Tekst
Het opleidingsbudget is bedoeld als aanvulling op het reguliere inwerk- en opleidingsprogramma (KennispaRaad) dat de griffie voor alle raads- en commissieleden verzorgt. Het gaat dus om wensen tot niet-partij politiek georiënteerde scholing voor individuele fracties of raadsleden.
Voorwaarden voor het opleidingsbudget
1Raads- en commissieleden kunnen aanspraak maken op het budget;
2De opleiding moet een bijdrage leveren aan de kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol;
3De opleiding voorziet in een behoefte van een individuele fractie of individueel raads- of commissielid; Indien de behoefte aan een bepaalde opleiding bij meerdere fracties leeft, kan het onderwerp opgenomen worden in het reguliere inwerk- en opleidingsprogramma KennispaRaad dat door de griffie wordt verzorgd.
4Het opleidingsbudget is tevens bedoeld voor (een bijdrage in) de kosten van het bijwonen van congressen door individuele raads- en commissieleden.
5Bij een aanspraak op het opleidingsbudget moet aangetoond worden dat de prijs-kwaliteitsverhouding van de desbetreffende opleiding redelijk is.
6De kosten van de scholing niet al op een andere basis kunnen worden betaald.
Werkwijze voor het opleidingsbudget
1De raad stelt de omvang van het jaarlijks beschikbare budget vast.
2De griffier beheert het opleidingsbudget.
3De aanvragen kunnen het hele jaar door ingediend worden bij de griffier.
4Benutting van het budget gaat volgens het principe: op=op.
5De agendacommissie/presidium beoordeelt de aanvragen van fracties en raadsleden (op basis van een advies van de griffier).
Evaluatie van het opleidingsbudget
-Na afloop van het eerste jaar wordt de omvang en het gebruik, de voorwaarden en werkwijze van het opleidingsbudget geëvalueerd.