Gemeentelijke regelgeving

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vlaardingen houdende regels omtrent prostitutie

Gemeente Vlaardingen · geldt sinds 22 juli 2021

1. Inleiding

1.1 Begrippenlijst

In dit beleid wordt verstaan onder:

-advertentie: elke commerciële uiting in een medium, die een seksbedrijf of een prostituee onder de aandacht van het publiek brengt;

-bevoegd bestuursorgaan: het college of, voor zover het betreft voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in artikel 174 van de Gemeentewet, de burgemeester;

-escortbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie in de vorm van bemiddeling tussen klant en prostituee;

-exploitant: de natuurlijke persoon of de bestuurder van een rechtspersoon of, voor zover van toepassing, de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijk persoon, voor wiens rekening en risico een seksbedrijf wordt uitgeoefend;

-klant: degene die gebruik maakt van de door een exploitant van een prostitutiebedrijf of een prostituee aangeboden seksuele diensten;

-leidinggevende: de natuurlijke persoon die door de exploitant is aangesteld voor de feitelijke leiding van een seksbedrijf;

-prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen betaling;

-prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen betaling;

-prostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het tot bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie;

-seksbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie of het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie in de vorm van bemiddeling tussen klant en prostituee of tot het verrichten van seksuele handelingen voor een ander tegen betaling of uit het bedrijfsmatig aanbieden van vertoningen van erotisch-pornografische aard in een seksinrichting van een seksbedrijf;

-seksinrichting: voor het publiek toegankelijke besloten ruimte, onderdeel van een seksbedrijf;

-werkruimte: als zelfstandig aan te merken onderdeel van een seksinrichting waarin de seksuele handelingen met een ander tegen betaling worden verricht.

2. Vergunning

2.1 Vergunningplichtige activiteiten

Voor het vestigen van een seksbedrijf in Vlaardingen geldt een vergunningplicht. Een vergunningsplicht is relevant voor het toewerken naar een beheersbare seksbranche en het creëren van een barrièremodel voor misstanden en mensenhandel. Een vergunningplicht speelt een belangrijke rol bij het beschermen van de openbare orde, veiligheid en het woon- en leefklimaat.

2.2 Toetsingscriteria

Een aanvraag voor een vergunning voor een seksbedrijf wordt getoetst aan geldende wet- en regelgeving. Voor de beoordeling van een vergunningaanvraag gelden de criteria die zijn opgenomen onder afdeling 2 van de Algemene Plaatselijke Verordening (hierna: APV). Daarbij geldt een maximum van één seksbedrijf binnen de gemeente Vlaardingen. De vergunning wordt geweigerd als er al een vergunning is verleend voor een seksbedrijf. Wanneer sprake is van een bij het seksbedrijf behorende seksinrichting gelden ook criteria voor de locatie en het pand.

Wet Bibob

Prostitutiebedrijven zijn een kwetsbare branche gezien de relatie met strafbare feiten zoals uitbuiting en mensenhandel. Elke aanvraag voor een beschikking in de zin van hoofdstuk 3 van de APV wordt getoetst aan de Wet Bibob.

3. Aanpak misstanden

3.1 Verantwoordelijkheid exploitant

Een belangrijk onderdeel van het nieuwe beleid is dat een exploitant van een prostitutie- of escortbedrijf wordt verplicht een bedrijfsplan op te stellen. Deze verplichting is verankerd in artikel 3:15 van de APV. In het bedrijfsplan moet een exploitant omschrijven welke maatregelen worden getroffen op het gebied van:

•hygiëne

•bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het zelfbeschikkingsrecht van de prostituees

•bescherming van de gezondheid van de klanten

•voorkoming van strafbare feiten

De uitwerking van de maatregelen hangt af van het soort bedrijf en de omvang van het bedrijf. Het is aan de exploitant om de maatregelen toe te spitsen op zijn werkelijke wijze van exploitatie. Het bedrijfsplan moet daarbij inzicht geven in de daadwerkelijk gekozen vormgeving en maatregelen om bovenstaande belangen in acht te nemen en te beschermen.

Het bedrijfsplan wordt bij de vergunningaanvraag door de gemeente en de AVIM getoetst. Wanneer het bedrijfsplan niet aan de vereisten voldoet, wordt de vergunning geweigerd. Als een exploitant zich niet houdt aan de in het bedrijfsplan opgenomen maatregelen, kan dit gevolgen hebben voor de vergunning.

