Gemeentelijke regelgeving

Subsidieregeling aanvullend aanbod Onderwijskansenbeleid gemeente Vijfheerenlanden 2026

Gemeente Vijfheerenlanden · geldt sinds 14 mei 2026

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Vijfheerenlanden;

Overwegende dat:

•het College van Vijfheerenlanden ernaar streeft alle kinderen een goed start te bieden om hun volledige potentieel in het onderwijs te kunnen bereiken;

•hiervoor een kwalitatief hoog aanvullend aanbod van voorschoolse educatie (VE) voor alle(doelgroep)peuters tussen de 2 en 4 jaar in haar gemeente wenselijk is;

•de Nadere regels subsidie aanvullend aanbod OAB gemeente Vijfheerenlanden 2023 van rechtswege vervallen op 1 april 2026 en dat een verlenging van de regels benodigd is, aangevuld met enkele wijzigingen;

•De regeling treedt in werking 1 dag na bekendmaking en heeft terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2026.

Gelet op:

•Titel 4.2 en 4.4 van de Algemene wet bestuursrecht;

•artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Vijfheerenlanden 2020;

•Wet kinderopvang;

•Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang;

•Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie;

•artikel 160, 161 en 167 van de Wet op het primair onderwijs (Wpo).

Vast te stellen de volgende regeling:

Subsidieregeling aanvullend aanbod Onderwijskansenbeleid gemeente Vijfheerenlanden 2026

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze nadere regeling wordt verstaan onder:

a) Algemene subsidieverordening (ASV): de algemene subsidieverordening gemeente Vijfheerenlanden.

b) Aanvullend aanbod OKB: activiteiten, anders dan peuteropvang met voorschoolse educatie, die plaatsvinden om de kansengelijkheid van het jonge kind te vergroten en die bijdragen aan de doelstellingen van het “Onderwijskansenbeleid voor- en vroegschoolse educatie 2026-2029”.

c) College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vijfheerenlanden.

d) Houder: de rechtspersoon aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet toebehoort, waarbij onder “onderneming” wordt begrepen een locatie die in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) is opgenomen als kinderverblijf met een VE-registratie.

e) OKB: het gemeentelijk Onderwijskansenbeleid voor- en vroegschoolse educatie 2026-2029.

f) Subsidie aanvullend aanbod OKB: een subsidie die verstrekt wordt om aanvullend aanbod OKB te financieren.

g) Subsidieplafond: het bedrag dat jaarlijks ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies voor bepaalde activiteiten.

Artikel 2. Reikwijdte

Deze regeling is van toepassing op aanvragen voor een subsidie aanvullend aanbod OKB, in beginsel alleen voor organisaties en activiteiten die genoemd zijn in de bijlage, tenzij het om een eenmalige aanvraag gaat.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten

Subsidie wordt uitsluitend verleend aan Houders voor:

1het aanbieden van Opstapje voor kinderen tussen 16 maanden en 2 jaar;

2het aanbieden van een Ouderkamer (alleen de personeelskosten na 2026) voor ouders van kinderen die opvang afnemen op VE-locaties met een hoog percentage doelgroepkinderen;

3het aanbieden van Bibliotheekvoorzieningen (Boekstart, de Bieb op school) tot ingang nieuwe bibliotheekwet.

Artikel 4. Subsidiecriteria

1De Houder draagt er zorg voor dat bij de uitvoering van de subsidiabele activiteiten de medewerkers die de activiteiten coördineren, dan wel uitvoeren aan de kwalificaties die voor een specifieke activiteit vereist zijn, voldoen.

2Voor deze subsidieregeling is geen los beoordelingskader. De subsidie wordt verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan de door de gemeente Vijfheerenlanden vastgestelde kwaliteitseisen. De gesubsidieerde activiteiten dienen aantoonbaar bij te dragen aan minimaal één van de doelstellingen van het Onderwijskansenbeleid gemeente Vijfheerenlanden 2026-2029.

Artikel 5. Aanvraag

1Een Houder vraagt jaarlijks subsidie aan bij het college door gebruik te maken van een door de gemeente beschikbaar gesteld format;

2Voor de aanvraag van de subsidie levert de Houder naast het in lid 1 gestelde (in ieder geval) de volgende gegevens;

a.een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

b.de doelen en resultaten die daarmee worden nagestreefd.

c.hoe de activiteiten daaraan bijdragen.

3De subsidieaanvraag dient digitaal te worden ingediend bij de gemeente via de website van de gemeente Vijfheerenlanden.

