:
•als er geschikte terreinen zijn voor verblijfsrecreatie;
•de uitbreidingsplannen gericht zijn om het gehele park te verbeteren en up-to-date te maken;
•het park alleen wordt gebruikt voor recreatieve doeleinden.
Daarnaast is het belangrijk dat de omgeving profiteert door openstelling van faciliteiten voor inwoners.
4.9.3 Beleidsregels nieuwe initiatieven
De gemeente is terughoudend met nieuwe verblijfsrecreatieve inrichtingen op nieuwe locaties. Als een plan voor een nieuwe recreatieve voorziening wordt ingediend, zal maatwerk nodig zijn, waarbij de gemeente met verschillende vakdisciplines de plannen beoordeelt en aan de gemeenteraad ter besluitvorming voorlegt. Hierbij bieden we ruimte voor vernieuwende logiesbedrijven met een duurzame, centrale bedrijfsmatige exploitatie.
In uitzonderingsgevallen kan dan gebruik worden gemaakt van artikel 2.16 van de Omgevingsverordening van de provincie Fryslân. Dit betekent dat de gemeente na behoefteonderzoek kan uitspreken dat enkele bijzondere en toeristisch aantrekkelijke locaties in Fryslân in aanmerking komen voor reguliere recreatie. In feite gaat het dan niet om het doorgroeien van de al aanwezige kleinschalige recreatie, maar om het realiseren van een nieuw regulier recreatieterrein.
4.10 Hotel
4.10.1 Beleidsregels per gebied
Landelijk gebied/buiten de bebouwde kom
•In beginsel is de gemeente Waadhoeke terughoudend met de ontwikkeling van nieuwe hotels in het landelijk gebied.
•Maatwerk is enkel mogelijk binnen bestaande legale bebouwing, bijvoorbeeld herbestemming erfgoed, rijksmonumenten of unieke locaties. Mogelijke geluidsoverlast of parkeerdruk zijn zwaarwegende factoren.
Dorpskernen/Franeker buiten de bolwerken
•Maatwerk is mogelijk binnen bestaande bebouwing, bijvoorbeeld herbestemming erfgoed, rijksmonumenten of unieke locaties. Mogelijke geluidsoverlast of parkeerdruk zijn zwaarwegende factoren.
•Er is ruimte voor kleinschalige hotels, bijvoorbeeld in de vorm van een boetiekhotel in bestaande bebouwing.
•Voor nieuw te bouwen hotels is specifiek maatwerk nodig.
Franeker binnen de bolwerken
•Er is ruimte in de binnenstad van Franeker.
•Er is ruimte voor kleinschalige hotels, bijvoorbeeld in de vorm van een boetiekhotel in bestaande bebouwing; kleinschalige hotels gericht op de toeristische gast passend bij de gemeente Waadhoeke.
•Maatwerk is mogelijk binnen bestaande bebouwing, bijvoorbeeld herbestemming erfgoed, rijksmonumenten of unieke locaties. Mogelijke geluidsoverlast of parkeerdruk zijn zwaarwegende factoren.
•Voor nieuw te bouwen hotels is specifiek maatwerk nodig.