Aanhef
Burgemeester en wethouders van de gemeente Venlo;
gezien het voorstel van 28 september 2026;
Gelet op artikel 1:3 lid 4 en Titel 4:3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), de Wet kinderopvang (Wko) en het Besluit Kwaliteit Kinderopvang (BKK) en artikel 156 Gemeentewet
overwegende, dat steeds meer voorscholen en basisscholen peuter-kleuteraanbod zien als een manier om de soepele overgang en ononderbroken ontwikkellijn van kinderen te bevorderen. De belangstelling voor peuter-kleuteraanbod groeit, maar de huidige wettelijke kaders bieden weinig ruimte. Met deze beleidsregel wordt de mogelijkheid geboden om op locaties te experimenteren met peuter-kleuteraanbod.
besluiten:
Vast te stellen de beleidsregel peuter-kleuteraanbod gemeente Venlo
Artikel 1. Doel Peuter-kleuteraanbod
1Het bieden van een passend aanbod dat aansluit bij de ontwikkelingsleeftijd van het kind
2Het versterken van de doorgaande lijn tussen de voorschool en de basisschool
3Het bevorderen van een geleidelijke en soepele overgang van de voorschool naar de basisschool
4Het versterken van de samenwerking tussen de voorschool en de basisschool
Artikel 2. Pedagogische randvoorwaarden
Voor het peuter-kleuteraanbod gelden de volgende pedagogische randvoorwaarden:
1Er wordt gezorgd voor een veilige en vertrouwde groepsomgeving met vaste begeleiders, een vaste groep kinderen, een herkenbare groepsruimte en een duidelijke dagstructuur.
2De speel- en leeromgeving sluit aan bij het ontwikkelingsniveau van de kinderen en stimuleert hun ontwikkeling spelenderwijs.
3Professionals worden gecoacht door een pedagogisch coach, (onderbouw)coördinator of intern begeleider, met als doel het waarborgen en versterken van de pedagogische en educatieve kwaliteit en de doorgaande lijn.
Artikel 3. Organisatorische randvoorwaarden
Voor de inrichting en uitvoering van het peuter-kleuteraanbod gelden de volgende organisatorische voorwaarden:
1De kinderopvangorganisatie voldoet aan de eisen zoals gesteld in de Wet Kinderopvang en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.
2De basisschool is door de Inspectie van het onderwijs minimaal als voldoende beoordeeld;
3Er is sprake van een gezamenlijke pedagogische en educatieve visie op het jonge kind
4Er is een beleidsplan voor het peuter-kleuteraanbod. Dit beleidsplan bevat ten minste:
a.De meerwaarde van het peuter-kleuteraanbod op de betreffende locatie
b.De criteria voor plaatsing
c.Het proces van in- en uitstroom
d.De wijze waarop ouders worden betrokken
e.De pedagogische en educatieve aanpak op hoofdlijnen
f.De beoogde resultaten en effecten
g.De wijze waarop resultaten, effecten en doelen worden gemonitord
h.De evaluatie van resultaten, effecten en doelen
5Het peuter-kleuteraanbod is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de voorschool en de basisschool: beide partijen leggen op papier vast hoe de verantwoordelijkheden en taken zijn verdeeld.
6Halfjaarlijks worden de doelstellingen en de gemaakte afspraken over werkwijze en samenwerking geëvalueerd in overleg met de Gemeente.
Artikel 4. Eisen peuter-kleutergroep
Voor de inrichting en uitvoering van het peuter-kleuteraanbod gelden de volgende eisen:
1De voorschool en basisschool stellen gezamenlijk een beleidsplan op, zoals bedoel in artikel 3 vierde lid (organisatorische randvoorwaarden), en verstrekken hiervan een afschrift aan de gemeente.
2Deelname van een kind vindt uitsluitend plaats met schriftelijke toestemming van de ouders/verzorgers.
3De minimumleeftijd voor instroom bedraagt 3 jaar. De maximumleeftijd voor uitstroom is 5 jaar. Er wordt een uitzondering gemaakt voor kinderen die een ontwikkelingsachterstand vertonen. Bij plaatsing en uitstroom wordt altijd gekeken naar de ontwikkelingsleeftijd en de individuele behoeften van het kind.
4De groepsgrootte bedraagt, conform de Wet Kinderopvang, maximaal 16 kinderen.
5In de peuter-kleutergroep zijn minimaal één onderwijsprofessional en één professional uit de kinderopvang werkzaam. De onderwijsprofessional is gespecialiseerd in het jonge kind en de pedagogisch medewerker is VVE-gecertificeerd.
6De ontwikkeling van de kinderen wordt structureel en intensief gevolgd en besproken. Het aanbod wordt hierop afgestemd, inclusief eventuele extra ondersteuningsbehoeften.
7Indien blijkt dat de peuter-kleutergroep niet passend is voor een kind, kan het kind te allen tijde terugstromen naar een reguliere stamgroep binnen de peuteropvang.
8Er wordt actief gewerkt aan een doorgaande lijn naar regulier groep 1-onderwijs, waarbij centraal staat wat het kind nodig heeft om succesvol te kunnen starten in groep 1.
9De voorschool en de basisschool dient medewerking te verlenen aan evaluaties, effectmetingen en kennisuitwisseling wanneer dat gevraagd wordt.
Artikel 5. Rol en verantwoordelijkheden gemeente
1Deze beleidsregel is van toepassing op peuter-kleuteraanbod die worden uitgevoerd op locaties binnen de gemeente Venlo.
2De gemeente bepaalt de looptijd en besluit op basis van evaluatie over voortzetting, uitbreiding of beëindiging.
3De gemeente beoordeelt of een locatie in aanmerking komt voor het aanbieden van een peuter-kleutergroep op basis van de vastgestelde beleidscriteria. Hierbij wordt onder meer gekeken naar de gezamenlijke pedagogische en educatieve visie, de samenwerking tussen voorschool en basisschool en de kwaliteit van het aanbod.
4Indien een voorschool voldoet aan de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 4, wordt door de gemeente niet handhavend opgetreden op een overtreding met betrekking tot de samenstelling van de stamgroep, zoals bedoeld in artikel 1.50b van de Wet Kinderopvang en de artikelen 7 en 9 van het Besluit kwaliteit kinderopvang. Het college van burgemeester en wethouders behoudt zich, op grond van de Wet Kinderopvang, het recht voor de peuter-kleutergroep te beëindigen indien er zorgen zijn over de veiligheid of kwaliteit van het aanbod.
5De gemeente monitort op hoofdlijnen de uitvoering, de resultaten en de effecten van de peuter-kleutergroep en gebruikt deze informatie voor beleidsontwikkeling en kwaliteitsverbetering.
6In overleg met de betrokken voorschool en basisschool evalueert de gemeente periodiek de doelstellingen, werkwijze en samenwerking rondom de peuter-kleutergroep en kan zij voorstellen doen voor bijstelling of doorontwikkeling van het beleid.
Artikel 6. Inwerktreding
Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking.
Artikel 7. Citeerwijze
De beleidsregel wordt aangehaald als 'beleidsregel peuter-kleuteraanbod gemeente Venlo'