4Een aanvraag om subsidie kan, in afwijking van de ASV, worden ingediend vanaf 1 september tot uiterlijk 31 oktober voorafgaand aan het betreffende subsidiejaar.

Artikel 6. Beslistermijn

1Het college beslist binnen op zijn vroegst zes weken nadat de volledige aanvraag om subsidie is ingediend tot uiterlijk 31 december voorafgaand aan betreffende subsidiejaar.

2Het college kan dit besluit met ten hoogste dertien weken verdagen. Het college stelt de aanvrager hiervan schriftelijk in kennis.

Artikel 7. Subsidieduur

1De subsidie wordt verstrekt per kalenderjaar, voor een periode van maximaal 40 (school)weken in dat kalenderjaar.

Artikel 8. Verdeelcriteria

1Subsidie wordt verdeeld naar rato van de binnengekomen subsidieaanvragen. Indien het plafond wordt overschreden zal evenredige verdeling over de groepen op basis van alle aanvragen plaatsvinden.

2Subsidieaanvragen voor de in bijlage 1 genoemde activiteiten hebben voorrang op eenmalige aanvragen.

Artikel 9. Verlening, voorschotten, betaling

1Op aanvraag van de houder neemt het college een besluit over verlening van de voorlopige subsidie.

2De verleende subsidie wordt in halfjaarlijkse voorschotten in januari en juli van het lopende subsidiejaar betaald.

3Berekening van het subsidievoorschot per halfjaar vindt plaats op de wijze zoals aangegeven in deze regeling met dien verstande dat de subsidiabele uren voor het desbetreffende halfjaar voor de berekening in aanmerking worden genomen.

Artikel 10. Verantwoording

1Voor 1 juni van het jaar, dat volgt op het betrokken kalenderjaar waarvoor de subsidie is verleend, dient de Houder een aanvraag tot vaststelling in.

2Bij aanvragen die een afwijkende looptijd hebben, dient de Houder een aanvraag tot subsidievaststelling binnen 8 weken na beëindiging van de activiteit waarvoor subsidie is verleend in.

3Voor de verantwoording van de subsidie levert de Houder naast het in lid 1 gestelde een inhoudelijk verslag aan van maximaal 2 A4 waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan. Dit verslag bevat in ieder geval een vergelijking tussen de nagestreefde en de gerealiseerde resultaten, prestaties of activiteiten en een toelichting op de verschillen. Het verslag is gerelateerd aan het ingediende activiteitenplan bij de aanvraag. Dit met een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant.

4De Houder vergezelt de verantwoording van een door een accountant goedgekeurde jaarrekening.

Artikel 11. Vaststelling

1Het college stelt een subsidie vast binnen zes maanden na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling.

2Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip, bedoeld in artikel 10 lid 1 is ingediend, kan het college de Houder schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Als de aanvraag niet binnen deze termijn wordt ingediend, kan het college overgaan tot ambtshalve vaststelling.

3Het college vordert onverschuldigd betaalde subsidie terug.

4Periodiek kan een controle uitgevoerd worden door de gemeente, waarbij de volgende gegevens gecontroleerd worden:

a.een gedagtekende overeenkomst tussen de Houder en de ouder(s)/verzorger(s) van het kind;

b.het in de overeenkomst opgenomen aangeboden aanvullend aanbod;

c.een indicatieformulier voor het aangeboden aanvullend aanbod van peuters met een VVE-indicatie.

Artikel 12. Subsidieplafond

1Voor activiteiten op het gebied van onderwijsachterstandenbeleid ontvangt de gemeente jaarlijks van het Rijk een specifieke uitkering. De hoogte van deze uitkering minus de uitgaven voor voorschoolse educatie, peuteropvang en coördinatie, aangevuld met een eventueel overschot uit voorgaand jaar, bepaalt het subsidieplafond voor het aanvullend aanbod OKB.

2Het college stelt voor 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar het subsidieplafond voor dat subsidiejaar vast. Voor het jaar 2027 doet het college dat voor 1 oktober 2026.

Artikel 13. Weigeringsgronden

1Onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht en de weigeringsgronden genoemd in artikel 6 van de ASV, weigert het college de subsidie in ieder geval indien niet voldaan wordt aan de voorwaarden genoemd in deze regeling.

2Het college kan een subsidie aanvraag weigeren indien het college heeft vastgesteld dat er conform artikel WPO 159 reeds voldoende voorzieningen in aantal en spreiding zijn in de gemeente om haar wettelijke taken uit te kunnen voeren.

Artikel 14. Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van hetgeen bij of krachtens deze subsidieregeling is bepaald, als daaraan vasthouden voor een subsidie-aanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de daarmee te dienen belangen.

