Aanhef
De burgemeester van Veere;
gelezen het voorstel van d.d. 13 november 2012;
overwegend dat:
•de gemeente Veere één van deelnemers is aan het Zeeuwse projectplan Jeugd & Alcohol;
•de deelnemende gemeenten zich hebben voorgenomen om te werken aan het tegengaan van alcoholgebruik door jongeren onder de 18 jaar en het verantwoord alcohol gebruik door jongeren vanaf 18 jaar
•de mate van de verkrijgbaarheid van alcoholhoudende drank hierin een belangrijke pijler is
•dat door de vele evenementen in Veere waarbij alcohol buiten een inrichting beschikbaar wordt gesteld de verkrijgbaarheid groot is
•het noodzakelijk is beleid vast te stellen voor het verlenen van een ontheffing artikel 35 van de Drank- en Horecawet;
•artikel 35 lid 2 van de Drank en Horecawet de burgemeester de mogelijkheid geeft beperkingen en voorschriften te verbinden aan een ontheffing
besluit:
vast te stellen:1. „De beleidsregel ontheffing artikel 35 Drank- en Horecawet‟;
Beleidsregel ontheffing artikel 35 Drank- en Horecawet
Artikel 1.
De ontheffing of een afschrift daarvan is tijdens de verstrekking aanwezig.
Artikel 2.
Aan personen van wie niet is vastgesteld, dat zij de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt wordt geen alcoholhoudende drank verstrekt. Deze voorwaarde wordt duidelijk leesbaar en goed zichtbaar aan het publiek kenbaar gemaakt. Leeftijdscontrole vindt plaats door het verplicht tonen van een geldig legitimatiebewijs.
Artikel 3.
De (zwak-alcoholhoudende) drankverstrekking vindt plaats onder toezicht van een persoon die de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt en niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is. De naam van deze persoon staat op de ontheffing vermeld.
Artikel 4.
Er wordt geen alcoholhoudende drank verstrekt aan de persoon of personen die deze drank doorgeven aan een persoon beneden de leeftijd van 18 jaar.
Artikel 5.
Personen beneden de leeftijd van 16 jaar mogen niet werkzaam zijn ter zake van de verkoop van zwakalcoholhoudende drank.
Artikel 6.
Personen die kennelijk onder invloed van alcoholhoudende drank verkeren wordt geen alcohol verstrekt
Artikel 7.
bij het tappunt mag geen sterke drank aanwezig zijn.
Artikel 8.
Voor het publiek zijn steeds alcoholvrije dranken verkrijgbaar bij elk tappunt.
Artikel 9.
De burgemeester kan in de procedure van de evenementenvergunning beoordelen of de ontheffingshouder gebruik maakt van een polsbandjesregeling of een andere methode van toegangscontrole.
Artikel 10.
De burgemeester weigert de ontheffing wanneer de bezoekers van het evenement hoofdzakelijk of uitsluitend bestaan uit personen die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt.
b.Openbare orde en veiligheidsaspecten
Bij openbare orde aspecten gaat het om een op een verantwoorde wijze verstrekken van alcohol. Artikel 21 van de wet verbiedt het om bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank te verstrekken, indien dit mogelijk leidt tot een verstoring van de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid. Ervaringen uit het verleden en aanwijzingen uit het heden kunnen hierbij tot het versterken van het begrip “redelijkerwijs” dienen. Een weigering van een aangevraagde ontheffing van artikel 35 van de wet, op grond van artikel 21 van de wet wordt zorgvuldig en overtuigend gemotiveerd. Om openbare orde problemen te voorkomen, verbindt de burgemeester de volgende voorwaarden aan de ontheffing:
Artikel 11.
Het aanvangstijdstip dat in de ontheffing vermeld staat, is nooit eerder dan het aanvangstijdstip van het evenement.
Artikel 12.
De eindtijd van de ontheffing is afhankelijk van de eindtijd van het evenement waaraan de artikel 35 ontheffing is gekoppeld.
Artikel 13.
Mobiele tappunten zijn verboden, waaronder ook begrepen de bierfiets, de “rugzaktap” en de navulslang, waarbij met een lange slang vanaf het tappunt, de klanten op enige afstand vanaf het vaste tappunt kunnen worden bediend.
Artikel 14.
De alcoholhoudende drank verstrekt u in kunststof glazen.
Artikel 15.
De ontheffinghouder zorgt er voor dat alcoholhoudende dranken niet van het evenemententerrein c.q. de locatie waar de tapontheffing geldt, worden meegenomen naar elders.
Artikel 16.
Het tappunt waarvoor u de ontheffing gebruikt is op of direct aan het terrein gelegen waarop of waaraan de gelegenheid van bijzondere aard plaatsvindt.
Artikel 17.
De burgemeester kan bij de toetsing van de aanvraag voor ontheffing overwegen of er voldoende toiletvoorzieningen in de nabijheid aanwezig zijn. Wanneer dit niet zo is, wordt een mobiele toiletvoorziening bij het tappunt geplaatst.
Artikel 18.
Aanwijzingen gegeven door een daartoe bevoegde ambtenaar volgt u op.