Aanhef
Het college van de gemeente Vlaardingen Besluit gelet op artikel 3:2 van de Collectieve Arbeidsvoorwaardenregeling voor de sector gemeenten (CAR) en artikel 3:2:1 van de Uitwerkingsovereenkomst (UWO); gelet op artikel 160 van de Gemeentewet; rekening houdend met het bepaalde in de werktijdenregeling gemeente Vlaardingen; na verkregen instemming van de commissie voor Georganiseerd Overleg; tot vaststelling van de navolgende regeling en deze op te nemen in de arbeidsvoorwaardenregeling van de gemeente Vlaardingen:
Regeling overwerkvergoeding gemeente Vlaardingen
Artikel 1 Begripsomschrijving
Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: 1. Medewerker
De ambtenaar in de zin van artikel 1:1, eerste lid, onder a van de CAR.
2College
Het college van burgemeester en wethouders.
3Uurloon
Het uurloon zoals bepaald in artikel 1:1, eerste lid, onder o van de CAR.
4Overwerk
Het overwerk zoals bepaald in artikel 1:1, eerste lid, onder l van de CAR.
Artikel 2 Toepassing
Deze regeling is van toepassing op de medewerkers voor wie de bijzondere regeling van de werktijden geldt en die een functie vervullen zoals vastgelegd in de bijlage van de werktijdenregeling gemeente Vlaardingen én voor medewerkers die uren hebben gemaakt in het kader van een beschikbaarheidsdienst en/of gladheidsbestrijding.
Artikel 3 Toekenning vergoeding
De medewerker die een uitdrukkelijke opdracht tot het verrichten van overwerk heeft ontvangen van de gemeentesecretaris of namens deze van zijn (direct) leidinggevende, komt in aanmerking voor een overwerkvergoeding als bedoeld in artikel 3:2:1 van de CAR-UWO.
Artikel 3 Begrenzing uitbetaling
Medewerkers die onder de bijzondere regeling van de werktijden vallen én worden bezoldigd volgens salarisschaal 11 of hoger zoals opgenomen in bijlage IIa van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling voor de sector gemeenten (CAR), hebben ter zake van verricht overwerk geen aanspraak op het bedrag in geld als bedoeld in artikel 3:2:1, eerste lid CAR-UWO.
Artikel 4 Tijdelijke verhoging overwerktoeslag
1In verband met een daling van het bruto-uurloon van de medewerker in dienst gekomen bij de gemeente voor 1 januari 2011, wordt een (aflopende) extra toeslag geven op de overwerktoeslag waar de medewerker recht op heeft op basis van artikel 3:2:1 van de CAR-UWO.
2Deze extra toeslag bedraagt, vanaf 1 januari 2011:
•1e jaar: 10 % toeslag
•2e jaar: 7,5% toeslag
•3e jaar: 5% toeslag
•4e jaar: 2,5% toeslag
3De in het eerste en tweede lid genoemde tijdelijke extra vergoeding vervalt met ingang van 1 januari 2015.
Artikel 5 Maaltijd bij overwerk
1Voor de gemaakte kosten van een maaltijd kan een vergoeding worden verleend indien:
a.de werkzaamheden niet zijn voorzien;
b.er voor het nuttigen van de maaltijd geen gelegenheid is om naar huis te gaan;
c.de werkzaamheden tenminste voortduren tot 21.00 uur.
2De vergoeding, bedoeld in het tweede lid, bedraagt maximaal het bedrag van de dagcomponent, genoemd in artikel 5 van de Reisregeling Binnenland.
3Het declareren van de gemaakte kosten geschiedt onder overlegging van de vereiste bewijsstukken.
Artikel 6 Onvoorziene omstandigheden
In gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid voorziet, kan het college een bijzondere voorziening treffen.
Artikel 7 Citeertitel en inwerkingtreding
Deze regeling kan worden aangehaald als “Regeling overwerkvergoeding gemeente Vlaardingen ” en treedt in werking met ingang van 1 maart 2014. Op de datum van inwerkingtreding wordt de “Regeling overwerkvergoeding gemeente Vlaardingen ” vastgesteld op 31 januari 2012 ingetrokken.