Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels Re-integratie Participatiewet

Gemeente Vught · geldt sinds 8 december 2023

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1.1 Begripsbepalingen

1In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

a.Belanghebbende: de persoon uit de doelgroep die aanspraak maakt op ondersteuning of aan wie ondersteuning wordt geboden;

b.Doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, Participatiewet;

c.Verordening: Re-integratieverordening Participatiewet Vught;

d.Werkgever: degene die op basis van een arbeidsovereenkomst de bevoegdheid heeft om de arbeid van een werknemer gedurende een overeengekomen periode aan te wenden in zijn organisatie;

2De begripsbepalingen van de Participatiewet alsmede van de verordening zijn op deze beleidsregels van toepassing.

Artikel 1.2 Doelstelling en reikwijdte

1In deze beleidsregels wordt de ondersteuning die het college biedt bij de arbeidsinschakeling van belanghebbenden behorende tot de doelgroep als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, onder b, nader uitgewerkt.

2De opdracht om de ondersteuning als bedoeld in het eerste lid te bieden vloeit voort uit artikel 7 van de Participatiewet.

Hoofdstuk 2 voorzieningen

Artikel 2.1 Werkervaringsplaats

1Aanbieding van een werkervaringsplaats vindt plaats:

a.voor een maximale periode van 3 maanden met als doel om te komen tot een diagnose;

b.voor een periode van maximaal 6 maanden bij alle, niet onder a genoemde, doelstellingen, met een mogelijkheid tot verlenging van 3 maanden, zolang de werkervaringsplaats nog een bijdrage levert aan het vooraf opgestelde en tussentijds geëvalueerde doel.

2In een schriftelijke overeenkomst wordt in ieder geval vastgelegd:

a.het doel van de werkervaringsplaats, en;

b.de wijze waarop de begeleiding plaatsvindt.

Artikel 2.2 Financieren van Scholing

1Bij het vaststellen van de scholingsbehoefte wordt in overleg met de belanghebbende gekeken naar het bestaand opleidingsniveau, huidig arbeidsmarktperspectief, mogelijkheden en motivatie van belanghebbende en het arbeidsperspectief na de opleiding.

2Voor de inzet van scholing wordt uitgegaan van de kortste weg naar passend werk.

3De volgende scholing wordt als niet-noodzakelijk aangemerkt:

a.een opleiding die primair gericht is op individuele zelfontplooiing en een zinvolle vrije tijdsbesteding;

b.een opleiding waarvoor belanghebbende de kosten redelijkerwijs vergoed kan krijgen dan wel had kunnen krijgen op grond van een voorliggende voorziening.

4Aan een belanghebbende wordt een vergoeding toegekend voor de gemaakte kosten voor studiemiddelen ten behoeve van, noodzakelijke scholing, voor zover het college de studiemiddelen, zoals de opleidingskosten, boeken, overige leermiddelen en examengeld, noodzakelijk acht voor het kunnen voldoen aan de verplichtingen zoals bedoeld in de Re-integratieverordening Participatiewet Vught.

Artikel 2.3 Maximum uurtarieven voor jobcoaching en interne begeleiding

Het college hanteert de volgende maximum uurtarieven:

a.Het maximum uurtarief voor jobcoaching is gelijk aan het door het UWV gehanteerde maximumtarief voor externe jobcoaching.

b.Het maximum uurtarief voor interne begeleiding bedraagt 80% van het door het UWV gehanteerde maximumtarief voor externe jobcoaching.

Hoofdstuk 3 Re-integratievergoedingen

Artikel 3. Vergoeding kosten vervoersvoorziening, voorzieningen bij visuele op motorische handicap en meeneembare voorzieningen.

1Het college kent geen vergoeding toe indien:

–belanghebbende voor de vergoeding van de onkosten een beroep kan doen of had kunnen doen op een voorliggende voorziening; of

–de onkosten naar het oordeel van het college niet noodzakelijk zijn voor het volgen van het overeengekomen traject.