De exploitant van een seksbedrijf is verplicht zorg te dragen voor een deugdelijke bedrijfsadministratie. Deze bedrijfsadministratie moet actuele gegevens bevatten over de prostituees die voor het prostitutiebedrijf werkzaam zijn, de verhuuradministratie en de werkroosters van de leidinggevenden. Hierdoor kan de toezichthouder beoordelen of er geen onredelijk aantal uren wordt gewerkt door prostituees en of er voldoende rekening wordt gehouden met de aanwezigheidsplicht van een exploitant of leidinggevende. De bedrijfsadministratie moet altijd beschikbaar zijn voor de toezichthouder. Het vereiste van het voeren van een deugdelijke bedrijfsadministratie volgt uit artikel 3:17, tweede lid van de APV en moet bijdragen aan het signaleren van misstanden.

5. Handhaving

5.1 Algemene uitgangspunten bij illegale prostitutie

Exploiteren niet conform inrichtings- en gebruikseisen

Voor seksbedrijven gelden nadere regels met betrekking tot de constructieveiligheid, brandveiligheid, werkruimten en verblijfruimten in het seksbedrijf.

Ernstig gevaar voor de verspreiding van infectieziekten

Artikel 47 van de Wet publieke gezondheid geeft de burgemeester de bevoegdheid om maatregelen te nemen om het gevaar van verspreiding van infectiezieken te voorkomen, zoals het sluiten van een seksinrichting of deze te ontsmetten of door het opleggen van voorschriften van technisch-hygiënische aard. De burgemeester treft deze maatregelen op advies van de directeur GGD Rotterdam-Rijnmond.

Toelichting verantwoordelijkheid exploitant bij signalen van misstanden

De exploitant van een seksbedrijf is ervoor verantwoordelijk dat er geen misstanden plaatsvinden vanuit zijn/haar bedrijf. Wanneer misstanden worden geconstateerd wordt zeer kritisch naar de rol van de exploitant en leidinggevenden gekeken. Bij nalatigheid en/of verwijtbaarheid van de exploitant en/of leidinggevende(s) wordt de vergunning per direct ingetrokken. Dit geldt ook wanneer vermoedens van misstanden niet direct aan de gemeente of de AVIM zijn gemeld.

Bij de gevallen waar geen sprake is van nalatigheid en/of verwijtbaarheid wordt gekeken naar de feiten en omstandigheden van de onderneming. Hierbij wordt bijvoorbeeld gekeken naar de historie van de exploitatie, de maatregelen die worden getroffen om misstanden te voorkomen en de relatie tot de toezichthouder ten aanzien van informatie-uitwisselingen en het bespreken van signalen van misstanden.

Toelichting in strijd handelen met bedrijfsplan

Ter bescherming en verbetering van de positie van de prostituee en klanten is het van belang dat seksbedrijven exploiteren conform de maatregelen zoals beschreven in het bedrijfsplan. De burgemeester is bevoegd hierop te handhaven.

Toelichting in strijd handelen met eisen advertenties

Het is conform artikel 3:13 van de APV verboden om met onveilige seks te adverteren of in advertenties te garanderen dat prostituees, die voor het bedrijf werken, vrij zijn van seksueel overdraagbare ziektes. Daarnaast moet in elke advertentie het in de vergunning vermelde telefoonnummer van het bedrijf, de bedrijfsnaam en het vergunningkenmerk vermeld worden. Op deze manier kan de toezichthouder achterhalen om welk bedrijf het gaat en in welke gemeente de vergunning is afgegeven.

5.2 Bijzondere uitgangspunten bij illegale prostitutie

Illegale prostitutie onttrekt zich aan elke vorm van toezicht en is daardoor kwetsbaar voor misstanden, zoals mensenhandel en uitbuiting. Er wordt dan ook bestuursrechtelijk opgetreden tegen illegale prostitutie door zowel maatregelen te treffen ten aanzien van de overtreder als de faciliteerder. Als op bedrijfsmatige wijze prostitutie wordt aangeboden zonder benodigde vergunning dan is sprake van illegale prostitutie. Tegen straat- en raamprostitutie wordt zowel strafrechtelijk als bestuursrechtelijk tegen de overtreder opgetreden en wordt het betreffende pand gesloten. Wanneer bedrijfsmatige prostitutie plaatsvindt in een pand zonder dat er een vergunning is verleend, kan de handhaving zich richten op het pand en/of op de personen die als overtreders of faciliteerder worden aangemerkt.

