Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vught;
gelet op artikel 231, tweede lid onder b en c van de Gemeentewet;
gelet op artikel 1, tweede lid van de Wet waardering onroerende zaken;
besluit:
Artikel 1 Aanwijzing heffingsambtenaar en invorderingsambtenaar
1aan te wijzen als de gemeenteambtenaar, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onder b. (heffingsambtenaar) en onder c. (invorderingsambtenaar) van de Gemeentewet:
de adviseur belastingen;
2aan te wijzen als plaatsvervanger bij afwezigheid van de in het eerste lid aangewezen gemeenteambtenaar:
de procesmedewerker WOZ/belastingen;
Artikel 2 Aanwijzing WOZ-ambtenaar
1de heffingsambtenaar, bedoeld in artikel 1, eerste lid, te belasten met de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken;
2aan te wijzen als plaatsvervanger bij afwezigheid van de in het eerste lid aangewezen gemeenteambtenaar:
de procesmedewerker WOZ/belastingen;
Artikel 3 Beëindiging aanwijzing
De aanwijzingen als bedoeld in artikel 1 en 2 eindigen van rechtswege met ingang van de datum dat de uitoefening van de functies van heffingsambtenaren, invorderingsambtenaren en Woz-ambtenaren geen deel meer uitmaken van de werkzaamheden van de betreffende ambtenaren.
Artikel 4 Slotbepalingen
1Het Aanwijzingsbesluit heffings- en invorderingsambtenaar van 7 februari 2023 wordt ingetrokken.
2Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.
3Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzingsbesluit heffingsambtenaar, invorderingsambtenaar en WOZ-ambtenaar gemeente Vught.