Gemeentelijke regelgeving

Beleid toepassing Hoofdstuk 3 van de Algemene plaatselijke verordening 1998

Gemeente Vlaardingen · geldt sinds 1 oktober 2000

Aanhef

Burgemeester en wethouders van Vlaardingen;

Overwegende dat het gewenst is een beleid vast te stellen ten aanzien van het gebruik van de aan het college in hoofdstuk 3 van de Apv 1998 toegekende bevoegdheden tot het verlenen van vergunningen voor de exploitatie van seksinrichtingen en wat dies meer zij, in Vlaardingen;

Gezien het besluit van de Raad der gemeente Vlaardingen van 13 september 2000 en de

behandeling hiervan in de raadscommissie voor Algemene en Bestuurlijke Zaken van 4

september 2000;

Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en Hoofdstuk 3 van de Apv 1998, hebben in hun vergadering van 26 september 2000

Besloten:

Artikel I

Vast te stellen het volgende beleid inzake vergunningaanvragen voor de exploitatie van seksinrichtingen: 1. in gevallen waarin het college het bevoegde bestuursorgaan is, wordt de vergunning geweigerd.

2mochten er toch dwingende redenen zijn om over te gaan tot toetsing van de vergunningaanvraag, dan zullen de, door de burgemeester voor de toepassing van zijn bevoegdheid opgestelde, beleidsregels analoog worden toegepast.

Artikel II

Te bepalen dat dit beleid in werking treedt op 1 oktober 2000.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.