Toelichting bij sluiting

Wanneer een eigenaar van het pand waar de illegale seksinrichting in wordt geëxploiteerd zelf betrokkenheid heeft bij de exploitatie, worden er drie maanden opgeteld bij de sluitingsduur. De eigenaar behoudt namelijk de volledige beschikking op het pand, wat de kans op recidive vergroot.

Aanwijzingen van georganiseerde criminaliteit zoals het aantreffen van munitie, een (vuur)wapen, professionele aansturing van prostituees of andere illegale activiteiten zoals drugshandel of illegale goktoernooien, zijn ook verzwarende omstandigheden. Dan worden zes maanden opgeteld bij de sluitingsduur zoals hierboven vermeld.

Wat betreft de duur van de maatregelen bij illegale prostitutie is aansluiting gezocht bij beleid voor een andere vorm van ondermijnende criminaliteit, namelijk drugshandel. Alhoewel de te beschermen belangen in concreto andere zijn, is ook bij deze panden van belang de bekendheid als seksinrichting ervan weg te nemen, de rust in de omgeving te laten wederkeren en de kans op recidive zo klein mogelijk te maken. Daarnaast speelt de signaalwerking die uitgaat van het opleggen van een sluitingsmaatregel ook een grote rol.

Spoedsluiting

In de gevallen waarbij prostituees worden aangetroffen die eerder vanwege illegale prostitutie met de AVIM of het Regionaal controleteam Prostitutie en Mensenhandel (hierna: Controleteam) in aanraking zijn geweest, wordt een spoedsluiting toegepast, vanwege de bewezen grote kans op recidive. Ook kan een spoedsluiting toegepast worden wanneer de aangetroffen prostituee onder dubieuze en/of ongewenste omstandigheden werkzaam is. Een (spoed)sluiting houdt in dat het betreffende pand binnen een half uur nadat het onderzoek door de AVIM en/of het Controleteam is afgerond, wordt gesloten middels het aanbrengen van een afschrift van het bevel op of nabij de toegang of toegangen van de seksinrichting, vervanging van de sloten en verzegeling van het pand. Deze toepassing wordt nadien op schrift gesteld.

Sluiten van een pand met een woonbestemming

Wanneer een pand met een woonbestemming als prostitutiebedrijf wordt gebruikt, wordt het pand feitelijk niet meer als woning gebruikt en fungeert het pand als een seksinrichting. Als blijkt dat er sprake is van een illegale situatie vanuit een pand met een woonbestemming, wordt de illegale situatie beëindigd door een sluiting. Naast het belang voor de sekswerkers zelf, is het niet wenselijk dat in woonwijken illegale seksinrichtingen worden geëxploiteerd. Dit geeft omwonenden een onprettig en onveilig gevoel, kan leiden tot geluidsoverlast en wantoestanden op straat. Het doel van een sluiting is het herstel van de openbare orde, de veiligheid, de woon- en leefsituatie en de zedelijkheid. Ook wordt de loop naar een pand voor illegale activiteiten (en het faciliteren daarvan) eruit gehaald. De naamsbekendheid van een pand met een woonbestemming voor dergelijke activiteiten moet worden doorbroken. Daarnaast speelt de signaalwerking die uitgaat van het opleggen van een sluitingsmaatregel ook een grote rol. In principe gaat de burgemeester over tot sluiting van het pand voor de duur van drie tot zes maanden, tenzij er verzwarende omstandigheden zijn of als er sprake is van recidive.