2De vergoeding is voor uitkeringsgerechtigden gelijk aan de aantoonbare noodzakelijke onkosten.

3Voor de doelgroep genoemd in artikel 7 lid 1 sub a onder 2, 3, 4 en 7 PW is de vergoeding gelijk aan het verschil tussen inkomen minus de onkosten en de van toepassing zijnde bijstandsnorm

4Als belanghebbende reist met eigen vervoer wordt voor vergoeding de afstand in aanmerking genomen van het woonadres van belanghebbende tot het adres van de trajectlocatie en vice versa en deze kilometers vermenigvuldigd met de maximale belastingvrije (of onbelaste) vergoeding per kilometer zoals bepaald door de belastingdienst. Alleen wanneer fietsen of wandelen naar de trajectlocatie niet mogelijk is, worden deze kosten vergoed.

5Als belanghebbende reist met openbaar vervoer worden de daadwerkelijke reiskosten vergoed. Alleen wanneer fietsen of wandelen naar de trajectlocatie niet mogelijk is, worden deze kosten vergoed.

Hoofdstuk 4 Premies in verband met werkaanvaarding

Artikel 4.1 Voorwaarden voor het recht op de uitstroompremie

1Aan de uitkeringsgerechtigde die tenminste één jaar onafgebroken een uitkering heeft en die aansluitend algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt en behoudt, en daarmee een inkomen verwerft dat meer bedraagt dan de van toepassing zijnde norm, kan op aanvraag een eenmalige uitstroompremie worden verstrekt.

2Aan de belanghebbende die een op basis van de Re-integratieverordening Participatiewet Vught toegekende gesubsidieerde baan heeft en die aansluitend algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt en behoudt, en daarmee een inkomen verwerft dat meer bedraagt dan de van toepassing zijnde norm, kan op aanvraag een eenmalige uitstroompremie worden verstrekt.

3De uitstroompremie wordt toegekend indien de algemeen geaccepteerde arbeid tenminste zes maanden heeft geduurd.

4De premie moet tenminste zijn aangevraagd binnen drie maanden nadat de periode genoemd in het vierde lid is verstreken.

5De uitkeringsgerechtigde wordt attent gemaakt op de uitstroompremie door vermelding in de beëindigingsbeschikking.

Artikel 4.2 De aanvraag

De aanvraag uitstroompremie geschiedt door indiening van een werkgeversverklaring over de gewerkte periode of een bewijsstuk waaruit blijkt dat belanghebbende de betreffende periode gewerkt heeft.

Artikel 4.3 De hoogte en uitbetaling van de premie

De hoogte van de uitstroompremie bedraagt € 600 en wordt in één keer uitbetaald.

Artikel 4.4 De referteperiode

Men kan ten hoogste eens per vijf jaar voor een uitstroompremie in aanmerking komen.

Hoofdstuk 5 Slotbepalingen

Artikel 5.1 onvoorziene omstandigheden.

1In alle gevallen waarin deze beleidsregels niet voorzien beslist het college.

Artikel 5.2 Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: “Beleidsregels Re-integratie Participatiewet Vught.”

Artikel 5.3 Inwerkingtreding en overgangsrecht

1Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot 1 juli 2023.

2De Beleidsregels Re-integratie Participatiewet, Ioaw en Ioaz Vught 2018 worden ingetrokken.

3Een persoon die gebruik maakt van een toegekende voorziening op grond van de Beleidsregels Re-integratie Participatiewet Ioaw Ioaz Vught 2018, die moet worden beëindigd op grond van deze beleidsregels, behoudt deze voorziening voor zover wordt voldaan aan de voorwaarden uit de betreffende beleidsregels voor de duur van de ingezette voorziening, doch niet langer dan 12 maanden.

4Het college kan na afloop van de in het derde lid bedoelde periode, besluiten of een voorziening wordt voortgezet.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.