Artikel 15. Inwerkingtreding en citeertitel

1De regeling treedt in werking 1 dag na bekendmaking en heeft terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2026.

2De Nadere regels subsidie aanvullend aanbod OKB gemeente Vijfheerenlanden 2023 worden ingetrokken.

3Dit besluit wordt aangehaald als Subsidieregeling aanvullend aanbod Onderwijskansenbeleid gemeente Vijfheerenlanden 2026.

Bijlage 1 : Tarieven bij de Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse educatie, gemeente Vijfheerenlanden 2026

1Het subsidiabel uurtarief voor reguliere peuteropvang als bedoeld in artikel 8 subsidie reguliere peuteropvang is gebaseerd op het fiscaal maximum en wordt berekend zoals in tabel 1:

Tabel 1:

Ouders recht op kinderopvangtoeslag

Uurtarief vanaf 0 tot en met 8 uur per week

Nee

€ 11,23 (fiscaal maximum) minus - ouderbijdrage

2Het maximum subsidiabel uurtarief voor voorschoolse educatie (VE) als bedoeld in artikel 9 subsidie voorschoolse educatie bedraagt: € 13,45 (€ 11,23 + € 2,22). Het geldende uurtarief wordt berekend zoals in tabel 2:

Tabel 2:

Ouders recht op kinderopvangtoeslag

Uurtarief van 0 tot en met 8 uur

Uurtarief vanaf 8 tot en met 16 uur

Ja

€ 13,45 - ouderbijdrage

Met VVE-indicatie: € 11,23

Nee

€ 13,45 - ouderbijdrage

Met VVE-indicatie: € 11,23

3De hoogte van de subsidie voor voorschoolse educatie in kleine kernen als bedoeld in artikel 10 subsidie voorschoolse educatie in kleine kernen bedraagt: € 8.608,- (€ 13,45 x 640).

4Het uurtarief voor een hbo-coach/beleidsmedewerker als bedoeld in artikel 11 hoogte van de subsidie voor de wettelijk verplichte hbo-beleidsmedewerker VE bedraagt: € 50,37.

5De hoogte van de subsidie voor de zware doelgroeplocaties bedraagt 8u x 40 wkn x € 43,72 (uurtarief pp-er).

6Het uurtarief voor een pedagogisch medewerker als bedoeld in artikel 12 hoogte van de subsidie voor zware doelgroeplocaties bedraagt: € 43,72.

7De hoogte van de subsidie voor Peuterplus-opvang als bedoeld in artikel 13 hoogte van de subsidie voor het bieden van Peuterplus-opvang bedraagt: € 60.256 (€ 13,45 x 640 x 7).

8Het uurtarief voor een pedagoog als bedoeld in artikel 14 hoogte van de subsidie voor de extra inzet van een pedagoog bedraagt: € 50,37.

9De hoogte van de subsidie voor het aanbieden van Opstapje bedraagt max € 16.680,- (excl. huisvestingskosten) per groep op locaties met voorschoolse educatie.

10De hoogte van de subsidie voor het aanbieden van een ouderkamer bedraagt € 4.854,- (excl. huisvestingskosten) per locatie met voorschoolse educatie.

11De inkomensafhankelijke eigen bijdrage als bedoeld in artikel 15 ouderbijdrage is te vinden in onderstaande VNG-adviestabel:

In de tabel wordt voor de laagste inkomensgroepen een eigen bijdrage per uur gerekend, in Vijfheerenlanden wordt voor deze groep de bijdrage op € 0,00 gesteld.

Adviestabel ouderbijdrage peuteropvang 2026

Gezamenlijk toetsingsinkomen gezin 2026

Ouderbijdrage peuteropvang 2026 per uur

1ekind

2ekind

lager dan

€ 24.149

€ 0,45 (2025: € 0,43)

€ 0,45 (2025: € 0,43)

€ 24.150

€ 37.129

€ 0,45 (2025: € 0,43)

€ 0,45 (2025: € 0,43)

€ 37.130

€ 51.092

€ 0,45 (2025: € 0,44)

€ 0,45 (2025: € 0,43)

€ 51.093

€ 69,49

€ 0,61 (2025: € 0,89)

€ 0,48 (2025: € 0,58)

€ 69.493

€ 99.889

€ 1.97 (2025: € 2,23)

€ 0,80 (2025: € 0,88)

€ 99.890

€ 138.420

€ 4,28 (2025: € 4,43)

€ 1,32 (2025: € 1,37)

€ 138.421

en hoger

€ 6,89 (2025: € 6,91)

€ 2,56 (2025: € 2,56)

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.