Verzoek en eisen opheffen sluiting

Door een belanghebbende kan aan de burgemeester tussentijds schriftelijk worden verzocht de sluiting op te heffen. Als hoofdvereiste geldt dat in de regel alleen tot opheffing van een sluiting kan worden besloten als sprake is van een verzoek van een belanghebbende waarin gemotiveerd wordt aangegeven dat het op basis van nieuwe feiten en omstandigheden en maatregelen aannemelijk is dat er niet opnieuw een illegale seksinrichting wordt geëxploiteerd in of vanuit het desbetreffende pand. Bij de beoordeling van het verzoek, kan de burgemeester een advies van het AVIM vereisen over het al dan niet opheffen van de sluiting. Aan het opheffen van een sluiting wordt in de regel geen medewerking verleend eerder dan de in de onderstaande tabel genoemde periode:

Sluitingsduur

Verzoek opheffing in behandeling na

3maanden

6weken

6maanden

3maanden

1jaar

6maanden

onbepaalde duur

6maanden

5.3 Handhavingsarrangement

Overtreding

Overtreding 1

Overtreding 2

Overtreding 3

Overtreding 4

Art. 3:3 lid 1 APV

Exploiteren seksbedrijf zonder vergunning

Sluiting voor drie maanden

Sluiting voor 6 maanden

Sluiting voor 12 maanden

Sluiting onbepaalde tijd

Art. 3.18 APV

Verbod op raamprostitutie

Sluiting voor onbepaalde tijd

Art. 3.9 lid 1, onder d APV

Zich binnen het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen, dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar oplevert voor de openbare orde of veiligheid

Sluiting van de inrichting voor maximaal 6 maanden en/of intrekking van de vergunning afhankelijk van zwaarte incident

Sluiting van de inrichting voor onbepaalde tijd en

Intrekking van de vergunning

Art. 3.12, lid 1, onder a en b APV

Het toelaten van bezoekers na sluitingstijd of tijdens een opgelegde sluiting

Bestuurlijke waarschuwing

Sluiting 1 maand

Sluiting 3 maanden

Intrekken vergunning

Art. 3:13, onder c APV

Het aanbieden van onveilige seks of te garanderen dat prostituees die voor of bij het betreffende bedrijf werken, vrij zijn van seksueel overdraagbare aandoeningen;

Schorsing van de vergunning voor 1 maand

Schorsing van de vergunning voor 3 maanden

Intrekking vergunning

Art. 3.14, lid 1, onder a APV

In het seksbedrijf werken personen die de leeftijd van 18 jaar niet hebben bereikt, of als het om prostituees gaat de leeftijd van 21 jaar niet hebben bereikt.

Intrekken vergunning

Art. 3.14, lid 1, onder a APV

In het seksbedrijf werken personen die verblijven of werken in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000.

Schorsing vergunning voor 3 maanden

Intrekking vergunning

Art. 3.15 APV

Er is gehandeld in strijd met de in het bedrijfsplan beschreven maatregelen.

Is sprake van opzet: Schorsing van de vergunning voor 1 maand

Is geen sprake van opzet: Bestuurlijke waarschuwing, waarbij de exploitant verzocht wordt het bedrijfsplan te actualiseren

Schorsing van de vergunning voor 3 maanden

Intrekking vergunning

Art. 3.15 lid 6 APV

In de seksinrichting moet in ten minste twee talen en voor de klant goed zichtbaar bekend gemaakt zijn, dat een prostituee klanten en diensten mag weigeren en mag weigeren alcohol of drugs te gebruiken.

Bestuurlijke waarschuwing

Schorsing van de vergunning voor 1 maand

Schorsing van de vergunning voor 3 maanden

Intrekken vergunning

Art. 3.17, lid 1 APV

Geen leidinggevende aanwezig

Bestuurlijke waarschuwing

Last onder dwangsom

Verbeuren dwangsom

Verbeuren dwangsom

Art. 3.17, lid 2, onder a APV Prostituees kunnen redelijkerwijs niet hun eigen werktijden bepalen.

Schorsing van de vergunning voor 1 maand

Schorsing van de vergunning voor 3 maanden

Intrekking vergunning

Art. 3.17, lid 2, onder b en c APV Er is geen deugdelijke bedrijfsadministratie gevoerd, is niet bewaard volgens de wettelijke termijnen of is niet beschikbaar voor de toezichthouder.

Schorsing van de vergunning voor 1 maand

Schorsing van de vergunning voor 3 maanden

Intrekking vergunning

Art. 3.17, lid 2, onder e APV Wanneer signalen van mensenhandel of andere vormen van dwang of uitbuiting niet direct bij de politie zijn gemeld.

Intrekking vergunning

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.