Gemeentelijke regelgeving

Nota vrijstellingenbeleid artikel 19 WRO / projectbesluit

Gemeente Vlaardingen · geldt sinds 11 april 2008

Deel Nieuwe wetgeving

Artikel Beleidsregel 1

Uitgangspunt van het gemeentelijk ruimtelijk beleid is en blijft het bestemmingsplan. In het bestemmingsplan worden de ruimtelijke ontwikkelingen voor langere termijn vastgelegd. Op basis van dit gegeven worden in beginsel slechts vrijstellingsprocedures op grond van artikel 19 WRO gevoerd voor bouwplannen of gebruiksverzoeken die gelegen zijn in een gebied waarvoor een bestemmingsplan geldt dat ouder is dan 10 jaar en die het algemeen en/of maatschappelijk belang dienen.

Op deze beleidsregel kunnen uitzonderingen van toepassing zijn indien sprake is van een onvoorziene ontwikkeling en/of bijzondere omstandigheid. Hierover beslissen B&W.

Toelichting:

Het systeem van de WRO blijft uitgaan van bestemmingsplannen. Dit volgt uit het feit dat voor het verlenen van een vrijstelling van een bestemmingsplan ouder dan tien jaar, waarvoor door het college van gedeputeerde staten geen vrijstelling is verleend van de plicht het plan na tien jaar te herzien, nog steeds een voorbereidingsbesluit moet worden genomen. Met een dergelijk besluit wordt verklaard dat het bestemmingsplan zal worden herzien.

Met het in de wet opnemen van deze verplichting tracht de wetgever te bevorderen dat, ondanks de verruiming van de bevoegdheden op grond van artikel 19 WRO, het planologische beleid in beginsel in bestemmingsplannen wordt neergelegd.

Toepassing van deze eerste beleidsregel kan leiden tot een negatieve uitkomst voor een bouwplan dat ligt in een actueel bestemmingsplan.

Onder een actueel bestemmingsplan wordt hierbij verstaan een plan wat jonger is dan 10 jaar. Een uitzondering wordt gemaakt voor een onvoorziene ontwikkeling en/of een bijzondere omstandigheid.

Onvoorziene ontwikkelingen zijn vanuit hun aard niet goed te beschrijven. Wijziging van wetgeving kan in ieder geval worden genoemd. Een voorbeeld uit het verleden is de uit 2000 stammende Maatregel Klassenverkleining.

Met gewijzigde regelgeving kan in het bestemmingsplan geen rekening worden gehouden. Sterker, het mag ook niet. Zie hier de paradox voor het geval dat het bestemmingsplan ergens rekening mee zou willen houden bij wetenschap van toekomstige regelgeving.

Voorbeelden van bijzondere omstandigheden kunnen zijn: een langdurig onderhandelingsproces of eerder gedane toezeggingen, een bijzondere historische situatie in relatie tot het toekomstig beschermd stadsgezicht, het Actieplan Wonen of andere voorbeelden van algemeen maatschappelijk belang.

Artikel Beleidsregel 2

Er kan worden meegewerkt aan vrijstellingsprocedures ex artikel 19 WRO, voor een verzoek dat valt in een bestemmingsplan dat ouder is dan 10 jaar en voldoet aan de actuele planologische inzichten, zoals onder meer is neergelegd in de beleidsregel ‘erfbebouwing bij woningen in de gemeente Vlaardingen’ en voldoet aan het provinciaal beleid, zoals neergelegd in het besluit van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland van 9 oktober 2007, kenmerk PZH2007-456952, waarbij op grond van artikel 19, lid 2 WRO categorieën van gevallen zijn aangewezen waarvoor een algemene en een bijzondere verklaring van geen bezwaar is verleend.

Toelichting:

Een verzoek om verlening van een vrijstelling dient in elk geval te voldoen aan het gemeentelijk planologisch beleid. Het planologische beleid is immers uitgangspunt bij het actualiseren en herzien van bestemmingsplannen. Van een verouderd bestemmingsplan kan uitsluitend vrijstelling worden verleend, indien aan datzelfde planologisch beleid wordt voldaan, waarvan bij de herziening van bestemmingsplannen wordt uitgegaan. Het planologische beleid voor onder andere de erfbebouwing is neergelegd in de beleidsregel ‘Erfbebouwing bij woningen in de gemeente Vlaardingen’. Voor zover het verzoek betrekking heeft op erfbebouwing kan geen medewerking worden verleend, indien het verzoek een plan betreft dat gelegen is binnen een geactualiseerd bestemmingsplan waarin de erfregeling geacht wordt te zijn afgewogen en opgenomen.

In door het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland aangegeven gevallen is door dit college op voorhand een bijzondere verklaring van geen bezwaar verleend, mede gelet op het streven om administratieve en bestuurslasten terug te dringen en overbodige procedures te voorkomen. In die gevallen past het niet om vanuit de gemeente een barrière op te werpen en zal een beginselbereidheid bestaan om medewerking te verlenen. Er kunnen zich echter gevallen voordoen waarin de gemeente de eigen verantwoordelijkheid op dit terrein moet nemen ten nadele van verzoeker(s), vandaar de beginselbereidheid.

Artikel 20 van het Besluit op de ruimtelijke ordening geeft tenslotte een limitatieve opsomming van de gevallen waarin artikel 19, lid 3 WRO door burgemeester en wethouders kan worden toegepast. In de praktijk wordt dit zonder veel procedurele rompslomp ruim benut.

Artikel Beleidsregel 3

Indien voor een procedure ex artikel 19 leden 1 en 2 WRO een ruimtelijke onderbouwing in enigerlei vorm dient te worden opgesteld, kan de gemeente van de aanvrager verlangen dat deze hetzij de ruimtelijke onderbouwing, hetzij de benodigde gegevens daartoe aanlevert. De gemeente behoudt zich het recht voor om haar medewerking aan de betreffende vrijstellingsprocedure alsnog te weigeren, indien een aanvrager verzuimt de gevraagde gegevens aan te leveren.

Toelichting:

Deze beleidsregel houdt verband met de wettelijke eis van een goede ruimtelijke onderbouwing als genoemde in de leden 1 en 2 van artikel 19 WRO. Zonder een goede ruimtelijke onderbouwing kan immers de vrijstellingsprocedure voor deze leden niet worden vervolgd. Aangezien het samenstellen van een ruimtelijke onderbouwing een tijdrovende aangelegenheid betreft en overigens geheel in het belang van de aanvrager is, wordt er voor gekozen om de aanvrager aan de hand van een door de gemeente gehanteerde checklist zelf de ruimtelijke onderbouwing te laten aanleveren. Bijkomend voordeel voor de aanvrager is dat deze op dat moment de termijn van dit deel van de procedure ook zelf in de hand heeft.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.